Warm blijven…

De temperatuur daalde steeds iets meer in november. Het eerste weekend kon ik nog foto’s maken  in mijn normale kleding. De week daarop moest ik mijn handschoenen al aan. En de afgelopen twee weken zat ik langs de lijn in mijn winterse kloffie. Als ik ergens een schurfthekel aan heb is het wel blauwbekken tijdens “werk”. Als fotograaf heb je vaak niet de mogelijkheid om even te schuilen voor de regen of uit de wind te gaan zitten. Want, alles voor die foto! Geregeld zit ik dus in de volle ijzige wind. Vang regen, sneeuw en laatst zelfs hagelstenen. Tegenwoordig ben ik in de winter op alles voorbereid. Op af en toe een nat pak na, zal ik het niet snel koud hebben. Overigens heeft mijn camera zijn eigen regen jas. Hij wel…

Pas sinds een jaar of twee/drie ga ik ook met slecht weer naar de voetbal. Dat is voor een mooiweer mens als mij soms even schakelen. Maar de fotografie heeft zo’n verslavende werking, dat ik daar graag de deur voor uit ga. Nu ik niet afhankelijk meer ben van zoonlief, maar (op dit moment) 4 elftallen heb om uit te kiezen, kan ik dus ieder weekend helemaal los. Er is altijd wel een team dat thuis moet spelen. Het leuke van de continuïteit is dat ik mijzelf steeds verbeter. Ik leer door te doen en door te doen leer ik. In de loop der jaren heb ik een eigen stijl ontwikkeld. Ik merk dat die ieder jaar een beetje bijgeschaafd wordt. Hoe graag ik ook langs de lijn zit, het weer heb ik niet voor het kiezen.

Terug naar de kleding dus. Laagjes kleding is isolerend en warmer. Maar te veel of te dikke lagen werkt niet. Je fototoestel bedienen met een flinke prop kleding aan de binnenkant van je elleboog werkt alleen maar irritant. Dat is met te dikke sokken of twee broeken aan het zelfde verhaal. De boel wordt alleen maar afgekneld. Kortom kleding moet comfortabel zitten en tegelijk nuttig zijn. Ik besloot mijn kledingkast eens grondig door te spitten. De kleding die voldoet aan “comfortabel en nuttig” is mijn wintersportkleding.

Wanneer het ijzig waait of de temperatuur net boven het vriespunt komt heb ik dus een skibroek en dito jas aan. Daaronder een heerlijk fleece vest en daaronder een laagje thermokleding. Mijn lichaam heeft het hierdoor niet heel snel koud. Mijn skisokken doen ook dienst wanneer ik niet op de berg te vinden ben. Maar dat was jammer genoeg nog te weinig. Wanneer je tenen zo koud zijn dat ze gevoelloos worden en pijn gaan doen kan dat de pret behoorlijk bederven. Een rondje rennen langs het veld om de boel weer doorbloed te krijgen is tijdens de wedstrijd niet handig. Dus kocht ik vorig jaar verwarmde zooltjes voor in mijn schoenen. Deze zitten aan een oplaadbare batterij die vastgemaakt wordt aan je schoen of broek. De hele wedstrijd zijn mijn voeten redelijk op temperatuur.

Dan blijven alleen mijn handen nog over. Dat wordt een stuk lastiger. Met te dikke handschoenen kan ik mijn camera niet meer bedienen. Maar zonder of met te dunne handschoenen blijven ze koud. Daar heb ik nog geen goede oplossing voor gevonden. Tot die tijd neem ik in de pauze gewoon een lekkere bak warme thee om de boel op te warmen en hoop ik dat de wedstrijd zo spannend is dat ik mijn koude vingers even vergeet.


Spelers FC Dordrecht in duel  om debat met spelers van Feyenoord

FC Dordrecht U15 in duel met Feyenoord sc U15.

Advertenties

Mijn eerste baantje…

Een jaar of 20 geleden werd het tijd om zelf voor wat zakgeld te zorgen. Tante F. wist dat ze bij haar op de zaak nog een vakantiekracht zochten. Ze hielp mee met de sollicitatiebrief, want internet was toen nog een schaarste (haha, ja jongens dat was toen alleen nog mogelijk met een inbelverbinding via de huistelefoon, als je geluk had!) Diezelfde week mocht ik al op gesprek. Waarbij het onderwerp salaris overigens niet eens ter sprake is gekomen. Ik kreeg een rondleiding en werd aangenomen. Vanaf dat moment was ik queen of de vaatwasser. Mijn aller eerste baantje in de keuken van een verpleegtehuis in Dordrecht.

