Pure horror…

Sinds enkele jaren gaat Groene Draak mee naar buiten. Amazone Papegaai portret van Groene DraakWant buitenlucht is goed! Sterker nog, door het gevoelige luchtweg-systeem van een vogel is het van levensbelang om voldoende frisse lucht te kunnen inademen. Maar laten we vooral het sociale aspect niet vergeten. Het is heel gezellig en goed, zeker voor Groene Draak, om betrokken te worden bij de dagelijkse bezigheden van het gezin. Een gesocialiseerde vogel is immers een fijne vogel! Dus wandel ik geregeld met mijn gevleugelde vriend een blokje om. In het begin zat hij in een rugzak, dat voelde veiliger. De nieuwe indrukken kwamen niet te direct binnen. Sinds vorig jaar zit hij op mijn arm. Hoewel groene draak een toneelspeler pur sang is, (ikwilnietikwilniet, ikgadooooood, AAAAAAH) vind hij aandacht fantastisch. Hilariteit ten top wanneer hij andere wandelaars gedag zegt of zich gaat bemoeien met een gesprek.

Nu het vaarseizoen voor ons eindelijk is aangebroken zijn we vaak een hele dag van huis. Wat zou het leuk zijn om Draak mee te nemen. Zo is hij ook buiten en zit hij niet in zijn kooi(tje) te verpieteren tot wij terug zijn van een plezierige dag. Mijn maag draait echter om bij de gedachte aan al dat verschrikkelijks dat kan gebeuren wanneer hij los op de boot zit. En om hem nu heel de dag op te sluiten in zijn reis-tas… Daar worden we niet vrolijk van. Ik besloot onderzoek te doen naar het vogeltuigje. Een harnas waarbij de vogel toch “vrij” kan bewegen maar “veilig” vast zit. Eigenlijk niet iets waar we alle twee op zitten te wachten. Alleen al het aan- en uitdoen is een dingetje. Ondanks zijn vaak theatrale gedrag weet ik wat hij nog meer kan. Zijn ogen spuwen vuur en zijn snavel doet de rest! Het plezier dat we beide zullen gaan hebben doet uiteindelijk de weegschaal, naar (het trainen met) een tuigje, doorslaan naar de positieve kant.

Een goede voorbereiding is het halve werk. Draak heeft nogal een grote persoonlijke ruimte. Deze zomaar benaderen is pure horror. Overigens ook voor de persoon die het probeert! Wilde ik überhaupt kans van slagen hebben zou ik Draak rustig moeten voorbereiden op een “harnas” om zijn lichaam. Die ik zonder het verliezen van mijn vingers aan en af mag doen. Een leuke uitdaging. Ik vond op internet bruikbare tips. Een voorbeeld: tel tot drie terwijl je de vogel aanraakt. Bij drie laat je los en daarna flink belonen. Zo leert hij dat de “horror” stopt na drie. Iets wat ik zelf nooit verzonnen zou hebben.

Met twee verschillende kleuren veters ging ik aan de slag. Ik maakte een grote lus en hield een nootje aan de andere kant. Hij had het al snel door: Steek je knar door de lus, pak het nootje en neem applaus in ontvangst. Geheel in zijn straatje, deze training. Ik maakte de lus iets kleiner en hield er weer een nootje voor. Hij begon er de lol van in te zien. We trainden dit een aantal keer per week zomaar een minuut of drie. Inmiddels mag ik zelfs spelenderwijs touwtjes om zijn lichaam en pootjes draperen zonder dat hij in paniek raakt of de horror toeslaat. Ik heb zelfs alle 10 mijn vingers nog! Het officiële vogeltuigje is nog niet aangeschaft maar dat zal niet lang meer duren. Met geduld, applaus en vooral veel nootjes zijn we al een heel eind gekomen.

Wordt vervolgt…

P.S: Voor de Instagram liefhebbers, Groene Draak heeft sinds vorig jaar een eigen Instagram account. 

Een beetje van mijzelf en een beetje van Groom…

Ik ben zo druk bezig dat ik niet in de gaten heb dat mijn stalgenoot voor mij staat. Mijn hart slaat van schrik een keer over wanneer ze hoi zegt en vraagt wat ik aan het doen ben. Wanneer ik ondersteboven onder poownies buik door kijk begrijp ik dat ze het tegen mij heeft. Onder de witte haren en helemaal bezweet besluit ik even pauze te houden. “Ik ben poownie van zijn wintervacht aan het ontdoen.” Het is een flinke klus want Poownie had dit jaar een “extra gevoerde jas” aan. Deze winter ging hij als een (ijs)beertje door het leven. Gewapend met ros, zweetmes en borstel loop ik even naar buiten om frisse lucht te happen. “Misschien heb ik iets voor je wat het poetsen makkelijker maakt!” Zegt ze. “Het is een houten blokje dat niet alleen goed helpt bij het verharen maar ook het vuil en zand meeneemt.”

