Fluffie & Flaffie…

Ik zat in groep vijf van de lagere school toen we tijdens een knutselmiddag zelf pompoenen moesten maken. Ik was zo enthousiast dat ik bij de Zeeman alle gekleurde bollen wol op kocht en de hele familie van pompoen-sleutelhangers voorzag. Ik hing ze aan koffers voor wie met vakantie ging en tijdens de kerst hingen er een paar te shinen in de boom. Uiteindelijk maakte ik twee knuffelbeestjes. Met behulp van mijn moeder knoopte ik boven- en onderlijf aan elkaar. We plakten er ogen en een snavel op en Fluffie en Flaffie waren geboren.

Fluf en Flaf werden ook geïntroduceerd op school. Mijn fantasie was groot, dus ik vertelde iedere maandag wat ze het weekend hadden uitgevroten. Van de juf kreeg ik een schrift en ze vroeg mij hun verhalen op te schrijven. Vanaf dat moment mocht ik iedere vrijdagmiddag de klas een verhaaltje voorlezen over de avonturen van Fluffie & Flaffie.

Ik heb geen idee wat er uiteindelijk met deze twee knuffelbeestjes gebeurd is. Waarschijnlijk zijn ze uit elkaar gevallen. Wol-moeheid of iets dergelijks. Het schrift heb ik misschien nog wel. Dat zal tussen de spullen van mijn moeder moeten liggen. Die bewaarde namelijk ieder vol gekalkt schrift, alle tekeningen en zelfs de lelijkste schilderijen. Ik ben mijn wollige vriendjes in de loop der tijd gaan vergeten. Tot ik een paar weken terug een droom had waarbij ik uit dát schrift aan het voorlezen was. Mijn publiek was dit keer een grote groep volwassen mensen netjes in pak. Ze hadden geen flauw benul waar ik het over had. Bij het wakker worden vroeg ik mij af: “hoe kun je nu niet weten wie Fluffie & Flaffie zijn?!

Het grappige is, dat mijn drang om tekst aan het papier toe te vertrouwen zo’n beetje in die periode geboren is. Van een blog had ik nog nooit gehoord. Wel had ik diverse penvriendinnen. Vanuit Nederland, Suriname en uit Oostenrijk. Uiteindelijk kwam daar de klad in, evenals het schrijven in schriftjes en dagboeken. Langzaam schoof het schrijven naar de achtergrond om pas jaren later, op Hyves, weer herontdekt te worden. Enige tijd later maakte ik de overstap naar WordPress. Overigens nog steeds een gratis account, vandaar die gekke reclame onder mijn blog.

Het bloggen heeft een aardige plek ingenomen in mijn planning en bezigheden. Schreef ik op Hyves één keer per maand, is dat nu zeker één keer in de week. Het bloggen is veel serieuzer en regelmatiger geworden. Niet dat ik er geld mee verdien. Wel heb ik een jaar lang gastblogs mogen aanleveren voor twee verschillende platvormen. Het is een hobby waar ik een vorm van energie in kwijt kan, mijn foto’s kan laten zien of zomaar mijn fantasie de vrije loop kan laten gaan. Dat vind ik zo leuk aan bloggen. En natuurlijk het contact met mede bloggers. Want door mijn eigen blog ben ik heel wat andere bloggers tegengekomen en gaan volgen. Het is leuk om te lezen en te zien wat hen bezig houdt. Door het meelezen wordt er soms weer een onzichtbare bron aangeboord wanneer bij mijzelf de inspiratie even zoek is.

Inmiddels krabbel ik alweer 6,5 jaar mijn blogjes op WordPress en was niet van plan op korte termijn hiermee te stoppen. En dat alles dankzij Fluffie & Flaffie…

Wat was jouw inspiratiebron voor het starten van je blog?

Advertenties

Een cool schip…

Zo stond er in ieder geval in de uitnodiging die ik van zuslief doorgestuurd kreeg. Of we zin hadden om mee te gaan. Leuk toch? Bootje kijken?! Daar zeiden we geen nee tegen. Ik moest er alleen een voetbalwedstrijd voor missen. Maar de uitnodiging beloofde dat dit het meer dan waard was. De Bokalift 1, het nieuwste vlaggenschip van Boskalis, lag dit weekend aan de Wilhelminakade in Rotterdam. Voordat de Bokalift, een enorm kraanschip, in gebruik genomen zou worden werd er eerst een feestje gegeven op de boot zelf. Naast een bezoek aan de brug, zou er op het dek van alles te doen zijn en ook aan de inwendige mens zou gedacht worden.

