Kleine ellendelingen…

 

BBBBBBZZZZZZZZZZZZZZZZZ……

Je weet dat het niet goed voor je is. Maar je moet…
Je weet dat je er spijt van gaat krijgen. Maar je moet…
Je weet dat het beter is om er niet aan te zitten. Maar je moet…

Vaak raak je heel onbewust de “zone” aan en vervolgens is het einde zoek. Daar ga je…
Je krabt, KRABT en K R A B T dat het een lieve lust is. Links om, rechts om. Van boven naar beneden en van beneden naar boven. En dan nog een keer. Je krabt tot je huidschilfers zich als rouwrandjes onder je nagels hebben opgehoopt. Het kriebelt, het jeukt!!! Ik snap Poownie op dit soort momenten helemaal wanneer hij zich weer eens aan een buis of paal staat te schuren in het weiland.

Het voelt heerlijk, een verademing. Het voelt zelfs bevrijdend. Bij het bereiken van je pijngrens, dat is vaak sneller dan verwacht, weet je dat je te ver bent gegaan. De verademing was van korte duur. Pijn, PIJN en P I J N. Maar dan is het te laat. Het gevolg: Nog meer jeuk en een knijter harde schijf zo groot als de palm van je hand. Daar ben je mooi klaar mee. De jeuk is in alle hevigheid terug, samen met de pijn…

In korte broek en topje naar Poownie of in lange broek en trui. Iedere zomer is het weer raak. Vliegenspray, azijn, knoflook, geurkaars, citroenella, ik heb het allemaal geprobeerd. Behalve een klamboe. Het maakt voor de kleine rovers niet uit. Ze prikken waar ze prikken kunnen. Zelfs door kleding heen.

Azaron, Bite, anti mug, Deet, zelfs pure azijn werken (bij mij) niet om de jeuk weg te nemen. Ik lijk wel allergisch voor dazenbeten. Het enige middel dat wel werkt is zorgen dat je niet gestoken wordt. Maar daar is het nu te laten voor. Dus negeren. Negeer de bult, negeer de jeuk. Maar eerst koelen die hap. Au, au, au….

Ellendige dazen…

**Note to self: Kijken voor een imker pak!!

Hobby in wording, deel II …

“Uk, wil je de dinsdagavond vrij houden?” “Hoezo??” Was het enige antwoord dat ik van onze pre-puber te horen kreeg. “Omdat ik een plekje voor ons op de boot gereserveerd heb.” Ik vroeg mij af of hij direct door zou hebben wat we zouden gaan doen. “Dat meen je niet? Echt waar? Gaan we echt?!” Twee zielen één gedachten. Hij begreep het direct. Nu konden we eindelijk eens uitproberen waar we vorig jaar zomer mee geëindigd waren. Onze gezamenlijke hobby in wording. Uk en ik gingen wakeboarden achter een boot…

Natuurlijk was ik mijn pijnlijke ervaring van vorig jaar nog niet vergeten, waterskiën bij Center Parks… Juist omdat dit zo klungelig ging en ik daarna de kracht niet meer had om het wakeboarden uit te proberen, waar ik eigenlijk voor kwam, was ik er op gebrand om deze zomer opnieuw mijn vaardigheden te testen. Toen ik in de krant las dat “Board Academy” (een watersportschool) in Dordrecht zijn deuren had geopend, besloot ik de gok te wagen en het niet aan de kabelbaan maar in het eggie te gaan proberen.

Board Academy is alleen in het weekend open, maar op reservering varen ze ook door de weeks. We waren die avond dus maar met z’n tweetjes. Vriendlief ging ook mee, maar bleef in de boot om al onze val en stuiterpartijen vast te leggen op foto en film. Dat bleek achteraf nog niet zo makkelijk aangezien we heel vaak over, door en onder water doorbrachten in plaats van netjes achter de boot. Maar de pro achter het stuur, die ons tevens les gaf, bleef positief! “Dat komt helemaal goed!!”

Om half 8 zaten we bepakt en bezakt in de boot. De gashendel ging (nog niet eens vol) open en we stuiterden plankgas over het water, onder de Moerdijkbrug door, naar het stuk voor de watersporters. Uk was helemaal in zijn element. Ik hoorde alleen maar “OH JO!! VET, TOF en Ik wil ook een boot!!” Toegegeven, dat was ook best wel cool. Eenmaal in positie kregen we nog een korte uitleg en toen was het zover. De kleinste mocht eerst, maar die vond dat dames voor gingen. Ik lag dus als eerst in het water. Ik startte aan de boom, naast de boot. Een soort bar waar je jezelf aan vast kunt houden en kunt ervaren hoe het is om naast een boot te “hangen”, want van boarden was nog niet veel te zien. Het is ook de bedoeling dat je direct goed leert staan op je board en de juiste houding voor een waterstart aanleert. Na twee pogingen en een paar meter verder was het de beurt aan Uk. Bij hem ging het net zo vlot en zelfs vlotter.

