Vergeef mij dat ik je achterlaat… 

Hierbij mijn laatste blog en tevens het moeilijkste dat ik heb gedaan tijdens mijn werk als uitvaartfotograaf. Kennismaken met een moeder die wist dat ze haar gezin moest gaan verlaten…

De regen komt met bakken uit de hemel. Het is donker en somber buiten. Zodra ik mijn auto voor de deur van het afgesproken adres geparkeerd heb, blijf ik nog even zitten. Het is een trieste dag en ik moet iets gaan doen waar ik als een berg tegenop zie. Ik haal een paar keer diep adem en stap uit. Ik hoef gelukkig niet lang te wachten voor de deur open gaat. De eerste voorstelronde vind plaats in de gang. Als ik achter de man des huizes aanloop word ik in de woonkamer begroet door een schaterlachende peuter. Aan tafel zit haar moeder met de kleine meid op schoot. Zodra onze blikken elkaar treffen kijk ik in een paar prachtig helderblauwe ogen. Ze zet het meisje op de grond en geeft mij een trillende hand.

Haar man vertrekt naar de keuken om koffie voor ons te zetten terwijl wij alle twee plaats nemen aan de grote tafel. De woonkamer ligt bezaait met speelgoed, duploblokken en knuffelbeesten. Deze jonge dame komt wat dat betreft niets te kort. Toch trekt mijn maag samen. Ik krijg een brok in mijn keel en voel een pijnlijke steek. Het leven is soms zo oneerlijk. Zonder dat iemand hier iets aan kan doen, gaat het belangrijkste in haar prille leventje haar binnenkort ontnomen worden. Haar moeder.

Alsof ze mijn gedachte kan lezen begint ze te vertellen. Over de diagnose die gesteld is net na de geboorte van haar dochtertje. De slopende ziekte, het verloop hiervan en wat nu nog rest. Ondertussen staat de dampende koffie op tafel inclusief wat lekkers. Maar ik krijg geen hap door mijn keel. Haar ogen beginnen te stralen zodra ze over haar dochtertje begint te praten. Ze is haar lust en, zolang het nog duurt, haar leven. De reden waarom ik gekomen ben is niet alleen een kennismaking met de familie. Maar ook om te kijken of ik iets voor hen kan betekenen op de uitvaart van deze vrouw.

Haar man pakt een dik boek uit de kast en legt het voor mij neer. Het is hun trouwalbum met prachtige sfeervolle foto’s. De foto’s die gemaakt moeten worden op de uitvaart moeten dezelfde stijl en sfeer hebben als hun trouwfoto’s. Ik heb de vraag nog niet gesteld of de man geeft al antwoord. De trouwfotograaf heeft nooit eerder een uitvaart gefotografeerd en had hun een rouwfotograaf aangeraden. De vrouw begint weer te vertellen. “Als ik er straks niet meer ben, wil ik dat mijn dochter een naslag werk heeft. Een trouwboek en een rouwboek. Voor later, zodat ze kan zien hoe het was.” Ze zucht. “Haar vierde verjaardag zal ik naar alle waarschijnlijkheid niet meer mee gaan maken.” Haar man pakt boven tafel haar hand en knijpt er zachtjes in. Even zijn we allemaal stil.

Ik ben ontroerd door haar verhaal. Ze kijkt letterlijk de dood in ogen en toch kan ze zo krachtig vertellen. Want dat heeft ze gelukkig nog, haar kracht en haar wil om te genieten van de tijd die rest. Het moet een verschrikkelijke gedachte zijn om te weten dat ze er straks niet meer is terwijl haar kindje haar zo hard nodig heeft. Bij het afscheid kijk ik haar nog eenmaal aan. Haar helder blauwe ogen zal ik bij onze volgende ontmoeting niet meer zien…

vogels als monument op grafsteen

© Deborah Hamar, Uitvaartfotografie Hamar.

Tot het laatst…

Vandaag mijn één na laatste blog, die ik met jullie wil delen als afsluiting van mijn periode als uitvaartfotograaf. Ook dit verhaal heeft weer vreselijk veel indruk op mij gemaakt. 

