Even bijpraten…

De vakantie is weer voorbij. Dat betekent dat het leven bij ons weer een beetje ritme begint te krijgen. Zowel zakelijk als privé. Tegelijkertijd gebeurt er van alles. Voldoende stof voor een blog zou je denken. Maar omdat er zoveel gebeurt weet ik ook weer niet zo goed waar ik moet beginnen. Daarom maak ik van de gelegenheid gebruik door hier een theeleutenblog van te maken. Gewoon, even bijkletsen over de afgelopen weken. Iemand thee of koffie?

School:
Zoonlief heeft zijn eerste week als brugpieper overleefd. Nadat ik deze term had laten vallen kreeg ik een blik toegeworpen die de vijand zou doen afdruipen. Dus bij deze beloof ik plechtig dit woord nooit meer te noemen (in zijn bijzijn…) Hij vond het (verbazingwekkend genoeg) erg leuk. Indrukwekkend, dat dan weer wel. Hij was gesloopt. Niet alleen de hoge school met daarbij alle nieuwe indrukken. Maar natuurlijk ook iedere dag een stuk fietsen en drie keer in de week een pittige voetbaltraining. Het is hem niet in de koude kleren gaan zitten. Ik heb hem verzekerd dat dit na een week of twee/drie al een heel stuk minder vermoeiend zal zijn. Als hij eenmaal gewend is, zal het in ieder geval iets minder zwaar aanvoelen…

Verhuizing:
Poownie staat nu een maand op zijn nieuwe stek. We hebben het er alle twee erg naar ons zin. Direct vanaf dag één voelde het goed. Ook voor mij. Hij durft zijn vriendinnetje al wat meer los te laten en zoekt contact met andere paardjes. Ik heb volgens mij nog lang niet iedereen gezien en gesproken. Maar we raken langzaam ingeburgerd. Ik ben nog wel een beetje aan het afkicken van mijn stalgewoontes. Want mesten, vegen, mesthoop opsteken en andere stalklusjes hoeven nu niet meer. Dat wordt allemaal voor ons gedaan. Heerlijk toch!!

Kapsel:
De kapster vroeg mij wanneer ik voor het laatst was geweest. Dat durfde ik niet met zekerheid te zeggen. Ik gokte ergens eind winter, begin lente. Naar de kapper gaan is namelijk niet zo mijn ding. Zeker niet om de zes weken zoals de kapster dat het liefst ziet. Zelf knippen kan ik niet. Dus toen mijn krullen wel erg begonnen uit te zakken en ik er echt helemaal niks meer mee kon dan alleen nog rondlopen met kapsel windhoos of in een knot op mijn hoofd werd het toch echt tijd om weer eens een afspraak te maken. Ik heb er dan ook direct maar wat “me-time” van gemaakt. Wassen, maskertje en na het knippen in model laten brengen. Zonde van het geld. Maar heerlijk als iemand zo met je haar bezig is.

Blessure:
Tja, wat zal ik hier eens van zeggen. Ik rek nog steeds, dat dan weer wel. Maar het hardlopen is met de vakantie een beetje naar de achtergrond verplaatst. Omdat ik maar twee keer mocht lopen, met een schema van maar een paar minuten, was de lol er af. Ik ben wel erg benieuwd hoe het voelt wanneer ik weer ga rennen. Week drie van het schema ga ik deze week uitproberen. En daarna de fysio weer eens contacten. Om mij gemotiveerd te houden volg ik diverse hardloopbloggers die schrijven over trainingen, voeding en de komende wedstrijden. Variërend van 5 km tot de marathon van New York.

Blog:
In mei werd ik gevraagd of ik wilde gastbloggen voor familieberichten.nl. Inmiddels hebben ze al een aantal blogs van mij online staan. Nog steeds vind ik dit leuk om te doen. Mijn laatste verhaal heeft zo’n beetje de records voor mij als huis tuin en keukenblogger gebroken. Een hoog bezoekersaantal en heel veel keer gedeeld op FB, Twitter en LinkedIn. Hoewel het verhaal twee weken terug geplaatst is, wil ik hem toch graag nog een keertje met jullie delen: Nog eenmaal.

We zijn nog lang niet bijgepraat. Maar de rest moet ik misschien maar voor een andere keer bewaren. En, wat heeft jullie de afgelopen weken bezig gehouden? Haal ik in de tussentijd nog een bakkie thee. Willen jullie ook?

Groepsbinding…

Begin van dit jaar begon voor zoonlief een leuke uitdaging. Eerst mocht hij mee doen aan de voetbalschool van FC Dordrecht en daarna mocht hij instromen in het team voor onder 14. De trainingen, dit keer drie keer in de week, begonnen halverwege de zomervakantie al. Gevolgd door hier en daar een oefenwedstrijd. Hij leert zijn teammaatjes steeds iets beter kennen. Met sommige heeft hij zelfs al een redelijke, digitale, vriendschap opgebouwd.