We gingen direct door met het “echte” werk. De korte lijn werd uitgegooid. Ik dobberde achter de boot en mijn eerste waterstart moest binnen nu en een half uur een feit zijn. Ik houd het graag tot het allerlaatste moment spannend. Na drie pogingen wisselden Uk en ik van plaats. Mijn gestuntel vrat energie. Ik was gesloopt. Uk deed het super goed. Hij bleef staan en maakte zelfs een aantal meter. Springen over golven was iets te veel van het goede. Met de beentjes omhoog ging hij door de lucht.

De korte lijn werd omgewisseld voor de lange lijn zodat we niet steeds in de golven van de boot zouden komen. Hierdoor konden we ons evenwicht beter bewaren. Uk deed alsof hij nooit anders gedaan had, korte lijn, lange lijn of de boom. Fantastisch om te zien met wat voor gemak hij dit soort activiteiten oppakt. De vermoeidheid sloeg bij hem ook toe. Hij kroop in de boot en ik mocht de laatste tien minuten vol maken.

Ik was inmiddels ook zo moe dat ik de lijn steeds uit mijn handen liet glijden. Gelukkig had de instructeur geduld. Ik kreeg nog wat tips en trucks en bij de laatste poging lukte het mij om uit het water te komen, te gaan staan en zelfs een paar meter te boarden. Dat gaf zo’n enorme kick dat ik de vermoeidheid spontaan vergat… Tot ik de boot weer in moest klimmen…

Ruim anderhalve week lang werd ik herinnerd aan dit uurtje wakeboarden. Spierpijn in het kwadraat. Maar dat mocht de pret niet drukken. Uk en ik hadden een mooie sportieve avond achter de rug die smaakt naar meer.

Board Academy bedankt voor deze stoere ervaring. Wij komen heel snel weer een lesje bij jullie boeken!!

wakeboarden, board-academy

Drie jaar…

Blog Deborah Hamar

Het is heus echt waar, vanaf vandaag blog ik precies drie jaar. Op WordPress wel te verstaan. Al drie jaar lang probeer ik iedere week een blog te plaatsen, met verschillende onderwerpen. Hoewel het meestal gaat over mijn leventje en wat en hoe ik dat beleef, schrijf ik ook geregeld over de dood en afscheid nemen. Niet altijd een makkelijk onderwerp. Maar dit zijn wel de onderwerpen die het meest bezocht worden op mijn blog. Een mens is nu eenmaal een nieuwsgierig wezen. En de dood treft ons, hoe dan ook, allemaal…

Her en der zijn er korte blog pauzes geweest. Soms omdat de inspiratie een beetje weg was. Soms omdat ik het drukker had met andere dingen. Maar iedere keer begon het weer te kriebelen en krabbelde ik in verschillende digitale notitieboekjes stukjes tekst die ik later uitwerkte tot een blog. Als ik inspiratie genoeg had werkte ik alvast vooruit. Zo kon ik bij drukte of vakantie toch een blog plaatsen.

Er zijn momenten dat ik mijn eigen schrijfsels terug lees. Bepaalde verhalen ben ik alweer helemaal vergeten. Andere hebben zo’n speciale betekenis dat die in mijn top 10 beste blogs staan. Ook het afgelopen jaar heb ik een aantal blogposten geschreven die toegevoegd zijn aan mijn favorieten. Als je ze leest begrijp je vast wel waarom… Ik wil ze graag nog een keer met jullie delen. In willekeurige volgorde:

Mijn blog valt niet op tussen de zovele (en) andere blogs. Ik schrijf niet over heel bijzondere dingen, schrijf geen recensies en voer ook geen heftige discussies. Toch wordt hij geregeld bezocht. Vrolijk word ik als ik kijk naar de bezoekers die hier komen, jong en oud. Sommige van jullie lezen hier zelfs al vanaf het begin mee. Op mijn beurt lees ik graag mee bij andere bloggers. Een aantal van jullie inspireren en motiveren mij enorm. Zeker als het gaat om leuke nieuwe (schrijf) ideetjes, het lezen van boeken of het hardlopen. Waarvoor mijn dank!! Vrolijk word ik keer op keer weer van jullie reacties en likes. Ook op Facebook, Twitter en/of Linkedin. Dus schroom niet en laat gerust een reactie achter.