Ik had geen idee wat ik kon verwachten, maar kwam daar al snel achter. Het schip is echt gigantisch en wanneer de kraan rechtop staat is het van een flinke afstand al te zien. We kwamen niet zomaar aan boord. Via de cruiseterminal werden we naar het schip geleid maar eerst vond er nog een check-in plaats voor we voet aan denk mochten zetten. Er werden die dag rond de 3500 mensen verwacht. Overigens allemaal medewerkers (+ familie) van Boskalis.

Aan het begin van het dek was een kunstenaar bezig met het maken van ijssculpturen. Over het hele dek stonden eetkramen opgesteld. Naast koek & sopie werden er Hollandse stamppotten geserveerd. Was er een versgebakken koekjes stand, broodjes en wraps-afdeling, verse patatjes en een BBQ hoek. Voor ieder wat wils. Voor de sportievelingen en voor de kinderen, was er een schaatsbaan opgezet. Er stonden twee curlingbanen. Konden er ijspegels gevangen worden. Stond er een snowboard waar je je evenwicht op kon testen en was er een schiettent. Het geheel werd opgeluisterd door een band die verzoeknummers speelde waarop je jezelf warm kon dansen. Want frisjes was het wel.

Overigens is de Bokalift I niet helemaal nieuw. Dit schip is al vijf jaar oud en heeft dienst gedaan als een half-afzinkbaar schip. Dit soort schepen worden vooral in de Offshore-industrie gebruikt voor het vervoer van zwaar transport en/of olieplatformen. Een deel van het schip kunnen ze laten zakken zodat het dek onderwater staat. De lading kan er dan zo opgeschoven worden. Vorig jaar is de Bokalift 1 in Singapore omgebouwd. Er is ondermeer een gigantische kraan opgezet die wel meer dan 100 meter hoog is. Vanaf nu gaat ze in gebruik genomen worden om windmolens op zee te installeren.

Nadat alle standjes bezocht waren schoven we aan in de rij voor een klim naar de brug. Je krijgt immers niet iedere dag de gelegenheid om daar een kijkje te nemen. Op ongeveer 35 meter hoogte keken we uit over het hele schip en de skyline van Rotterdam. We mochten zelfs plaats nemen op de stoel van de kapitein. Aan boord is er plek voor 150 bemanningsleden. Het schip is ook uitgerust met een helikopterplatform. Zo kan de boot haar werkzaamheden blijven uitvoeren terwijl er ondertussen van crew gewisseld kan worden. De Bokalift is maar liefst 216 meter lang en 43 meter breed. In ieder geval plek genoeg om wat materialen mee te nemen. Of een feestje te geven…

Bij Boskalis weten ze hoe ze moeten uitpakken. Ja, onder de indruk waren we wel. En dan te bedenken dat de Bokalift 1 er nog een zusje bij krijgt.

Bokalift 1 aan de Welheminapier in Rotterdam

 

***

Mijmeringen in de ochtend II…

Nu vriendlief weer een beetje op de been is en zelfs al korte stukjes kan autorijden werd het voor mij tijd om de auto wat vaker te laten staan. Lopend naar het werk leek wel een eeuw geleden. Hierdoor is het mij lang niet gelukt om mijn doel van 10.000 stappen per dag (minimaal 5 dagen in de week) te volbrengen. Uiteraard bungelde ik daardoor ook al weken ergens onderaan in de workweek hustle van Fitbit. Een mooie kans om direct de maandag wandelend te starten. Om er voor te zorgen dat mijn ochtendroutine niet al te veel verstoord zou worden had ik de avond ervoor alles al klaar gelegd. Rugzak voor mijn survival-kit, je weet nooit wat er onderweg gebeurd en handschoenen!