Voor mij is dat toch weer anders. Met zijn vorige clubgenootjes ben ik zo’n beetje “opgegroeid”. Sommige van de jongens bleven wel eens slapen en zijn zelfs met ons op vakantie geweest. In vijf jaar tijd heb ik ook de ouders leren kennen. We hebben samen aan de lijn gestaan tijdens trainingen. koffie gedronken voor en tijdens wedstrijden. Staan blauwbekken en klappertanden in de winter en zonnebrandcrème gedeeld in de zomer. Gejuicht wanneer ons kroost won. Staan stampvoeten wanneer ze verloren.

Niet alleen zoonlief moet kennismaken en zijn plekje zien te vinden in een nieuwe groep. Ook ik moet opnieuw de spelers en hun ouders leren kennen. Hoewel het voor zoonlief natuurlijk compleet anders is dan voor mij. Maar toch, oude gewoontes en gebruiken moeten plaats maken voor nieuwe. Met nieuwe mensen in een nieuwe omgeving. Een perfecte gelegenheid om hier een start mee te maken, deed zich voor aan het einde van onze zomervakantie. Het team van zoonlief werd uitgenodigd om deel te nemen aan een voetbaltoernooi in België. Het Raymond Goethals Creativity Tournament om precies te zijn. Hier deden onder andere ook Standard Luik, Anderlecht en FC Antwerp aan mee.

In verband met het tijdstip en de reisafstand werd aangeraden om in de buurt van het sportcomplex te overnachten. Dus boekten wij, en met ons nog een aantal andere ouders, een hotel overnachting in Brussel. We wisten niet wie er ook zouden komen. Des te leuker als je elkaar tegen komt in de hal. Uiteindelijk samen gaat eten en dan ‘s avonds, terwijl de kids het hotel onveilig maakten, nog een drankje doet in de pub aan de overkant van de straat.

De volgende dag zagen we de rest op het voetbalveld. De spelertjes hadden hun orders van de trainer gekregen en verdwenen uit het zicht. Wij bleven alleen achter. Al snel was het contact gelegd. Er vormden her en der groepjes en gesprekken werden gestart. Tijdens de wedstrijden zat ik aan de kant met mijn camera. Tussen de wedstrijden en gesprekken door probeerde ik zoveel mogelijk namen uit mijn hoofd te leren en te achterhalen welke ouders en speler er bij elkaar horen. Ik ken ze nog lang niet allemaal en ook de combinatie van ouder en kind is mij bij sommige spelers nog niet duidelijk. Maar een begin is in ieder geval gemaakt.

Het was een gezellige, zonnige (lange) voetbal dag waarop we elkaar een beetje beter hebben leren kennen. Het team heeft helaas geen prijsje in de wacht gesleept. De Belgen kunnen er nl ook wat van ;). Maar ook voor de jongens zal deze dag in het kader van de groepsbinding goed geweest zijn…

FC Dordrecht, Toernooi, wedstrijd, Foto Hamar

FC Dordrecht, Voetbal, Toernooi, Foto Hamar

FC Dordrecht, Toernooi, Voetbal, Foto Hamar

FC Dordrecht, Toernooi, Voetbal. Foto Hamar

Uit de oude doos: Het zijn net kinderen…

“Van de week zat ik te grasduinen op mijn eigen blog en kwam verhaaltjes tegen die ik alweer helemaal vergeten was. Om sommige verhaaltjes heb ik zelfs moeten lachen. Tijdens het lezen herinnerde ik mij weer hoe het één en ander er aan toe ging en hoe ik vervolgens onderstaand blogje geschreven heb. Dit weekend een blog uit de oude doos.”

Miauw, miauw.
Miauw, miauw.
Miauw, miauw….

Met een zucht gooi ik mijn boek neer op de bank. Oké, nu ben ik het zat. De kat miauwt, de vogel reageert hierop door hem na te doen. De kat gaat nog zieliger miauwen en de vogel doet hem nog dramatischer na. Dit gaat al heel de middag zo door. Ik kijk naar de kat, die op zijn beurt weer geërgerd naar de vogel kijkt. En de vogel? Die houdt nu wijselijk zijn snavel.

Jij, je kooi in. Wijs ik naar de groene Draak. En jij, naar buiten. Wijs ik naar kleine Krijger. “Jaaa, pasterop hoor!” roept Draak nog even snel voor ie in de kooi achter één van zijn speeltjes verdwijnt. Altijd het laatste woord willen hebben, van wie zou hij dat nu hebben geleerd?

