Dat moest anders…

Al een jaar of twee loop ik met een ​activity tracker rond mijn pols. De eerste was een stappenteller van Jawbone. Ik had altijd de indruk dat ik wel voldoende bewoog. Het was daarom schrikbarend om te zien hoe vaak ik op mijn gat zat. Het doel, 10.000 stappen per dag, was voor mij in het begin niet eens een haalbare doelstelling. Ik werd mij er van bewust dat ik al enige tijd steeds minder en minder bewoog in tegenstelling tot wat ik dacht. En dat werd ook nog eens pijnlijk in beeld gebracht door de app op mijn telefoon. Een openbaring, dat dan weer wel. Toen mijn Jawbone het voor gezien hield stapte ik over op de Fitbit. Een activity tracker die naast horloge en hartslagmeter ook dienst doet als wekker. Een erg fijn systeem met bijbehorende app.

Halverwege dit jaar besloot ik ook eens mee te doen aan de Workweek Hustle. In een groep neem je het dan al lopend tegen elkaar op. Variërend van een dag tot een week. Ik kwam er al snel achter dat het erg verslavend werkt. Er bleek zelfs een FB pagina van Fitbit te zijn waar je naast alle voorkomende vragen ook deel kunt nemen aan deze Hustles. Compleet met team captains, die aanmoedigen en je stand bij houden. Daardoor raakte ik alleen maar gemotiveerder en inmiddels zit ik in meerder groepen. Het bijhouden hiervan is bijna een dagtaak! Want zo neurotisch als ik ben, moet ik natuurlijk wel wat mensen verslaan.

Dat ging overigens niet zo makkelijk. De eerste paar keer bungelde ik ergens onderaan. Deed met moeite mee in de middenmoot. En de top? Die zag ik nooit. Terwijl sommige lopers om 15.00 uur al ver boven de 10.000 stappen waren, had ik nog niets eens 4000 op de teller staan. Via de chatfunctie vroeg ik hoe deze dames dat toch steeds deden. De één bleek kleuterleidster te zijn, de ander serveerster. Terwijl ik de hele dag op mijn luie achterwerk het vuur uit mijn vingers aan het typen ben, rent de één achter de kleuters aan terwijl de ander rond loopt met een dienblad vol koffie en gebak. Dat moest dus anders!

Tegeltjes wijsheid

Ik ging de strijd vol overgave aan. Als ik er voor betaald zou worden liep ik letterlijk binnen!! Vanaf dat moment behoor ik geregeld tot de top drie. Overigens niet zonder slag of stoot. Ik moet er wel behoorlijk wat voor doen. Ik ga sinds kort lopend naar het werk. Dat geeft mij bij een retourtje al 6000 stappen. Wanneer het met de tijd niet uitkomt pak ik de fiets. Want ook dat zijn dus kostbare “stappen”! Ik haal zes keer per dag koffie voor de collega’s. Ook als ze niks willen. Breng iedere brief persoonlijk naar de postkamer en stop niet bij mijn eigen afdeling maar ren de trap nog even op naar de vierde en weer terug. Want die tellen ook! Ik drentel voor ieder printje naar de printer en doe graag de deur open voor klanten. Ook als ze niet voor mij komen.

In al die weken ben ik pas twee keer eerste geworden. De andere deelnemers zijn flink wat actiever. Omdat je iedere week wordt ingedeeld met deelnemers die de week ervoor ongeveer het zelfde aantal stappen hebben behaald blijft het een leuke uitdaging om op een sportieve manier toch aan je beweging te komen. De 10.000 om 15.00 uur op een werkdag ga ik (nog) niet halen. Maar ik kom nu in ieder geval gevaarlijk dichtbij.

Advertenties

To bike or not to bike… 

Het zonnetje staat alweer vroeg te stralen. De lucht is hemelsblauw en er hangt een robijntje frisheid in de lucht. Het belooft een mooie dag te worden. Zelfs de vogeltjes lijken er vrolijker van te kwetteren. Dit alles brengt mij in vakantiestemming. Mijn rugzak hijs ik iets verder op mijn rug. Jump op mijn fiets en cross naar de zaak. Tot zover het vakantiegevoel. Ik dender op in hoogste versnelling het park door. Wandelaar met hond links. “Moggûh!” “Moggûh!” Vlieg in mijn oog rechts. Aaah prik-prik. Jank-jank. Hierdoor zie ik het gat in het wegdek te laat. Vlieg, nog steeds in de hoogste versnelling, door de kuil. In gedachten zie ik mij al sierlijk van mijn fiets af stuiteren om vervolgens met mijn tandjes de rest van de remweg over het asfalt te schrapen. Gelukkig vind ik op tijd mijn evenwicht terug en doe alsof dit allemaal bij mijn ochtendroutine hoort. “Moggûh”. Groet ik de volgende wandelaar met hond.