“Uh, ga je nu al weg?” Vraagt zoonlief terwijl ik mijn voeten in mijn wandelschoenen aan het proppen ben. “Ik ga lopen.” Is mijn antwoord. “Lopen?” Echoot hij mij na zonder zijn blik van zijn telefoon af te halen. In het half donker van de kamer veranderd de blauwe gloed van zijn telefoon zijn, toch al bleke, gezicht in een spookachtige verschijning. Met vijf dagen intensieve voetbal-training in de week is zijn conditie een heel stuk beter dan dat van mij. Ik zou natuurlijk mijn horloge stiekem in zijn trainingsjack kunnen stoppen. Dat zorgt in ieder geval voor een gegarandeerde eerste plek tijdens de Hustles. Maar ja, wie houd ik dan voor de gek?!

Gelukkig ben ik een echt ochtend mens. In tegenstelling tot Zoonlief die nog steeds half onderuit gezakt in de stoel hangt, hopende dat de eerste acht uur van school uitvallen. “Doe je voorzichtig? Goed je best doen op je werk he! Niet afkijken enzo! En eet je wel al je boterhammen op?!” Vooral dat laatste he?! Ik doe niet aan voedselverspilling. Ik kijk hem alleen maar saai en verveeld aan zoals alleen een puber dat kan. Een sarcastische lach ontsnapt hem. Als avondmens heeft hij het niet makkelijk op dit tijdstip van de dag maar gelukkig beschikt hij over humor. Ik wuif hem een kushandje toe en vertrek naar mijn werk.

Links en rechts in de straat hoor ik mensen hun auto’s ijsvrij maken. Dat scheelt mij weer een klus. De handschoenen waren geen overbodige luxe. Het is amper 1 graad boven 0 maar  nagenoeg windstil en daardoor dragelijk. Op wat vogels na is het in het park stil en donker. Het voelt alsof ik anoniem de dag in sluip. Er hangt nog een serene rust. Een bepaalde stilte die nog niet doorbroken is door al het auto geraas en gillende, schoolgaande fietsers. Het is jammer dat mijn einddoel kantoor is, in plaats van een pannenkoekenhuis ergens in het bos. Maar voor nu moet ik het er mee doen.

Wanneer het zweet mij uitbreekt merk ik dat ik in speedmars door het park dender. Dit is een van die zeldzame ochtenden waarop ik minimaal 25 minuten in mijn eigen bubbel al mijn gedachtes los mag laten zonder ook maar ergens een oordeel over te hebben. Heerlijk die meditatie-wandelingen. Daarom schroef ik snel het tempo naar beneden. We doen immers niet mee aan een wedstrijd snelwandelen.

Het kantoor is sneller in zicht dan ik had gehoopt. Terwijl de koffieautomaat mijn eerste bakkie aan het produceren is en ik de boel aan het opstarten ben, rinkelt de telefoon alweer. Werkend Nederland ontwaakt…

 

 

***

Naar buiten…

Zodra ik van mijn fiets af stap slaat de damp onder mijn jas vandaan. Jeetje, nu pas voel ik hoe warm ik het heb. Het is lang geleden dat ik een stuk gefietst heb en het bleek inspannender dan ik dacht. Ik trek mijn sjaal wat losser en rits mijn jas open. Het gewicht van mijn cameratas op mijn rug speelt ook mee. Met een zwaai zet ik hem op de grond. Heel even blijf ik staan. Sluit mijn ogen en haal diep adem. Het fijne gevoel van buiten zijn heb ik in het nieuwe jaar doorgetrokken. Al een aantal zondagen ga ik er met mijn camera op uit. Kijken of ik de crea bea ideetjes die in mijn hoofd zitten, om kan zetten naar bevroren momenten op het digitale papier. Het is leuk om naast al het geweld op het voetbalveld met iets totaal anders bezig te zijn. Achter mij stopt een gezin met een hond die al blaffend op mij af komt. Ik wordt uit mijn zenmoment gehaald en besluit direct maar te starten met mijn wandeling.

Ik bevind mij op de Veerplaat. Een stuk natuur tussen Zwijndrecht en Heerjansdam. Het is lang geleden dat ik hier geweest ben. De laatste keer was met Poownie, zeker 4 jaar terug. Ik had eigenlijk nog moeten stoffen en dweilen en er wacht ook nog een hele berg was dat gedaan moet worden. Maar, nu even niet! Het zonnetje laat zich vandaag schaamteloos zien. Dus is half Zwijndrecht op de been. Een groot aantal mensen moet het zelfde in gedachte hebben, het is druk.