Groom, borstel voor paarden en honden in de rui.Een dag later tref ik het cadeautje(**) in Poownie zijn poets-kist aan. Hoe kan een blokje van hout mij nu helpen met het uitdunnen van poownie zijn wintervacht? Vraag ik mij nog af. Wat ze er niet bij had gezegd was dat het blokje voorzien was van een ijzeren kartelrand. Even sta ik bedenkelijk met het ding in mijn handen. De kartelrand lijkt nog het meest op een figuurzaagje. Zo één waar je vroeger tijdens handvaardigheid je knutselwerkjes mee stond te vernaggelen. (of de tafel waar je werkje op vast geschroefd stond.) Het blokje weegt niks en ligt in ieder geval fijner in mijn handen dan het zweetmes en de ros. Ik heb er in eerste instantie zo mijn bedenkingen bij. Poownie is nogal gevoelig op zijn huid en vind al dat getut niet fijn. Laat staan wanneer ik de Ninja Groom, want zo heet het blokje officieel, op hem los laat. Ninja krijgt daarmee overigens een heel andere betekenis.

Ik wilde weten of dit stuk hout waar zou maken wat er over hem beweerd wordt. Paard rollen in de zandbak.Dus liet ik Poownie eerst wat voorwerk doen. Ik stuurde hem zonder deken de paddock in. Daar was hij al een aantal dagen niet geweest. Blijer kon ik hem niet maken. Zonder kieskeurig te zijn plofte hij neer in het zand en begon met rollen. Linksom, rechtsom en nog een keer. Zichzelf vies maken is voor hem één groot feest. Nu maar hopen dat deze borstel niet alleen de haren maar ook al het zand weg zou poetsen. Anders had ik nog een flinke klus te klaren.

Ik begon wat sceptisch. Door de scherpe kartels durfde ik ook niet veel kracht tePaard poetsen met Ninja Groom. Sneller schoon. zetten. Maar bang zijn dat ik hem pijn zou doen was niet nodig. Met één haal kreeg ik meer haar en zand van zijn rug dan ik met de ros had los gekregen. Na een half uur vegen, want poetsen zou ik het niet willen noemen, was Poownie zo goed als wit en stond ik in een halve meter wintervacht. De dagen daarop haalde ik iedere dag dit blok over zijn vacht. Hij werd niet alleen veel schoner, maar ook super zacht en dat alles zonder narrig te worden. Ook halveerde ik hiermee het “ontharingsproces” aanzienlijk en dat zonder kramp in mijn handen. Wat een houten blokje al niet kan doen?! Poownie is inmiddels door zijn wintervacht heen en kan nu zijn energie voor andere dingen gebruiken. De Groom is schoongemaakt en ligt keurig opgeborgen in de kast, klaar voor volgend jaar!!

**Inmiddels verschillende reacties ontvangen waar deze “borstel” te verkrijgen is. Ik heb hem via GD paardenbenodigdheden waar je ook terecht kunt voor het wassen van je paardendekens!!

Kleine Krijger K.O. …

Het grootste gevecht van dit jaar had niks met Rico V. te maken. Het vond ook niet plaats in de boksring. Maar gewoon bij ons in de brandpoort. “Jezus, wat is dat?” Hoor ik vriendlief zeggen. Terwijl hij dat zegt stuiven we naar de tuin. Plukken haar vliegen in het rond. Gegil, gejank en geblaas volgen elkaar in rap tempo op. Aan de andere kant van het hek staan drie katten die elkaar om de beurt in de haren vliegen. Kleine Krijger is er één van.

Ik sla met mijn hand op de schutting in de hoop de oproerkraaiers weg te jagen. Ze weten dat ik daar sta maar hebben alleen oog voor elkaar. Wanneer ik terug loop om de sleutel van de poort te halen wordt Kleine Krijger door één van de twee nog een keer aangevallen. Uit angst springt hij in het hek van de buren. Wanneer ik de poort open heb vliegen de andere twee ieder een kant op. Kleine Krijger springt naar beneden en dan gaat het mis. Hij blijft met zijn pootje in het kippengaas hangen. Verdraait tijdens de landing zijn lichaam en komt vervolgens heel ongelukkig op de grond terecht.

Jankend en strompelend loopt hij door de tuin. En dat komt niet alleen omdat zijn ego een deuk heeft opgelopen. Hij heeft pijn. Eenmaal binnen laat hij zich keer op keer vallen. Zijn gejank gaat door merg en been. Wanneer hij eindelijk even stil ligt onderwerp ik hem aan een onderzoek. Zijn pootje lijkt niet gebroken. Daar kan en mag ik alles mee. Zijn schouder is waar ik mij zorgen over maak. Gelukkig kunnen we direct bij de dierenarts terecht.