Soms zijn het net twee kleine kinderen. De vogel is jaloers op de kat. De kat is jaloers op de vogel. Tot op heden heeft hij het lef nog niet gehad om de vogel een keer van repliek te dienen. De vogel daarentegen heeft er totaal geen moeite mee om de kat te benaderen en zijn snavel te testen op zijn tijgervelletje. Ik kan ze daarom nooit alleen laten. De kat is zijn leven niet zeker.

Nu Draak weer in zijn kooi zit en Krijger buiten aan het spelen is, kan ik mij weer concentreren op mijn boek. We gaan richting het einde en dat betekent ook de ontknoping van het één en ander. Ik zit nog niet koud twee minuten in mijn luie stoel of het gedonder begint weer. Krijger is gespot door een buur-kat en ze rennen nu als een malle door de tuin, over de schutting, door de brandpoort en weer terug. Natuurlijk is het feest pas compleet als Draak zich er mee gaat bemoeien en roept “JAAAAAA en JOEHOEEEEEE” gevolgd door wat oerwoudkreten in het kwadraat. Waar is de harmonie op deze zonnige dagen gebleven?

FOEI galmt het door de tuin waardoor de katten alle twee wegstuiven. Voor Draak is de lol er af en hij scharrelt wat over de bodem van zijn kooi. Totdat er buiten een kindje met zijn fietsje valt en het op een krijsen zet. Een mooie gelegenheid voor hem om te laten horen wat hij van de buurkinderen geleerd heeft. Het kindje is door zijn vader alweer gesust maar ik zit de komende tien minuten met een jankende papegaai opgescheept.

Ik stop twee onzichtbare proppen in mijn oren. Pak mijn boek en lees het hoofdstuk uit. Draak is inmiddels op dreef. Hij brengt nu, ongevraagd, zijn complete repertoire ten gehore. Van de eerste twee letters van het alfabet (AB-AB-AB-AB) “werken”, “Pino weer schooooooon” tot aan “slaaplekker” “Doei, tot strakjes” aan toe. Ik laat hem gaan, schenk er geen aandacht aan. Na een paar minuten brabbelt hij nog wat in zijn eigen taaltje en daarna is het weer stil. Het heeft moeite gekost maar negeren werkt.

Krijger sluipt het huis in en laat door een voorzichtige miauw weten dat ie er weer is. Dit wordt opgemerkt door Draak en jawel, daar gaan we weer…

… Miauw, miauw.
Miauw, miauw.
Miauw, miauw…

Langer negeren kan ik niet. Ik ren naar de kast met snoepjes en voer. Voorzie Draak van een handje vol nootjes en zaden en geef Krijger een extra zakje van zijn favoriete voer. Niet geheel pedagogisch verantwoord maar het werkt wel. Want met een volle bek of snavel miauwen of praten kunnen ze namelijk niet. Heerlijk die rust!

Het leed dat blessure heet…

“Wat sta jij nu weer te doen?”Rekken, blessure Zegt een collega tegen mij zodra ze de hoek om komt en mij in een halve spagaat op de grond ziet zitten. “Wat denk je dat ik aan het doen ben?!” Vraag ik haar terwijl ik met een zucht opkijk. “Ik rek mijn beenspier!” Zeg ik er ietwat geïrriteerder achteraan. “Oh oké..” Zegt mijn collega die daarna snel haar eigen weg weer gaat. Ik zit daar niet voor mijn lol. Ik zit daar omdat ik een blessure heb. En door die blessure kan ik nu niet hardlopen zoals ik zou willen. Wat betekend dat mijn geplande wedstrijd van deze zomer samen met neef en oom niet door kan gaan. Mijn overige planning mogelijk ook in gevaar komt. Net nu ik zo lekker aan het lopen was geslagen.

Het begon tijdens mijn rustige zondagse loopje van 8 km. Bij km 6 ging het mis. Last van mijn knie met uitstraling naar mijn scheen/kuit. Na een stukje gewandeld te hebben was het redelijk weg. Maar hardlopen zat er die dag niet meer in. Nadat ik die week rust had gehouden kon ik daarna wel weer een rondje van 4 en van 5 km maken. Dat ging lekker. Maar zodra ik het rondje weer groter maakte begon de stekende pijn weer. Dit keer bij 5.5 km. Een weekje rust volgde en de keer daarop kwam de pijn al bij 4.5 gevolgd door 3.5 km. Ik was er klaar mee. Stoppen wilde ik niet. Maar er moest wel iets gebeuren.

