Zomaar een half jaar verder…

Het zit er alweer op, het eerste half jaar. Omdat ik zelf totaal geen doelen had voor dit jaar kan ik zeggen dat ze allemaal behaald zijn, ik compleet op schema lig en er aan al mijn verwachtingen is voldaan. Kort en krachtig. Was alles in het leven maar zo simpel! Hoewel ik nog precies weet hoe vol ik zat van al het gesnoep met oud en nieuw, is dat gewoon alweer meer dan zes maanden terug. Dat brengt mij direct bij de vraag of ik überhaupt iets heb om op terug te kijken dit eerste half jaar?

Jazeker wel. Voor zoonlief was het aanpoten. School, vrienden, social media, hormonen en voetbal. Alles vecht om een eerste plaats. Hoewel… Dat eerste uiteraard niet. Hij had een terugkerende blessure en tot overmaat van ramp stapte een tegenstander heel vervelend op zijn voet. Hierdoor moest hij letterlijk een stapje terug doen. De zomerstop heeft hem tot nu toe goed gedaan. Hopelijk kan hij na de zomervakantie weer lekker knallen.

Merlin is naar een nieuwe haven verhuisd en wij konden daar de afgelopen warme weken prima onze draai vinden. Het is er een heel stuk drukker en dus ook meer controles op het water. We zijn al enkele keren vastgelopen bij het ontdekken van nieuwe routes maar gelukkig ook weer losgekomen. Vriendlief heeft een kano gekocht. Nu kunnen we ook op de motorloze stukjes het water verkennen.

Ik heb mij dit jaar twee keer “opgesloten” in een vogelhut. Het is echt geweldig, net als de platen die we daar schieten. Ik kan er uren naar kijken en er geen genoeg van krijgen. Vriendin Y. wilde ook dus er is een derde bezoek gereserveerd, later in het jaar. Naast de vogels zijn er nog een aantal andere belevenissen op mijn blog voorbij gekomen. Zoals de noodgedwongen verhuizing van Poownie, de vakantie naar Egypte en onze eerste vaart. Op wat stress van de verhuizing na hebben we eigenlijk een relatief rustig eerste half jaar achter de rug.

Stiekem stond er toch één doel op mijn lijstje. Omdat we niet op wintersport zijn geweest had ik mij voorgenomen in het voorjaar een kitesurfcursus te boeken. In een grijs verleden heb ik, samen met vriendlief, een driedaagse cursus gevolgd. Hij wilde er toen niet mee doorgaan. Te veel gedoe. Het strand te ver weg. Het water te koud. Zelf was ik nogal onder de indruk van de kracht van de kite dat ik dit niet alleen voort durfde te zetten. Ik heb S.P.I.J.T. dat ik toen niet heb doorgezet! Nu moet ik waarschijnlijk weer helemaal opnieuw beginnen. Ik heb in ieder geval wel meer boardgevoel dankzij het snow- en wakeboarden dan toen.

Een keuze uit een kitesurf-school is al gemaakt. Maar ja, dan moet het echte aanmelden er ook nog van komen. Ik wil het heel graag maar de angst om in Engeland (of verder)aan te spoelen is (nog steeds) aanwezig. Ik ken verder niemand die het leuk vind om samen met mij deze nieuwe hobby op te pakken. Iemand van jullie?? Voor nu sta ik er in ieder geval alleen voor.

De eerste zes maanden zijn dus prima verlopen. We hebben nu al meer zomerse dagen gehad dan vorig jaar en de vakantie is pas net begonnen. Wie weet durf ik het aan om het kitesurfen in de tweede helft van het jaar te gaan proberen. Daar heb ik immers, naast wat lef, alleen de wind voor nodig…

 

***

Advertenties

Teek away…

Natuurlijk had ik er van gehoord. Maar ik had ze nog nooit in het echt en van zo dichtbij gezien. Een teek. Op de een of andere manier vonden ze mij of mijn huisdieren gewoon niet interessant. Maar deze zomer is duidelijk anders. Of Poownie is in een “tekenburgt” gaan liggen rollebollen of ze vinden hem gewoon aantrekkelijker dan anders. Hoe dan ook, begin van het weideseizoen zat hij er helemaal onder. Een teek bijt zich vast in de huid van zijn gastheer en vreet zich dan een weg naar binnen. Gatver en gatver… Ze blijven daar zitten tot hun buikje goed en wel (gratis)gevuld is. De schoften! Daarna laten ze zich vallen om uit te buiken en te doen wat een teek allemaal wel niet doet. 