~

“Tot het eind heeft ze gevochten. Tot het eind was ze sterk. Tot het eind ben ik bij haar gebleven. Ik heb gebeden en ik heb gesmeekt. Toch moest ik haar laten gaan.” Zijn woorden galmen door de volle zaal. De mensen zijn stil. Ze zijn zo stil dat je een speld kunt horen vallen. De man voor in de ruimte vertelt over het leven van zijn vrouw. Wie ze was, wat ze deed. Ze is gestorven aan kanker. Aan die vreselijke rot ziekte. De ziekte die sneller dan verwacht bezit van haar lichaam nam. Haar ziel heeft hij nooit gekregen. Dat is hem niet gelukt. Tot het laatst was ze de vrouw die ze altijd is geweest. Met geheven hoofd, trots en vol liefde. “Ze was mijn rots in de branding. Mijn steun en toeverlaat!” Het besef dat ze er echt niet meer is lijkt plots tot hem door te dringen. Hij moet verder. Alleen. Zijn verdriet is voelbaar. Uit respect laat ik even mijn camera zakken.

Het laatste muziekstuk word gespeeld. De mensen krijgen de gelegenheid om nog één keer langs de kist te lopen. In colonne gaat de stoet door naar een volgende ruimte waar de condoleance plaats zal vinden. Als de ruimte bijna leeg is draait de man zich naar mij om. Hij kijkt mij vriendelijk aan en vraagt of ik nog even wil blijven. “Zoals mijn vrouw aan mijn zijde stond tijdens alle ups en downs in dit leven zo wil ik haar nu tot het laatst begeleiden.” Mijn verstand snapt prima wat deze man zo gaat doen. Mijn gevoel kan er alleen niet helemaal bij. “Ik breng haar straks naar de ovenruimte en druk zelf op de knop. Ik zou het fijn vinden als je dat voor mij wil vastleggen.” Ik pers een gepaste glimlach op mijn gezicht. Alsof dit verzoek voor mij de normaalste zaak van de wereld is. “Natuurlijk doe ik dat.” Hij knikt mij toe en draait zich om.

Een kist zien zakken in de grond is geen plezierig gezicht. Een kist in de ovenruimte… Tja, ik hoef niet eens aan te geven wat voor gevoel mij dat bezorgd. Ook dit is zo’n moment dat mij niet onbewogen laat. Ze laat mij twijfelen. Kan ik dit wel? De uitvaartbegeleidster kijkt mij aan. Ze heeft door dat ik het er moeilijk mee heb en knipoogt mij geruststellend toe. Ze laat weten er ook bij te zijn. Door haar aanwezigheid word ik weer met beide benen op de grond gezet. Er is nu geen tijd voor mijn emoties. De knop moet om! Straks mag ik mij laten gaan.

De ovenruimte was geladen met alle vormen van emoties. Die van mij meegerekend. Toen alles achter de rug was en wij weer in de aangrenzende zaal stonden kwam de man mij persoonlijk bedanken. Hij vond het erg fijn dat ik dit, onaangekondigd, toch heb willen doen. Als de uitvaart is afgelopen praat ik na met de uitvaartbegeleidster. Ze laat het moment zijn zoals het is. Ik krijg van haar alle tijd om mijn emoties te laten gaan en mijn nieuwe ervaring met haar te bespreken. Ze stelt vragen maar verteld ook haar eigen ervaring. Het is je werk, wat niet wil zeggen dat het je niet raakt. En het mag je raken. Je bent en blijft een mens. En daarmee heeft ze het goed verwoord. Je bent en blijft een mens, tot het laatst…

Roos op grafkist op een begraafplaats

© Deborah Hamar, Uitvaartfotografie Hamar.

Dat mag gevierd worden…

Als afsluiting van mijn periode als uitvaartfotograaf deel ik deze week nogmaals de verhalen met jullie, die de afgelopen vijf jaar de meeste indruk op mij hebben gemaakt.

Ik heb nog geen twee passen in de tuin gezet of de voordeur gaat al open. Een gezellige bedrijvigheid komt mij tegemoet zodra ik het huis binnen stap. Ik hoor gelach, geroezemoes en een hoop kinderstemmetjes binnen. Hier had ik mij niet op voorbereid. Het lijkt eerder op een verjaardag dan op een condoleance. Ik maak kennis met de familie en word daarna naar de kamer gebracht waar de kinderstemmetjes vandaan komen. Daar moet ik mij een weg banen door een vijftal met helium gevulde ballonnen die de deur barricaderen. De uitvaartbegeleidster had mij al verteld dat dit een bijzondere familie was en ik mag dit nu aan den lijve ondervinden.

Onder het raam staat een witte kist. In de kist ligt Oma die geflankeerd wordt door een vijftal kleinkinderen met stiften in hun handen. De leeftijd varieert van 4 tot een jaar of 14. Vandaag mogen ze de kist van Oma voorzien van hun eigen boodschap. Een van de koters ziet mij en mijn camera en weet zichzelf even geen houding te geven. Zijn sproeterige gezicht straalt blijheid uit maar zijn ogen vullen zich al snel met tranen. Om het ijs te breken begin ik een gesprek met hem en ik vraag welke mooie boodschap hij mee wil geven aan Oma.