Internet hielp mij nu ook niet bepaald. Mijn zoektocht vertelde mij dat het mijn schoenen, mijn knieën, mijn heup, maar zelfs mijn linkeroor zou kunnen zijn… Dat het een overbelasting was daar was ik bij de eerste pijnscheut zelf al achter gekomen. Maar de vraag was nu waar dit door veroorzaakt werd en hoe ik nu verder moest. Ik besloot een fysiotherapeut te raadplegen. Ik kwam bij iemand terecht, gespecialiseerd in hardloopblessures. Lucky me…

Na een grondige intake werden eerst mijn schoenen onderzocht. Hij legde uit waar hij naar keek en vooral waarom. Hij vertelde waar ik zelf op kon letten bij het kopen van een nieuw paar. Met mijn schoenen was gelukkig niks mis. Daarna werd mijn knietje onderzocht. Daar was, voor zover hij kon zien, niks mis mee. Wat volgden waren de voetjes, de heupen en mijn benen zelf. Iets wat ik verwacht had, werd nu bevestigd. Een lopersknie. Mogelijk veroorzaakt door een beenlengte verschil van een paar mm in combinatie met mijn nieuwe fanatieke hardloopschema. Hij nam de tijd om uit te leggen wat er nu precies mis was. Het menselijk skelet werd van de “hanger” gehaald. Op het whiteboard werd gekleurd en ook de computer deed mee om mij duidelijk te maken waar ik last van had en hoe we dit moesten gaan aanpakken.

Na ruim twee uur stond ik weer buiten, heel wat wijzer over mijn blessure. Mijn been hoeft er gelukkig niet af. Wel kreeg ik diverse tips en trucks van hem mee en natuurlijk een aantal rek- en strekoefeningen die ik minimaal vijf keer per dag moet herhalen. Hij drukte mij op het hart om hier serieus mee aan de slag te gaan als ik weer pijnvrij wil hardlopen. Later die week ontving ik ook nog een aangepast hardloopschema waar ik mij de komende drie weken mee mag bezig houden. Weer even terug bij af als ik de tijden in het schema zie. Maar alles voor een goed doel zullen we maar zeggen. Dus, nu snel weer terug naar mijn “yoga matje” voor mijn volgende serie rek- en strekoefeningen…

De verhuizing…

Een paar jaar terug had de “nieuwe” gefuseerde gemeenten aan de boer duidelijk gemaakt dat zijn hobby niet in het beleidsplan paste. Dat zijn hobby tevens zijn inkomen was en dat dit al meer dan 20 jaar geaccepteerd werd door de “oude” gemeente daar hadden ze geen boodschap aan. Dus moesten twee van onze paardenvriendjes opzoek naar een ander onderkomen. Want precies die twee paardenstallen zouden een doorn in het oog zijn in ons buitengebied. Aldus de gemeente.

Poownie bleef samen met zijn buurvrouw over. Ooit maakte hij deel uit van een kudde die bestond uit een paard of 16. Dat werd in verband met een verhuizing voor zijn gezondheid (van een binnenstal naar loopstal met paddock) teruggebracht naar vier. Hier kon hij, als kuddedier, prima mee leven. Maar een kudde van twee, zijn er twee te weinig…

Ik zag poownie steeds ongelukkig worden. Het weiland was met twee paarden kaal. De paddock was met twee paarden kaal. En tussen hem en zijn buurvrouw was niet bepaald een klik dus stonden ze ook vaak nog eens ieder op hun eigen stukje. Hij verveelde zich te pletter. Hier moest ik echt iets mee. Dus ging ik op zoek naar een nieuw onderkomen. Dat bleek nog niet zo makkelijk. In mijn directe omgeving zijn heel veel paardenstallen. Maar bijna geen enkele stal bied de mogelijkheid die wij nu hebben. Ik wilde niet terug naar een te kleine stal, in een loods en zonder paddock waar hij 22 uur per dag zou worden “opgehokt”. Na 21 jaar heeft Poownie zijn vrijheid verdient.

Ik trok de stoute schoenen aan en mailde één van mijn oude stalgenootjes. Eerder was ze met haar paard verhuisd naar een stal net over de grens in Brabant. Daar staan de paarden in diverse koppeltjes bij elkaar. Zomers in het weiland, ‘s winters in de paddock en er is altijd wel een vriendje om mee te spelen. Diezelfde week reed ik met haar mee naar stal om te kijken of het wat voor hem zou zijn. Ik was direct verkocht. Ook Poownie zou het hier fantastisch vinden. Dus was de beslissing om te verhuizen snel gemaakt. Er was helaas geen plek meer vrij dus werden we op een wachtlijst gezet.

Een aantal maanden gingen voorbij. Toen kwam dan eindelijk het verlossende telefoontje. Poownie kon binnen een week al over! Er moest van alles geregeld gaan worden. Ik moest de boer en zijn vrouw het “slechte nieuws” gaan vertellen. Dat viel, na zeven jaar dagelijks over de vloer te zijn gekomen, niet mee. Toen begon het puinruimen op stal. Het sorteren van spullen wat mee moest of weg kon. En natuurlijk het regelen van vervoer.