Op de zaak aangekomen voelen mijn bovenbenen verzuurd aan. Echt, serieus het is hooguit 10 minuten fietsen maar het voelt alsof ik zes keer de Alpe d’huez op gereden ben. “Vroeger” crosste ik half Nederland door op de fiets. Op een platte band na, nooit ergens last van. Een paar weken terug besloot ik wat vaker de fiets te pakken. Ook naar het werk. De neuroot in mij kan het natuurlijk niet laten om van ieder fietsritje een sprint te maken. Nu voel ik dus mijn bovenbenen. Om de eerste week nog maar niet te spreken over de zadelpijn. Dus… Tot zover mijn topconditie. Toch vind ik het erg leuk. Zo leuk zelfs dat ik al stiekem een klein beetje aan het rond kijken ben voor een snellere fiets. En dan bedoel ik geen E.bike. Maar een echte bovenbeen-verzurende-fiets. “Ooooh”  hoor ik de trouwe lezer al denken. “Sporty Spice heeft weer iets verzonnen hoor!”

Tja, een mens moet nu eenmaal wat te willen hebben. In mijn geval, te doen hebben. En oké, toch wel iets te willen hebben. Een racefiets, mountainbike of misschien een combinatie van alle twee, een hybride. Zoveel keus dat ik er echt in moet duiken om te kijken wat bij mij past. De vraag is: wat wil ik er mee? Ik hoef niet met een gangetje van 40 kilometer per uur over de weg te knallen. Maar langere afstanden op een, iets hogere snelheid dan nu, lijkt mij wel wat. Op de fiets naar Poownie bijvoorbeeld. Tochten maken. Het liefst met één of meerdere mensen. Die het leuk vinden om wat van de omgeving te zien en tegelijk aan de conditie willen werken.

Hoe langer ik hier mee bezig ben hoe meer ik het zie zitten. Misschien eens een praatje maken met de fietsenmaker op de hoek. Toch ben ik een beetje bang dat mijn verslechterde, lichamelijke conditie mij in de weg gaat zitten. Met name mijn knietjes. Heb ik mij straks helemaal blij gemaakt met een fiets en toebehoren om er achter te komen dat mijn knieën het niet aankunnen. Tja, hier ga ik denk ik maar op één manier achter komen… Voor nu geen haast. Eerst maar eens goed oriënteren. Ik ben wel benieuwd of er fietsers onder de lezers zijn die mij misschien wat tips kunnen geven?

In beweging…

Met het korter worden van de dagen, in 2016, namen ook mijn bewegingsdoelen af. Ik had het niet eens in de gaten tot de winter voor de deur stond. Dat minder bewegen invloed op mij had is een ding dat zeker is. Ik voelde mij geregeld net zo depressief en nutteloos als het slechte weer buiten. Ik verdeed mijn tijd met dom gezap of stompzinnig staren naar mijn rechthoekige apple. Deze bezigheden gaven totaal geen voldoening. Het irriteerde mij. Na een paar weken zo erg, dat ik mij irriteerde aan mijn ge-irriteer. Dat was op zijn zachtst gezegd, niet goed. Tijd voor verandering. Ondanks de feestdagen die voor de deur stonden, besloot ik het roer om te gooien. In mijn laatste blog van het jaar schreef ik niet voor niks dat ik in 2017 naast veel fotograferen en met de boot weggaan ook meer buiten wilde zijn.

Weer of geen weer, ik moest van mijzelf naar buiten. Bezig zijn. Rondje wandelen. Met de fiets weg. Uurtje grazen met Poownie. Zolang ik maar frisse lucht kon snuiven. De heren kreeg ik niet mee. Geen zin, te koud of een afspraak met hun Ipad. Ik stond er helaas alleen voor in deze queeste. Nu ik vaker buiten te vinden was begon ik zelfs te verlangen naar mijn hardlooprondjes. Door een knieblessure was dit al meer dan 1,5 jaar van de baan. Ik besloot het schema van de fysio er bij te pakken en aangevuld met diverse oefeningen van internet, aan de slag te gaan. “Niet te hard van stapel lopen!!” Riep mijn ervaring uit het verleden. Hardlopers zijn immers doodlopers. Echter raakte ik zo enthousiast dat het roei-apparaat eveneens onder het stof vandaan gehaald werd.