De hele zomervakantie stond in het teken van werken. Ik wilde een goede indruk maken en vooral mijn tante niet teleurstellen. Dus deed ik mijn stinkende best. In rap tempo werd ik ingewerkt. Want een lopende band vaatwasser is niet zo makkelijk als men denkt. Daar kwam bij dat elke afdelingen zijn eigen kar met serviesgoed had. Alles was ook nog eens voorzien van een eigen kleur. Enige systematiek was dus vereist. Voor de lunch moesten de karren schoon en klaar staan om gevuld te worden met de maaltijden voor de bewoners. Na onze eigen lunch kwamen de karren ranziger dan anders weer terug. ’s Middags had ik als taak om naast alle karren, ook het keukengerei van de koks weer schoon te krijgen.

Ik zat iedere dag tot aan mijn oksels in de etensresten en had toch de tijd van mijn leven. De koks vonden het een beetje sneu dat ik alleen maar heen en weer aan het rennen was tussen vuil- en schoon serviesgoed. Dus werd ik ook ingedeeld om andere klusjes te doen. ’s Morgens het eten bereiden en ’s middags de mise-en-plas. Zelf vond ik dat allemaal iets minder. Een koksmes hanteren om 10 kg ui te versnipperen is niet mijn ding. Evenals het afwegen van voedingsmiddelen. Gaat altijd verkeerd! Het maken van toetjes en uitlepelen van de bakken slagroom was dan wel weer leuk. Ik leerde wat HACCP inhield en hoe ik correct en hygiënisch schoon moest maken. Ik leerde ook wat een terug-koeler was en dat de steamer echt heel heet is. *au*

Het beviel zo goed dat ik besloot te blijven. Vanaf dat moment werkte ik twee weekenden in de maand. Ik had het geluk dat ik in het tofste weekend, met de leukste collega’s, terecht kwam. Behalve mijn tante. Die zat helaas in een ander weekend. De radio stond vaak op standje kneiter hard. Soms zongen we zo hard mee dat ze van de kerk kwamen vragen of het misschien iets zachter kon. Wij kwamen boven het orgel uit.

Op warme zomerdagen zorgden de Technische Dienst voor de nodige hilariteit. Er stonden geregeld emmers water op het dak, om iedereen tijdens de koffiepauze (wanneer deze buiten gehouden werd) van een verfrissende douche te voorzien. Wie de dans ontsprong werd in de middag achterna gezeten met de brandslang. Met alle protocollen van tegenwoordig is dit nu ondenkbaar…

Na drie jaar afwashulp werd het tijd om op te stappen en opzoek te gaan naar een vaste job. Het afscheid viel mij zwaarder dan ik had verwacht. Ik heb nog heel vaak gedroomd over dit werk. Dan rende ik rond met serviesgoed en waren mijn karren weg. Die karren hebben nogal indruk gemaakt. Ik denk dat ik geen leukere eerste werkervaring op had kunnen doen dan daar.

Was jullie eerste baantje ook zo leuk als dat van mij?

Geschiedenis komt tot leven…

In de week dat mijn vader overleed, begon mijn tante verhalen over vroeger te vertellen. Het ophalen van herinneringen deed iedereen goed. Ik moest bij sommige verhalen heel hard lachen. Andere verhalen brachten mij tot tranen. Ik had ze nog nooit gehoord en heb ademloos naar haar geluisterd. Haar herinneringen waren zo gedetailleerd. Ze wist namen, plaatsen, datums en zelfs tijden op te noemen van gebeurtenissen uit lang vervlogen tijden.

Toen de uitvaart achter de rug was en wij weer in iets rustiger vaarwater beland waren kwamen mijn tante ik nog eens voorzichtig op deze mooie herinneren terug. We liepen namelijk met hetzelfde idee rond, maar wisten niet zo goed hoe we dit in het vat moesten gieten. Tot we er gewoon een middag voor zijn gaan zitten. Mijn tante begon te vertellen vanaf haar familiewapen Hamar aller eerste herinnering. De periode dat ze samen met haar ouders (mijn opa en oma) in Indonesië woonden. De geboorte van haar eerste broertje (mijn vader) en de reis naar Nederland. Ze vertelde ook over het leven in het pension en de geboortes van broers en zussen. Ik zoog alle verhalen op als een spons en werkte dit later uit tot een lopend verhaal. In de tussentijd kreeg ik van mijn oom een foto met daarop ons familiewapen. Die blijken wij namelijk ook te hebben.

Maar toen overleed mijn moeder. Hierdoor had ik niet veel energie meer voor dit project. Ik plaatste de uitwerking van ons idee tijdelijk in de kast. Daar bleef het tot mijn oom, de jongste broer van mijn tante, kort geleden kwam te overlijden. Alle herinneringen en heel veel meer, kwamen naar boven. Niet alleen bij mijn tante maar ook bij haar broers en zussen. Wederom hoorde ik verhalen die ik nog nooit had gehoord. Wat zou dat prachtig zijn om deze verhalen ook op te nemen in het “herinneringen boek” van mijn familie.