Het lijkt erop dat zijn pootje flink verdraait of uit de kom is. Wanneer ze hem op een bepaalde manier beweegt schiet er hier en daar iets terug. De opluchting is van Kleine Krijger af te lezen. Ze laat hem nog wat oefeningen doen maar het lijkt er op dat dit het was. Het heeft hem zoveel energie gekost dat hij zich op de behandeltafel oprolt en in slaap valt. De arts geeft nog wat pijnstillers en we krijgen een dosis mee voor thuis.

Hij wordt thuis flink vertroeteld en overal liggen extra kussentjes en dekentjes. Zelfs de warmtelamp komt er aan te pas. Kleine Krijger laat het allemaal over zich heen komen. Aan zijn hele houding is te zien dat hij nog steeds pijn heeft. Pas na de derde dag is hij weer een beetje zichzelf. Hij loopt nog wel erg stijf. De arts had dit al voorspeld. Ook dat het wat dik zou worden. Dat werd het ook. Echter was dit zijn andere pootje, dat ze ook had onderzocht en waar in eerste instantie niks mee aan de hand leek te zijn.

De abces die zich onderhuids was gaan ontwikkelen kwam waarschijnlijk door toedoen van het vechten, waarbij de nagels van de tegenstander zich diep in zijn huid hadden geboord. Net op het moment dat wij met vakantie gingen kwam dit de kop op steken. Zuslief bood aan om met hem naar de dierenarts te gaan en daarna werd hij door de oppas flink vertroeteld. Kleine Krijger loopt inmiddels niet meer kreupel maar heeft wel een gat in zijn andere schouder. De ontsteking is er uit, de rest moet op een natuurlijke manier genezen. In de tussentijd kruipt hij heel graag op schoot voor wat extra knuffels die ik met liefde geef 💕…

Zo, schooooon….

Die van ons doet alles net even iets anders dan de doorsnee groene draak. In plaats van vuur spuwen is hij bezig met herrie maken, spullen slopen en complete dozen versnipperen. En op zo’n manier dat er niks anders meer over is dan confetti. Slopen behoort tot één van zijn dagelijkse bezigheden. Hij heeft slopen zelfs verheven tot een ware kunst. Geef hem een dichte doos en hij is uren zoet. Via een vakkundig geknaagd gat werkt hij zich naar binnen om de rest onder snavel te nemen. En dat alles volgens oud ambachtelijke werkwijze! Heb niet het lef om die doos eerder weg te halen. Dat mag pas wanneer alle zijkanten “opgevroten” zijn. Woest wordt hij wanneer je alvast de snippers bij elkaar veegt terwijl zijn werk nog niet voltooit is. Voor mijn eigen veiligheid doe ik dit pas wanneer hij slaapt. Hij vind het fantastisch om als een hond door zijn eigen confetti te stampen en te graven. Met als gevolg dat ik de hele woonkamer door mag met mijn veger en blik. Hij heeft gewoon graag eer van zijn werk. Laten we het daar maar op houden.

Zo’n “werkdag” moet je niet onderschatten. Niet alleen de doos is gesloopt, maar hij zelf ook. Moe maar voldaan zit hij ’s avonds op zijn stok te knarsensnavelen. Maar eerst volgt er steevast een poetsbeurt. Ieder veertje wordt met minutieuze precisie vastgepakt, schoongemaakt en weer teruggelegd. Als je weet hoeveel veertjes hij heeft, dan is ook dat een ware kunst. Geregeld dompelt hij zich onder in zijn waterbak. Meestal wanneer ik net alles heb schoongemaakt. Daar past hij natuurlijk helemaal niet in. Het ziet er wel altijd erg grappig uit. Of ik nu sta te lachen of niet, hij vindt het heerlijk. Terwijl ik hem ook altijd onder de douche zet. En hier wijkt hij een beetje af van de gemiddelde groene draak…

Waar menig vogel spastisch met zijn vleugels aan het fladderen is of door het dolle gaat wanneer er een spetter water zijn kant op komt, kruipt Draak liever in zijn schulp. Ik negeer zijn ik-wil-niet-gepiep. Hij gaat gewoon in bad. Amazone’s zijn namelijk hele grote toneelspelers. Wanneer je dit niet weet trap je er met open ogen in! Soms vergeet hij zijn toneelstukje op te voeren (ikwilnietikwilnietikwilniet) en gaat hij helemaal op in het badderen. Dan slaat hij zijn vleugels uit en loopt onder de waterstralen door. Ter afleiding heb ik hem wel leren zingen. Ik vraag mij wel eens af of de buren hier ook zo blij mee zijn… Hij is in ieder geval even bezig. Meestal is in bad gaan niet echt zijn ding. Nog voor ik de douche heb aangezet roept hij geregeld: Zoooo, schooooon. Of te wel: klaar, we kunnen weer naar beneden. Daar trappen wij niet (meer) in. Wat hij dan wel weer erg leuk vind is het uitschudden van zijn nat geworden verenpak. Natuurlijk wel op zo’n manier dat ik daarna ook onder de douche kan.

