A Pirate’s Life for Me…

Er zijn momenten dat ik mij afvraag waar ik nu weer in beland ben. Zo dacht ik vorige zomer een gezellig autoritje te maken. Mee blèren met de radio op standje tien en zwaaien naar andere voorbijgangers. Maar na dat ritje belande ik opeens in een ander vervoersmiddel. Ze noemen het een boot. Nog nooit van zoiets gehoord laat staan dat ik wist wat het was. Nou, nu weet ik het hoor. Het is niks anders dan een grote schommel met zitplek voor meerdere mensen. En sinds ik mee ga dus ook voor vogels. 

Mijn hobby is zonnebloempitten eten, walnoten open breken en de boel slopen. Schommelen kan ik thuis ook. Dus zoals een echte Amazone betaamd maakte ik er een flinke scene van. Vond alles eng en zorgde dat ik overal mijn nagels inzette. Het liefst in haar arm. Ik verloor haar geen moment uit het oog. Ze vertelde mij dat het toch veel gezelliger is als ik mee ga!? Anders zit ik alleen thuis. Op dat moment kon het mij niks schelen. Dan maar alleen thuis. Nog altijd beter dan die zeebenen. Ik zag letterlijk groen en geel na zo’n middag.

Maar… Ik kwam daar toch wat knarsensnavelend op terug. Ik ben nu eenmaal een gezelligheidsdier en vind het leuk om de aandacht te krijgen. Wanneer de mensen niet thuis zijn, is er dus ook geen aandacht. Ze beloofde mij een eigen plek. Niet meer los op de arm. Dus de keren erna besloot ik mij minder paniekerig op te stellen. Mijn eigen plek is een reiskooi met zitstok, speeltjes en voerbak. Ik sta prominent op de tafel en heb zo zicht op alles. Toegegeven, dat is soms wat overweldigend. Maar met tralies om mij heen hoef ik niet bang te zijn dat ik zomaar wordt opgevroten door een stel luidruchtige agressieve zeemeeuwen of per ongelijk in het water val. Zwemmen is nu eenmaal niet mijn ding.

Vroeger, in de tijd van zeerovers en piraten, was een papegaai op een boot heel normaal. Nu heb ik veel bekijks. Daar zal je mij niet over horen klagen hoor. De menselijke beleefdheidsvormen heb ik tot een ware kunst verheven. Zodra we andere boten passeren en dat doen we geregeld, roep ik netjes “hallo” en daarna gil ik nog even: “dag hoor! Tot strakjes!” Als ze geluk hebben zwaai ik ze na. Je moet hun reacties eens zien. Ze vinden het fantastisch.

Ik ben zelfs een aantal keer mee geweest wanneer ze ging wakeboarden. Hoe moest ik nu weten wat ze ging doen?! Nu dus wel. Opeens lag ze in het water. Ik gillen: “straks word je opgevroten door meeuwen, of erger, haaien!” Maar ze had de grootste lol. En opeens stond ze achter de boot op een plank naar mijn te gillen en te zwaaien. Dus ik maar terug gillen en zwaaien, geen idee waarom. Maar ik mis wel vaker het hoe en waarom bij menselijke communicatie. Gekke hobby’s heeft ze hoor!

Dat snelle varen is niet echt mijn ding. Maar dat dobberen in gezelschap van de mens is toch best gezellig. En wanneer we voor anker gaan is dat vaak in een beschutte baai, waar ik de andere vogels kan horen fluiten. Op een veilige manier kan genieten van het buiten zijn en dan alle aandacht die ik krijg als ik op het voordek zit. Yo Ho a Pirate’s life for me ….

 

Papegaai mee op de boot.

 

Voor de liefhebbers: Groene Draak heeft zijn eigen Insta account.

 

 

***

Zoooo, schoooooon…

Dit is de meest gehoorde reactie van mensen zodra ze vernemen dat ik ook onder de douche ga: “Nee echt!? Gaat ie dan gewoon mee onder de douche?” Wat is dat nu voor antwoord?! Ik kijk ze maar een beetje “gaai-achtig” aan en roep iets als: “Echt waar? Echt waar!” Als ik ze ga vragen of zij ook wel eens onder de douche gaan is het hek natuurlijk helemaal van de dam. “Shit hij praat terug!!” Douchen en badderen hoort er gewoon bij. Ja mensen ook voor mij, als papegaai. Sterker nog het is een van onze basisbehoeften.