Als ik om Hotel Ara heenloop kom ik uit op het stukje natuurgebied waar ik vroeger met mijn vader  en zusje ook altijd kwam. Toen was er nog een trimbaan met in het midden een spartel-bad voor kinderen. De trimbaan is al even weg maar het badje ligt er nog. Uiteraard zonder water. Even verderop zie ik een aantal kinderen rennen. Hun vader, ga ik vanuit, gilt ze toe. Wanneer ik een vlieger de lucht in zie gaan en even hard weer naar beneden zie komen snap ik waarom. Er staat geen wind. Ze zullen hard moeten rennen om hem in de lucht te houden.

Ik loop terug en kies voor het schelpenpad. Dat liepen wij vroeger ook altijd. Maar toen zag het er hier iets anders uit. Ik stuit op de buitenfitness toestellen achter Hotel Ara. Dat hadden ze toen bijvoorbeeld nog niet. Het hele hotel was er toen overigens nog niet. Verbazingwekkend dat alles het doet en nog niet gesloopt is door een stel onverlaten. Al wandelend kom ik heel veel mensen tegen die net als ik genieten van de blauwe lucht en het zonnetje op hun bakkes. Her en der kniel ik neer om wat foto’s te maken en te kijken naar de lente die zich in kleine vorm al presenteert.

De weg voert terug via een kleine bosrijke omgeving. Midden op het pad staat een geel genummerde korf. Een hele rare plek voor een “prullenbak” met gaten. Het blijkt een 18-holes frisbee-parcours te zijn. Wat hilarisch, dat kan dus ook bij “ons”. Ik schiet nog wat foto’s van het uitzicht, omgevallen bomen en het water en fiets daarna op mijn gemak terug naar huis. Ik ben deze middag lekker bezig geweest. Stukje fietsen, wandelen en foto’s schieten. Een ideale combinatie. Volgende keer neem ik ook mijn frisbee mee!

***

Nooit meer jarig…

Daar waar normaal een groot feest zou hebben plaatsgevonden, de slingers en ballonnen al van ver te zien zouden zijn en een spandoek of de Abraham-pop de wijk zou sieren, worden er nu enkel berichtjes naar elkaar verstuurd. “Sterkte vandaag! Ik denk aan je!” Op tafel branden er voor deze gelegenheid een aantal kaarsjes. 50 en 57 jaar zouden mijn oom en mijn moeder afgelopen week geworden zijn. Voor hen geen feest, taart en cadeau’s. Ze werden slechts 47 en 50 jaar oud.

Hoewel ze haar verjaardag vaak stilletjes aan zich voorbij liet gaan, want mijn moeder vierde het nooit, is het toch een raar gevoel. De schrijnende pijn van gemis steekt de kop weer op. Het voelt als een steek in je hart. Snel en onbaatzuchtig, dat dan weer wel. Maar als de felle pijnscheut is weggetrokken blijft er een diepe leegte achter. De rest van de dag blijf je met dat nare gevoel van gemis in je donder zitten. Stiekem wil ik dat gevoel niet kwijt raken. Ik wil mij er in onderdompelen. Dit stukje rouw wil ik vasthouden. Mij heel bewust bezighouden met het missen van mijn familie. Er zomaar aan voorbij gaan geeft mij het gevoel alsof het prima is. En dat is het niet! Doodgaan op je 47e of 50e is niet prima!

Het is lang geleden dat ik dit gevoel heb ervaren. Ik begon mij al af te vragen of ik, door al het verdriet van de afgelopen jaren, een hart van hout had ontwikkeld. Die gedachte kan ik nu verwerpen. De emoties zijn daar, luid en duidelijk. Natuurlijk zit ik niet heel de dag te kniezen. Ik tel mijn zegeningen, dat ook. Sterker nog, bij alles wat ik onderneem bedacht ik dat mijn moeder mij dat geleerd had. Bij het doen van de boodschappen, de strijk en zelfs bij het klaar maken van de salade die avond. Daar moet ik dan ook wel weer om lachen. Gelukkig kan ik dat weer. Lachen zonder mij schuldig te voelen. Lachen om de mensen die er niet meer zijn. Want als de scherpe randjes van het verdriet weggesleten zijn komen daar de mooie herinneringen…