Mijn tante en ik besloten er weer voor te gaan zitten. Als oudste van het gezin heeft ze de periode rond de bevalling van al haar broertjes en zusjes meegemaakt. Dat staat inmiddels, naast de reis uit Indonesië naar Nederland, ook op papier. Nu zijn we bezig met het wel en wee van vroeger. Het werk van mijn opa en oma. Het huis en de indeling van de kamers. Want waar laat je negen kinderen? En hoe zat het met huisdieren? School? Vriendjes en vriendinnetjes? Gingen ze naar de kerk? Hoe organiseerde opa en oma dat in hemelsnaam?

Mijn tante toverde een oud fotoboek uit de kast. Voor het eerst zag ik daar mijn overgroot ouders. Samen poserend in misschien wel hun achtertuin. Die foto raakte mij. Ik stam van deze mensen af maar ik heb ze nooit gekend. Ik zag de jonge versie van mijn opa en oma, hun trouwfoto’s en feestjes met (onbekende) familieleden en vrienden. Babyfoto’s van mijn vader en schoolfoto’s van ooms en tantes.

We hebben nog wat avondjes te gaan voor alles goed en wel op papier staat. Ook wil ik nog heel graag wat gesprekken met andere ooms en tantes inplannen. Hoe kijken ze terug op hun jeugd en wat zijn hun vroegste herinneringen? En wat dacht je van het uitpluizen van de fotoalbums? Het is een project waar aardig wat tijd in gaat zitten, maar wat erg leuk is om te doen! De geschiedenis komt weer een beetje tot leven. Niet alleen voor mijn ooms en tantes maar zeker ook voor de tweede en derde generatie. Zelf voel ik een verbondenheid met mensen die ik niet gekend heb en loopt er een onzichtbaar draadje naar een land waar ik nog nooit geweest ben.

Foto Hamar, familie Hamar, opa en oma

De Liebster Award…

Hij gaat al enige tijd rond op het www. Het is een lijst van in totaal 11 vragen, verzonnen om het gezicht achter een (beginnend) blog beter te leren kennen. Afgelopen week ben ik genomineerd door: Desire, waarvoor dank!! De bedoeling is haar vragen te beantwoorden en daarna zelf 11 nieuwe vragen te verzinnen. Vervolgens een aantal andere bloggers taggen die op hun beurt het stokje overnemen.  Wees gerust, dat laatste stuk sla ik over. Ik ga geen nieuwe vragen verzinnen en ga ook niemand anders taggen 😉

  1. Als je een beroemdheid was, wie zou je dan willen zijn?
    Een beroemdheid zou ik niet willen zijn. Al die aandacht lijkt mij vreselijk. Alles wat je doet wordt nauwlettend in de gaten gehouden. Wel zou ik eens een dag met een van mijn huisdieren willen ruilen. Het lijkt mij heel bijzonder om te kunnen vliegen, te slapen bovenop de verwarming, of door het weiland te crossen.
  1. Welke muziek heb jij meestal aan als je een (b)logje aan het schrijven bent?
    Ik heb geen muziek aan als ik aan het bloggen ben. Meestal kan ik het niet laten om mee te zingen. Dat werkt niet voor mij.
  1. Kreeg je één minuut om te shoppen in de supermarkt, waar zou je het eerst naar toe rennen?
    Tja, ik denk dat ik deze beurt aan vriendlief overdraag. Hij doet meestal de boodschappen. Ik heb waarschijnlijk al een minuut nodig om het juiste gangpad te vinden. Als ik in die minuut tijd het gangpad gevonden zou hebben, dan zou ik mijn karretje volladen met koffie en wasmiddel.
  1. Koffie of thee?
    De laatste tijd ben ik meer van de koffie.
  1. Hoe zou het ideale huwelijksaanzoek eruitzien?
    Niet te formeel. Dus geen gezemel op één knie in een romantische setting. Nee, niks voor mij. Eenmaal gevraagd, dan samen een mooie reis boeken naar een ver exotisch oord om elkaar daar het ja-woord te geven.
  1. Wat is je favoriete dag van de week?
    Eigenlijk heb ik iedere dag wel wat leuks te doen. Ik heb ook geen probleem met de maandagochtend. Als ik dan toch zou moeten kiezen, dan voel ik mij het meest ongedwongen op vrijdagmiddag rond een uurtje of 16.00. Dan heb ik er vijf dagen werken opzitten en hoef ik even een paar uur helemaal “niks” te doen. Uiteraard staat het weekend voor de deur waarbij ik ’s morgens niet gewekt wordt door een wekker.
  1. Als er dit jaar één ding gebeurd is, dat héél speciaal voor je is, wat zou dat dan zijn?
    Een telefoonverbinding met de hemel… Ik zou zo graag weer eens willen praten met mijn vader en mijn moeder. Maar ook met mijn opa’s en mijn oma’s. Ik heb ze nog zoveel te vragen en inmiddels nog meer te vertellen. Hoewel ik weet dat ze over mijn schouder meekijken lijkt het mij heerlijk om al hun stemmen weer eens te horen.
  1. Favoriete film?
    Er zijn meerdere films die ik goed vind en daar zit niet zozeer een favoriete film tussen. Er moet in ieder geval genoeg actie inzitten en flink wat spanning ook.
  1. Huil je snel tijdens films?
    Ik jank al als ze op het weerbericht vertellen dat het gaat regenen 😉
  1. Waar kan je je ongelooflijk aan irriteren?
    Aan televisieprogramma’s van tegenwoordig. Het lijkt wel of het volk alleen nog maar op een domme manier vermaakt kan worden. Een van de redenen waarom ik de tv bijna niet meer aan heb staan. Verder irriteer ik mij mateloos aan mensen die altijd te laat komen en die hun verantwoordelijkheid, op wat voor manier dan ook, niet willen nemen.
  1. Waar ben je bang voor?
    Dat de mensen die mij dierbaar zijn mij zullen ontvallen.