Bedankt voor al jullie bezoekjes, berichtjes en likes. Het motiveert en stimuleert om te blijven schrijven. Door jullie is het bloggen nog leuker dan het al is!

H E E R L I J K . . .

Afgelopen donderdag verliet ik om 17.00 uur de zaak. Mijn weekend was begonnen. Ik kreeg er spontaan een vakantiegevoel van. Heerlijk om zo je weekend in te gaan. Geen verplichtingen, geen rennen of vliegen van afspraak naar afspraak. Nog fijner: geen wekker bij het ontwaken. Heerlijk in het kwadraat dus eigenlijk.

De avond brachten we in de tuin van mijn oom en tante door. Zomaar op de koffie om gezellig bij te kletsen. Babbelen over de vakantie die geweest is en voorpret op doen voor de vakantie die nog komen gaat. Dat alles onder het genot van een hapje & drankje en gezelligheid. Weer zo’n spontaan heerlijk moment. Natuurlijk werd de avond later dan gepland afgesloten.

Het zonnetje was vrijdag helaas niet aanwezig. Maar dat gaf niks. Vriendlief had namelijk een ritje op de kartbaan gereserveerd voor ons drietjes. In Delft zit Blekenmolens Raceplanet. Daar is het mogelijk om een familieheat te bespreken waar je met het gezin tegelijk kunt karten. In het kader: je bent nooit te oud om te leren, want niet alleen voor Uk maar ook voor mij was dit de eerste keer, deed ik een helm op mijn knar en stapte in. Hoewel ik geen verstand heb van de ideale lijn probeerde ik natuurlijk wel om het de heren niet al te makkelijk te maken. Toen ze mij eenmaal voorbij waren was inhalen kansloos. Uk stuiterde na dit avontuur nog een poosje door. Zeker toen hij zag dat hij bij de snelste vijf van die dag zat. Talentje in de dop!?

EuromastOm de adrenaline boost kwijt te raken reden we door naar de Euromast in Rotterdam. Even lekker uitwaaien op grote hoogte. Ook daar waren Uk en ik nog nooit in geweest. Abseilen, wat ik nog steeds een keer wil doen, was vandaag niet mogelijk in verband met het weer. We hadden gelukkig wel een prachtig uitzicht over Rotterdam en verder. De Kuip kon vanaf deze hoogte mooi bekeken worden en ook onze woonplaats was bij benadering te zien.

Om de dag relaxt af te sluiten hebben poownie en ik nog een heerlijk ritje door de polder gemaakt. Hij had er zin in want voor ik het wist gingen we in galop over het veld. Je kunt goed zien dat het vakantietijd is. Zelfs in de polder was het rustiger dan ooit.

De volgende dag stond er een waterig zonnetje aan de hemel. We besloten naar het strand te gaan.strand Hoewel de lucht er af en toe dreigend uitzag was het heel de dag heerlijk vertoeven. Het was niet druk maar druk genoeg voor een gezellige bedrijvigheid. Uk’s passie voor water kwam boven drijven op het moment dat hij de zee zag. Hij had zijn kleren nog niet uit of lag er al in. Daar heeft hij de rest van de dag doorgebracht. Springen en duiken over de golven. Tussen door werd er nog wat gevoetbald, bouwden we zandkastelen of zaten we de zeemeeuwen achterna. Bruiner, roder en zanderiger kwamen we begin van de avond weer thuis aan.

Met nog steeds het vakantiegevoel in mijn lichaam besloot ik de laatste dag King Toet onder handen te nemen. Auto’s poetsen is niet mijn grote hobby. Het linnen dak was niet zwart maar groen van alle aanslag. Er moest nodig iets aan gedaan worden. Samen met vriendlief heb ik gepoetst en geboend tot het zweet van ons voorhoofd liep. Even was ik bang dat het er niet meer uit zou gaan. Twee uur later stond hij glimmend weer op de parkeerplaats.

Voor mij was dit weekend zoals een weekend bedoeld is. Relaxen en leuke dingen doen. In één woord: heerlijk!!
En jullie, wat hebben jullie zoal gedaan?