Dat werkt. Hij droogt zijn tranen en trekt mij mee naar de kist. Ik zak door mijn knieën en ben nu net zo groot als hij. Hij toont mij zijn tekening: een zon, een bloem en een vogel. Want waar Oma naar toe gaat schijnt altijd de zon, bloeien er altijd bloemen en leven de dieren vrij. Ook de andere kinderen willen laten zien wat ze voor moois voor Oma hebben gemaakt. Teksten, tekeningen, gedichtjes of een simpel zinnetje als: Ik mis u nu al. Als de kinderen eenmaal over hun verlegenheid heen zijn vertellen ze honderduit.

Vol belangstelling luister ik naar hun verhalen. Langzaam wordt mij duidelijk dat de vrouw in de kist niet zomaar een Oma is. Voor deze kinderen was ze een super Oma die voor ze klaar stond en waar altijd iedereen mocht blijven eten en slapen. Waar griezel- en verkleedpartijtjes gehouden werden. Ze hielp zelfs mee met boomhutten bouwen. De teksten en tekeningen op de kist raken mij. Hoe eenvoudig ook. Dit is hun manier van afscheid nemen. Van de familie heb ik toestemming om alles op de foto te zetten, toch vraag ik dit ook aan de kinderen. Ze hebben er geen moeite mee en wijzen mij trots hun geschreven teksten nogmaals aan.

Als alles op de foto staat loop ik naar de keuken waar ik ontvangen word door Opa. Hij vertelt hoe de uitvaart, die morgen plaats zal vinden, er uit gaat zien en wat hij verder nog op de foto wil hebben. Ik ben nog steeds onder de indruk van de gezellige sfeer in huis. Hij moet lachen en zegt: “Oma gaan we zeker missen! Maar de dood hoort bij het leven en dat mag gevierd worden!” Als ik even later het huis verlaat voel ik mij niet gelaten of verdrietig maar moet ik ook lachen. Als uitvaartfotograaf maak ik best heel bijzondere en verdrietige dingen mee. Deze familie heeft gelijk. Ondanks het verdriet en gemis hoort de dood wel bij het leven, en ook dat mag gevierd worden…

Vlinder op monument op begraafplaats

© Deborah Hamar, Uitvaartfotografie Hamar.

Zijn laatste reis…

Als afsluiting van mijn periode als uitvaartfotograaf deel ik deze week nogmaals de verhalen met jullie, die de afgelopen vijf jaar de meeste indruk op mij hebben gemaakt.

Het is een komen en gaan en ik vraag mij af hoeveel mensen er nog in dat kleine kamertje passen. “Wij komen nog even om gedag te zeggen!” Zegt één van de mannen. De jongste telg van het gezin komt waggelend aan met zijn speen nog in zijn mond. “Opa toe.” Roept hij, waarna hij met zijn moeder de kamer in gaat.

Na tien minuten komt de stroom mensen in omgekeerde volgorde weer opgang. Uk en moeder als eerste. Hij zwaait nog even over zijn schouder naar de achterblijver. De laatste persoon, een jonge dame, komt de kamer uit en knikt mij vriendelijk toe. Ik pak mijn spullen en loop naar binnen. Net over de drempel blijf ik staan. Even daarvoor was deze kamer gevuld met heel veel mensen. De ruimte bruist nog na van hun levendige energie en ik moet dat op mij laten inwerken. Nu zijn er nog maar twee mensen over. Hij en ik.

Het contrast had niet groter kunnen zijn. Ik zet mijn tas neer en kijk naar het onbeweeglijke lichaam dat voor mij ligt. In zijn handen heeft hij een trouwfoto. De randen zijn versleten en er zitten scheuren in. Deze foto moet vast veel voor hem betekenen. Voor mij ligt Opa. Zoals de hele familie hem noemt. Opa heeft voorgoed zijn ogen gesloten.

Ik pak mijn fototoestel om foto’s van dit afscheid te maken. De jonge dame van zojuist verschijnt bij de deur. Ze glimlacht en komt de kamer in. Ze legt een lok van Opa’s haar goed en begint te vertellen. “Hij kon niet meer. Opa was op. Heel zijn leven was hij een vrolijk mens. Hij vond het fantastisch om andere in de maling te nemen. Het leven is één groot feest! Zei hij altijd. Opa zag nooit ergens de ernst van in. Behalve toen een paar jaar geleden zijn vrouw hem werd afgenomen. Alzheimer. Oma begon van alles te vergeten. Zelfs wie hij was. Maar als hij in haar ogen keek dan zag hij, diep van binnen, nog het vuurtje in haar branden van de persoon die ze ooit was. Na meer dan 65 jaar samen te zijn geweest kwam er door die ellendige ziekte een einde aan.”