Truste…

Vrijdag de 13e bleek het de internationale dag van de slaap te zijn… Ik had daar werkelijk nog nooit van gehoord. In 2008 is deze dag voor het eerst in het leven geroepen. Het blijkt in België iets meer te leven dan in Nederland. Er wordt onder andere aandacht gevraagd voor de gevolgen van een slechte nachtrust en wat dit kan veroorzaken. Afgelopen week was het programma van Katja Schuurman, Bodyscan, op tv waar dit onderwerp ook onder de loep genomen werd. Wat gebeurt er oa met je lichaam en je geheugen als je vijftig uur niet slaapt? Leuk om te zien, niet leuk om te ervaren. Als ik terug denk aan mijn nachtdiensten die ik ooit draaide, krijg ik spontaan koppijn. Het onderwerp van de internationale dag van de slaap kwam ik tegen op het blog van Galabria. Daar stond ook de slaap-tag, en aangezien ik slapen erg fijn vind…

Slaap-tag:

Hoe laat ga je meestal naar bed?
Ik ben een echt ochtendmens, dus houd het in de avond niet zo lang uit. Meestal lig ik tussen 22.00 en 23.00 uur wel op bed.

Wat is jouw vaste ritueel voor het slapen gaan?
Hoe laat het ook is, hoe moe ik ook ben, ik moet altijd even een paar pagina’s uit mijn boek gelezen hebben. Vriendlief is erg blij dat ik digitaal lees. Dat zorgt voor minder herrie bij het omslaan van de bladzijde. 😂

Wat doe je als je niet kunt slapen?
Daar heb ik gelukkig bijna nooit last van. Maar als het mij toch overkomt, komt dit door stress of een vervelende gebeurtenis. In dat geval probeer ik door middel van meditatie en ademhalingsoefeningen mijn hartslag en ademhaling onder controle te krijgen. Vaak werkt dit wel. En de keren dat het niet werkt? Daar heb ik mij bij neer gelegd. Als je ligt dan rust je ook. Blijkbaar heb ik op dat moment dan dan geen slaap nodig…

Wat is je favoriete slaaphouding?
Ik lig het liefst op mijn rug. Vroeger kon ik zo niet in slaap vallen en lag ik het liefst op mij zij. Maar als ik nu op mijn zij lig krijg ik na een tijdje het gevoel dat mijn been of arm “slaapt”.

Waarvoor mag je jou altijd wakker maken?
Als je leven je lief is, dan laat je mij gewoon lekker slapen. Behalve als we met vakantie gaan en in de nacht al weg moeten. Maar dat is echt de enige uitzondering.

Hoe laat gaat je wekker?
Meestal rond 06.30 uur. In de weekend een uurtje (soms twee) later in verband met de voetbalwedstrijden.

Snoozen of direct opstaan?
Een keer snoozen en daarna mijn bed uit. Meestal ben ik net iets voor de wekker al wakker.

Slaap je uit in het weekend? Uitslapen betekend voor mij wakker worden zonder de wekker. Soms is dat wel eens eerder dan op een werkdag. Hoewel ik mijn slaap echt nodig heb vind ik het sinds enige tijd zonde om tot laat in mijn bed te blijven liggen. Ik wil altijd veel doen dus sta ik het liefst bijtijds op. Dan ga ik direct aan de slag om zoveel mogelijk uit mijn dag te halen.

Hoeveel kussens liggen er op je bed?
Vroeger wilde ik heel graag een groot bed vol met kussens. Maar dat was vroeger. Ik slaap op één kussen en wil verder zo min mogelijk zooi op mijn bed hebben.