Deze zaterdag, in alle vroegte, was het zover. De trailer reed voor en Poownie mocht mee. Op naar zijn nieuwe stal. Het weerzien met zijn vriendinnetje, die hij twee jaar niet had gezien, was op zich al een feestje. Na elkaar uitgebreid besnuffeld en begroet te hebben mochten ze samen het weiland in. Poownie was zo rustig en mak. Ik weet zeker dat, wanneer de eerste indrukken en geuren een plekje hebben gekregen, en hij de rest van de kudde heeft leren kennen, hij het er meer dan goed zal hebben…

paarden, verhuizen, weiland

Afscheid, verhuizing, het weerzien, de rondleiding van zijn vriendinnetje, en daarna samen grazen…

Boors boekenweek… #3

Mijn ogen branden in hun kassen. Mijn zicht is wazig en mijn oogleden zijn zwaar. Ik zou moeten stoppen. Maar ik kan het niet. Ik wil het niet. Iedere vrije minuut en niet vrije minuut wordt besteed aan lezen. Boek één van de drie die op mijn boekenplank stond, was binnen twee dagen uit. Jeetje wat een verhaal… dagen nadat ik het boek uit had, was ik nog steeds diep onder de indruk.

Ik las de afgelopen weken drie boeken, van drie verschillende schrijvers met drie verschillende verhalen. Ze hadden echter één ding gemeen, het onderwerp. In ieder boek wordt het leven van de hoofdpersonen dat zich afspeelt voor, tijdens en na de tweede wereldoorlog beschreven. Hoewel de boeken geromantiseerd en fictief zijn, hebben de verhalen mij stuk voor stuk aangegrepen. Tijd om dit met jullie te delen.

Josha Zwaan, Parnassia:
De 4-jarige joodse Rivka wordt in de oorlog bij een gereformeerd boekverslag, Josha Zwaan, Parnassiadomineesgezin ondergebracht. Ze groeit op als Anneke, haar ouders zijn voor de buitenwereld bij het bombardement op Rotterdam omgekomen.Wanneer na de bevrijding haar vader en haar broer op de stoep staan om haar op te halen, herkent ze hen niet meer en gaat ze niet mee. Ze ontkent haar joodse afkomst en blijft Anneke. Jaren later woont Anneke in Leiden. Is lerares en wordt verliefd op Joost. De geboorte van hun kinderen maakt bij zowel Joost als Anneke een stroom aan onderdrukte gevoelens en herinneringen los die niet meer te stoppen lijkt. Terwijl Joost zich steeds meer tot het joodse geloof begint te wenden, neemt Anneke afstand van hem en van haar gezin. Ze blijkt niet bij machte van haar kinderen te houden en een leven op te bouwen met anderen. Na de dood van Joost ontmoet Anneke haar dochter Sandra op het strand, en stukje bij beetje vertelt Anneke aan Sandra het verhaal van Rivka die Anneke werd, en hoe het zo ver heeft kunnen komen dat zij haar kinderen in de steek liet zonder ooit nog om te kijken…

Anthony Doerr, Als je het licht niet kunt zien:
Anthony Doerr, verhaal, boekverslagDe jonge Marie-Laure is blind. Ze woont met haar vader in Parijs naast het Natuurhistorisch Museum, waar hij werkt als curator. Als Marie-Laure twaalf is bezetten de nazi’s Parijs en vader en dochter vluchten naar het Bretonse Saint-Malo. Ze hebben de grootste en meest waardevolle schat van het museum meegenomen. In een Duits mijnstadje groeit Werner Pfennig op in een weeshuis samen met zijn jongere zusje Jutta. Werner belandt bij de Hitlerjugend en wordt vervolgens naar het front gestuurd. Via Rusland komt hij tenslotte in Saint-Malo terecht, waar zijn verhaal en dat van Marie-Laure samenkomen. 

Simone van der Vlucht, De lege stad: De lege stad, Simone, boekverslag
Op 14 mei 1940 wordt Rotterdam getroffen door het zwaarste bombardement dat Nederland heeft gekend. Voor de pasgetrouwde Katja betekent dit het einde van haar onbezorgde leven. Bijna de helft van haar familie komt om. Samen met haar man neemt ze haar overgebleven broertjes en zusjes in huis. Ze is vastbesloten hen door de oorlog heen te helpen. Maar naarmate het leven grimmiger wordt, wordt dit steeds moeilijker.