 “Ik heb er vrede mee dat hij er niet meer is.” Zegt ze. “Tussen de grapjes door keek Opa uit naar zijn dood. Een groter feest kon hij zich niet voorstellen. Terug naar de liefde van zijn leven. Wat zal ik mijn Opa missen!” Even ben ik stil. Nu begrijp ik zijn verhaal. De laatste jaren heeft hij de foto gekoesterd. Een hunkering naar iets wat ooit was maar nooit meer zal zijn.

We hebben nog een half uur voor de dienst begint en ik vraag of ze mij wil helpen met de foto’s. Samen leggen we de bloemstukken goed. Draperen de linten met tekst. Voor ik aan de foto’s van Opa begin legt ze nog snel een plukje haar in model. Als we klaar zijn lopen we naar de aangrenzende kamer. Daar wordt gelachen. Ik krijg een champagneglas in mijn handen en er wordt een toast op Opa uitgebracht.

Ik kijk de ruimte rond. Afscheid nemen is niet altijd makkelijk. Iedereen doet dit op zijn eigen manier. Dit afscheid was helemaal in Opa’s stijl. Want zoals hij het zag, was het leven een feest en zijn reis naar Oma het grootste feest van allemaal.

Rouwkaart bij boeket als afscheid bij uitvaart

© Deborah Hamar, Uitvaartfotografie Hamar.

Dankbaar…

Als afsluiting van mijn periode als uitvaartfotograaf deel ik deze week nogmaals de verhalen met jullie, die de afgelopen vijf jaar de meeste indruk op mij hebben gemaakt.

In de zomer van 2015 werd ik gebeld door een mevrouw. Ze vertelde dat haar ex-man de dag ervoor was overleden. Het regelen van zijn uitvaart zou voor haar rekening komen. Er waren namelijk geen kinderen of andere familieleden die hierin nog iets konden betekenen. Ook de vriendenclub, die ooit zo groot was, was geslonken tot nog maar drie man. Via de uitvaartbegeleider was ze bij mij terecht gekomen. Ze vroeg mij of het mogelijk was om een aantal foto’s te maken. Niet van de hele dienst, alleen van de opbaring. Hem zelf, de kist, zijn kleding en misschien nog een bloemstuk als dat er al was. De kist zou namelijk gesloten worden door de uitvaartbegeleider zonder bijzijn van de mensen die hij achterliet.

De twee medewerkster van het rouwcentrum staan mij al op te wachten als ik aan kom rijden. Het is 19.30 uur in de avond en er is verder helemaal niemand. Ze zijn speciaal voor mij geopend. Ik word naar een ruimte gebracht die iets groter is dan mijn eigen woonkamer. Een van de dames sluit achter mij de deur. In het midden van de ruimte tref ik mijn afspraak, gekleed in een prachtig pak, één rode roos in zijn hand en liggend in een zwart gekleurde kist.

Ik loop naar de strak afgewerkte kist en laat mijn handen rusten op het voeteneinde. Deze man zou ieder moment zijn ogen kunnen openen. Alsof hij slaapt. De energie in de ruimte voelt zo bruisend, dat het mij niet lukt om direct mijn camera te pakken. Dus neem ik plaats op één van de bankjes recht tegenover de kist. Ik laat zomaar een aantal minuten aan mij voorbijtrekken terwijl ik deze onbekende man gezelschap houd. Dan wordt het tijd om aan het werk te gaan. In de minuten die volgen zet ik hem zo waardig mogelijk op de foto.

Bijna een jaar na de uitvaart word ik gebeld door de ex-vrouw. Ze vertelde dat het een mooi dienst was geweest. Ondanks dat ze al 15 jaar uit elkaar waren kon ze zijn overlijden niet naast zich neer leggen. Er bleef maar iets aan haar knagen. Na een paar maanden besloot ze de foto’s er bij te pakken die ik twee dagen voor de uitvaart op haar verzoek had gemaakt. Dat was de reden waarom ze belde. Ze had niet verwacht dat het terugzien van haar ex-man, met zijn ogen dicht, liggend in een kist, met de kleding aan die ze zelf had uitgezocht, haar de rust zou geven die ze zocht. Het besef drong nu echt tot haar door. Hij is er niet meer. Vanaf dat moment was het alsof de puzzelstukjes op zijn plaats vielen. De foto’s hadden een klein stukje bijgedragen aan haar rouwverwerking. Het stukje dat zo aan haar bleef knagen. Nu kon ze het voorzichtig een plekje gaan geven.