Wat heb je aan in bed?
Tot grote ergernis van vriendlief, draag ik het liefst een pyjama. Zo eentje met een broek en shirt met lange mouwen. Ik heb een grote hekel aan kou.

Slaap je met sokken aan?
Nee. Mijn sokken blijven in bed nooit zitten en gaan dan draaien. Uiteindelijk zitten mijn hiel en tenen niet meer op de plaats waar ze zitten moeten. Dat voelt zo irritant en daar kan ik dus echt wakker van liggen.

Hoe groot is jouw bed?
Groot genoeg.

Als ik ‘s morgens wakker wordt, is het eerste wat ik doe…
Mijn dromen uitpluizen. Ik heb vaak heel uiteenlopende dromen. Ook droom ik geregeld over mijn ouders en over vroeger. Verder vind ik het heerlijk om mij, net als een kat, uit te rekken en zo langzaam helemaal wakker te worden.

En jij? Is slapen ook jouw ding of breng jij het liefst zo min mogelijk van je tijd slapend door?

 

 

The Living Years …

3 januari 2011. Vandaag precies 4 jaar geleden. Mijn eerste werkdag van het jaar stond op het punt om te beginnen. Om 07.30 uur, net voor ik mijn jas van de kapstok wilde plukken om weg te gaan, werd er aangebeld. De Hulp Officier van Justitie stond voor de deur. Na acht jaar bij de politie gewerkt te hebben weet ik ook wel dat die om dit tijdstip niet persoonlijk komt zeggen dat ik fout geparkeerd sta.

Ik kreeg het nieuws te horen dat mijn vader zojuist was overleden. Ik moest mee naar het ziekenhuis om hem te identificeren. Naast alle emoties die vanaf dat moment als een achtbaan door mijn lichaam raasden, vond ik het afschuwelijk. Nog nooit had ik zoiets ergs hoeven doen. Vriendlief bood aan om te gaan. Maar als zijn dochter vond ik, dat ik het hem verplicht was om zelf te kijken en te bevestigen of hij het wel of niet was… Toen ik de kamer binnen kwam, lag hij daar. Onder een laken met ontbloot bovenlijf. Hij was zo klein, zo fragiel. Hij was mijn vader…

De band met mijn vader was vanaf mijn pubertijd niet om over naar huis te schrijven. Ik zag hem feitelijk nooit terwijl we nog geen km van elkaar vandaan woonden. In 2010 besloot ik dat ik het contact met mijn familie en ook met mijn vader weer wilde aanhalen. We belden, mailden en zagen elkaar geregeld. Het deed ons alle twee goed. In 2011, nadat we even daarvoor nog heel gezellig met de familie kerst en Oud & Nieuw hadden gevierd, kwam daar heel abrupt een eind aan.

Mijn band met hem is alleen maar sterker geworden, nu hij er niet meer is. Raar om te zeggen maar zo voelt het voor mij. Ik hoor hem soms zo duidelijk in mijn gedachten. Ik zie hem soms zo scherp voor mij in mijn dromen en ik hoor zijn muziek op momenten dat ik het niet verwacht. Hij is er, zonder er te zijn. Hij is de ouder in mijn leven die mij steunt door in moeilijke tijden te zeggen dat het goed is. Door toestemming te geven als ik twijfel. En dat alles met een paar simpele woordjes: “Het is goed, meisje!” Deze woorden zijn zoveel meer voor mij gaan betekenen dat wanneer ik als negenjarige om een zakje chips vroeg.

Ik mis hem.
Ik mis hem meer dan ooit…

Onderstaand liedje ving ik op tijdens oudejaarsavond. Het deed mij plots aan hem denken. Een steek van gemis en tegelijk hoorde ik daar zijn geruststellende woorden: “Ach, het is goed zo, meisje!!”

 

Liefde is, loslaten…

2014 is alweer bijna teneinde. Ik stond afgelopen week stil bij wat ik dit jaar allemaal gedaan heb. In eerste instantie niet zo veel. Geen bijzondere dingen of uitspattingen. Maar toen realiseerde ik mij dat ik wel degelijk iets heel bijzonders heb gedaan. Eerder dit jaar heb ik twee cursussen gevolgd bij Mieke Zomer en Nathalie Steffens op de Zomerhof. Hiermee zijn er deuren voor mij open gegaan waarvan ik niet eens wist dat ze er waren… Ik leerde daar onder andere hoe ik moest mediteren, hoe ik dichter bij mijzelf kon blijven en hoe ik mijzelf moest aarden. Ik werd bewust gemaakt van mezelf, mijn manier van denken, mijn handelen en mijn ego. Wat dit allemaal met je doet en wat voor invloed dit heeft op andere, zowel mens als dier. Bovenal leerde ik weer te vertrouwen op mijn intuïtie.