Door de oefeningen die ik een paar keer per week deed bleef de pijn in mijn knie weg. Daardoor kon ik langere afstanden wandelen. Dat was alvast een positieve boost die ik er van kreeg. Langzaam begon de hoop, dat ik weer zou kunnen gaan hardlopen zonder pijn, te groeien. Ik ging goed. Ik ging lekker. Maar net als bij zoveel dingen kwam ook hier na een paar maanden de klad er in. Te veel afleidingen en excuses om iedere keer met iets anders bezig te zijn dan mij lekker in het zweet te werken. Terwijl ik het zo lekker vind om mijn spieren te voelen. De voldoening na een training of flinke wandeling te ervaren. En te merken dat mijn conditie er op vooruit gaat. Het vlees is zwak, zullen we maar zeggen. De eerste drie maanden gingen als een speer. Eenmaal terug van een week wintersport was het een drama om opgang te komen.

Wat is dat toch, dat ik het niet vol kan houden? Zo moeilijk is het toch niet? Is de wil dan niet groot genoeg? Boos worden op mijzelf heeft totaal geen nut. Ik wil juist de negatieve nutteloze energie omzetten in iets positiefs. Dus, sportkleding aan en een schop onder mijn hol. Om mijn doel wat hardlopen betreft, concreter te maken heb ik de basislessen “hardlopen met Evy” alvast op mijn Ipod gezet. Nog even een paar weken de spieren aansterken en dan heel voorzichtig beginnen. Ja!! De wil is er wel degelijk en is in ieder geval groot genoeg om door te gaan met mijn oefeningen. Voor nu “roei” ik mij door de weken heen en hoop ik op een pijnloos rondje hardlopen in mei! Duimen jullie mee?!

Weer bijna de oude…

Halverwege de wintersportvakantie werd ik plots overvallen door een kaak/keel ontsteking. Het ene moment was er niks aan de hand, het andere moment kon ik amper slikken en praten. En niet alleen ik, nog drie familieleden waren getroffen door een virus. Er werden zakdoekjes, neusspray en keelsnoepjes ingeslagen en uitgewisseld. Op de piste was er gelukkig niks aan de hand. De frisse berglucht doet wonderen. Maar eenmaal weer binnen sloeg het ellendige gevoel weer toe. Gelukkig heeft het de pret niet bedorven, eten ging namelijk prima.

Tijdens de vakantie kon ik alles nog redelijk onderdrukken. Bij thuiskomst brak het virus in alle hevigheid door. Bijna de hele week leefde ik op paracetamol, neusspray, keeltabletten en thee met honing. Met af en toe een boterham om de maag rustig te houden. Daarnaast zat mijn neus bomvol snot waardoor de druk op mijn hoofd en oren niet te harden was. Van ellende kon ik mijn ogen amper open houden. Of dat nog niet genoeg was kreeg ik er een ontstoken oog bij en door al het geblaf schoot het ook nog eens in mijn rug. Ik geef het niet graag toe, maar ik was dus echt heel erg zielig.

En wanneer ik zielig ben is de bank de aangewezen plek om mijn tijd op door te komen. Vroeger, als ik ziek was, mocht met mijn kussen en dekbed op de bank liggen en de hele morgen tv kijken. Ik keek graag naar Engelse en Duitse zenders. Daar werden series en tekenfilms op uitgezonden terwijl er in Nederland keuze was uit “koffie tijd” en reclame (door “It’s Amazing Mike…”) Aangezien mijn moeder mij graag weer naar school zag vertrekken werd ik verplicht om thee met citroen & honing te drinken voor mijn keel en soep te “eten” om aan te sterken. Dat eerste deed mij kokhalzen en de tweede deed mij flauwvallen alleen al bij de gedachte. Ik kreeg het beide niet weg. Dat is inmiddels wel anders, hoewel ik nog steeds geen soepmens ben.

kat ligt op rug van baasjeKleine krijger, die gelukkig alweer heel wat aan de betere poot was, waakte die week over mij zoals alleen een kleine krijger dit kan. Met zijn hoofd op zijn voorpootjes lag hij op mijn borst, en als het niet anders kon op mijn rug. Zodra ik mijn ogen open deed waren de ogen van kleine krijger de eerste die ik zag. Hij dwong mij nog net niet mijn thee met honing of soep naar binnen te werken. Terwijl de heren naar school en het werk waren hebben wij samen heel de week op de bank door gebracht.