Mijn oorsprong ligt in het Amazone gebied. Het klimaat is daar heel anders dan hier in Nederland. Hoewel sommige zomerse dagen mij wel doen denken aan het tropisch regenwoud, komt het niet eens in de buurt. Verder krijgen vogels die buiten leven geregeld een flinke regenbui over zich heen. Ik leef voornamelijk binnen en krijg dat dus niet!

Helaas is de luchtvochtigheid in de meeste woningen aan de lage kant. En die hogere luchtvochtigheid, die wel in de Amazone terug te vinden is, is juist voor ons zo belangrijk. Om mij te helpen kreeg ik een bad in mijn kooi, zodat ik zelf kon bepalen wanneer ik ging badderen. Op de zijkant stond: Papegaai-proof. Een mooie uitdaging en na wat hak- en snavelwerk was ie dat niet meer! Binnen een week, zo lek als een mandje. Ik kreeg geen nieuwe en moest vanaf dat moment mee onder de douche.

Papegaaien zijn net als pluche knuffels, lief, schattig maar stoffig. Douchen is dus belangrijk om het stof en vuil tussen mijn veren weg te krijgen. Maar ook om mijn huid soepel te houden en zoals gezegd voor de luchtvochtigheid, zodat ook mijn slijmvliezen goed blijven functioneren. Na een douch volgt steevast een flinke poetsbeurt waarbij ik ieder veertje onder “snavel” neem. Tevens voorzie ik mijn verenpak van een nieuw laagje talg zodat de boel mooi waterdicht blijft. Voor het geval ik toch eens in die stortbui terecht mocht komen. Er gaat heel wat tijd in mijn verzorging zitten. Douchen is dus niet alleen om mij schoon te houden.

Het hele jaar door ga ik onder de douche. In de zomer lekker buiten. In de winter, wanneer de ramen in huis potdicht zitten en de verwarming op standje Amazone staat, binnen in de badkamer.

Ook hij wilde mij eens douchen. Niet buiten, maar binnen. Dus liet ie het bad vollopen. Toegegeven ik maak van alles wat nieuw is een complete (krijs)show. Ik ben tenslotte een Amazone, niet waar?! Meer hé, ik ben geen eend!!! Ik heb geen zwemvliezen tussen mijn tenen. Heb je wel eens goed naar mijn poten gekeken? Deze ervaring was dus niet zo tof. Vanaf dat moment douche ik op mijn eigen standaard.

De ene keer douche ik alleen en de andere keer met haar samen. Dat is een waar feest. Ik wapper met mijn vleugels en draai rondjes net zolang tot ik zeiknat ben. Ook werk ik onder de douche aan (nieuwe)woordjes en zing ik verschillende liedjes. Het lukt steeds beter om maat te houden. Vooral samen maken we flink wat kabaal. De buren zullen wel denken?! Het enige nadeel van douchen is dat kapsel van mij. Dat staat alle kanten op. Ik zie er zo maf uit. Een keer raden wie daar de meeste lol van heeft….

Papegaai met nat hoofd

Voor de liefhebbers: Groene Draak heeft zijn eigen insta-account.

 

PS: De titel? Dat roep ik als ik vind dat ik genoeg gebadderd heb.

 

***

 

Brutus…

Het grote verschil tussen mijn vriend en mij? Auto’s en autorijden. Nou ja, dat niet alleen. Maar het is wel één van de zaken waarin onze meningen én smaken mijlenver uit elkaar liggen. Helemaal wanneer hij zijn rechtervoet niet geheel onder controle heeft. Hoe harder, hoe beter. Menig moment heb ik met zweethandjes naast hem gezeten. Biddend dat de mensen op de middenbaan, of welke baan dan ook, hun Fiat Panda uit het jaar nul niet opeens naar links zouden sturen, waarna we de bestuurder uit het handschoenenkastje van “Brutus”, zijn scheurijzer, zouden moeten peuteren

We zijn onderweg naar Zeeland (en het feit dat jij dit leest, betekent dat ik die rit heb overleefd) als ik een vaag zoemend geluid opvang. Dit geluid, dat al snel gepaard gaat met een keboink-keboink, lijkt ergens bij het rechtervoorwiel zijn oorsprong te vinden. Een seconde of wat later begint ook de voorkant van de auto van links naar rechts te schudden. Maar… wij rijden rechtdoor op een goed geasfalteerde weg! Iets klopt er niet. Het lijkt nog het meest op een centrifugerende wasmachine die niet helemaal waterpas staat, aangedreven door een kudde op hol geslagen paarden. Een stuk of tien! Het geluid wordt erger, evenals het geshake van links naar rechts. Ik weet niet veel van auto’s maar dit behoort niet tot de standaard geluidsuitrusting van onze race-kar.