Ik wilde niet wachten tot deze etters zich helemaal volgevroten hadden. Ze moesten van Poownie af en wel zo snel mogelijk. Maar een teek met je vingers verwijderen is geen slim idee. Ze moeten het liefst met “huid en haar” verwijderd worden. De volgende dag ging ik langs de dierenspeciaalzaak om een tekenpen aan te schaffen. Die hadden ze niet. Ze hadden wel een koevoet. Ik ben een leek op het gebied van de teek, maar een koevoet leek mij toch wat overdreven. Maar ja, ik moest iets. Dus gaf aan dat ik die dan wel wilde. Ze overhandigde mij een pietepeuterig klein zakje met daarin twee miniatuur harkjes van playmobile. De een iets kleiner dan de ander. Appeltjes groen, dat dan wel weer. 

“Dit is het?” Vroeg ik de medewerkster achter de balie met een frons in mijn voorhoofd. Waarop ik een bevestigend gehum als antwoord kreeg. “De beschrijving zit in het zakje.” Zei ze nog. Dit was wel iets anders dan het ijzeren breekvoorwerp dat ik in gedachte had. Voor die prijs had ik er minstens een Playmobil-poppetje bij verwacht. Maar dat kon ik vergeten. In de auto bekeek ik direct de gebruiksaanwijzing, die net als de koevoetjes in miniatuur formaat was. Ik las de paar zinnetjes op het papier: Maak de teek niet boos! Schuif de koevoet om de teek. Draai een keer links om. Trek de teek er uit. Hoe moeilijk kan het zijn? 

Terwijl Poownie rustig stond te grazen probeerde ik de eerste teek te verwijderen. Stap 1 van de instructie vond ik toch wat lastig uit te voeren. Moest ik eerst vriendelijk vragen of ie uitgevroten was? Of het gesmaakt had en ie nog een bakkie koffie na zou willen? Hoe dan? Vergeet het maar! Ik haakte de grote koevoet achter de teek. Maar hoe ik ook probeerde, de teek gleed er steeds uit. De kleine koevoet was daarentegen weer te klein. Uiteindelijk harkte ik maar een eind weg tot ie bleef zitten. Schroefde een paar keer linksom en gebruikte “al mijn kracht” om hem los te wrikken. Niet bepaald de meest vriendelijkste benadering. Hopelijk heeft ie niet zijn hele maaginhoud leeg staan kotsen! Dat schijnen ze te doen wanneer ze boos zijn… Y.U.K

Hoe meer ik er verwijderde hoe smeriger ik ze begon te vinden. Ik kreeg er wel meer handigheid in! De teken werden verzameld in een potje om later aan de arts te geven voor mogelijk onderzoek. Inmiddels ben ik expert op het gebied van werken met een appeltjes groene Playmobil koevoet en het verwijderen van een teek. Maar mijn hobby zal het niet worden. Gatver en nog eens gatver!!

 

 

***

Wie gaat er mee een stukje wandelen…

Weer een leuke tag die ik tegen kwam op het blog van “De Gans” . Ze heeft hem niet zelf verzonnen maar overgenomen van Vera. Mocht je niks te doen hebben neem dan eens een kijkje op beide blogs. Of vul onderstaande tag zelf in. Ik vond het draadje in ieder geval leuk genoeg om het over te nemen.

Waarom wandel je?
Omdat hardlopen niet meer gaat met mijn terugkerende knieklachten. Hoewel ik het hardlopen echt wel mis is dit een prima vervanging om toch bezig en buiten te zijn. En sinds ik mijn stappenteller heb is iedere mogelijkheid om de benen te strekken er weer een om dichter bij mijn doel te komen.

Wanneer wandel je?
Niet op vaste momenten in ieder geval. Meestal als ik veel aan mijn hoofd heb, wanneer ik niks te doen heb of als Poownie beweging moet hebben. Ook wanneer ik zin heb om doelloos buiten te zijn. Hoewel het er zelden van komt wandel ik ook het liefst in de ochtend. Wanneer de hele wereld nog in diepe rust is en alleen de vogel van zich laten horen. Er hangt ’s morgens een compleet andere energie in de lucht. Alle mogelijkheden staan open en nieuwe kansen dienen zich aan. Het is heerlijk om dan buiten te zijn.

Waar wandel je het liefst?
Het liefst in mijn eigen achtertuin. De polder is bij mij om de hoek. Zoveel mooi’s zo dichtbij. Wandelen in het bos of op het strand is ook super leuk maar daar ga ik niet zo snel alleen naar toe.

Wandel je samen of alleen?
wandelen met meerdere mensen is reuze gezellig. Toch wandel ik vaak alleen. Een wandel-date met familie of vrienden is er eigenlijk nooit van gekomen. En beide heren vinden wandelen net zo vreselijk als  internetloos door het leven te moeten. Dus daar hoef ik het niet eens aan te vragen.