Ik begon met het verhaal van Josha Zwaan. Haar manier van vertellen, op een chronologische manier met flashbacks, las erg fijn en liet mij soms een traantje laten. Zo mooi en aangrijpend geschreven dat ik het verdriet kon voelen. Anthony Doerr heeft zijn verhaal opgesplitst. De twee hoofdpersonen hebben ieder hun eigen verhaal en beleven de oorlog op een andere manier. In korte hoofdstukken wordt er heen en weer gesprongen in de tijd wat wel even wennen is in het begin. De twee personages hebben heel veel met elkaar gemeen, maar komen elkaar pas later in het verhaal tegen. Simone van der Vlucht heeft met haar verhaal heel goed weergegeven hoe het leven er in Rotterdam uit heeft moeten zien voor, tijdens en na het bombardement. Het verhaal mist hier en daar wat aan spanning. Iets wat ze in andere boeken wel heel goed weer heeft gegeven. Maar de pijnlijke, hartverscheurende en moedige passages maken alles meer dan goed!

Ieder boek is een pareltje die je echt wel gelezen moet hebben!! Ze hebben mij stuk voor stuk geraakt en een heel bijzondere indruk bij mij achtergelaten.

Dankbaar…

In de zomer van 2014 werd ik gebeld door een mevrouw. Ze vertelde dat haar ex-man de dag ervoor was overleden. Het regelen van zijn uitvaart zou voor haar rekening komen. Er waren namelijk geen kinderen of andere familieleden die hierin nog iets konden betekenen. Ook de vriendenclub, die ooit zo groot was, was geslonken tot nog maar drie man. Via de uitvaartbegeleider was ze bij mij terecht gekomen. Ze vroeg mij of het mogelijk was om een aantal foto’s te maken. Niet van de hele dienst, alleen van de opbaring. Hem zelf, de kist, zijn kleding en misschien nog een bloemstuk als dat er al was. De kist zou namelijk gesloten worden door de uitvaartbegeleider zonder bijzijn van de mensen die hij achterliet.

Als ik de parkeerplaats oprijd staan de twee medewerksters van het rouwcentrum mij al op te wachten. Het is 19.30 uur in de avond en er is verder helemaal niemand. Ze zijn speciaal voor mij geopend. Ik word naar een ruimte gebracht die iets groter is dan mijn eigen woonkamer. Een van de dames sluit achter mij de deur. In het midden van de ruimte tref ik mijn afspraak, gekleed in een prachtig pak, één rode roos in zijn hand en liggend in een zwart gekleurde kist.

Ik loop naar de strak afgewerkte kist en laat mijn handen rusten op het voeteneinde. Deze man zou ieder moment zijn ogen kunnen openen. Alsof hij slaapt. De energie in de ruimte voelt bruisend aan. Het is zo anders dat het mij niet lukt om direct mijn camera te pakken. Dus neem ik plaats op één van de bankjes recht tegenover de kist. Ik laat zomaar een aantal minuten aan mij voorbijtrekken terwijl ik deze onbekende man gezelschap houd. Dan wordt het tijd om aan het werk te gaan. In de minuten die volgen zet ik hem zo waardig mogelijk op de foto.

Bijna een jaar na de uitvaart word ik gebeld door de ex-vrouw. Ze vertelde dat het een mooi dienst was geweest. Ondanks dat ze al 15 jaar uit elkaar waren kon ze zijn overlijden niet naast zich neer leggen. Er bleef maar iets aan haar knagen. Na een paar maanden besloot ze de foto’s er bij te pakken die ik twee dagen voor de uitvaart op haar verzoek had gemaakt. Dat was de reden waarom ze belde. Ze had niet verwacht dat het terugzien van haar ex-man, met zijn ogen dicht, liggend in een kist, met de kleding aan die ze zelf had uitgezocht, haar de rust zou geven die ze zocht. Het besef drong nu echt tot haar door. Hij is er niet meer. Vanaf dat moment was het alsof de puzzelstukjes op zijn plaats vielen. De foto’s hadden een klein stukje bijgedragen aan haar rouwverwerking. Het stukje dat zo aan haar bleef knagen. Nu kon ze het voorzichtig een plekje gaan geven.

Na het beëindigen van ons telefoongesprek galmden haar stem nog een tijdje door mijn hoofd. Wat fijn dat ik met mijn werk deze vrouw heb kunnen helpen. Al was het maar een beetje.

uitvaartfotografie Hamar

Dit blog schreef ik in opdracht voor Familieberichten.nl

Alleen voor vroege vogels…

Mijn “gezonde gewoontes” gaan nu zo goed, dat het ook tijd werd om mijn sportactiviteiten meer ruimte te geven en deze ook daadwerkelijk in te plannen. Zeker het hardlopen heeft de laatste tijd te lijden onder mijn gemakzucht. Twee keer rennen in de week lukt prima. Maar drie of vier keer?Earlybird, vroeg hardlopen, ochtendrun Om dit toch te bereiken moest ik de knoop doorhakken. Juni werd de maand om echt in actie te komen. Daarom ging om 05.55 uur mijn wekker voor mijn aller eerste echte ochtend run ever… Een kwartiertje later stond ik buiten, mij heel even af te vragen of dit wel zo’n goed plan was. Ik had immers ook nog gewoon 1,5 uur in mijn bed kunnen blijven liggen. Maar, de zon scheen. De vogeltjes floten. En ik wil een betere conditie. Dus begon ik met mijn uitgebreide warming-up.