Foto Hamar maakt foto van doucende papegaai, die spetters maakt

Op cursus…

“Kijk nu toch?! Is dat geen leuk vriendje voor Draak?” Roep ik enthousiast terwijl ik mijn telefoon met daarop een foto van facebook onder vriendlief zijn neus duw. Vriendlief weigert naar de foto te kijken en trekt alleen zijn wenkbrauwen op. “Nee!! Er komt geen tweede in huis! Wat als deze ook op jou gaat lijken? Zit ik met drie Deborah’s in huis!” Ik kijk met een pruillip naar de foto en zie een tweede groene draak met een lieve kop die een nieuw huisje zoekt. Later dat weekend doe ik nog een poging. Ik laat nogmaals de foto zien. Vriendlief begrijpt dat ik mijn zoektocht niet zomaar opgeef. Wanneer we samen de voor- en nadelen bespreken en er nog een nachtje of wat over geslapen hebben besluit hij ook in te stemmen.

Diezelfde avond stuurde ik een berichtje naar Stichting Vrolijke Papegaai. De stichting houdt zich oa bezig met het heropvoeden en herplaatsen van papegaaien die om wat voor reden dan ook zijn afgestaan aan de stichting. Binnen een paar uur kreeg ik al een antwoord. Om in aanmerking te komen voor deze vogel moest er eerst een cursus bij hen gevolgd worden. Niet alleen om kennis met elkaar en de vogel te maken. Maar ook voor het overbrengen van kennis en de visie van de stichting. Om vragen te beantwoorden en om er zeker van te zijn dat je weet waar je voor kiest wanneer je een papegaai in huis neemt. Draak mocht ook mee naar de cursus. En voor beide heren zou het eveneens een leerzame dag kunnen zijn. Hoewel vriendlief er in eerste instantie nogal sceptisch tegenover stond besloot hij ook mee te gaan.

Begin mei was het zover. papegaai, cursus, groene draak, kennismakingDraak heeft in zijn leven nog niet veel andere vogels, op de huismus na, van zo dichtbij gezien. En nu zou hij een hele dag tussen soortgenootjes zitten. Zou hij aan het einde van de dag nog wel met mij mee naar huis willen? Rond een uurtje of 10 kwamen we aan en werden begroet door papegaaien in groot en klein formaat. Ze zaten verspreid over vier verschillende speelbomen. Draak mocht direct op de grootste boom en keek zijn ogen uit. Na kennis gemaakt te hebben begon de cursus. De vogels werden ondertussen verzorgd en voorzien van eten, drinken, fruit, een douche en een heel hoop bamboe om te knagen en slopen.

groene draak, amazone, papegaai, cursusTerwijl wij in de ruimte ernaast les kregen in het houden van een papegaai, kroop Draak uit zijn schulp. Hij miauwde er op los en liet iedereen weten dat ie moest “werken”. Riep ondertussen nog even naar ons en begon daarna met het opvoeren van zijn favo muziekstuk. De cursus was opgedeeld in theorie en praktijk. We kregen les in het benaderen van een gaai.  Er werd verteld over de opvoeding, gedrag en gedragsproblemen. Maar ook huisvesting, verrijking/foerageren en het leren en trainen kwam aan bod. De praktijkopdrachten waren ook erg leuk. Vriend- en zoonlief werden van hun angst afgeholpen en binnen vijf minuten liepen ze alle twee met een groene draak op de arm over het terrein. De vogels samen konden het ook redelijk vinden en zochten elkaar op de boom steeds op. Ik mocht met Draak aan de gang tijdens de “handdoek” sessie om zijn vleugels en nageltjes te controleren (en daarbij dus niet gebeten te worden). Tussendoor kregen we ook nog een lekkere lunch aangeboden.