In Café ’t Hemeltje is het waarschijnlijk afgeladen. Er zijn inmiddels voldoende mensen van ons heen gegaan om een stamkroeg te vullen. Ze zeggen dat je in de hemel niet ouder wordt. Toch geloof ik graag dat ze daar de slingers en ballonnen ophangen. Een abraham-pop bij de ingang van ’t café hebben gezet. Gewoon omdat het kan en het hier op aarde nooit gebeurd is! Ik weet ook zeker dat Oma de hele dag in de keuken heeft gestaan om allemaal lekkere Indische hapjes te maken. Want een feest zonder eten is geen feest. Mijn vader zie ik al achter de draaitafels staan waar hij, heel toepasselijk, “Stayin’ Alive” uit de boxen laat schallen. Uiteraard in zijn veel te grote witte engelen gewaad.

Ik ga er vanuit dat ze in de hemel ook gewoon feest vieren. Dat het daar heel gezellig is. Dat ze los gaan op hun favoriete muziek. Dronken worden van al het goddelijke drank. Zich misselijk eten aan alle hapjes. En dat ze, heel misschien, zullen toasten op ons, zoals wij hier toasten op hen.

 

 

   ~ 💞 ~

De operatie…

Tijdens het sporten ging het mis. Een verkeerde beweging van het onderbeen ten opzichte van het bovenbeen. Met als gevolg, pijn in het kwadraat. Dat eerste weet ik, dat tweede denk ik. Ik was er namelijk helemaal niet bij. Vriendlief raakte vorige jaar geblesseerd aan zijn knie. Na diverse onderzoeken constateerde de arts: voorste kruisband aan gort! Fysiotherapie werd aangeraden om de omliggende spieren te versterken. De pijn werd alleen maar erger. De arts verzekerde dat het een stuk minder zou worden wanneer de zwelling zou wegtrekken. Dit kon nog een maand of wat duren. De behandelingen bij de fysiotherapeut werden gehalveerd en uiteindelijk maar gestopt. Na iedere oefening ging hij door de grond van de pijn.

De wintersport, die een paar weken na dit “ongeluk” gepland stond, werd hierdoor maar half beleefd. Het is niet fijn skiën wanneer je steeds door je knie gaat en na iedere afdaling verrekt van de pijn. Evenals de zomervakantie. Een flink stuk wandelen in de bergen zat er niet in. Überhaupt wandelen in zijn geheel zat er niet in. Ook kon hij niet mee doen met alle watersporten die wij die zomer ondernamen. Hij moest vanuit de boot toekijken terwijl hij zo graag wilde. Na de zomervakantie was hij er dan ook helemaal klaar mee. De arts kon hem wat met zijn fysiotherapie. Er zou een operatie komen. Uitstellen had geen nut meer. Alleen de revalidatie was iets waar hij tegenop zag. Gemiddeld negen maanden tot een jaar.

Een week voor kerst was het zover. Hij mocht zich, na alle voorbereidingen, melden in het ziekenhuis. We kwamen iets vroeger aan en er bleek een operatie uitgevallen te zijn. Hierdoor had hij geen tijd om zich zenuwachtig te maken want hij mocht direct mee. De procedure werd nog een keer doorgenomen en wij namen afscheid van elkaar. Ik ging er vanuit dat, mits alles goed zou gaan, hij eerder mee mocht naar huis. Dat feest ging mooi niet door.

Waar hij de vorige twee (meniscus) operaties langzaam wakker werd en het gevoel had zalige te hebben geslapen werd hij dit keer wakker van een helse stekende pijn. Of dit normaal was? Geen idee. Hij kreeg pijnstillers en moest ter controle blijven. Aan het begin van de avond was hij voldoende hersteld om toch mee naar huis te mogen. Daar gingen we dan. Hij in een rolstoel met zijn been gestrekt in het verband en ik er achter. Crossend door de gang met formule 1 geluiden. Had ik altijd al een keer willen doen. Maar dat mocht niet. Hij was bang dat ik uit de bocht zou vliegen of dat hij met zijn been een van de deuren zou raken. Dus gingen we in standje slak richting de auto.