Mijn eerste ochtendrun zou niet langer dan 3.5 km worden. Want “hardlopers zijn doodlopers”, dus hield ik het op een verkenningsrondje. Kijken hoe ik, in de ruimste zin van het woord, hier mee om zou gaan. Tegen welke obstakels in aan zou lopen. Kleding is bijvoorbeeld al zoiets. Vanuit mijn warme bedje de koele ochtendlucht in zou er voor kunnen zorgen dat ik mijzelf nog strammer en stijver zou voelen. Een jasje was daarom wel op zijn plaats. Direct na mijn warming up had ik al spijt van mijn keuze.

Earlybird, vroeg hardlopen, ochtendrunMuziek had ik expres thuisgelaten zodat ik niet in mijn eigen bubbel zou lopen. Ik wilde zelf ervaren hoe het is wanneer de wereld om mij heen ontwaakt terwijl ik daar doorheen ren. Feitelijk had ik hier nog iets vroeger mijn bed voor uit gemoeten. De zonsopkomst tegemoet lopen bijvoorbeeld. Maar toch was er nog geen hond op straat. De ochtendlucht voelde heerlijk en werkte als een verkwikkende douche. Ik snapte niet waarom ik dit niet eerder had ondernomen. Want hoe lekker mijn warme bedje ook is… Deze run, in de stille vroege ochtend, was net zo lekker!! Sterker nog, ik had mijzelf ingesteld op dit rondje rennen dat ik het niet eens erg vond toen mijn wekker zo vroeg af ging. In tegenstelling tot vriendlief, die mij voor gek verklaarde.

Omdat het zo goed bevallen is, heb ik besloten om minimaal 1 keer in de week de wekker 1.5 uur vroeger dan gebruikelijk af te laten gaan en deze tijd te benutten voor een earlybird rondje hardlopen. Inmiddels heb ik er al vijfEarybird rondje hardlopen, ochtendrun ochtendruns opzitten. Heb ik mijn afstand van 3,5 naar 5 km verlegt en gaat mijn wekker zelfs nog een half uur eerder dan voorheen. In tegenstelling tot wat ik altijd dacht is het heerlijk om zo je dag te starten. Na het rennen volgt een douche, lekker bakkie koffie en mijn ontbijt. Zodra ik op de zaak ben hoef ik niet eerst nog op te starten want dan heb ik er al ruim drie uur opzitten. Het werkt verslavend en ik ben aan het overwegen om mijn training van drie keer hardlopen naar vier keer hardlopen in de week aan te passen. Dan kan ik mooi twee keer in de ochtend rennen.

Voor de hardlopers onder ons, lopen jullie ook wel eens in de vroege ochtenduren?

Doelen en lijstjes: Waar sta jij over 5 jaar? #Gastblog

Iemand zei laats tegen me dat ik doelen moest stellen in het leven. Waar je wilt zijn over vijf of tien jaar in je carrière. Hij noemde als voorbeelden een bepaalde hoge functie in een goed bedrijf of het hebben van een eigen vermogen van zoveel ton. Als student vond ik me dat eigenlijk heel moeilijk voor te stellen. Vijf jaar is nog heel ver weg, ik kan dan overal zijn en eerlijk gezegd klonken beide voorbeelden nou niet echt als muziek in mijn oren. Een generatie “Y” trekje denk ik. Wij leven meer met de dag, genieten van de reis net zo veel als van de bestemming en zijn vooral niet materialistisch of opzoek naar status.

Nu ik bijna klaar ben met mijn masterstudie marketing communicatie die ik volg op de universiteit van Birmingham, Engeland heb ik dus geen honderden brieven gestuurd naar de beste bedrijven met de beste functies. Maar na dat gesprek ben ik wel gaan na denken over mijn doelen in het leven. Ik kwam erachter dat ik die allang had gesteld. Mijn levensdoelen staan namelijk op mijn bucketlist! De marathon die ik rende in 2013 en studeren in het buitenland stonden daar ook op. Het volgende item op mijn lijst is het doen van vrijwilligerswerk in ontwikkelingslanden waarbij ik mijn kennis over ondernemen niet alleen kan gebruiken, maar ook verder kan ontwikkelen.