Voor iedereen was dit een leerzame en leuke dag met een gezellige groep mensen en vogels. Moe en voldaan gingen we rond 18.00 uur naar huis. Draak had ook veel indrukken opgedaan, wilde gelukkig nog met mij mee terug en sliep al voor hij op zijn stok zat. Nu we de kennismaking achter de rug hadden kon de bedenktijd voor ons en voor de stichting beginnen…

Wordt vervolgt…

#instaparrot…

Hij gaat al een aardige tijd rond op internet. De Instagramtag. Sinds enige tijd heb ik ook instagram. Leek mij leuk om mijn bezigheden met de wereld te delen. Aangezien ik meer volgers (en likers per foto) heb dan “vrouwtje” heeft ze deze tag aan mij overgedragen. Overigens, voor de vaste lezers, jullie kennen mij waarschijnlijk onder de naam: “kleine groene draak.” Volgens haar past deze naam prima bij mij. Ik snap het alleen niet. Ik spuug toch geen vuur? Ik ben juist het (ama)zonnestraaltje in huis 🙂

Wat is je allerlaatst geplaatste foto op Instagram?
Een throwbackfriday. Ik verlang naar een douche buiten in de tuin en daarna opdrogen in de zon. Wanneer het zomer is staat de deur bijna altijd open en ik hoor dan de vogels en de kinderen buiten. Die doe ik uiteraard graag na.

Wat is de allereerste foto die je plaatste op Instagram?
Ben niet heel erg blij met deze foto. Ik was nog niet zo thuis in het maken van selfies, Ik sta er dus een beetje verschrikt op. De foto leverde mij toch 43 likes op. Niet verkeerd, al zeg ik het zelf.

Wat is je allerleukste foto op Instagram waar je zelf op staat?
Is dit een strikvraag? Mijn hele account staat vol met foto’s van mijzelf. Onderstaande foto vind ik wel  grappig.

Van welke Instagramfoto krijg jij ter plekke heimwee?
Ik mocht een middag mee naar het werk. Dat vond ik echt geweldig. Eindelijk eens echt werken. Telefoons opnemen, dossiers doornemen, koffie drinken. Ja, daar zou ik heel graag nog eens naar terug willen.

Wat is het állerlekkerste gerecht dat je op Instagram hebt gezet?
Druifjes en banaan zijn mijn all time favorite snack. Maar mais vind ik ook erg lekker.

Welke foto kreeg de meeste likes?
Of ik even wilde komen voor een foto terwijl ik druk bezig was met de verbouwing. Zoals jullie zien reageerde ik een beetje geïrriteerd. Maar… Wel de meeste likes tot nu toe!

Wat is de allerleukste foto die je maakte van een (huis)dier?
Euh, volgens jullie normen ben ik het huisdier. Laat ik dan een foto kiezen waar ik samen met een ander huisdier opsta. Kleine Krijger en ik. Kijk die blik!!

Welke fotobewerkingsapps (of Instagramfilter) gebruikte jij het meest?
Net wat uitkomt. Ik gebruik geen vast filter.

Wat is jouw meest gebruikte hashtag op Instagram (top 3)?
Dat zijn er meerdere. Ik moet toch een beetje bekendheid zien te verwerven tussen al die andere leuke gevederde vrienden over de hele wereld. Je vindt mij in ieder geval terug onder: papegaai, prettybird,  parrots_life & greenbird.

Dit is alweer het einde van de tag.
Voel je vrij om mij te volgen op Instagram. Zelf volg ik over het algemeen alleen gevederde vrienden 🙂

Uit de oude doos: Het zijn net kinderen…

“Van de week zat ik te grasduinen op mijn eigen blog en kwam verhaaltjes tegen die ik alweer helemaal vergeten was. Om sommige verhaaltjes heb ik zelfs moeten lachen. Tijdens het lezen herinnerde ik mij weer hoe het één en ander er aan toe ging en hoe ik vervolgens onderstaand blogje geschreven heb. Dit weekend een blog uit de oude doos.”

Miauw, miauw.
Miauw, miauw.
Miauw, miauw….

Met een zucht gooi ik mijn boek neer op de bank. Oké, nu ben ik het zat. De kat miauwt, de vogel reageert hierop door hem na te doen. De kat gaat nog zieliger miauwen en de vogel doet hem nog dramatischer na. Dit gaat al heel de middag zo door. Ik kijk naar de kat, die op zijn beurt weer geërgerd naar de vogel kijkt. En de vogel? Die houdt nu wijselijk zijn snavel.

Jij, je kooi in. Wijs ik naar de groene Draak. En jij, naar buiten. Wijs ik naar kleine Krijger. “Jaaa, pasterop hoor!” roept Draak nog even snel voor ie in de kooi achter één van zijn speeltjes verdwijnt. Altijd het laatste woord willen hebben, van wie zou hij dat nu hebben geleerd?

Soms zijn het net twee kleine kinderen. De vogel is jaloers op de kat. De kat is jaloers op de vogel. Tot op heden heeft hij het lef nog niet gehad om de vogel een keer van repliek te dienen. De vogel daarentegen heeft er totaal geen moeite mee om de kat te benaderen en zijn snavel te testen op zijn tijgervelletje. Ik kan ze daarom nooit alleen laten. De kat is zijn leven niet zeker.