Wat is voor jou het perfecte wandelweer?
Wanneer het warm genoeg is om zonder jas naar buiten te kunnen. Bij regen haak ik over het algemeen af.

Wat neem je mee tijdens jouw wandeling?
Mijn fitbit voor het vastleggen van mijn stapjes, mijn telefoon voor het geval dat… Soms mijn fototoestel. Groene draak neem ik ook wel eens mee. Mijn wandelingen liggen meestal rond de 5 km. Dus hoef ik geen survivalkit mee te nemen.

Wat is jouw wandeltempo?
Meestal wandel ik wel stevig door. Behalve wanneer ik draak mee heb. Die moet zijn evenwicht kunnen blijven behouden op mijn arm of in zijn reistas. En als ik tussendoor foto’s maak ligt mijn tempo ook een  heel stuk lager.

Op welke schoenen wandel je?
Wandel- of bergschoenen lopen voor mij het lekkerste. Mijn hardloopschoenen kunnen er ook mee door. Wandelen op platte gympen heb ik snel afgeleerd nadat ik voor langere tijd last kreeg van mijn voet. En dus uiteindelijk langere tijd niks kon doen.

Wandel je het liefst verhard of onverhard?
Zolang de ondergrond gelijk is, dus zonder kuilen, maakt het mij niet uit waarop ik wandel. Een mulle ondergrond mijd ik het liefst.

Wanneer is een wandeling voor jou geslaagd?
Dat is hij eigenlijk altijd. Na een wandeling voel ik mij vaak net als na een hardloopsessie. Moe maar voldaan. Tevens wordt mijn creatieve “ik” geactiveerd. Waardoor ik problemen anders zie of inspiratie op doe voor mijn blog…

En wat is jullie motivatie om te wandelen?

 

Hardlopen in het park met bomen waar de zon doorheen schijnt.

Toen ik ’s morgens nog wel eens ging hardlopen…

***

Een korte break…

Jeetje, ik heb het gevoel alsof ik maanden niet op mijn blog ben geweest. Ook met het bij-lezen van jullie blogs loop ik gigantisch achter. Ik ben er gewoon even tussenuit geweest. Het lag niet geheel in de planning om een break in te lassen maar het kwam toevallig zo uit. Uiteindelijk voelde het goed om niet na te hoeven denken waar ik nu weer eens over zou gaan schrijven. Het klinkt net alsof ik er vreselijk veel moeite voor moet doen. Maar dat is geenszins het geval. Het is soms goed om even een pauze in te lassen. Zelfs zoonlief heeft een break van de voetbal. En omdat hij een zomerstop heeft, heb ik dat ook. Even geen voetbalplaatjes en volgepropte zaterdagen.

Dat brengt mij direct bij een leuk uitje dat ik had met oom B. Eind mei zaten we “in een hutje op de hei” met links en rechts van ons een koppel haviken en buizerds. Voor ons bevond zich een watertje waar de kleinere vogelsoorten zoals het roodborstje, de boomklever en appelvinkjes konden badderen. Ik denk dat ik er, naast de voetbalfoto’s, een serieuze hobby bij heb. Het is echt tof om zo dichtbij de vogels te komen en ze in hun natuurlijke omgeving op de foto te zetten. We hadden weer wat leermomenten. Dus later in het jaar gaan we dit nog eens overdoen.

Buizerd op tak  Havik met duif als prooi 

Zie voor meer foto’s mijn eigen *instagram*

Ook zijn we nog een week met vakantie geweest. Voor het weer hadden we echt niet weg gehoeven, want de temperaturen waren hier net zo subtropisch als in het zonovergoten Egypte. Vriendlief was jarig en wilde die dag in alle rust doorbrengen. Dat is dan ook precies wat gedaan hebben. De dagen er voor en erna trouwens ook. Het was lang geleden dat wij samen zijn weg geweest waarin we ook nog eens helemaal niks hebben gedaan dan enkel lekker luieren. Het was een mooi resort met grote kamers en goed eten. Daar zouden we zeker nog eens naar terug willen.

Minder leuk was het nieuws dat ik ontving toen we net een dag in Egypte waren. Poownie had zich lelijk verstapt met een peesblessure tot gevolg. Een aantal stalgenoten heeft de zorg op zich genomen. Ze zijn meerdere keren per dag met hem in de weer geweest en hebben hem verzorgd alsof het hun eigen paard was. Wat was ik blij met hun goede en liefdevolle zorg voor Poownie. Dankzij hen kon ik toch nog redelijk genieten van mijn vakantie. Poownie is nog steeds aan het herstellen en zal langer moeten revalideren dan hem lief is.