Het klamme zweet breekt mij uit. Door een aantal keer flink hard te remmen (thank god voor de gordel) en het doen van de elandtest op een verlaten stuk parkeerplaats, houdt het piepen en stuiteren op. (Thank god again, nu voor het feit dat ik nog niets gegeten heb.) Nu de auto normaal blijft doen, komt mijn hartslag enigszins tot bedaren als we op plaats van bestemming zijn aangekomen.

Als we na een gezellige dag weer naar huis gaan, zijn we de ellende van de heenweg helemaal vergeten. De rust is van korte duur. Al snel is daar de kudde op hol geslagen paarden weer. En dus ook die centrifugerende motorkap. Ik raadpleeg één of andere site waar staat dat het heel goed de homokineet, of mogelijk ook de aandrijfasstofhoes kan zijn. Doorrijden kan nog prima?! Er zit niets anders op dan voorzichtig naar huis te rijden. Het duurt nog minstens drie kwartier in volle doodsangst tot Brutus ons al hortend en stotend voor de deur van onze woning heeft afgezet. Ik was er al vanuit gegaan dat hij ons ergens in the middle of nowhere in de steek zou laten en dat we naar huis gesleept moesten worden. Het moet gezegd: tóch netjes van hem!

Brutus, (een Alfa Romeo GTA) met al zijn fratsen, is een auto voor de liefhebber. Dat ben ik duidelijk niet. Dus: Brutus eruit of ik eruit! Een gevaarlijke en gewaagde mededeling aan een autofreak als mijn vriend. De volgende dag wordt Brutus naar de garage gebracht voor een grondige inspectie. Waar het nu precies aan gelegen heeft, weet ik niet meer. Maar ik was geenszins van plan nog één keer in die auto te stappen. Hoe zielig vriendlief ook keek; ik weigerde.

Dus besloot hij zijn favoriete stuk scheurijzer uiteindelijk toch maar in te ruilen voor een burgerlijke, in zijn ogen oersaaie, mijn-ogen-zitten-niet-tegen-de-achterkant-van-mijn-schedel-gedrukt-als-vriendlief-optrekt-auto. Een Audi A4. Een type auto waar ik mij stúkken beter in kan vinden (en ook beter in voel). Nu alleen nog een nieuwe naam verzinnen. Mijn vriend kwam niet verder dan Softie.

 

Dit blog verscheen eerder deze week op: Hoe vrouwen denken. 

 

***

De afgelopen week…

De wind trekt speels aan mijn haar en laat plukken boven mijn hoofd dansen. Ik trek mij nog iets verder terug in mijn hoekje waar ik mij al een half uur onbeweeglijk bevind. De zonnestralen die ik in de winter gemist heb probeer ik nu, in deze loze vrije minuten, in te halen. Ik doezel lekker weg en laat daarbij mijn gedachten terug gaan naar afgelopen week. Waarbij het weer zich van twee kanten liet zien. Van plus 20 naar 0 graden. In de ochtend de handschoenen aan en in de middag zonder jas naar huis. April doet wat ie wil… 

Ik had het geluk deze week te mogen verjaren en de keuzestress over mijn traktatie bleef uit. Omdat ik veel aan mijn oma moest denken, die voor ons een bijnaam had verzonnen van het gebakje dat wij graag bij haar aten, besloot ik warme appelflappen uit te delen. Maar dat had net zo goed rottikoekoes kunnen zijn. Of een complete rijsttafel want als ik aan oma denk, denk ik standaard aan eten. De flappen vielen in de smaak. Eens iets anders dan taart of vlaai. Gelukkig hoef ik geen feestje te geven. Dat was als kind leuk. Toen had enkel mijn moeder last van stress. Maar met het ouder worden is het plezier van verjaardagsfeestjes geven mij ontgaan. Misschien van de zomer weer eens een leuke BBQ of zo. 

Omdat het verlangen naar oma’s bami, saté en ander lekkers zo groot was, schoven we aan bij een toko gespecialiseerd in Indonesisch eten. Neem vooral van alles een beetje werd ons aangeraden. Dat deden we dan ook. Een stuk of drie keer. En dan zal ik maar niet vertellen hoevaak ik voor de spekkoek heen en weer ben gelopen. Natuurlijk hebben we te veel en te vaak opgeschept. Maar (letterlijk) voldaan en senang keerden we huiswaarts. 

Het ruisen van de wind klinkt inmiddels een beetje als de zee. Het geroep van de meeuwen hoog boven mij maakt het denkbeeldige zon, zee, strand plaatje helemaal af. De zon is gedraaid en ik moet mee draaien om niet aan een kant van mijn gezicht te verbranden. Want als ik niet oppas is dat wat er gebeurd. De felheid is zo intens dat ik mijn ogen niet geopend krijg. Een goede reden om ze nog even, echt heel even nog, gesloten te houden.