Thuis was het even wennen. Hij kon de eerste paar dagen niet zo veel. De eerste paar weken was hij zelfs afhankelijk van zijn krukken. Dat vergde in huis wat aanpassingen. Gaandeweg werd hij er steeds handiger in. Maar je kop koffie van de keuken naar de woonkamer brengen met twee krukken bleef toch een dingetje. Inmiddels zijn we een aantal weken verder. De eerste fysio behandelingen zijn geweest en loopt hij binnen al zonder krukken. Het gaat steeds beter. Zelfs de zenuwpijn in zijn scheenbeen (die volgens de arts normaal is) lijkt wat af te nemen. De herstelperiode gaat nu echt beginnen. Hopelijk voldoende om er deze zomer alweer op uit te kunnen trekken.

 

 

~

Niksen, is niks…

Aan het einde van vorig jaar had ik een week pauze ingelast. Niet alleen omdat Vriendlief geopereerd was aan zijn knie (daarover later meer) maar ook omdat ik er helemaal doorheen zat. Was moe, chagrijnig en kon op sommige momenten niet helder meer nadenken. Ik dacht dat een aantal dagen van totale rust, lekker niksen, beetje tv kijken, boekje lezen en tussendoor vriendlief verzorgen, mij goed zou doen. Daar zat ik er toch een beetje naast. Niks doen is gewoon niet mijn ding. Ik werd nog chagrijniger en rustelozer dan ik al was. Al na dag twee voelde ik de donkere wolken boven mijn hoofd samenpakken en kon ik alleen nog maar ijsberen door de woonkamer.

Tussendoor waren er gelukkig ook wat feestdagen gepland. Mijn redding in deze periode. Ik was verplicht om mij ergens op te richten en let op: om boodschappen te doen. Ook zonder feestdagen moest ik de deur uit. Want vriendlief kon niet verder dan van de bank naar wc en terug. Ik ging iedere dag even richting de winkel. Soms wel twee keer op een dag. Lopend. Zodat ik het gevoel had nog iets nuttigs gedaan te hebben. Het voelde zelfs als een verademing om daar tussen al die gestreste (want kerst en oud&nieuw stonden voor de deur) mensen te staan. Ik heb dan ook echt mijn tijd genomen. Liep eens extra op en neer in zo’n gangpad. Deed of ik nog wat vergeten was of iets niet kon vinden. Ondertussen bekeek ik al die mensen die als een kip zonder kop hun wagentjes aan het vullen waren. Hilarisch en triest tegelijk.

Na mijn zoveelste terugkeer van de Appie was ik het zat. Toen ik bij terugkomst de boodschappen opgeruimd en vriendlief van een bak koffie voorzien had deed ik wat ik al veel eerder had moeten doen. Trok mijn warme kleding aan en zocht mijn handschoenen erbij. Ik ging een wandeling maken. Weer of geen weer.

Als er één ding is dat ik inmiddels over mijzelf geleerd heb, is het dat ik niet moet stilzitten om bij te tanken! Op het moment dat de koude ijzige wind mijn gezicht raakte klaarde ik helemaal op. Na een paar minuten voelde ik mijn hartslag, die steeds nadrukkelijk aanwezig was, zelfs dalen. Wat een verschil met binnen zitten, waar het warm was en de muren op mij afkwamen. Ik was nog geen vijf minuten buiten of de weergoden waren mij al aan het testen. Het begon te regenen. Ik hoorde Zeus al zeggen: “Wedden dat ze de korte route neemt en daarna weer naar binnen gaat?” “Wedden van niet!” Ik trok mijn capuchon ver over mijn hoofd. Het interesseerde mij niet dat ik nu voor gek liep. Er was toch niemand buiten met dit hondenweer.

De regen veranderde al snel in natte sneeuw. Het zag er een beetje troosteloos uit, een mooie weerspiegeling van mijn humeur. Toch had ik mij voorgenomen om een grote ronde te wandelen. Na een tijdje warmde ik van binnen helemaal op. Mijn motortje kwam weer tot leven. Dat mijn benen ijskoud aanvoelden, mijn schoenen en daarmee dus ook mijn voeten, inmiddels zeiknat waren maakte helemaal niks uit. Ik kwam weer een beetje bij.