Nu Draak weer in zijn kooi zit en Krijger buiten aan het spelen is, kan ik mij weer concentreren op mijn boek. We gaan richting het einde en dat betekent ook de ontknoping van het één en ander. Ik zit nog niet koud twee minuten in mijn luie stoel of het gedonder begint weer. Krijger is gespot door een buur-kat en ze rennen nu als een malle door de tuin, over de schutting, door de brandpoort en weer terug. Natuurlijk is het feest pas compleet als Draak zich er mee gaat bemoeien en roept “JAAAAAA en JOEHOEEEEEE” gevolgd door wat oerwoudkreten in het kwadraat. Waar is de harmonie op deze zonnige dagen gebleven?

FOEI galmt het door de tuin waardoor de katten alle twee wegstuiven. Voor Draak is de lol er af en hij scharrelt wat over de bodem van zijn kooi. Totdat er buiten een kindje met zijn fietsje valt en het op een krijsen zet. Een mooie gelegenheid voor hem om te laten horen wat hij van de buurkinderen geleerd heeft. Het kindje is door zijn vader alweer gesust maar ik zit de komende tien minuten met een jankende papegaai opgescheept.

Ik stop twee onzichtbare proppen in mijn oren. Pak mijn boek en lees het hoofdstuk uit. Draak is inmiddels op dreef. Hij brengt nu, ongevraagd, zijn complete repertoire ten gehore. Van de eerste twee letters van het alfabet (AB-AB-AB-AB) “werken”, “Pino weer schooooooon” tot aan “slaaplekker” “Doei, tot strakjes” aan toe. Ik laat hem gaan, schenk er geen aandacht aan. Na een paar minuten brabbelt hij nog wat in zijn eigen taaltje en daarna is het weer stil. Het heeft moeite gekost maar negeren werkt.

Krijger sluipt het huis in en laat door een voorzichtige miauw weten dat ie er weer is. Dit wordt opgemerkt door Draak en jawel, daar gaan we weer…

… Miauw, miauw.
Miauw, miauw.
Miauw, miauw…

Langer negeren kan ik niet. Ik ren naar de kast met snoepjes en voer. Voorzie Draak van een handje vol nootjes en zaden en geef Krijger een extra zakje van zijn favoriete voer. Niet geheel pedagogisch verantwoord maar het werkt wel. Want met een volle bek of snavel miauwen of praten kunnen ze namelijk niet. Heerlijk die rust!

De verhuizing…

Een paar jaar terug had de “nieuwe” gefuseerde gemeenten aan de boer duidelijk gemaakt dat zijn hobby niet in het beleidsplan paste. Dat zijn hobby tevens zijn inkomen was en dat dit al meer dan 20 jaar geaccepteerd werd door de “oude” gemeente daar hadden ze geen boodschap aan. Dus moesten twee van onze paardenvriendjes opzoek naar een ander onderkomen. Want precies die twee paardenstallen zouden een doorn in het oog zijn in ons buitengebied. Aldus de gemeente.

Poownie bleef samen met zijn buurvrouw over. Ooit maakte hij deel uit van een kudde die bestond uit een paard of 16. Dat werd in verband met een verhuizing voor zijn gezondheid (van een binnenstal naar loopstal met paddock) teruggebracht naar vier. Hier kon hij, als kuddedier, prima mee leven. Maar een kudde van twee, zijn er twee te weinig…

Ik zag poownie steeds ongelukkig worden. Het weiland was met twee paarden kaal. De paddock was met twee paarden kaal. En tussen hem en zijn buurvrouw was niet bepaald een klik dus stonden ze ook vaak nog eens ieder op hun eigen stukje. Hij verveelde zich te pletter. Hier moest ik echt iets mee. Dus ging ik op zoek naar een nieuw onderkomen. Dat bleek nog niet zo makkelijk. In mijn directe omgeving zijn heel veel paardenstallen. Maar bijna geen enkele stal bied de mogelijkheid die wij nu hebben. Ik wilde niet terug naar een te kleine stal, in een loods en zonder paddock waar hij 22 uur per dag zou worden “opgehokt”. Na 21 jaar heeft Poownie zijn vrijheid verdient.

Ik trok de stoute schoenen aan en mailde één van mijn oude stalgenootjes. Eerder was ze met haar paard verhuisd naar een stal net over de grens in Brabant. Daar staan de paarden in diverse koppeltjes bij elkaar. Zomers in het weiland, ‘s winters in de paddock en er is altijd wel een vriendje om mee te spelen. Diezelfde week reed ik met haar mee naar stal om te kijken of het wat voor hem zou zijn. Ik was direct verkocht. Ook Poownie zou het hier fantastisch vinden. Dus was de beslissing om te verhuizen snel gemaakt. Er was helaas geen plek meer vrij dus werden we op een wachtlijst gezet.