Het zit hem in de genen…

“Waar kijk je naar?” Vraag ik vriendlief op een avond als we alle twee op de bank zitten. Hij met de afstandsbediening in zijn hand. Ik met een boek voor mijn neus. “Naar een film…” Ik kijk van hem naar het beeldscherm. Het enige dat ik zie is een versnelde weergave van, vermoedelijk, een film. Ik duik mijn boek weer in om verder te lezen. Na een paar minuten is het nog steeds stil. Ik werp weer een blik naar de tv en zie nog steeds de film in versnelde weergave voorbij komen. “Hij is alweer begonnen hoor!” Roep ik hem toe. Geïrriteerd kijkt hij mij aan. Uit zijn concentratie gehaald. “Ja, dat weet ik!” Is het enige antwoord dat ik krijg.

“Heb je deze film dan al gezien?” “Nee!” “Waarom spoel je hem dan door?” “Ik kijk alleen naar de leuke stukjes van de film. De rest snap ik ook wel als ik hem versneld afspeel!”

Tot zover de uitleg …

Inmiddels weet ik niet beter en schenk hier geen aandacht meer aan. Ik ben het gewend dat hij zo naar zijn films kijkt. Ik wil een film van de allereerste seconde tot en met de (en het liefst de hele) aftiteling zien. Ik vind het irritant als ik een aantal zinnen niet hoor, het beeld niet kan zien of de muziek niet mee krijg. Als ik op ga in een film doe ik het goed. Hij vindt het dan ook heerlijk als ik er niet ben. Zo kan hij ongestoord een film of drie op een avond bekijken.

Een jaar of negen verder…

“Waar kijk je naar?” Vraag ik Uk op een avond als we alle twee op de bank zitten. Hij met de afstandsbediening in zijn hand. Ik met mijn Ipad voor mijn neus. “Naar een film…” Ik kijk van hem naar het beeldscherm. Het enige dat ik zie is een versnelde weergave van, vermoedelijk, een film…

Mijn blik gaat van Uk naar vriendlief die elders in de woonkamer zit en weer terug naar Uk. Uk kijkt op zijn beurt van de tv naar mij. Haalt zijn schouders op en zegt: “Ik kijk alleen de leuke stukjes van de film. De rest snap ik ook wel als ik hem versneld afspeel!”

Ik zucht, en zucht nog eens.
Zo vader, zo zoon…

Een paard, een schaap en (g)een pijnlijk achterwerk…

“Wat sta jij nu weer te doen?” Vraagt vriendlief. “Ik sta mijn broek te ontharen­.” Zeg ik, terwijl ik half achterstevoren mijn bovenbenen en achterwerk sta af te borstelen. Ik heb een buitenrit met poownie gemaakt zonder zadel. Nu zit alles onder de haren en ik heb pijn in mijn achterwerk van de lange zit.Vriendlief kijkt mij met gefronste wenkbrauwen aan. “Je hebt een zadel in de kast liggen en dan ga je zonder zadel rijden?” Ik kijk hem besluiteloos aan en vraag mij even af of, en wat, ik moet antwoorden. Paarden zijn nu eenmaal niet zijn ding. En als ik dan ook nog eens zonder zadel op die knol de polder in ga… “Ja.” Besluit ik te zeggen. “Soms heb ik geen zin om hem helemaal op te tuigen voor een relaxte rit door de polder.” Voor hem is het ook wel eens fijn om zonder een zadel op zijn rug een ritje te maken. Het is allemaal wat losser en ongedwongener. Schouderophalend liep hij langs mij heen terwijl ik verder ging met het ontdoen van poownies vacht dat als lijm aan mijn broek geplakt zat.

De ritjes die we zo wel eens maken werden steeds meer. Zonder zadel de polder in. Geen dressuur maar op het gemak een uurtje hobbelen. Steevast had ik daarna last van mijn achterwerk en stond ik een half uur lang mijn rijbroek te ontharen. Dit moest anders…

Ik bezocht verschillende websites en paardenforums om uit te pluizen of er iets anders bestond dan een zadel, Maar dat wel dienst kon doen als zadel. Ik kwam uit bij een boomloos zadel of een barebackpad. Een extra zadel was niet nodig. Ik heb immers een mooi zadel in de kast liggen. Boomloos viel dus af. En wat was nu weer een barebackpad? Wat snuffelen op internet leerde mij dat het een pad is dat op de rug van het paard bevestigd wordt waar geen zadel meer op hoeft. Je kunt er heerlijke buitenritjes mee maken zonder pijn in je achterwerk. Omdat het pad dikker is dan een simpel zadeldekje, zorgt het ook nog eens voor een goede demping op de paardenrug. Dat moest um gaan worden!! Mijn zoektocht was, voor zover, ten einde. Evenals het ontharen van mijn broeken en de zitting van mijn auto.