Het beste medicijn tegen een compleet uitgeblust gevoel is voor mij dus gewoon lekker bezig blijven. Zonder druk en zonder verwachtingen, dat dan weer wel. Dat niksen is dus gewoon niks voor mij…

 

***

I want to believe…

Volgens mij zat ik in de brugklas toen mijn moeder vertelde dat er een nieuwe televisieserie begon. Twee FBI agenten die X-files moesten oppakken. Dit waren onopgeloste bijzondere zaken, die bestonden uit een mix van paranormale verschijnselen, complotten met hier en daar een vleugje horror. Voor die tijd best een gewaagd concept. De bijzondere verhaallijn en het belachelijk late tijdstip van uitzenden zorgden er voor dat ik de eerste paar afleveringen niet helemaal mee kreeg. Het tweede seizoen keken we trouw iedere aflevering samen. Vanaf toen was ik verslaafd.

Logo van The X-files

Mijn moeder begon haar interesse in de serie na seizoen twee te verliezen. Ik daarentegen was niet meer te stoppen. Iedere donderdagavond zat ik aan de buis gekluisterd. Een groot glas cola en een zak chips waren mijn gezelschap voor dat uur. Niemand moest het lef hebben om mij te komen storen. Dat ik groot fan was bleef bij mijn klasgenoten niet onopgemerkt. Waar zij alles van de Backstreetboys of de Spice Girls verzamelden, hield ik plakboeken bij van The X-files en alles wat daar mee te maken had. Wanneer ze een of ander artikel vonden ruilden we die tegen spullen voor hun verzameling. Zelfs mijn Oma deed hier aan mee. Van vrienden kreeg ik geen vakantiekaartje uit Spanje of Frankrijk, maar een ansichtkaart van Mulder & Scully om mijn verzameling compleet te maken. Alle dubbele afleveringen die op videoband uitkwamen werden gekocht. Mijn moeder kon mij niet blijer maken toen ze mij de boeken cadeau deed die om de paar maanden uit kwamen.

Het laatste seizoen was een klein beetje een tegenvaller. Mijn moeder keek overigens helemaal niet meer. Er waren zelfs een aantal afleveringen waarin compleet andere mensen de hoofdrol hadden. Die heb ik geskipt. Niet echt die-hard-fan waardig. Ik weet… De films die uitgebracht werden, eentje na seizoen vijf en de tweede tien jaar later in 2008, heb ik dan wel weer grijs gedraaid.

Toen in 2016, ongeveer 14 jaar later, eindelijk seizoen tien van start ging, kon ik mijn geluk niet op. Net als vanouds zat ik alweer helemaal klaar met mijn hapje en drankje om een uur lang te genieten van mijn idolen, paranormale verschijnselen en onverklaarbare-complottheorie-achtige spannende zaken. Al snel kwam ik er achter dat het veel minder leuk was wanneer je dit moet delen met iemand die “not want to believe.” Iemand die niet negen seizoenen aan de buis gekluisterd heeft gezeten. Die zich niet verdiept heeft in de personages. Die niet weet wie de “Sigaret Smoking Man” feitelijk is. Eigenlijk is het helemaal niet leuk om deze serie te kijken met iemand die er niks mee heeft en tot overmaat van ramp ook nog eens overal commentaar op heeft… De ambiance van “vroeger” was niet meer…

Seizoen tien bestond maar uit zes afleveringen. De volgende vijf afleveringen zou ik, nadat ik vriendlief had verzocht elders in huis plaats te nemen maar vooral niet naast mij op de bank, volledig in opgaan. Bij de bekendmaking van seizoen 11, die op 4 januari van start is gegaan (in Amerika 1 dag eerder) en maar liefst uit tien afleveringen bestaat, maakte ik een nieuwe vreugdedans door de kamer. Heel de maand december konden we al in de stemming komen met de “The Essential X-Files Collection” De beste afleveringen uit negen seizoenen X-files. Ik ben er weer helemaal klaar voor, iedere donderdagavond telefoon uit en chillen voor de buis.

 

The truth is still out there…

 

***

De eerste…

365 nog niet ingeplande dagen liggen als een ongeschreven boek voor mij. Achter mij ligt een vol gekalkt boek met mooie belevenissen. Geweldige herinneringen. Spannende momenten. Wat ups hier, wat downs daar. Met af en toe een sierlijke droedel in de kantlijn tot compleet doorgehaalde niet te lezen chaos. Ja, dat omschrijft 2017 wel zo’n beetje. Vandaag voelt alsof ik boven op een besneeuwde bergtop sta. Voor en onder mij, niks anders dan maagdelijk witte sneeuw. Ik ben de eerste die daar, figuurlijk gezien, naar beneden mag stuiteren. De eerste die een pad mag trekken. Mijn eigen pad.