Het was nog steeds subtropisch warm in Nederland toen wij terug kwamen van vakantie. Dat weekend zijn we er met de boot op uitgetrokken. Zelfs zoonlief had er zin in. Eerst was het tijd voor wat stunt en stuiterminuten met de funtube. Daarna kwam het wakeboard te voorschijn. We kwamen er achter dat het springen over golven nog niet zo makkelijk is. Wanneer je met 30 km/ph op het water klapt en je, je oogballen tegen de achterkant van je schedel aan voelt klappen weet je dat je iets niet goed hebt gedaan. Na diverse pogingen zaten zoonlief en ik samen op het voordek onze oogballen uit te deuken en bij te komen van wat verschoven nekwervels en een ingeklapte long. Samen bespraken we wat er fout ging om het een volgende keer opnieuw te gaan proberen…

 

 

***

Een paar weken verder… 

Wij hadden waarschijnlijk als een van de eerste een nieuwe plek voor onze paardjes gevonden. (Deel 1 & deel 2 lees je hier.) Maar waren de laatste die vertrokken. Al vroeg in de morgen waren we op stal zodat we de laatste spullen konden inpakken, de boel nog even konden vegen en de paardjes konden poetsen. Met het voorrijden van de paardentaxi kon de grote verhuizing echt beginnen. De paarden waren er zelf heel relaxed onder. Poownie nam nog wel even de tijd om zijn “oude” omgeving in zich op te nemen voor hij een voet in de trailer zette. Rond kwart over 10 sloot de laadklep van de trailer en gingen we op weg naar onze nieuwe stek.

23 kilometer verder stapten ze, nog steeds op hun gemak, de trailer weer uit. Beide hebben hier in het verleden een aantal jaar gestaan, maar dan aan de overkant van de weg. Het terrein was daarom niet geheel onbekend. Ook de paardjes uit hun nieuwe kudde met bijbehorende eigenaren, die ze al stonden op te wachten, maakten een bekende indruk. Een voor een werd er kennis gemaakt met de nieuwe groep. De Poownie’s hadden meer oog voor het gras en vonden het allemaal prima. Behalve toen één van de groep iets te dicht bij zijn vriendinnetje kwam. Plots werd Poownie 5 cm groter. Zijn nek een heel stuk gespierder en gehinnik en gestamp van zijn voorbeen volgden. Hij leek wel een hengst met zijn gedrag.

Nadat de eerste nieuwigheid er af was ging de groep, gescheiden, terug de wei in. Ze kregen een eigen stukje. Maar wel met de mogelijkheid de bestaande kudde te zien en zo nodig te neuzen met elkaar. Zo kon de kennismaking door middel van lichaamstaal voortgezet worden zonder dat wij bang hoefden te zijn dat er direct gejaagd, getrapt en gehapt zou worden naar elkaar. De eerste tien minuten werd er wat heen en weer gedrenteld, er volgden een kort stokje in galop en dat was alle actie voor die dag. De nieuwe kudde was leuk maar er was vooral aandacht voor het gras. Poownie waande zich al helemaal thuis en liet zich vallen om eens uitgebreid te gaan rollen. Dat was voor mij een teken dat hij zich voldoende op zijn gemak voelde.

De dagen die volgden verliepen gemoedelijker en relaxter dan ik gehoopt had. Iedere keer als ik langs reed stonden de paardjes iets dichter bij elkaar. Het is toch altijd spannend wanneer een nieuw paard bij de groep geïntroduceerd wordt. Laat staan wanneer er twee bij komen. Toen we eenmaal een week verder waren en naar een iets groter weiland verkasten met meer gras, mocht de groep bij elkaar. Een spannend moment. Zouden ze dan nu wel uit hun stekkerdoos gaan? Maar nee hoor, ook nu bleef het bij een rondje rennen en daarna allemaal met de neuzen in het gras.

Geregeld wordt er toenadering gezocht door deze of gene, maar dat wordt nog niet altijd geaccepteerd door de ander. Toch gaat als nog steeds redelijk subtiel. Het is heel mooi om te zien hoe lichaamstaal bij paarden werkt. Onze Poownies plakken inmiddels ook niet meer zo aan elkaar. Ze mengen zich steeds meer onder de rest. Het voelt als een cadeautje om Poownie weer zo dicht bij huis te hebben staan. De groep, de paarden, de stal. We hebben het echt (weer) getroffen!