Geen honderd sollicitatie brieven voor mij, maar één motivatiebrief aan het VSO. Dat staat voor: Voluntary Service Overseas. Een stichting opgericht als resultaat van het ontwikkelingsbeleid van de Europese Unie. Ze zochten starters in specifieke vakgebieden om 12 weken uit te zenden naarCambodje, gastblog, VSO, vrijwilligerswerk ontwikkelingslanden en kennis te delen. Vlak voor mijn verjaardag kreeg ik te horen dat ik was geaccepteerd, wat een mooi cadeau! Waar ik precies naar toe zou gaan en wanneer was toen nog niet bekend, maar inmiddels weet ik dat ik mag afreizen naar Cambodia! En omdat de reis geheel word betaald door VSO ben ik als tegenprestatie aan het fondsenwerven, zodat zij nog veel meer mensen zoals mij kunnen uitzenden.

€ 1,000 dat is mijn doel en ik weet zeker dat ik dat ga halen. Met een beetje hulp van U en vele anderen kom ik er wel. Doneren kan via deze link: *Just Giving* 

En wil je meer doen? Meld je dan ook aan op VSO

Alvast heel erg bedankt en vergeet vooral niet je eigen bucketlist te maken!
Amber

~

Mijn naam is Amber van der Zouwen. In juli 2014 ben ik afgestudeerd van de opleiding commerciële economie, gespecialiseerd in sportmarketing en management aan de Hogeschool Rotterdam. Nu studeer ik Marketing Communicatie in Birmingham, Engeland. Als jonge Young Professional  maak ik veel mee. Dit deel ik oa op mijn blogIk schrijf over studeren in het buitenland, mensen die mij inspireren, trends op het gebied van marketing en mijn dromen voor de toekomst. Zelf ben ik met name geïnteresseerd in ondernemerschap en in de toekomst zou ik graag willen bijdragen aan de ontwikkeling van de economie van ontwikkelingslanden.

~

Euh… Oh ja…

Terwijl zoonlief twee seconden geleden de bank voor zijn bed verruild heeft en ik op het punt sta om languit op de bank te ploffen, met een boek in mijn ene hand en een heerlijk bakkie thee in mijn andere hand, gaat de deur weer open. Met een grijns kijkt hij mij aan. En dat is niet de grijns waarmee hij mij een grapje komt vertellen. Dit is de grijns waarmee hij hoopt respijt te krijgen voor iets wat hij niet gedaan heeft…

“En daar kom je nu mee??” Zeg ik met wenkbrauwen die zover zijn opgetrokken dat ze bijna mijn haar grens raken. “Ja, als ik er eerder aan had gedacht had ik het wel eerder gemaakt!!” Zegt mijn steeds bijdehanter wordende puberzoon. Daar zat natuurlijk een kern van waarheid in. Als hij deze niet een soort van, beetje, verdraaid heeft. Ik kijk hem nog even een volle seconde of drie doordringend aan. Maar geef dan toe. Samen gaan we aan tafel zitten. De laptop wordt opgestart en uit zijn tas verschijnen verschillende printjes, folders, kladbriefjes en andere vodjes die door moeten gaan voor een werkstuk in spe. “Jij hebt echt geluk dat werkstukken maken mijn favoriete bezigheid was toen ik nog op school zat!” Zeg ik. “Nou gelukkig wel. Dan heeft iemand van ons het vanavond nog naar zijn in!” Krijg ik gekscherend terug.

Terwijl hij oplepelde waar zijn werkstuk uit moest bestaan vlogen mijn vingers over het toetsenbord om een indeling te maken waar Mijnheer de Directeur tevreden mee was. Vervolgens wisselden wij van plek. Ik zocht op mijn pc de informatie op om mijzelf in te lezen in het onderwerp en hij begon aan de inhoud van de tekst. Zwijgend zaten we naast elkaar en de klok tikte gestaag door. Ik bedacht mij nog dat er wel veel uit de kast getrokken werd om iets later naar bed te mogen. Ondertussen zocht ik alvast wat mooie platen op die hij kon gebruiken om zijn werkstuk wat meer uitstraling te geven. Gaf ik uitleg over Word en het plaatsen van foto’s en grafiekjes. En hij legde mij weer uit waarom hij gekozen had voor juist dit onderwerp en wat hij er van geleerd had.

2,5 uur later strompelende zoonlief eindelijk naar boven om te gaan slapen. Zelf kwelde ik mijn ogen nog wat langer door het document alvast te printen. Ik wilde het risico niet lopen om ‘s morgens vroeg nog ruzie te moeten maken met de printer wanneer deze plots niet zou willen mee werken. Inmiddels weet ik alles van ijshockey. Nu alleen mijn cijfer nog…