Een aantal maanden gingen voorbij. Toen kwam dan eindelijk het verlossende telefoontje. Poownie kon binnen een week al over! Er moest van alles geregeld gaan worden. Ik moest de boer en zijn vrouw het “slechte nieuws” gaan vertellen. Dat viel, na zeven jaar dagelijks over de vloer te zijn gekomen, niet mee. Toen begon het puinruimen op stal. Het sorteren van spullen wat mee moest of weg kon. En natuurlijk het regelen van vervoer.

Deze zaterdag, in alle vroegte, was het zover. De trailer reed voor en Poownie mocht mee. Op naar zijn nieuwe stal. Het weerzien met zijn vriendinnetje, die hij twee jaar niet had gezien, was op zich al een feestje. Na elkaar uitgebreid besnuffeld en begroet te hebben mochten ze samen het weiland in. Poownie was zo rustig en mak. Ik weet zeker dat, wanneer de eerste indrukken en geuren een plekje hebben gekregen, en hij de rest van de kudde heeft leren kennen, hij het er meer dan goed zal hebben…

paarden, verhuizen, weiland

Afscheid, verhuizing, het weerzien, de rondleiding van zijn vriendinnetje, en daarna samen grazen…

Kreupel … (deel 2)

Lees hier deel één…

Na de boodschap van de veearts ging ik een slapelozenacht tegemoet. De volgende dag was al niet veel beter. Ik was aanwezig op mijn werk maar er kwam niet veel nuttigs uit mijn handen. De collega’s waren gelukkig erg meelevend. Her en der mocht ik een schouder lenen om op uit te huilen. Einde van de dag ging ik met lood in mijn schoenen naar Poownie. Die stond heerlijk te grazen. Bij het zien van dat plaatje werd de brok in mijn keel alleen maar groter. Ik viste hem uit het land en begon aan zijn dagelijkse poetsbeurt. Ik moest uitgaan van het ergste maar dat wilde nog niet zeggen dat het direct afgelopen was. Dus, stoppen met kniezen en malen. Eerst het tweede onderzoek, dan de rest.

De veearts kwam en onderzocht hem zoals de dag ervoor. Dit keer maakte hij van zowel zijn linker- als rechterbeen foto’s. Vanuit alle hoeken werden zijn benen op de gevoelige plaat vastgelegd. Zo had hij vergelijkingsmateriaal. Poownie vond alles prima zolang hij zijn beloofde appel na afloop maar kreeg. Ik reed mee naar de kliniek om zelf de foto’s te kunnen bekijken. Overleggen aan de hand van beeldmateriaal en deze met eigen ogen zien, is een stuk fijner dan een diagnose aan te horen via de telefoon.

De arts liet mij diverse foto’s zien en vroeg mij of ik het ook zag. Het enige dat ik als leek zag, waren de zwart-wit foto’s van een been. Dat net zo goed een arm van een mens had kunnen zijn. De beste man had geduld met mij. Hij legde uit waar ik naar keek. Waar ik op moest letten en wat er verkeerd was aan de eerste serie foto’s. Hij legde mij tevens uit hoe hij tot een conclusie van een mogelijke tumor was gekomen. Ter verduidelijking werden nu de foto’s van zijn andere been er bij gehaald. Daar zagen we echter een soortgelijk beeld. Dat was in het voordeel van Poownie. Nu hij zijn been van meerdere hoeken op de foto had gezet kon de diagnose iet wat bijgesteld worden. Tevens liet hij mij aan de hand van botten en andere foto’s van paardenbenen zien hoe het been beschadigd was en hoe het nu wel zou moeten zitten. Hij moest zijn eerdere diagnose voorlopig (gelukkig) herzien, maar kon hem nog niet helemaal van de baan schuiven.

De voorlopige diagnose is nu een grote ontsteking/ irritatie in zijn voorbeen. Te vergelijken met een tennisarm bij mensen. We kregen medicatie mee en verplicht zes weken rust voorgeschreven. Na deze zes weken gaan we opnieuw foto’s maken van zijn been en kijken of er verschillen zijn waar te nemen. Mits hij niet slechter gaat lopen dan nu. Ik was zo blij met dit (voorlopige) nieuws, dat ik nog zeker een week nodig had om bij te komen.