Om mijn Indonesische week compleet te maken las ik het boek “Mevrouw mijn moeder” van Yvonne Keuls. Het is al een wat ouder boek. Maar wat heb ik hiervan genoten. Een echte aanrader! Heerlijk en aandoenlijk om te lezen. Dit was een van die onverwachte pareltjes die je zo nu en dan tegenkomt. Een reis door de tijd, van Indonesië naar Holland. Een ode aan haar moeder met mooie herinneringen aan tempo doeloe. Vlot geschreven met humor en uitdrukkingen in Bahasa. Waarschijnlijk was dit de reden dat mijn oma zo vaak in mijn gedachte was.

Inmiddels staat het weekend voor de deur met daarin van alles gepland. Er moet gewerkt, geklust, gevoetbald en gefotografeerd worden. Ook Poownie verdiend wat meer tijd. Genoeg te doen dus. Maar eerst nog even niets dan gesloten ogen, zonneschijn en de kat van de buren die zich aan mijn voeten heeft gedrapeerd. 

 

 

***

Chaos op zijn retour…

Door de hopeloze chaos in mijn hoofd lukte het mij niet om van mijn bezigheden een creatief schrijfsel te maken. Een van de redenen waarom ik drastisch achter loop met bloggen en bij-lezen. Gelukkig had ik er nog een aantal in mijn concepten staan die ik tijdens een creatieve bui al neergepend had. Dus kon ik de afgelopen weken gewoon een blog van de plank pakken. Tja, die voorraad is een keer op natuurlijk. Vorige week bleef mijn blogplanner zelfs helemaal leeg. Maar het was dan ook veel te lekker weer om achter de pc te kruipen. Ik heb dan ook aardig wat tijd buiten doorgebracht. In periodes dat ik mijzelf voorbij aan het rennen ben, zoals de afgelopen maanden, is de zon mijn rustpunt. Om bij te tanken, op te warmen en op te laden. Als de zon dan even schijnt merk ik pas hoeveel ik hem gemist heb.

Hoewel ik nog steeds een dag- en avondvullend programma heb, lijkt het nu op alle fronten wel iets rustiger te worden. Zo heb ik oa een goed gesprek op mijn werk gehad waarbij de “baas” echt de tijd nam om te luisteren. Hij ondernam direct actie en paste ons systeem zo aan dat het voor mij werkt in plaats van andersom. Er is in korte tijd zoveel bij- en op mij afgekomen en vooral ook veranderd dat de werkwijze en uitvoerende taken eens flink herzien moesten worden. Ik probeerde alle ballen in de lucht te houden maar zonder vangnet en structuur is dat best een uitdaging. De komende periode gaan we zien of het werkt en vooral of het de rust terug brengt. 

Ook op stal lijkt de winterproblematiek bij onze Poownie (op leeftijd) een beetje op zijn retour. Hij heeft het na de verhuizing van zijn zomer- naar zijn winterverblijf flink voor zijn kiezen gekregen. Andere omgeving en ook nog eens een compleet ander ritme. Geen ophokplicht meer. Maar dat betekende zelf een slaapplaats in de kudde regelen en een plek aan een van de voerruiven. Hij voelde zich iet wat ontheemd. Zo erg zelfs dat we hem in korte tijd flink achteruit zagen gaan. Hij werd somber en steeds magerder. Meerdere artsen hebben hem onderzocht, tandarts is er bij geweest. Hij heeft zelfs nog een dag op de kliniek gestaan voor foto’s en verder onderzoek naar zijn gebit. Maar meerdere artsen dus ook meerdere meningen die erg ver uit elkaar lagen. Ik betaalde voor advies maar kreeg er wanhoop en nog meer kopzorgen voor in de plaats. 

Uiteindelijk trok ik mijn eigen plan. Poownie gaat nu een paar uur per dag uit de kudde om zo op zijn gemak te kunnen eten en tot rust te komen. Hij wordt twee keer per dag flink bijgevoerd. Dankzij de goede zorgen en het meedenken van onze stalbaas zien we hem met de week opknappen! Uiteraard kon ik dit niet zonder de hulp van mijn lieve stalgenoten die hem ’s morgens trakteren op een goed gevuld hooinet en zijn flink gevulde voeremmer. Toppers zijn het!! 