 

Twee witte paarden

Nog even poseren op hun “oude” stek. Klaar voor vertrek, en daarna lekker de wei in.

 

 

***

Het spelletje is weer helemaal in…

Iedere ochtend is zoonlief druk in de weer tijdens een “Clash” met zijn matties. Het spelletje is weer helemaal in. Direct moest ik denken aan onderstaand blog. Toen werd ik nog gevraagd deel te nemen omdat ik goed was… Als ik nu vraag of ik mee mag doen word ik of keihard uitgelachen of boos aangekeken. Je matties en je “ma” gaan nu eenmaal niet samen haha.

Daarom laat ik het maar bij dit blog: “uit de oude doos”:

“Kijk, ik val aan met mijn draak en ik ben aan het winnen.” “Mooi hoor!” Roep ik quasi nonchalant tijdens het voorbijlopen. “Hier, kijk dan?! Je kijkt niet eens!” Roept zoonlief terwijl hij met gevaar voor eigen Ipad het ding nog iets hoger in de lucht houdt zodat ik er niet omheen kan. Ik zie een tekenfilmachtige setting waar verschillende poppetjes heen en weer rennen en draken luchtballonnen kapot maken, of iets wat daar voor door moet gaan. Op dat moment maakte ik de grootste Ipad-fout van mijn leven door te vragen wat ie nu precies aan het doen was. Ik kreeg niet direct antwoord. Maar op slinkse wijze werd mijn Ipad mij ontfutseld en voor ik het wist blonk het icoontje van Clash of Clans ook op mijn beeldscherm.

Nu, een maand of twee later, volg ik de tovenaars op de voet en stuur mijn barbaren en boogschutters aan. Van zoonlief heb ik nog een aantal varkensruiters gekregen, daarmee moest ik de slag wel kunnen winnen. Het doel: de digitale wereld veroveren met toverspreuken, draken, luchtballonnen en P.E.C.C.A’.S (what’s in a name…) en dat met onze eigen “clan”. Ja ja, want die heeft zoonlief aangemaakt toen hij besloot mij eveneens verslaafd te maken aan één of ander spelletje. Onze clan wordt niet alleen bemand met beginnende puistenkoppen. Ook een aantal ouders dragen hun digitale steentje bij…

Maar voor het zover was moest ik eerst een dorp hebben. Zonder dorp geen clan. Zonder Clan geen Clash. Met de vingervlugheid van zoonlief was dit in no-time opgezet, want ik begreep dat natuurlijk weer niet. Nu kon ik beginnen met het upgraden van alle onderdelen. Stadhuis, muren, verdedigingswerken, legerbasis maar ook de goudmijnen en de elixerpompen. Met deze laatste twee kun je troepen trainen en uiteindelijk je dorp upgraden.

Zoonlief kon ik natuurlijk niet steeds lastigvallen. Ik bedoel, zelfredzaamheid hebben wij hoog in het vaandel staan. Dus raadpleegde ik Youtube. Er ging een wereld voor mij open. Nu snap ik al die uren die hij youtubbend heeft doorgebracht. Indelingen van dorpen, aanvalstactieken en technieken en andere tips vond ik terug. Ik neusde net zolang tot ik een indeling vond die mij aansprak. Na een uur pielenmuizen en slepen met muurtjes en kanonnen was ik het zat. Ik had vierkante ogen en barstende koppijn. Zoonlief stond mij al even gade te slaan en kwam niet meer bij van het lachen. Hij besloot in te grijpen en binnen vijf minuten was mijn dorp aangepast.

De weekenden die volgden zaten zoonlief en ik gebroederlijk op de bank met onze Ipads. We vergeleken onze clanaanvallen, deelden troepen en verzonnen nieuwe aanvalstactieken. Vriendlief was er een beetje klaar mee en zei dat we er nu wel mee mochten ophouden. Hierop volgden een sneer van Zoonlief. “Ze is heel goed hoor pap!! Ze valt aan, verdedigt en wint. Ik heb haar nodig in mijn “clan”!” Er volgden nog wat verontwaardigde blikken van de één naar de ander. Ik hield wijselijk mijn mond en moest hard op mijn kiezen bijten om niet in een gigantische lachbui uit te barsten. “Sorry pap, deze slag heb je verloren. Ik speel nog even door. Ik hoorde namelijk zojuist dat ik hier goed in ben.” 😛

Werk aan de winkel…

Hij mocht zelf de locatie kiezen. Maar wat hij ook koos, hij zou niet onder zijn huiswerk uitkomen. Zuchtend en steunend kwam hij met de mededeling dat hij dan wel met ons mee zou gaan. Er was geen voetbalwedstrijd gepland en thuis zou hij mogelijk de verleiding van het gamen niet kunnen weerstaan. Ik vond het een slimme zet van hem. Even weg van alle prikkels en midden in de natuur met je neus in de digitale schoolboeken. Met de laatste schoolweken voor de boeg moet zoonlief er toch echt nog even flink voor knokken om die rare cijfers (geen idee hoe ze daar gekomen zijn?!) op zijn eindlijst een beetje bij te schaven. Wanneer hij direct zijn best zou hebben gedaan had hij de laatste dagen van zijn vakantie anders in kunnen vullen. Maar ach, verging het bij jou en mij niet ook altijd zo?! Hij is gelukkig al een aardig eind op de goede weg.