Na het beëindigen van ons telefoongesprek galmden haar stem nog een tijdje door mijn hoofd. Wat fijn dat ik met mijn werk deze vrouw heb kunnen helpen. Al was het maar een beetje.

Roos bij graf op begraafplaats als laatste herinnering

© Deborah Hamar, Uitvaartfotografie Hamar.

Nog eenmaal…

Als afsluiting van mijn periode als uitvaartfotograaf deel ik deze week nogmaals de verhalen met jullie, die de afgelopen vijf jaar de meeste indruk op mij hebben gemaakt. 

Daar sta ik dan, met mijn rug tegen de verwarming en tussen twee planten in, te wachten op een teken om aan de slag te gaan. De hal loopt langzaam vol met mensen. Het is gigantisch druk. Om mij heen is een kakofonie aan geluiden ontstaan. Geroezemoes van stemmen met tussendoor het zachte gesnik van verdriet of een lach tijdens het ophalen van herinneringen. De lucht vibreert van de emoties. Hier kan en mag het allemaal. Naast mij ligt het condoleanceboek. Ik maak een paar foto’s zodra iemand hier een boodschap in schrijft. Dan gaat de deur van de aangrenzende kamer open. De uitvaartbegeleidster zwaait mij vriendelijk toe ten teken dat ik naar binnen mag.

Ik stap een onzichtbare drempel over en laat alle geluiden achter mij. Het lijkt wel of ik een andere wereld in stap. De kamer straalt warmte en liefde uit. De serene stilte die hier heerst bezorgt mij nu al een brok in mijn keel. Ik kijk in de waterige blauwe ogen van een vrouw van middelbare leeftijd. Ze knikt mij toe. Haar blik verplaatst zich naar de vrouw in de kist. Haar vingers friemelen aan het kettinkje om haar hals. “Het leven is zo wrang.” Zegt ze. “Wat heb je er nu aan als je al je dierbaren verliest? Eerst mijn man, toen mijn zoon en nu mijn dochter. Allemaal getroffen door kanker. Ik ben de oudste maar blijf als enige over terwijl ik als eerste had moeten gaan.”

Zonder een blik van haar dochter af te wenden gaat ze zitten. Met haar andere hand klopt ze op een stoel naast haar. “Wil je even bij mij blijven?” vraagt ze. Getroffen door haar blik en de simpele vraag neem ik plaats. Even blijven we stil zitten. Een moeder zonder dochter, een dochter zonder moeder. Dan herstelt ze zich en begint met praten. “Straks wordt de kist voorgoed gesloten. Maar voordat dit gebeurt zou ik haar graag nog één keer vast willen houden en haar een kus willen geven.” Ze vraagt of ik dit voor haar wil fotograferen. Inmiddels rolt er niet alleen bij deze vrouw een traan over haar wang. Ik zeg haar dat ik dit heel graag wil doen.

Ze staat op en loopt naar het hoofdeinde van de kist. Teder streelt ze het hoofd van haar dochter. Haar handen verplaatsen zich naar het gezicht, haar wang en vervolgens naar haar gevouwen handen op haar buik. Nog meer dan anders ben ik blij dat ik mij kan verschuilen achter mijn camera. Ik ben getuige van een bijzonder emotioneel en intiem moment en probeer zo waardig mogelijk mijn werk te doen. Met haar lippen raakt ze voor een allerlaatste keer het voorhoofd van haar dochter. Ze prevelt wat onverstaanbare woorden wanneer haar gezicht maar een paar centimeters bij dat van haar dochter vandaan is. Ik zie dat haar ogen zich vullen met tranen. Verslagen en gebroken staat ze op.

Even laat ze haar tranen de vrije loop. Dan recht ze haar rug en kijkt mij strak aan. “Jij bent nog zo jong, je moet genieten van het leven. Beloof je dat?!” Antwoord geven lukt niet en hoeft ook niet. Ze draait zich terug naar haar dochter in de kist. Niet veel later komt de uitvaartbegeleidster binnen. Het is tijd om de kist, voorgoed, te sluiten…

Draagstersgilde met kist op schouder

© Deborah Hamar, Uitvaartfotografie Hamar.