Tijdens de verschillende meditatietechnieken werd ons aangeleerd om ons hart te openen. Vanzelfsprekend zou de liefde uit je hart moeten stromen. Vanuit die basis worden alle verdere oefeningen gedaan. Daar waar een ieder de verschillende vormen van liefde ervoer, werd ik bij een hoop oefening en meditaties terug geslingerd naar 17 november 2011.

Ze lag daar hulpeloos in het ziekenhuisbed waarin ze nog kleiner leek dan ze was. Nu was het alleen nog wachten. Wachten tot haar lichaam ophield met vechten. Ik hield mijn moeder in mijn armen. Ik zong voor haar het liedje dat ze altijd zong als één van ons pijn had. Ik deed haar voorhoofd af met een koud washandje en vertelde haar dat Papa en Opa haar zouden opwachten. Ik zei haar dat het goed was, ze mocht gaan.. Heus, het was goed! Wij redden ons wel. De laatste 20 minuten van mijn moeders leven trokken in een snik en een traan aan mij voorbij. Ik putte kracht uit een onzichtbare bron. Op dat moment was ik er voor haar en voor haar alleen.

Het duurde een paar weken maar uiteindelijk lukte het mij om bovenstaande herinnering niet meer zo sterk binnen te laten komen. Ik kon mij toch bezig houden met de verschillende oefeningen en meditaties zonder alle bijkomende extra emoties. Maar tijdens en vooral de weken na de cursus, toen ik op mijzelf aangewezen was, bleef ik vechten met het woordje liefde en het overlijden van mijn moeder in combinatie met mijn nieuwe vaardigheden. Waarom hing dat zo sterk aan elkaar?

Een maand of twee later, toen ik in mijn eentje tussen de paarden in het weiland liep, het zonnetje hoog aan de hemel stond en ik genoot van de rust om mij heen, werd ik getroffen door een ingeving. Alsof iemand het zachtjes in mijn oor fluisterde en daarmee de watten die het beeld zo vertroebelde deed oplossen. Het was ineens zo helder en zo duidelijk. De bron waar ik toen, op 17 november 2011, mijn kracht vandaan haalde was een onuitputtelijke bron van liefde. Het onbaatzuchtigste dat ik ooit in mijn leven heb gedaan was daar zijn voor mijn moeder. Aan haar zijde staan terwijl ze begon aan een nieuwe reis. Beseffen dat ik haar los moest laten en dat ten volle accepteren zonder mijzelf af te vragen waarom.

Ik moest er even bij gaan zitten om deze gedachten tot mij door te laten dringen. Het heeft drie jaar geduurd voor ik er achter kwam, voor ik het begreep. Maar blijkbaar was de tijd nog niet rijp om dit eerder te beseffen. Ik liet mijn moeders leven hier op aarde los. En loslaten is liefde…

Toen dat besef eenmaal was doorgedrongen vond ik rust. Ik vond de rust in heel veel meer dingen dan de meditaties en oefeningen waarmee ik sinds afgelopen zomer ben bezig geweest. Alsof ik hiermee weer een stukje van het “rouwen” kon afsluiten. Daarmee wordt 2014 toch een heel speciaal jaar. Een jaar waarin mijn emotionele en spirituele groei centraal stond, zonder dat ik dit eigenlijk door had…

Uit eten bij, Gauchos…

Uit eten gaan, doen we geregeld. Vooral het aspect om zelf niet te hoeven koken bevalt mij uitstekend. Bijkomend voordeel, je hoeft de rommel niet op te ruimen. We besloten ons buikje te vullen bij Gauchos aan de Aert van Nesstraat in Rotterdam. Het is één van de twaalf vestigingen in Nederland. Gauchos is een Argentijns grillrestaurant, dat bekend staat om de kwaliteit van hun steaks. En alleen al bij het woord steak liep het water mij in de mond.

Ik was er nog nooit geweest en wist ook niet wat ik mij bij dit restaurant moest voorstellen. Ik had een donkere ruimte verwacht met rode-, oranje- of donkerkleurige kleden over de tafels. Bruine meubels voorzien van koeienprint en typische Argentijnse “hebbedingetjes” aan de muur. Waar een gezellige relaxte vakantiesfeer je zou omarmen zodra je over de drempel zou stappen. Ik weet niet hoe ik bij deze gedachte ben gekomen… Ik kan jullie wel zeggen dat ik er een beetje naast zat.