Inmiddels zijn we al een aantal keer op mooie lente dagen getrakteerd. En over een paar dagen gaat ook Merlin weer te water. Dan gaat ons wateravontuur weer van start. Dit geeft hernieuwde energie en lukt het mij om ook weer te genieten van de leuke en kleine dingen in het leven. 

 

Lieveheersbeestje op bloesem

 

***

Hersenwerkjes…

Weet je wat ik geweldig vind? Werken! Jullie niet? Ik kan daar echt mijn “ei” in kwijt. Figuurlijk gezien dan. Wanneer ik een echte zou leggen, zou de stress er bij haar goed in zitten. Als man leg ik natuurlijk geen ei. Ik eet ze liever. Nee, nee nee, dat is geen kannibalisme! Ik ben namelijk geen kip. Dat is direct een groot verschil tussen ons. Ik kan doen alsof ik een kip ben. Maar een kip kan niet doen alsof ie een papegaai is. Even terug naar mijn werk. Het begon een paar jaar geleden. Ze wilde mij iets leren en zei: zonder poot geen noot. Ze wilde mijn nagels vijlen en als ik mijn pootje zou geven kreeg ik een nootje. Haha voor iedere teen kreeg ik er één!!

Links en rechts. Ik gaf mijn poot zelfs als ze er niet om vroeg. Ik zwaaide er mee als ze voorbij liep. Want zonder poot dus geen noot!! Knappe birdie dat ik ben! Maar zo werkte dat truckje niet. Toen al mijn nagels weer spik en span waren viel er niets meer te verdienen. Ze zei mij dat ik meer in mijn mars had. Dus gingen we samen aan de bak en kreeg ik een eigen werktafel. Zodat ik niet afgeleid kon worden door al mijn andere speelgoed. Er werd een spaarpot voor mijn snavel gezet en eromheen lagen gekleurde muntjes. Jahaaa, dat was even andere koek! Hoe nieuwer iets is, hoe enger ik het vind. Dus ik sprong in ninja-houding van die tafel en liep al krijsend terug naar mijn kooi. Voor het geval ik door iets achtervolgd zou worden…

Een paar dagen lang heb ik mijn werktafel, met spaarpot en muntjes, vanaf een veilige afstand bestudeerd. Toen er niets geks gebeurde durfde ik het wel aan. Ze deed het een paar keer voor. Muntje pakken, in de spaarpot stoppen, heel trots zijn op eigen werk en nootje in ontvangst nemen. Dit kwartje viel heel snel! Binnen een paar dagen kon ik het zelf. Vanaf dat moment stond werken gelijk aan het verdienen van pijnboom- en zonnebloempitjes. Maar ook de onverdeelde aandacht terwijl we bezig zijn met deze hersenwerkjes vind ik heerlijk. 

Ik mag dan best snel leren maar mijn concentratie is die van een walnoot. Na maximaal tien minuten stoppen we. Zo blijft het leuk. Om de zoveel tijd wordt er langzaam iets nieuws geïntroduceerd. Zoals het spelletje “ringetjes over staafjes rijgen”. Toen dat lukte, ook nog eens op kleur! Want kleur herkennen hebben we voor het gemak ook geoefend. Sommige van jullie denken dat wij kleurenblind zijn. Daar is niets van waar. Ik zie wel degelijk kleur. Inmiddels kan ik rood, blauw en groen uit elkaar houden. Goed he!? Het benoemen van de kleur daar werken we nog aan. 

Naast het werken aan mijn werktafel kan ik ook al zwaaien, de high 5, en rondjes draaien. Sinds kort heeft ze het “targetten” ingevoerd. Een rode kraal op een stok die ergens op of in de kooi gehouden wordt en die ik op commando aan moet raken. Wekelijks zijn we bezig met dit soort hersenwerkjes. Het is leuk, leerzaam en ik leer mij te concentreren. Daarnaast bouw ik aan mijn vertrouwensband met haar en onbekende voorwerpen. Want die worden steeds iets minder eng.
En vertel mij eens, wat is jullie leukste hersenwerkje?

 

Amazone papegaai is aan het werk met gekleurde fiches

 

 

P.S.: Volg mij ook op Instagram.

 

 

***

Week één…

Na anderhalve week vrij te zijn geweest, tussen door nog kerst en oud&nieuw gevierd te hebben, moest ik halverwege deze week gewoon weer aan het werk. En nu zit de eerste week van het nieuwe jaar er gewoon al weer op. Het was een lekkere rustige week. Want ook op het werk stond de helft (van de klanten) nog in de dut-modus of was gewoon vrij. Dus ook daar konden we op het gemak opstarten en ons klaar maken voor een hopelijk actief en lekker druk jaar. 