Uitvaartfotografie Hamar…

Iets wat ik heel graag en nog heel lang, op afstand wilde houden greep in korte tijd om zich heen. De dood liet van zich horen en nam in nog geen jaar tijd mijn beide ouders met zich mee. Met al mijn verdriet moest ik niet alleen een uitvaart regelen maar ook veel beslissen in een korte tijd. Daar kwam vervolgens het ontruimen van twee huizen bij. Het leven van mijn ouders werd gereduceerd tot een paar verhuisdozen en een hoop herinneringen. Gelukkig had ik veel hulp en stond er niet alleen voor.

De dood heb ik altijd heel eng gevonden. Ik moest er niks van weten. Een bezoek aan de begraafplaats bezorgde mij maagkramp. Toch heeft zelfs de dood mij veel geleerd. Eenmaal kennis gemaakt te hebben besloot ik hem te accepteren. Ik omarmde hem zeer zeker niet. Maar hij was er, is er en hoort er bij. De drang om iets te kunnen betekenen voor mensen die ook iemand verloren hadden werd hierna steeds groter. Hoewel iedereen anders om gaat met verdriet en afscheid kan ik er wel over mee praten. Ik weet hoe het is om door zo’n emotionele achtbaan te gaan. En juist hierdoor besloot ik mij toe te leggen op het maken van afscheidsreportages.

Logo uitvaartfotografie Hamar.

Het is alweer vijf jaar geleden dat Uitvaartfotografie Hamar werd geboren. De eerste paar reportages voelden onwennig. Maar al snel was ik op mijn plaats waar verdriet en gemis vochten om de boventoon. Ik maakte sfeer- en overzichtsfoto’s zodat er voor de familie een blijvende herinnering ontstond aan deze droevige dag. Ik kreeg de kans om iets te kunnen toevoegen aan een uitvaart, plechtigheid, herdenking of condoleance.

Ik kwam in aanraking met heel bijzondere families en hun heel uiteenlopende levens. Dat maakte dat ook geen enkele uitvaart het zelfde was. Van liefdevol, droevig naar uitbundig en hartverwarmend. Of juist heel zakelijk en afstandelijk. Het is en blijft heel bijzonder om zo dicht bij iemand anders zijn verdriet te komen. Ze zagen mij vaak niet, terwijl ik aan het werk was. Maar ik hen wel. Op zo’n moment zijn mensen heel kwetsbaar.

Gaande weg leerde ik dat ik geen ondernemer ben. Ik ben niet zakelijk genoeg en wil dat ook helemaal niet zijn. Verder kwam ik er achter dat de uitvaartfotografie verweven was mijn eigen rouwproces. Iets waar ik nooit bij stil heb gestaan toen ik hiermee begon. Mijn eigen verdriet lag te dicht onder de oppervlakte om daar objectief naar te kunnen kijken. Inmiddels ben ik een andere weg in geslagen en wil graag verder. Hoewel de dood er altijd zal zijn, wil ik niet meer zij aan zij met hem meelopen. En om iets echt af te kunnen sluiten heb ik besloten te stoppen met Uitvaartfotografie Hamar.

Er is de afgelopen vijf jaar veel gebeurd. Het was een heel bijzonder en (toch wel) mooie reis waarbij het afscheid nemen centraal stond. Niet alleen voor de families die ik aan een herinning heb geholpen van deze emotionele dag. Zeker ook voor mij! Afstand en afscheid nemen van mijn eigen verdriet en angsten. Onzichtbare deuren gingen open. Ik mocht zien, ervaren en vooral voelen. Ik mocht een klein deeltje zijn van het groter geheel. Alles heeft zijn tijd. Nu is het tijd om deze deur te sluiten…

Logo van uitvaartfotografie Hamar, witte roos met dauwdruppels

Als afsluiting van deze periode zal ik de komende zes dagen de verhalen met jullie delen die op mij de meeste indruk hebben gemaakt. 

Zo vader, zo zoon…

“Waar kijk je naar?” Vraag ik vriendlief op een avond als we alle twee op de bank zitten. Hij met de afstandsbediening in zijn hand. Ik met een boek voor mijn neus. “Naar een film…” Ik kijk van hem naar het beeldscherm. Het enige dat ik zie is een versnelde weergave van, vermoedelijk, een film. Ik duik mijn boek weer in om verder te lezen. Na een paar minuten is het nog steeds stil. Ik werp weer een blik naar de tv en zie nog steeds de film in versnelde weergave voorbij komen. “Hij is alweer begonnen hoor!” Roep ik hem toe. Geïrriteerd kijkt hij mij aan. Uit zijn concentratie gehaald. “Ja, dat weet ik!” Is het enige antwoord dat ik krijg.