We stapten binnen in een gezellig moderne, iet wat kleine, zaak. De openkeuken viel direct op. Gauchos Niet dat ik iedere handeling van de kok wil zien, maar een transparante werkwijze mag ik wel. De bediening zag eruit om door een ringetje te halen. We werden vriendelijk ontvangen en naar onze plek gebracht. Eenmaal aan ons tafeltje gezeten kwamen we er al snel achter dat de ruimte nogal beperkt was. Zo beperkt dat wanneer de serveerster voorbij kwam lopen je spontaan twee extra Beef Wellington over de rand van je tafeltje zag schuiven… Er stonden te veel tafels in de ruimte. Waarschijnlijk is het in de zomer allemaal wat ruimer opgezet, wanneer het terras open is. Maar het was allerminst zomer. Het was net 3 graden boven 0.

De menukaart werd uitgedeeld. De  kaart was overzichtelijk. Duidelijke vermelding bij de gerechten en een niet al te grote keuze maar genoeg om je smaakpapillen blij te maken. Daar houd ik van! In de kaart stond ook een stukje geschiedenis vermeld. Grappig om te weten dat Gauchos niet zomaar een benaming van het restaurant is. Het verwijst indirect naar het eenzame leven van de veedrijvers op de pampa’s. Uiteindelijk koos ik voor Bife de Lomo, malse ossenhaas. Er werd verder niks anders bij geserveerd. Je komt immers voor het vlees, al het andere is bijzaak. Maar dat vonden wij wat karig. Frites, of gegratineerde aardappeltjes met wat salade moet er toch zeker wel bij. Of een geroosterde maïskolf? Alles kon extra bijbesteld worden. De kok draait daar zijn hand niet voor om. Dat maakt het uiteindelijk wel een stuk duurder dan vooraf berekend. Een sausje is bijvoorbeeld al €2,= en is net genoeg om je vlees drie keer doorheen te halen.

Ondanks dat de zaak vrij vol zat en ik maar twee koks heb gezien werd ons eten binnen no-time geserveerd. We werden niet teleurgesteld. Wat een prachtig stuk vlees. Super mals en heerlijk van smaak. Het was zo zacht dat ik bijna niet hoefde te kauwen. Wil je onbekommerd van je vlees genieten zonder al te veel liflafjes, dan zit je bij Gaucho’s helemaal op de juiste plaats! Plek voor een dessert hadden we niet meer. Zo vol zaten we. Maar wat ik zo links en rechts van mij voorbij heb zien komen zag er wel erg goed en smakelijk uit.

Gauchos

Toch miste ik de ambiance en inrichting die in mijn ogen zo bepalend zijn voor de sfeer die passend is voor een grillrestaurant. Of in ieder geval iets dat meer in de buurt van mijn voorstelling kwam. Ja, de stoelen, die voldeden wel. Met heuse koeienprint. Al met al hebben we heerlijk gegeten. Maar snel terug komen naar deze locatie van Gauchos zullen we niet.

 *Bron: Foto’s komen van de website van Gauchos.

Nooit meer hetzelfde…

Na het overlijden van mijn moeder duurde het een tijdje voor we een mooie bestemming hadden gevonden voor haar as. Niets komt voor zijn tijd. Toen ik mij daarin berust had kwam een laatste vlucht op mijn pad. Bijna een jaar geleden, 17 september om precies te zijn, liet ik mijn moeder letterlijk los. We hadden haar as verdeeld in vier grote ballonnen die eveneens gevuld waren met helium. Op het teken van Uk lieten we haar los. De fluistering van de wind bracht haar hoger en hoger. Over het mooiste plekje van ons dorp. Haar dorp, waar ze al praktisch haar hele leven had gewoond. Zo gaven wij mijn moeder, haar aller laatste vlucht…

Er zijn geregeld periodes dat ik verlang naar vroeger. Naar het moment dat iedereen er nog was. Al mijn opa’s en oma’s, mijn vader, moeder en andere familieleden. Natuurlijk zullen ze het daar boven heel gezellig hebben. Feestje hier, feestjes daar, hapje eten hier, hapje eten daar (Ik ken mijn familie 😉 ) Ik weet ook zeker dat ze met ons mee leven, met ons lachen en met ons huilen. Dat ze trots op ons zijn op wat wij bereiken, ze hun hoofden zullen schudden als wij iets lomps doen. En dat ze op ons passen als wij dat zelf even niet kunnen.

De hemel heeft hierdoor voor mij een andere betekenis gekregen. Bij heldere avonden tel ik de sterren en zoek ik de mooiste uit. Eén voor mijn vader, één voor mijn moeder en één voor ieder ander familielid die het aardse bestaan heeft ingeruild voor het hemelse leven. Ook het wolkendek bekijk ik anders. De kleuren van de lucht, de vormen van de wolken, de zonnestralen… Het is nooit meer hetzelfde.