Ik heb geen idee wat dit jaar mij zal brengen. Ik heb geen uitgesproken nieuwe doelen in mijn hoofd. Ook staan er tot nu toe geen grote vakanties of evenementen gepland. Toch heb ik reuze zin om een aantal van die 365 blanco dagen al in te kleuren. Het liefst met felle sprekende kleuren zodat ze eruit spatten. Niet vaak heb ik dit gevoel aan het begin van een nieuw jaar. Eigenlijk nooit. Als kind vond ik het vieren van oud naar nieuw maar een raar iets. Dat doe je toch ook niet bij iedere maand, week of dag?

Met het verstrijken der jaren ben ik de tijd die mij, hier op aarde, gegund is wel gaan waarderen. Te veel familieleden en vrienden moet ik al missen. Het is namelijk helemaal niet zo vanzelfsprekend dat je een nieuw jaar voor je hebt. Laat staan dat je het nog kunt vieren met mensen die je dierbaar zijn. Daarom ben ik blij dat ik de feestdagen met lieve mensen heb mogen doorbrengen.

Eerste kerstdag waren vriendlief en ik lekker samen. Met een hapje, drankje en films brachten we de dag door. ’s Avonds aten we iets uitgebreider dan anders en veel te laat gingen we naar bed. Tweede kerstdag waren we, samen met nog een aantal familieleden, uitgenodigd bij mijn nichtje en haar vriend. Ze hebben ons flink verwend door oa home made gerookte zalm te maken. Ik begreep later dat zelfs de wekker gezet werd om de zalm op tijd van nieuwe “rook” te voorzien. Naast een heerlijke maaltijd werden we ook getrakteerd op een avond met gezelligheid en veel lol tijdens het dobbelspel.

Iedereen had een kleinigheidje gekocht met als thema koken/eten. Ingepakt stonden de cadeaus onder de boom. Na een uur dobbelen had iedereen er schik in. Behalve Opa, die niet zo blij was dat hij geregeld zijn cadeau aan zijn linker- of rechterbuur moest afgeven. Uiteindelijk gingen we allemaal naar huis met iets leuks, lekkers of origineels.

Oud & Nieuw werd voor het eerst sinds jaren bij ons thuis gevierd. Met zo’n beetje dezelfde samenstelling aan mensen als tijdens de kerst. Ook nu was het weer een dolle boel. Gelachen om verhalen en belevenissen uit het verleden. Veel gegeten en nog meer gesnoept. En een Groene Draak die zich voor het eerst op een feestje heeft laten horen en zien. Om 24.00 uur werd er traditiegetrouw getoost met champagne, die zoals altijd niet te drinken was. De beste wensen werden uitgewisseld, daarna hadden we zicht op een hoop siervuurwerk vanuit de buurt.

Het waren geslaagde feestdagen. Inmiddels zit de eerste dag er alweer een paar uur op. Ingekleurd met een wollig gevoel in mijn hoofd haha. Nog 364 en een halve dag om in te vullen. Voor 2018 wens ik jullie een hoop mooie, liefdevolle en onvergetelijke momenten met jullie dierbaren toe.

 

*❤️*

De laatste …

Dit jaar geen overzichten, samenvattingen en terugblikken op 2017 op mijn blog. Het jaar was zoals ie was. Er komt ook geen vooruitblik op 2018. Zelfs geen lijstje met goede voornemens. Ik kan namelijk niet kiezen wat ik allemaal wil gaan doen en wil aanpakken. In mijn hoofd bruist het terwijl mijn lichaam daar nog even anders over denkt. 2018 komt zoals het komt.

Met het plaatsen van mijn laatste blog in 2017 is tevens mijn kerstvakantie ook echt begonnen. YEAH!

Voor al mijn lezers: hoe je ze ook door gaat komen, werkend, luierend of feestend, ik wens je mooie en warme kerstdagen, een knallend uiteinde van 2017 en een sprankelende liefdevolle start van 2018 toe.

Witte bergen en besneeuwde dennenbomen in Oosterijk

Tot volgend jaar …