De kerstboom ligt weer op zijn vertrouwde plek op zolder en de eerste nieuwjaarsborrels zijn een feit. Nummer één hielden we bij mijn schoonouders, onder het genot van een overheerlijk lopend buffet, drankjes, verlate cadeautjes en veel gezelligheid. Nummer twee werd gehouden met de dames van stal in het pannenkoekenhuis. Ook dit was weer veel te gezellig en we verlieten als laatste gasten het pand. Hopelijk lukt het ons om vaker etentjes of uitstapjes met elkaar te organiseren dit jaar. 

Verder had ik in de eerste week een gesprek met een nieuwe gastblogger. Het leek mij leuk als hij zijn avonturen en belevenissen met jullie zou delen. Hij moest er nog wel even over nadenken. Een Instagram-account is één ding. Maar een blog schrijven is natuurlijk andere koek. Uiteindelijk reageerde hij al snel na ons gesprek met een positief antwoord. Voor een vergoeding van een hele walnoot per blog zag ie het wel zitten. Wanneer zijn eerste blog zal verschijnen laat ik nog even in het midden. Maar dat Groene Draak zijn eigen column krijgt is zeker. 

Vorig jaar ging ik los tijdens de fitbit workweekhustles. Ik liep (en loop nog steeds) mee in diverse groepen. Er was voldoende uitdaging omdat er altijd wel iemand was die veel meer dan mij liep. Maar toch wilde dit niet altijd even goed lukken. Ik besloot mijn focus niet enkel meer op de stappen te leggen. Ik heb mijn dashboard anders ingedeeld en heb er drie onderwerpen uitgehaald waar ik meer aandacht aan wil schenken. Naast de stappen wil ik meer actieve minuten op een dag wegwerken en wil ik mijn verbruikte calorieren, iets waar ik nooit aandacht aan schonk, opschroeven. Kort gezegd: gewoon meer bewegen. 

Ik heb mijn historie van het afgelopen half jaar bekeken om zo te bepalen wat voor mij haalbaar zou zijn. Om mijzelf extra te motiveren mag ik aan het einde van de week 10€ in de spaarpot stoppen als achter ieder doel een groen vinkje staat. Aan het einde van dit jaar mag ik mijzelf trakteren op iets leuks. De eerste week was een tray-out. Ik verwachtte namelijk dat mijn doelen een beetje te hoog gegrepen waren. Uiteindelijk bleek dit niet het geval. Sterker nog, het ging mij makkelijker af dan ik verwacht had en mijn eerste tientje gaat vanmiddag al in de pot. Wanneer dit eenmaal is ingesleten kan ik mijn doelen nog wat opschroeven. Maar eerst hier maar eens aan wennen. En weet je wat? Na een week intensief en bewuster bewegen merk ik al verschil! Kom maar op met 2019!!! 

Al met al een lekker weekje, met rustig opstarten, veel gezelligheid en lekker actief bezig te zijn geweest. Hoe was die van jullie? 

 

 

***

(T)Huiswerk…

Ergens aan de periferie van mijn bewustzijn knaagt iets. Het is aanwezig maar ik kan er niet bij. Alsof mijn inspiratie om een hoekje staat te wachten. Het steekt zijn tong uit en iedere keer als ik kijk duikt hij weg achter het muurtje dat hersenschors heet. Nog even hoop ik stiekem op een spontane brainwave. Het geeft zo’n voldaan gevoel als ik mijn creatieve hersencellen aan het werk kan zetten. Dat kennen jullie toch wel? Dat gevoel waarbij je vingers als vanzelf over het toetsenbord vliegen en er binnen een mum van tijd een blog verschijnt.

Inmiddels staar ik al geruime tijd naar mijn beeldscherm als zoonlief tegenover mij komt zitten. Hij schuift van alles opzij om plaats te maken voor zijn survivalkit dat bestaat uit koekjes, chips en flesjes met ongedefinieerde plakzooi. Vervolgens tovert hij het ene na het andere document uit zijn schooltas. Tussen de ongeorganiseerde chaos komt ook nog een laptop mee. Hij schuift het ding zover naar achteren dat onze schermen elkaar raken. Mijn blik verplaatst zich van, naar over mijn scherm en even kijken we elkaar zwijgend aan. Daarna gaat mijn blik van links naar rechts over mijn, tot voor kort, opgeruimde tafel. Zoonlief staart mij nog steeds aan en laat zo op zeer subtiele wijze weten dat ik het niet in mijn hoofd moet halen er ook maar iets van te zeggen. Dat doe ik dan ook wijselijk niet. Voor nu heb ik namelijk voldoende aan mijn eigen werk. 