Nu ik wist wat ik ongeveer wilde hebben hoefde ik alleen nog maar te kiezen tussen de verschillende soorten modellen. Dat bleek onmogelijk. Er kwam van alles op mijn beeldscherm voorbij. Van simpel dekje tot “pannenkoekzadel”. Het zag er niet uit, om over de prijs (voor zo iets eenvoudigs of lelijks -_- ) nog maar te zwijgen. Via een link in één van de paardenforums kwam ik op een Duitse website terecht van Christ. Fantastisch wat ze allemaal hebben. Bij het zien van deze prachtige schapenvachtjes was ik direct verkocht. Wat moet dat heerlijk zitten!! Wat ziet dat er sjiek uit!! Ook hierin waren er meerdere modellen. Die er uiteraard allemaal even mooi, zacht en aaibaar uitzagen. Na drie avonden speuren, bellen en mailen was ik er uit. Mijn keus was gevallen op een klassiek model zadel, en dit keer eens niet in het wit, maar in het bruin. Een week later ontving ik mijn eigen lamswollen barebackpad en kon onze testronde beginnen.

Inmiddels hobbelen poownie en ik al even door de polder met ons nieuwe dek. We hebben er zelfs al een sprongetje mee gemaakt. Er is niks aan gelogen, het zadel zit heerlijk!!  Met dit schaapje onder mijn kont kunnen wij wel een buitenritje of wat aan.

Mediteren is te leren…

Met mijn ogen stijf op elkaar hoor ik aan wat ik moet doen. Ontspannen was opdracht één. Volgens mij kan ik dat niet in een ruimte waar nog 12 mensen zitten. Stel je voor dat ze alle 12 naar mij zitten te staren?! Met één oog open en het andere dichtgeknepen scan ik de ruimte. Iedereen zit er relaxed bij, met zijn ogen gesloten. Behalve ik… Poging twee. Ik sluit mijn ogen opnieuw, zucht diep en volg de vrouw die ons door deze meditatie heen loodst. Terwijl ik nog bezig ben mijn oogleden zonder spastische bewegingen te ontspannen hoor ik haar de volgende opdracht in het rijtje op-weg-naar-totale-ontspanning voorlezen. Zie je, dat krijg je nu als je niet op zit te letten… Ik laat mijn ogen voor wat ze zijn en check mijn ademhaling. Dat gaat al een stuk beter. Inademen door je neus, uitademen door je mond. Het hele riedeltje wordt stap voor stap afgewerkt en aan het einde van de meditatie zit ik er zelfs ontspannen bij. Niet slecht…

Iedereen ervaart mediteren op zijn eigen manier. Vol verbazing hoor ik mijn medecursisten aan, als ze vertellen wat ze in die paar minuten hebben meegemaakt. Ik voelde niets bijzonders, zweefde niet boven mijzelf uit, en was ook niet “weg”… Als ik dat van de andere hoor, zinkt de moed mij in de schoenen. Ik heb nog een hoop te leren deze dagen. Maar dan hoor ik dat niets fout is. Als ik een paar minuten lekker ontspannen heb kunnen zitten, dan is dat helemaal prima. Kijk, dat biedt perspectief.

Hoewel het nog wat onwennig voelt, heb ik bij de eerst volgende meditatie het ontspannen gevoel al sneller te pakken. Ik kijk nog even snel de kamer rond voor ik mijn ogen sluit. Dat dan weer wel… Ik begrijp nu dat ik niks fout kan doen en even relaxen is ook niet verkeerd. Na een minuut of tien hoor ik her en der mensen uitrekken en gapen. Slaperig worden de oogjes geopend. Daar heb ik totaal geen last van. Ik ben super wakker en klaar voor de rest van de cursusdag. Mediteren is blijkbaar te vergelijken met een powernap maar dan anders. Wat een uitvinding!!

De daaropvolgende dagen krijgen we verschillende meditaties voorgeschoteld. Niet alleen gericht op ontspanning, maar ook op het gebied  van jezelf “aarden”, loslaten of er flink op los fantaseren als we ons zelf veranderen in Alice in Wonderland. In die laatste meditatie kan ik mij overigens prima vinden. Inbeelden en ervaren. Legaal dagdromen en vervolgens energievoller wakker worden. Fantastisch toch!!