Terwijl wij in onze zomerse kloffie richting Merlin liepen, slofte zoonlief vol enthousiasme met zijn schoolspullen achter ons aan. De zon stond in een blauwe decor te shinen maar hij was gekleed in zwarte spijkerbroek met dito hoodie en zijn capuchon over zijn hoofd getrokken. Hij had blijkbaar geen last van de warmte. Ik kreeg alleen maar een “WAT?!” toen ik mijn wenkbrauw optrok en een blik wierp op zijn kleding. Pubers… Gelukkig had hij tussen al zijn spullen nog wel een korte broek gestopt want de temperatuur liep uiteindelijk snel op.

Nadat de koffie er in zat, de koekjes op waren en zoonlief zich gesetteld had om eerst nog even een paar minuten te gaan knorren, niks is lekkerder dan slapen op een schommelende boot, gingen de trossen los en voeren we uit. Op weg naar een plek waar we in de luwte konden liggen. Zoonlief en ik wisselden van plek op het voordek want er was werk aan de winkel. Geen SOG voor hem dit keer. Ik hoorde hem samen met zijn vader de 388 Engelse woordjes doornemen.

Het gebrabbel en de discussie over de zin en onzin van de niet uit te spreken Engelse woorden met hun nog vagere betekenissen, verdween langzaam naar de achtergrond. Het geklots van het water, het schommelen van de boot en het zonnetje zorgden er voor dat ik langzaam naar dromenland verdween. Op de planning stond nog het uitlezen van mijn boek. Maar ik kon mijzelf er niet toe zetten. Wat een zaligheid om zo je vrije tijd door te brengen.

Na de lunch vond er een overhoring plaats. Zoonlief wist 3/4 van de woordjes en dat betekende een welverdiende pauze. Het was tijd voor wat actie. Dus mocht hij zijn wakeboardspullen uit het ruim opsnorren. Mijn voet schoot spontaan in de kramp toen ik met mijn teen de temperatuur van het water voelde. 17 graden is verdraaid koud! Ik hield het wel bij foto’s maken! Met zijn wetsuit aan en het wakeboard aan zijn voeten sprong hij het water in. Dat viel toch nog even vies tegen. “Nee hoor, het is echt niet koud riep hij al klappertandend vanuit het water.” In de hoop mij nog te kunnen overtuigen.

Het moet gezegd, onze puber is dan niet altijd even enthousiast over onze (vaar)hobby. Maar hij springt wel gewoon in het steenkoude water om effe een rondje te boarden. Bikkel!! Nu zijn Engels nog…

 

wakeboarden op de Amer

 

 

 

***

Noodgedwongen II…

Lees hier deel I

Wanneer je geen voldoening meer haalt uit de dingen die je doet of er geestelijk en/of lichamelijk aan onderdoor gaat, is het beter om te stoppen. Ik weet als geen ander hoe dat voelt. Zeker wanneer de kans zich voordoet om iets nieuws te starten en het roer compleet om te gooien. Doe vooral de dingen die gelukkig maken en waar je weer energie van krijgt. Niet de dingen die energie vreten. Ondanks dat ik haar beslissing om te stoppen met de pensionstal helemaal begreep, had ik toch wel last van een groot stressmoment.

Het is vervelend maar we vinden heus wel iets. Komt allemaal goed. Hield ik mijzelf voor. De nuchterheid van mijn vriendin hielp gelukkig ook. Onze zoektocht naar een nieuwe stal startte diezelfde avond na het slecht-nieuws gesprek. Terug naar een stal met ophok-plicht wilden we niet. We stonden immers niet voor niks op deze stal waar de paarden iedere dag buiten staan. Het verplicht binnen staan in een stal waar de paarden hun kont niet kunnen keren maakt niet alleen hen maar ook ons verdrietig. De plaatsen die wel aan onze eis voldeden zijn, zeker in de Randstad, heel geliefd en dus reeds bezet. Overal zijn wachtlijsten. Met de vier weken die wij nog hadden was dit niet haalbaar.