Door mijn andere afspraken deze week loop ik nogal achter met het schrijven van mijn blogs. Ik had de stille hoop dat in te kunnen halen nu ik wat meer tijd heb. Er staan wat loze kreten en halve zinnen op papier maar om nu te spreken van een blog?! Tot zover mijn inspiratie. Net wanneer ik op het punt sta mijn laptop dicht te klappen komt het kind tegenover mij tot leven. Hij brabbelt iets binnensmonds waaruit ik opmaak dat hij zijn boek uit heeft en nu aan de eerste van de zeven boekverslagen aan het werk is. “Dat vond ik altijd de leukste opdrachten.” Zeg ik hem. Daarmee heb ik zijn aandacht.  

Met een bak koffie en hernieuwde energie schuif ik even later weer achter mijn laptop. Zoonlief probeert mij te betrekken bij zijn huiswerk door heel subtiel wat vragen te laten vallen. Voor ik er erg in heb, heb ik hem met maar liefst vier vragen geholpen terwijl ik zelf nog aan het ploeteren ben op de eerste alinea van mijn blog. Bij vraag vijf besluit ik geen antwoord meer te geven. “Maar ik dacht dat jij dit zo leuk vond!!” Probeert hij nog verontwaardigd. “Ja vroeger! Nu tik ik blogjes! Althans, dat probeer ik.”

Bruisend van enthousiasme duikt hij weer achter zijn laptop. Het leven van een examinerende puber is echt HELL. De hongerspelen zijn er niets bij, wat een kwelling. Iedere volgende vraag word door mij beantwoord met een wedervraag. Ik merk dat zoonlief dit zonder al te veel morren oppikt en er zelfs over nadenkt. Een vraag van verschillende kanten bekijken en de mogelijkheid dit op diverse manieren te beantwoorden. Ik pik stiekem wat koekjes uit zijn voorraad. Die heb ik nu wel verdiend. Zijn docent kan trots op mij zijn. Zoonlief die (bijna) zelf zijn verslag heeft gemaakt en ik heb inmiddels voldoende inspiratie voor een blog. 

 

***

Een korte break…

Jeetje, ik heb het gevoel alsof ik maanden niet op mijn blog ben geweest. Ook met het bij-lezen van jullie blogs loop ik gigantisch achter. Ik ben er gewoon even tussenuit geweest. Het lag niet geheel in de planning om een break in te lassen maar het kwam toevallig zo uit. Uiteindelijk voelde het goed om niet na te hoeven denken waar ik nu weer eens over zou gaan schrijven. Het klinkt net alsof ik er vreselijk veel moeite voor moet doen. Maar dat is geenszins het geval. Het is soms goed om even een pauze in te lassen. Zelfs zoonlief heeft een break van de voetbal. En omdat hij een zomerstop heeft, heb ik dat ook. Even geen voetbalplaatjes en volgepropte zaterdagen.

Dat brengt mij direct bij een leuk uitje dat ik had met oom B. Eind mei zaten we “in een hutje op de hei” met links en rechts van ons een koppel haviken en buizerds. Voor ons bevond zich een watertje waar de kleinere vogelsoorten zoals het roodborstje, de boomklever en appelvinkjes konden badderen. Ik denk dat ik er, naast de voetbalfoto’s, een serieuze hobby bij heb. Het is echt tof om zo dichtbij de vogels te komen en ze in hun natuurlijke omgeving op de foto te zetten. We hadden weer wat leermomenten. Dus later in het jaar gaan we dit nog eens overdoen.

Buizerd op tak  Havik met duif als prooi 

Zie voor meer foto’s mijn eigen *instagram*

Ook zijn we nog een week met vakantie geweest. Voor het weer hadden we echt niet weg gehoeven, want de temperaturen waren hier net zo subtropisch als in het zonovergoten Egypte. Vriendlief was jarig en wilde die dag in alle rust doorbrengen. Dat is dan ook precies wat gedaan hebben. De dagen er voor en erna trouwens ook. Het was lang geleden dat wij samen zijn weg geweest waarin we ook nog eens helemaal niks hebben gedaan dan enkel lekker luieren. Het was een mooi resort met grote kamers en goed eten. Daar zouden we zeker nog eens naar terug willen.

Minder leuk was het nieuws dat ik ontving toen we net een dag in Egypte waren. Poownie had zich lelijk verstapt met een peesblessure tot gevolg. Een aantal stalgenoten heeft de zorg op zich genomen. Ze zijn meerdere keren per dag met hem in de weer geweest en hebben hem verzorgd alsof het hun eigen paard was. Wat was ik blij met hun goede en liefdevolle zorg voor Poownie. Dankzij hen kon ik toch nog redelijk genieten van mijn vakantie. Poownie is nog steeds aan het herstellen en zal langer moeten revalideren dan hem lief is.