De meditaties worden tijdens de cursus voorgelezen. Dat is ideaal, zeker voor een beginner als ik. Nu hoef ik mij alleen maar te concentreren op de oefening. Een bijkomend voordeel is dat de vrouw die ze voorleest een heel rustgevende stem heeft. Ik laat mij met haar meevoeren door de verschillende “opdrachten” van de meditatie. Ogen dicht, handjes op schoot en “zennen” maar…

De geluiden in de omgeving lijken nu een stuk duidelijker. De vogels die kwetteren in de bomen. Een blaffende hond. Een auto die, naar mijn mening veel te hard, voorbij rijd. Na een paar minuten hoor ik haar stem nog vaag op de achtergrond. Wat grappig, ik slaap niet maar toch lijkt het wel zo. Ik ben mij bewust van waar ik ben, maar toch ook weer niet. Ik zit niet meer op de bank, ik zit zelfs niet meer in dezelfde ruimte als mijn medecursisten. Ik zweef in een soort luchtbel waar het heerlijk rustig is. Ik voel mijn armen en benen niet meer, alleen hoe mijn longen zich vullen met lucht als ik diep inadem. Het lijkt wel of ik uit duizenden lichtgevende stukjes besta en tegelijk uit helemaal niets. Vederlicht. Plots hoor ik dat het weer tijd is om naar het hier en nu terug te keren. Dat we bij de eerstvolgende ademhalingen weer helder van geest zijn. Blijkbaar heb ik iets gemist. Oh nee… Ik heb toch geen gekke dingen gedaan in die paar minuten dat ik aan het “zweven” was?? Voorzichtig open ik mijn ogen en tegelijk besef ik dat dit dus mediteren is…  Ik had nog wel een uurtje of wat in mijn luchtbel kunnen vertoeven. Heerlijk!!

Mediteren… Inmiddels weet ik beter. Niks geen zweverig gedoe, maar je lichaam even wat rust gunnen en je hoofd leegmaken. Een heel bewust momentje voor jezelf in het hier en nu. Het is bijna overal uit te voeren en kan op ieder moment van de dag. Zo vaak en zolang als jij zelf zou willen. Voor de mensen die het net als ik onzin vonden… Ik kan het jullie zeker aanraden eens te proberen!!

Welverdiende medaille…

14 mei, de dag dat half Zwijndrecht op zijn kop stond. De wegen waren afgezet en mensen kwamen overal vandaan. En dat alles voor de 37e editie van de Verkerkloop. (een hardloopevenement) Bofte ik even dat dit alles in mijn eigen achtertuin plaats vond. Dus in mijn hardloopkleding wandelde ik naar mijn nichtje, die nog dichter bij de start van het parcours woont. Neef en oom zouden daar ook naar toe komen. Met een klein gezelschap liepen we rond 19.45 uur naar de start. Ondertussen deden we onze warming-up. Want eenmaal in het startvak zou daar niet zo heel veel ruimte meer voor zijn.

Het was winderig weer en overdag vielen er zelfs nog wat flinke buien. De vraag die mij eerder die dag bezig hield was wat ik in vredesnaam aan moest trekken. Korte broek, lange broek. Shirt met lange mouwen of een shirt met jas. PPfff en dat alles voor maar vijf kilometer. Maar niet zomaar vijf… Ik wilde nu toch wel graag onder de 30 minuten eindigen. Maar of dit zou gaan lukken? Het weekend daarvoor had ik mijn twee hardloopavonden omgeruild voor een weekendje Brugge. Deze dagen stond vooral in het teken van eten, veel en lekker eten. Er zat dus iets meer Boor om mijn botten…

20.15 uur klonk het startschot. Langzaam kwam de horde in beweging. Het duurde even voor we over de startstreep gingen. Oom was de enige van ons die zich officieel had opgegeven voor de 10 kilometer. Ook hij wilde graag onder zijn eerder behaalde tijd blijven en de eerste vijf kilometer moest dus om en nabij de 29 minuten worden afgelegd. Om mijn doelstelling te halen hoefde ik alleen maar zijn benen te volgen. Nichtje hield mij gezelschap. Hoewel ik van mening was dat ze makkelijk een eigen PR had kunnen lopen. Ze liep alsof we aan het flaneren waren over de boulevard van Scheveningen. Geen spatje zweet, terwijl het bij mij na 500 meter al van mijn voorhoofd drupte.  En adem genoeg om mij de hele weg af te leiden met van alles en nog wat, terwijl ik alleen maar JA of NEE kon uitbrengen.