Ik herinnerde mij een advertentie van een paar weken terug, waar twee stallen werden aangeboden. Ook nog eens volgens het concept dat wij zochten. Hoewel het inmiddels redelijk laat op de avond was stuurde ik toch een bericht. Een brutaal mens… En verdraait, ik kreeg direct antwoord. Het goede nieuws: er was plek! Het slechte nieuws: voor maar 1 paard. Dat betekende dat een van ons misschien geluk had. De ander moest op een wachtlijst. Ik kon wel janken toen ik las dat we net te laat waren. Toch maakten we een afspraak om te gaan kijken.

De staleigenaar en de paardjes bleken geen onbekenden van ons. We zijn namelijk, een paar jaar terug, overburen geweest. Inmiddels was de hele kudde verhuisd. We kregen een rondleiding op stal en uitleg over hun werkwijze. Het voldeed helemaal aan wat wij zochten. Maar ja, 1 plek vrij betekende 1 plek te weinig. De staleigenaresse snapte ons probleem helemaal en had zelf ook ooit voor zo’n soort dilemma gestaan. Ze had eerder die dag voor ons al besloten. We mochten samen over zodra het weideseizoen zou starten.

Ik heb wat gejankt die 24 uur. Maar de laatste keer was van opluchting en blijdschap. Hoewel wij binnen no-time voorzien waren van een nieuw thuis en ik mijn stressniveau naar acceptabele waardes voelde dalen, was het een vreemde gewaarwording. Ik wilde graag nog even genieten van de weken die we op onze oude stek zouden hebben. Maar iedere keer als ik op stal kwam, was er weer een paard weg. Een kast leeggeruimd. Een box schoongeveegd. De sfeer was helemaal weg. Ik vind het heel jammer dat de mooie en bijzondere periode die ik hier heb gehad, nu als een nachtkaarsje dooft. Het maakt het afscheid wel makkelijker, driekwart van de paarden is al weg.

En nu, na een paar weken, is het goed zo. Deze deur gaat dicht maar anderen gaan voor ons open. Nog even en dan ontmoeten we nieuwe mensen. Staan we in een nieuwe kudde en gaan we voor nieuwe avonturen!! En dat allemaal op nog geen 6 km van huis.

 

Paardenstal met bosstrook en volle maan

Dag Boske, ik ga je missen…

***

Noodgedwongen I…

Het is (eind maart en) al wat later op de avond als mijn telefoon gaat. Als ik zie dat het stal is schakelt mijn hartslag automatisch door naar de 6e versnelling. Er is iets met Poownie! Gaat er door mij heen. Terwijl ik hem nog geen uur eerder in blakende gezondheid heb achtergelaten. Met een iets te vrolijke stem neem ik het gesprek aan in de hoop het bericht enigszins te kunnen sturen. Na wat beleefdheden en de verzekering dat er echt niks met poownie aan de hand is zegt de staleigenaresse: “Laat ik maar direct met de deur in huis vallen! Per 1 mei trek ik de stekker eruit en stop ik met de pensionstalling!” SAY WHAT?!?!? “Stoppen? Stekker? Euh, hoe bedoel je!?” Is het enige onzinnige dat ik uit kan kramen.

Er volgden diverse redenen waarom ze tot deze keuze gekomen was. Haar stem klonk vlak alsof ze dit riedeltje al duizenden keren had doorgenomen. Zij heeft de tijd gehad om aan dit idee te wennen voor ze de knoop definitief door zou hakken. Voor mij was dit bericht zo plotseling en uit het niets. Alsof ik een klap in mijn gezicht kreeg. Dit was wel het laatste dat ik verwacht had te vernemen. Hoewel het echt niet makkelijk was om tot deze beslissing te komen, vertelde ze, had ze een keus gemaakt. Na 15 jaar iedere dag intensief voor al die paarden gezorgd te hebben was het tijd om het roer om te gooien. Ze was nu bezig met een rondje “slecht nieuws gesprekken”.

De avond begon zo heerlijk rustig. Na het beëindigen van het gesprek was er niks meer over van dit vredige gevoel. Mijn hart ging nog steeds als een razende te keer. Ik moest dit nieuws met iemand delen. Ik belde mijn stalgenoot om met haar van gedachte te wisselen. Die was al net zo verbaasd over dit plotselinge bericht. We besloten beide een zoektocht te beginnen naar een nieuwe stal. Want we waren het over één ding eens. Onze paardjes, die al jaren als twee dikke vrienden door het leven gaan, wilden we liever niet nog een keer scheiden.