Inmiddels hebben wij ruim anderhalve week rust achter de rug en ben ik twee keer per dag op stal om hem te voorzien van zijn medicijnen. Poownie heeft zich tot nu toe, afgezien van dit weekend waarop hij het nodig vond om het weiland rond te crossen, keurig gedragen. Rust doet hem goed. Als het daadwerkelijk een ontsteking is, dan hebben we een lange herstelperiode voor de boeg, waarin het twee stapjes vooruit zal zijn en één achteruit. Zelf moet ik geduld hebben (en dat is moeilijk!!) Poownie overstelp ik met aandacht, liefde en appeltjes, want liefde gaat bij hem voor een groot deel door de maag…

 ***
Wordt vervolgd…
***

Bedankt voor al jullie lieve en opbeurende berichtjes, hier, op FB, en per mail!!

Kreupel … (deel I)

Al een tijdje liep poownie te tobben. Dan weer wat last van zijn linkerbeen, dan weer van rechts. Hij liep af en toe zoals ik mij voel wanneer ik mijn bed uitkom (wanneer de wekker iets te vroeg gaat) en ik de dag ervoor iets te hard heb gesport. Een beetje stram dus… Na een stuk gestapt te hebben werden zijn bewegingen steeds wat soepeler. Maar het was hem toch niet helemaal. De hoefsmid kwam en ik vroeg hem eens goed naar zijn hoeven te kijken.

Hij onderzocht hem grondig en kwam al snel tot de conclusie dat de zool van zijn hoef gekneusd was. Waarschijnlijk door het lopen over het grind dat kortgeleden op de weg gestrooid was. In zijn andere hoef was een scheur ontstaan. Dat zou eveneens kunnen verklaren waarom hij op “eieren” liep. Gelukkig  kon hij nog het één en ander aan zijn hoeven sleutelen om het pijnlijke minder pijnlijk te maken. Poownie zou nog een weekje gevoelige hoeven hebben maar daarna zou het beter moeten gaan.

Hij kreeg een week rust en het leek beter te gaan. Maar de dagen na zijn verplichte vakantie werd het niet veel beter dan wat het was. Ik besloot korte stukjes te gaan wandelen om de doorbloeding te stimuleren. In de hoop het euvel wat sneller verholpen te hebben. Na een paar dagen liep hij niet meer zo stram. Hij was echter compleet kreupel. Hinkend kwam hij vanuit het weiland naar mij toe. Alsof het de normaalste zaak van de wereld was om op (bijna) drie benen te lopen. De veearts kwam. Hij zag het aan, sloeg wat met een speciale hamer op zijn hoef. En kneep met een tang op de plekken waar je mogelijk een hoefzweer zou verwachten. Poownie gaf geen kik. Met zijn hoef was niks mis. Toen hij zijn been in een positie boog die normaal geen reactie zou moeten geven gebeurde dat bij Poownie wel.

Aha, waarschijnlijk een verrekking in zijn onderbeen. We kregen medicatie mee en wederom een weekje rust. Gelukkig ging het al snel wat beter. Poownie stond weer op alle vier zijn benen. In stap was zelfs niks meer te zien. Alleen in draf liep hij nog niet zoals het zou moeten. We plakten er nog een weekje rust achteraan en hielden het qua inspanning bij wat grazen buiten het weiland. (Het gras bij de buren is volgens hem nu eenmaal groener).

De ene dag was er niks aan de hand. De volgende dag liep hij weer te hinken.  De pijn in zijn been leek maar niet over te gaan. Een nader onderzoek van de veearts volgde. Er werden röntgenfoto’s gemaakt. Om de juiste locatie te vinden werd zijn been, beetje voor beetje verdoofd. Na iedere verdoving moesten we een stukje draven. Wanneer hij uiteindelijk niet kreupel meer zou lopen hadden we de juiste plek gevonden.

‘s Avonds werd ik door de veearts gebeld om het eerste onderzoek te bespreken. Hij legde mij uit wat hij zag. “Donkere plekken op de foto…”  “Botoplossing…” “Mogelijk een tumor…” “Afgeschreven…” Het duizelde mij, ik kon niet helder meer denken. De arts ratelde nog wat door maar mijn gedachten waren al mijlen ver. Het zal toch niet… Wat bedoelde hij met afgeschreven? Al 18 jaar mijn maatje… Hoe kan dat nu?? Zou er na zoveel jaar vriendschap zo abrupt een einde aan komen? Niet weer afscheid nemen…

De arts gaf op mijn verzoek een samenvatting van het geheel, zodat ik echt begreep waar hij het over had. Hij wilde nog een reeks foto’s maken zodat er een betere conclusie getrokken kon worden. Mocht het nodig zijn zou er nog een scan volgen, evenals een bloedonderzoek en een biopt. Ik vroeg hem naar een mogelijk behandelplan als het echt een tumor mocht zijn. Zijn antwoord klonk hol: “Die is er niet.” Want een tumor op die plek, in zijn bot, is niet te genezen. We spraken af voor de volgende dag.

Ik moest mij voorbereiden op het ergste…

***
Wordt vervolgd

***