Bij twee kilometer was ik de benen van mijn oom al kwijt. Natuurlijk genoeg andere “hazen” dus bleven we even plakken achter twee heren die een tempo hadden dat wij redelijk konden bijbenen. Ondertussen verlieten we de rijbaan, waar met zes men naast elkaar gelopen werd. En moesten we via een wandelpad verder waar maar met twee man naast elkaar gelopen kon worden. Dit leverde een kleine vertraging in ons tempo op. Dat stukje gebruikte ik om even op adem te komen. De laatste 1,5 kilometer brak aan. Op dit stuk stonden her en der familieleden en vrienden ons aan te moedigen.

Bij de lus, die het parcours maakte, zag ik opeens mijn oom. Zover zaten we dus niet uit elkaar. Nichtje gaf mij nog even een figuurlijke schop onder mijn hol door een eindsprint in te zetten. Ik besloot achter haar aan te gaan. Ik vloog over de finish om vervolgens tegen een muur van stilstaande mederenners op te knallen. Iedereen bleef staan om zijn welverdiende medaille in ontvangst te nemen. Al hijgend en puffend drukte ik de tijd op mijn horloge stil. Ik sloot met een bezwete grijns op mijn bakkes achter in de rij aan. Want bij het zien van mijn tijd had ik die medaille meer dan verdient. De vijf kilometer liep ik uiteindelijk in 29.17 minuten. Ook neef en oom liepen de tijden die ze hadden gehoopt en zelfs sneller.

Volgend jaar loop ik hem onder de 29 minuten!!

Verkerkloop

Herrie onder de motorkap…

“Hier, hier hier… Dat bedoel ik…”
“Wat?”
“Hoor je het niet?? Kijk, hier is het weer!!”
“Waar moet ik kijken??”
“Nee, luister nu, hoor je het niet? Gek wordt ik er van!”
“Ik hoor alleen jou!!”
Zegt vriendlief na mij geïrriteerd aangekeken te hebben. En bedankt!! Het geluid dat onder mijn auto vandaan komt lijkt nog het meest op ijzeren castagnetten die op hol geslagen zijn. Ik weet niet veel van auto’s maar ik weet wel dat ijzeren castagnetten niet onder een auto horen te zitten…

“Kijk, de rem doet ook raar.” Zeg ik terwijl ik keihard op de rem trap. Vanuit mijn rechter ooghoek zie ik vriendlief een halve meter naar voren schieten. “Zoooo… Met je rem is niks mis hoor. Met je gordels trouwens ook niet!! Gelukkig maar anders had je nu mijn oogballen van je voorruit kunnen schrapen!” We kijken elkaar een poosje stilzwijgend aan en moeten dan hard lachen. Het lachen is zo erg dat ik niet meer kan stoppen. De tranen staan inmiddels in mijn ogen. Het was een hilarisch gezicht. Vriendlief denkt daar iets anders over maar lacht uiteindelijk toch mee. Waarschijnlijk om mijn gehinnik.

Eerder op de dag had ik al neurotisch in het boekje zitten zoeken naar de betekenis van de extra “sfeerverlichting” die King Toet te pas en te onpas op zijn dashboard liet zien. Gezellig, zeker tijdens de donkere dagen. Maar nu het langer licht is, vind ik het overbodig. De garage had hem inmiddels al twee keer gereset aangezien de storing maar “klein” was. Dit hielp meestal een weekje voordat de sfeerverlichting zich weer liet zien.

De motorkap gaat open, alsof we er verstand van hebben. We gluren naar binnen en zien wat er hoogstwaarschijnlijk onder een motorkap hoort te zitten… Vriendlief draait aan een schroefje, plukt wat onder de kabels vandaan en komt vervolgens met de mededeling dat mijn ruitervloeistof bijna op is. Nadat het reservoir is bijgevuld besluiten we het hierbij te laten. Zelf repareren kunnen we toch niet. We weten niet eens wat er loos is. De volgende dag maak ik een afspraak bij de garage waar de Beetle Expert er naar mag kijken.

Na een dag zwoegen komt hij met de mededeling dat de “luchtmassameter” het begeven had. Dat zorgde ervoor dat King Toet af en toe een eigen leven ging leiden. Zo sloeg hij wel eens spontaan af, wilde hij niet starten, stotterde hij als ik “plankgas” wilde of gaf hij zelf gas als ik niks deed… Dat laatste was nog het meest enge van alles.