Nadat ik ook dit gesprek beëindigd had landde het bericht pas echt. Even heb ik als een klein kind mijn ogen uit mijn kop gejankt. Hoewel ik voor hetere vuren heb gestaan is dit toch een dingetje waar ik totaal geen rekening mee heb gehouden. Poownie zou hier blijven staan tot zijn pensioen en verder. Ja, onze oude dag zouden we samen slijten. Hier, op dit plekje, wat ik inmiddels als mijn 2e huis ben gaan zien. In de 2.5 jaar tijd dat ik hier sta ben ik van die paar hectare grond en zijn bewoners gaan houden. Ik heb het er naar mijn zin en voel mij er thuis. Net als Poownie, die na jaren weer een onderdeel van een kudde is geworden. Over vier weken zou dit allemaal over zijn…

Voor ons was er werk aan de winkel. Vind maar eens een stal waar je direct met twee paarden terecht kunt. Waar je net zo geweldig staat als nu, onder dezelfde condities, voor ongeveer dezelfde prijs. Oh en een beetje in de buurt zou ook niet verkeerd zijn. We stonden, ongewild, voor een uitdaging …

 

Wordt vervolgt….

***

Op verkenning…

Terwijl Rotterdam langzaam volstroomde met hardlopers en toeschouwers voor de Rotterdam Marathon, besloten wij de rust op te zoeken. Met een graad of 20 was het namelijk prima weer om de Brabantse Biesbosch eens te gaan verkennen. In alle vroegte togen we al naar de haven. Daar moesten wat touwen op lengte gemaakt worden. Er lag her en der nog wat rommel dat een vaste plaats toegewezen moest krijgen en ook de koelkast moest bijgevuld worden. Nadat al deze klusjes gedaan waren en de koffie er in zat, konden de trossen los.

Het vorige seizoen hebben we de Dordtse Biesbosch leren kennen. Daar wisten we al snel welke route wel en welke we niet konden varen. En niet geheel onbelangrijk, waar we voor anker konden om ongestoord te kunnen genieten van de rust en de natuur. De Brabantse Biesbosch is voor ons onbekend terrein. Gelukkig lag er nog een kaart van dit gebied aan boord met daarop de dieptes van het water. Deze bleek vandaag goed van pas te komen. Het water kan nog zo breed zijn, dat wil niet zeggen dat het ook diep genoeg is om er doorheen te varen. Her en der liggen zandbanken die niet altijd goed zichtbaar zijn. Zo is het water nog 5 meter diep en dan opeens heb je maar 10 cm speling onder je boot. Vastlopen is wel het laatste waar je op je eerste ontdekkingstocht op zit te wachten.

Aan de hemel staat een waterig zonnetje en het uitzicht is wat heiig. Ergens aan de horizon zie ik twee boten voorbij komen maar verder is het zo goed als stil. Het water is spiegelglad. Het is dat het water nog te koud is maar anders zouden dit prima wakeboard omstandigheden zijn. Om nu alvast een idee op te doen waar we van de zomer kunnen vertoeven, stippelen we een route uit met strandjes, haventjes en aanlegplekken. Al varende komen we op heel leuke plekjes. Zeker wanneer we één van de kleinere aftakkingen in varen. Het is een kronkelige route die uiteindelijk weer op het brede water uitkomt. Het gebied doet nog een beetje kaal aan. Maar over enkele weken staat alles weer in bloei en dan is het prachtig om hier doorheen te varen.

Na een uurtje wint de zon steeds meer terrein. En met de zon komen daar ook steeds meer water recreanten. In de zomer zal het hier wel erg druk zijn. Gelukkig is het een groot gebied. Voor onze neus vaart er een boot van één van de aanlegsteigers, die hier en daar te vinden zijn, weg. Dat is nog eens geluk hebben. Op het moment dat de zon echt doorbreekt liggen wij op een goede plek, midden in het water, midden in de natuur. Vriendlief neemt na een half uur zonnen de buitenkant van de boot onderhanden. Zelf begin ik vast aan een blog. Want een betere inspiratie dan aan boord vind ik niet!

Vanuit de “voortent” van onze drijvende caravan zie ik van alles gebeuren. Kinderen en honden rennen op het strandje voorbij. Twee mensen duiken het water in, dat niet warmer is dan 10 graden. Ze zijn er ook heel snel weer uit. Motorbootjes, zeilbootjes, grote jachten, het komt hier allemaal voorbij en iedereen zwaait naar elkaar. Het is echt heel leuk toeven hier. Ja, ik denk dat wij onze draai wel kunnen vinden op het Brabantse water!

Logboek van een kapitein met uitzicht op het water

 

***