“Heb je deze film dan al gezien?” Vraag ik hem. “Nee!” “Waarom spoel je hem dan door?”  Probeer ik nog heel voorzichtig. “Ik kijk alleen naar de leuke stukjes van de film! De rest vind ik niet zo interessant.”

Tot zover de uitleg …

Inmiddels weet ik niet beter en schenk hier geen aandacht meer aan. Ik ben het gewend dat hij zo naar zijn films kijkt. Ik wil een film van de allereerste seconde tot en met de (en het liefst de hele) aftiteling zien. Ik vind het irritant als ik een aantal zinnen niet hoor, het beeld niet kan zien of de muziek niet mee krijg. Als ik op ga in een film, en dat is niet zo vaak, doe ik dat goed. Hij vindt het dan ook heerlijk als ik er niet ben. Zo kan hij ongestoord een film, of drie, op een avond bekijken. Dat is pas economisch met je tijd om gaan!

Een jaar of 11 verder…

“Waar kijk je naar?” Vraag ik zoonlief op een avond als we alle twee op de bank zitten. Hij met de afstandsbediening in zijn hand. Ik met mijn Ipad voor mijn neus. “Naar een film…” Ik kijk van hem naar het beeldscherm. Het enige dat ik zie is een versnelde weergave van, vermoedelijk, een film…

Mijn blik gaat van zoon naar vriendlief, die elders in de woonkamer zit en weer terug. Zoonlief kijkt op zijn beurt van de tv naar mij. Haalt zijn schouders op en zegt: “Ik kijk alleen de leuke stukjes van de film. De rest vind ik niet zo interessant!”
Ik zucht. En zucht nog eens…
Zo vader, zo zoon…

In de knoop…

Zodra ik mij uitrek schiet er een pijnscheut door mijn rug. Bij iedere beweging, van welk lichaamsdeel dan ook, voel ik het. Mijn “botjes” zitten in de knoop. Ik strompel mijn bed uit en probeer mij te rekken en te strekken. Hier en daar hoor ik wat kraken. Na een half uur sta ik nog scheef op mijn benen. Benauwd kijk ik vriendlief aan voor hulp.

“Zachtjes!!” gil ik. “Ik heb je nog niet eens aangeraakt!” Zegt vriendlief terug. Voor de zekerheid hef ik mijn wijsvinger nog even gebiedend naar hem op. Met enige tegenzin draai ik mij weer om. Mijn rug moet gekraakt worden zodat alle “botjes” weer terug schieten naar de juiste positie. Ik weet dat het daarna over is en ik weet dat het geen pijn doet. Maar oh, dat geluid!! Kraken werkt ook alleen wanneer ik ontspannen ben. Maar dat lukt niet, want ik krijg spontaan de slappe lach wanneer groene draak aan komt waggelen om te kijken wat wij daar, aan de andere kant van de woonkamer, aan het doen zijn. Het lachen vergaat mij al snel want ook dat doet pijn. Op het moment dat ik uitadem drukt vriendlief zijn handpalmen aan weerszijde van mijn ruggengraat. Er klinkt een vreselijk gekraak. Gevolgd door een gil van mij. Groene draak vind het hilarisch en gilt gezellig mee.

“Je moet echt eens naar haar toe.” Zegt mijn collega. Ze geeft mij een visitekaartje van een familielid. “Massagesalon met Thaise invloeden…” Lees ik hardop voor en kijk haar daarna bedenkelijk aan. “Het is een Thaise massagesalon. Ze is echt heel goed. Zelfs Nick en Simon laten zich daar masseren.” Alsof dat mijn bedenkingen weg zouden moeten nemen. Ik besluit toch een afspraak te maken. Dus lig ik diezelfde week nog in een prachtige sfeervolle kamer, met zeer aangename temperaturen, op een massagebank. Mijn hoofd ligt klem in het gat in de bank en ik staar naar een bak water waar geurende bloemblaadjes in drijven. De dame die mijn rug gaat masseren is ongeveer de helft kleiner dan ik. “Zo, jij last hebben van rug? Ik jou helpen van rugpijn af!” Zegt ze vriendelijk maar daadkrachtig.

Ze klautert handig op het bed en begint eerst voorzicht, maar al snel met meer druk aan mijn verkrampte rug. Voor ze echt aan het masseren gaat kraakt ze eerst wat wervels op hun plek. Dit gaat op zo’n ontspannen manier dat ik er bijna geen erg in heb. Boven het gekraak uit vraag ze “Jij doen veel computerwerk?” Kans om te antwoorden krijg ik niet. Ik word geplet tussen de massagetafel en de masseuse. Ze is dan niet zo groot, maar ze heeft heel veel kracht. Op het moment dat ik dreig te bezwijken onder deze druk schiet de laatste wervel terug. “Zo, straks jouw rug is als nieuw!”