Bij de garage ontstond een, volgens zeggen, eerlijke ruil. Een rib uit mijn lijf voor de sleutels van King Toet. “Alles doet het weer naar behoren!” Was de mededeling. Ik startte de motor en verhip… de lampjes waren uit. De motor hoorde ik niet meer en hij reed weer als vanouds. Ook de daarop volgende dagen bleven de lampjes op het dashboard uit.

Nu King Toet gemaakt is kunnen we weer onbezorgd onze rondjes rijden. Heerlijk met het dak open. Dat durfde ik namelijk niet meer. Stel je voor dat er een storing op zou treden terwijl het dak open is en het zou gaan regenen… Ik zag het al helemaal gebeuren dat ik zou kunnen badderen in mijn eigen auto. Gelukkig is het niet zo ver gekomen. Dus kom maar op met het mooi weer, wij zijn er klaar voor.

Een snelle vijf…

“Waar kijk ik naar?” Vraag ik mijn nichtje die een formulier onder mijn neus schuift. “Naar een snelle vijf. Zin om mee te doen?” Ik pak het formulier van haar aan en bekijk het aandachtig. Ik heb nooit iets van dit soort schema’s gesnapt en dit formulier, met lettertype priegel, is naast onverklaarbaar ook nog eens slecht te lezen. Het enige dat ik begrijp is uit hoeveel weken het bestaat en hoeveel trainingen ik zou moeten doen. “Onderaan vind je de legenda!” Zegt mijn nichtje, die het blijkbaar gewend is om aan de hand van schema’s hard te lopen. “Oh ja, nu zie ik het ook…” Roep ik nadat ik nog eens een paar seconden naar het blaadje heb zitten kijken. “Vind je het erg als ik gewoon ga hardlopen??” Vraag ik lachend terwijl ik het blaadje weer aan haar terug geef.

En zo geschiedde. Eerder dit jaar had ik al een poging ondernomen maar dat werd bruut onderbroken omdat Poownie op mijn teen was gaan staan. Nu de dagen langer worden, de zon zich meer laat zien en de paarden op het land staan, staat niets mij meer in de weg om drie keer in de week over straat te rennen met mijn tong over het asfalt en met een oververhit hoofd. De “snelle vijf” was een mooi moment om direct weer goed van start te gaan.

Ik begon met een rustige vier kilometer. Hardlopers zijn doodlopers en daar wenste ik niet aan mee te doen. Twee dagen later werden het er vijf. Ook nu lag het tempo laag. Ik deed er meer dan 34 minuten over. Ik was gesloopt. Uit ervaring weet ik dat het opbouwen van de conditie vrij snel gaat. Doorzetten is een belangrijk punt evenals volhouden. Dus twee dagen daarna liep ik wederom mijn rondje. De trainingen bouwden zich op naar drie maal in de week. Ik begon naast mijn routes ook de afstanden en snelheden te variëren.

Toen door een overvolle agenda het hardlopen in het geding kwam besloot ik zelfs om in de ochtend te gaan rennen. Op een nuchtere maag, en zonder koffie. Dat was een hele uitdaging en ik verklaarde mijzelf voor gek. Zo stijf als een plank en nogal ongecontroleerd liep ik het slaap uit mijn ogen. Maar ik deed het toch maar weer. Trots dat ik was als ik om 09.00 (oververhit) thuis kwam en klaar was voor de rest van de dag.

Mijn lichaam vertoonde na een aantal weken trainen gelukkig nog steeds geen mankementen. Het  werd tijd om weer eens bij de hardloopvereniging te buurten. Daar stond een pittige fartlek op het programma. Ik train in een groep intensiever dan wanneer ik alleen mijn rondje loop. Dat resulteerde in twee dagen flinke spierpijn. Maar dat mocht de pret niet drukken. Hoewel ik mijzelf verplicht om minimaal drie keer in de week te lopen kijk ik de dag zelf al uit naar mijn loopje van die avond. Zal het mij lukken om nu toch weer wat sneller te zijn als de laatste keer??

Het trainen begint zijn vruchten af te werpen. De spierpijn was niet voor niets. Laatst liep ik de vijf kilometer in 30.31 minuten. Dat betekend dat ik toch meer dan vier minuten van mijn eerst gemeten tijd heb afgesnoept. De eerst volgende wedstrijd wordt de Verkerkloop in Zwijndrecht. Misschien zit er dan toch wel een snelle vijf in… :)