Het was nog steeds subtropisch warm in Nederland toen wij terug kwamen van vakantie. Dat weekend zijn we er met de boot op uitgetrokken. Zelfs zoonlief had er zin in. Eerst was het tijd voor wat stunt en stuiterminuten met de funtube. Daarna kwam het wakeboard te voorschijn. We kwamen er achter dat het springen over golven nog niet zo makkelijk is. Wanneer je met 30 km/ph op het water klapt en je, je oogballen tegen de achterkant van je schedel aan voelt klappen weet je dat je iets niet goed hebt gedaan. Na diverse pogingen zaten zoonlief en ik samen op het voordek onze oogballen uit te deuken en bij te komen van wat verschoven nekwervels en een ingeklapte long. Samen bespraken we wat er fout ging om het een volgende keer opnieuw te gaan proberen…

 

 

***

Op verkenning…

Terwijl Rotterdam langzaam volstroomde met hardlopers en toeschouwers voor de Rotterdam Marathon, besloten wij de rust op te zoeken. Met een graad of 20 was het namelijk prima weer om de Brabantse Biesbosch eens te gaan verkennen. In alle vroegte togen we al naar de haven. Daar moesten wat touwen op lengte gemaakt worden. Er lag her en der nog wat rommel dat een vaste plaats toegewezen moest krijgen en ook de koelkast moest bijgevuld worden. Nadat al deze klusjes gedaan waren en de koffie er in zat, konden de trossen los.

Het vorige seizoen hebben we de Dordtse Biesbosch leren kennen. Daar wisten we al snel welke route wel en welke we niet konden varen. En niet geheel onbelangrijk, waar we voor anker konden om ongestoord te kunnen genieten van de rust en de natuur. De Brabantse Biesbosch is voor ons onbekend terrein. Gelukkig lag er nog een kaart van dit gebied aan boord met daarop de dieptes van het water. Deze bleek vandaag goed van pas te komen. Het water kan nog zo breed zijn, dat wil niet zeggen dat het ook diep genoeg is om er doorheen te varen. Her en der liggen zandbanken die niet altijd goed zichtbaar zijn. Zo is het water nog 5 meter diep en dan opeens heb je maar 10 cm speling onder je boot. Vastlopen is wel het laatste waar je op je eerste ontdekkingstocht op zit te wachten.

Aan de hemel staat een waterig zonnetje en het uitzicht is wat heiig. Ergens aan de horizon zie ik twee boten voorbij komen maar verder is het zo goed als stil. Het water is spiegelglad. Het is dat het water nog te koud is maar anders zouden dit prima wakeboard omstandigheden zijn. Om nu alvast een idee op te doen waar we van de zomer kunnen vertoeven, stippelen we een route uit met strandjes, haventjes en aanlegplekken. Al varende komen we op heel leuke plekjes. Zeker wanneer we één van de kleinere aftakkingen in varen. Het is een kronkelige route die uiteindelijk weer op het brede water uitkomt. Het gebied doet nog een beetje kaal aan. Maar over enkele weken staat alles weer in bloei en dan is het prachtig om hier doorheen te varen.

Na een uurtje wint de zon steeds meer terrein. En met de zon komen daar ook steeds meer water recreanten. In de zomer zal het hier wel erg druk zijn. Gelukkig is het een groot gebied. Voor onze neus vaart er een boot van één van de aanlegsteigers, die hier en daar te vinden zijn, weg. Dat is nog eens geluk hebben. Op het moment dat de zon echt doorbreekt liggen wij op een goede plek, midden in het water, midden in de natuur. Vriendlief neemt na een half uur zonnen de buitenkant van de boot onderhanden. Zelf begin ik vast aan een blog. Want een betere inspiratie dan aan boord vind ik niet!

Vanuit de “voortent” van onze drijvende caravan zie ik van alles gebeuren. Kinderen en honden rennen op het strandje voorbij. Twee mensen duiken het water in, dat niet warmer is dan 10 graden. Ze zijn er ook heel snel weer uit. Motorbootjes, zeilbootjes, grote jachten, het komt hier allemaal voorbij en iedereen zwaait naar elkaar. Het is echt heel leuk toeven hier. Ja, ik denk dat wij onze draai wel kunnen vinden op het Brabantse water!

Logboek van een kapitein met uitzicht op het water

 

***