Ze vraagt of ze warme (super lekker ruikende) olie mag gebruiken. Naast mijn rug neemt ze ook mijn nek, armen, handen en vingers onder handen. Daarna volgt er nog een korte scrubsessie om mij van alle olie te ontdoen. De thee staat al op mij te wachten als ik weer onder de levenden ben. Het was een heerlijke massage. Inmiddels ben ik al een aantal keer langs geweest. Voor een ontspanningsmassage moet je hier niet zijn, want je wordt door de mangel gehaald. En dat alles zonder er beurse plekken aan over te houden. Ze had gelijk. Mijn rug voelt keer op keer als nieuw!

Eindeloze berg…

“Waar had jij ook alweer leren snowboarden?” Vraagt mijn vriendin over de app. Ik stuur haar wat informatie terug en direct bedenk ik mij dat ik ook nog een afspraak met de skischool wilde maken. “Ah wat grappig dat je er over begint. De wintersport komt met rasse schreden dichterbij en ik wil graag mijn techniek wat opschroeven.” App ik er achteraan. “Tof!! Ik ook, maar dan om mijn ski-techniek op te krikken! Zullen we samen gaan?” Krijg ik terug. Zo kwam het dat we midden in de week afspraken bij de indoor ski- en snowboardhal een dorp verderop.

Het is alweer zes jaar geleden dat ik besloot te leren snowboarden. Een keuze die mijn vakantie-leven drastisch op zijn kop zette. Mijn eerste ervaring met snowboarden was op een ronddraaiende mat. Deze eindeloze berg liet mij bij les één al weten dat er niet met hem te sollen viel. Ik kwam er al snel achter dat ik spieren had waar ik het bestaan niet vanaf wist. Deze mat was zes weken lang een marteling. Iedere keer kwam ik gebroken thuis en had minstens drie dagen last van spierpijn. Ik hield vol. Het was lang geleden dat ik zoveel voldoening haalde uit het leren van iets nieuws.

De volgende uitdaging was het geleerde in praktijk brengen. Mijn obsessie sloeg langzaam om in een nieuwe hobby waar ik iedereen in meesleepte. Ik bracht uren door op een indoor skibaan. De spierpijn werd minder. Evenals het vallen en opstaan. Ik kreeg het zowaar onder de knie. In de vakanties die volgden was het vooral veel doen. Ieder jaar ging het beter en soepeler. Dit jaar wil ik optimaal van mijn vakantie genieten. Dat bracht mij weer terug naar die eindeloze berg.

“Zo, dus dit is het? Waar is de foampit voor als ik gelanceerd wordt?” Zegt mijn vriendin als ze de ronddraaiende matten ziet. Ik schiet in de lach. “Die gasten zetten de baan direct stil als je valt.” “Weet je dat heel zeker?” Zegt ze, terwijl ze mij bedenkelijk aankijkt. Niet veel later worden we geholpen aan onze spullen. Komt de instructeur zich voorstellen en kan onze les beginnen. De skiërs mogen eerst! Vriendin staat eerst wat onwennig op de baan, maar al snel heeft ze het ritme te pakken. Eerst komt het remmen aan bod. Daarna volgen er diverse oefeningen om van links naar rechts op de baan te kunnen schuiven. Na 10 minuten wordt er gewisseld en mogen de boarders.

Even ga ik zes jaar terug in de tijd. Ik voel mij stuntelig, houterig en sta allerminst charmant op mijn plank. “Sneeuw is anders dan deze mat he?!” Grinnikt de instructeur. Gelukkig heeft hij het beste met mij voor. “Wanneer het hier goed gaat, is de sneeuw appeltje eitje!” De bar mag ik vooral niet vastpakken. “Is er op de berg ook niet!” Roept hij. Verder moet ik veel meer relaxen. Want, “Boarders zijn relaxte gasten!” De rest van het uur wisselen de skiërs en boarders elkaar af. Het lukt ons steeds beter de aanwijzigingen op te volgen.

Aan het einde van de les, die maar een uurtje duurde, zijn we alle twee verrot. Mijn t-shirt zit vastgeplakt aan mijn rug en ik sta te trillen op mijn benen. Zo relaxt als ik kan strompel ik naar de bar. Eerst wat drinken! “En het plannen van een vervolg les!” Roepen we in koor!