Hoewel het grote verdriet er niet meer is… De spreekwoordelijke scherpe randjes niet meer zo scherp aanvoelen… Is het gemis nog steeds aanwezig. Het iedere dag wanhopig (na)denken, afvragen, wat als, hoe en waarom, hebben plaats gemaakt voor gevoelens als berusting, acceptatie, en dankbaarheid. Heel cliché, dat dan weer wel.

Soms wil je gewoon even iets met ze delen. Je kunt niet bellen. Je kunt niet langs gaan. Je kunt geen mailtje sturen… De realiteit komt op die momenten best hard aan. Het gemis is dan groot. Het verdriet intens. Inmiddels weet ik, dat ik mijn blik maar naar de hemel hoef te richten. Want ook daar is het nooit meer hetzelfde. Overdag zijn de luchten steeds weer anders. ’s Nachts  fonkelen de mooiste en helderste sterren. Van boven kijken ze met mij mee. En laten zo ieder op hun eigen manier weten: “Ik weet het… Ik ben je niet vergeten!!”

lucht, avond, ondergaande zon

Een paard, een schaap en (g)een pijnlijk achterwerk…

“Wat sta jij nu weer te doen?” Vraagt vriendlief. “Ik sta mijn broek te ontharen­.” Zeg ik, terwijl ik half achterstevoren mijn bovenbenen en achterwerk sta af te borstelen. Ik heb een buitenrit met poownie gemaakt zonder zadel. Nu zit alles onder de haren en ik heb pijn in mijn achterwerk van de lange zit.Vriendlief kijkt mij met gefronste wenkbrauwen aan. “Je hebt een zadel in de kast liggen en dan ga je zonder zadel rijden?” Ik kijk hem besluiteloos aan en vraag mij even af of, en wat, ik moet antwoorden. Paarden zijn nu eenmaal niet zijn ding. En als ik dan ook nog eens zonder zadel op die knol de polder in ga… “Ja.” Besluit ik te zeggen. “Soms heb ik geen zin om hem helemaal op te tuigen voor een relaxte rit door de polder.” Voor hem is het ook wel eens fijn om zonder een zadel op zijn rug een ritje te maken. Het is allemaal wat losser en ongedwongener. Schouderophalend liep hij langs mij heen terwijl ik verder ging met het ontdoen van poownies vacht dat als lijm aan mijn broek geplakt zat.

De ritjes die we zo wel eens maken werden steeds meer. Zonder zadel de polder in. Geen dressuur maar op het gemak een uurtje hobbelen. Steevast had ik daarna last van mijn achterwerk en stond ik een half uur lang mijn rijbroek te ontharen. Dit moest anders…

Ik bezocht verschillende websites en paardenforums om uit te pluizen of er iets anders bestond dan een zadel, Maar dat wel dienst kon doen als zadel. Ik kwam uit bij een boomloos zadel of een barebackpad. Een extra zadel was niet nodig. Ik heb immers een mooi zadel in de kast liggen. Boomloos viel dus af. En wat was nu weer een barebackpad? Wat snuffelen op internet leerde mij dat het een pad is dat op de rug van het paard bevestigd wordt waar geen zadel meer op hoeft. Je kunt er heerlijke buitenritjes mee maken zonder pijn in je achterwerk. Omdat het pad dikker is dan een simpel zadeldekje, zorgt het ook nog eens voor een goede demping op de paardenrug. Dat moest um gaan worden!! Mijn zoektocht was, voor zover, ten einde. Evenals het ontharen van mijn broeken en de zitting van mijn auto.

Nu ik wist wat ik ongeveer wilde hebben hoefde ik alleen nog maar te kiezen tussen de verschillende soorten modellen. Dat bleek onmogelijk. Er kwam van alles op mijn beeldscherm voorbij. Van simpel dekje tot “pannenkoekzadel”. Het zag er niet uit, om over de prijs (voor zo iets eenvoudigs of lelijks -_- ) nog maar te zwijgen. Via een link in één van de paardenforums kwam ik op een Duitse website terecht van Christ. Fantastisch wat ze allemaal hebben. Bij het zien van deze prachtige schapenvachtjes was ik direct verkocht. Wat moet dat heerlijk zitten!! Wat ziet dat er sjiek uit!! Ook hierin waren er meerdere modellen. Die er uiteraard allemaal even mooi, zacht en aaibaar uitzagen. Na drie avonden speuren, bellen en mailen was ik er uit. Mijn keus was gevallen op een klassiek model zadel, en dit keer eens niet in het wit, maar in het bruin. Een week later ontving ik mijn eigen lamswollen barebackpad en kon onze testronde beginnen.

Inmiddels hobbelen poownie en ik al even door de polder met ons nieuwe dek. We hebben er zelfs al een sprongetje mee gemaakt. Er is niks aan gelogen, het zadel zit heerlijk!!  Met dit schaapje onder mijn kont kunnen wij wel een buitenritje of wat aan.