Inmiddels heb ik er al (blaffend) een week werken opzitten. Heb ik Poownie met een bezoek vereerd en heb ik alweer wat plaatjes bij de voetbal geschoten. Gelukkig voel ik mij alweer redelijk de oude. Alleen de conditie lijkt helemaal weg. Hijgend en puffend loop ik de trap op en ook een wasje ophangen kost mij meer energie dan normaal. De afgelopen week lag ik rond 21.00 uur al voor pampus op de bank. Hopelijk kan ik na dit weekend weer voorzichtig aan proberen wat langere wandelingen te maken en weer wat te gaan sporten. Want dat heb ik toch wel heel erg gemist.

Eindeloze berg…

“Waar had jij ook alweer leren snowboarden?” Vraagt mijn vriendin over de app. Ik stuur haar wat informatie terug en direct bedenk ik mij dat ik ook nog een afspraak met de skischool wilde maken. “Ah wat grappig dat je er over begint. De wintersport komt met rasse schreden dichterbij en ik wil graag mijn techniek wat opschroeven.” App ik er achteraan. “Tof!! Ik ook, maar dan om mijn ski-techniek op te krikken! Zullen we samen gaan?” Krijg ik terug. Zo kwam het dat we midden in de week afspraken bij de indoor ski- en snowboardhal een dorp verderop.

Het is alweer zes jaar geleden dat ik besloot te leren snowboarden. Een keuze die mijn vakantie-leven drastisch op zijn kop zette. Mijn eerste ervaring met snowboarden was op een ronddraaiende mat. Deze eindeloze berg liet mij bij les één al weten dat er niet met hem te sollen viel. Ik kwam er al snel achter dat ik spieren had waar ik het bestaan niet vanaf wist. Deze mat was zes weken lang een marteling. Iedere keer kwam ik gebroken thuis en had minstens drie dagen last van spierpijn. Ik hield vol. Het was lang geleden dat ik zoveel voldoening haalde uit het leren van iets nieuws.

De volgende uitdaging was het geleerde in praktijk brengen. Mijn obsessie sloeg langzaam om in een nieuwe hobby waar ik iedereen in meesleepte. Ik bracht uren door op een indoor skibaan. De spierpijn werd minder. Evenals het vallen en opstaan. Ik kreeg het zowaar onder de knie. In de vakanties die volgden was het vooral veel doen. Ieder jaar ging het beter en soepeler. Dit jaar wil ik optimaal van mijn vakantie genieten. Dat bracht mij weer terug naar die eindeloze berg.

“Zo, dus dit is het? Waar is de foampit voor als ik gelanceerd wordt?” Zegt mijn vriendin als ze de ronddraaiende matten ziet. Ik schiet in de lach. “Die gasten zetten de baan direct stil als je valt.” “Weet je dat heel zeker?” Zegt ze, terwijl ze mij bedenkelijk aankijkt. Niet veel later worden we geholpen aan onze spullen. Komt de instructeur zich voorstellen en kan onze les beginnen. De skiërs mogen eerst! Vriendin staat eerst wat onwennig op de baan, maar al snel heeft ze het ritme te pakken. Eerst komt het remmen aan bod. Daarna volgen er diverse oefeningen om van links naar rechts op de baan te kunnen schuiven. Na 10 minuten wordt er gewisseld en mogen de boarders.

Even ga ik zes jaar terug in de tijd. Ik voel mij stuntelig, houterig en sta allerminst charmant op mijn plank. “Sneeuw is anders dan deze mat he?!” Grinnikt de instructeur. Gelukkig heeft hij het beste met mij voor. “Wanneer het hier goed gaat, is de sneeuw appeltje eitje!” De bar mag ik vooral niet vastpakken. “Is er op de berg ook niet!” Roept hij. Verder moet ik veel meer relaxen. Want, “Boarders zijn relaxte gasten!” De rest van het uur wisselen de skiërs en boarders elkaar af. Het lukt ons steeds beter de aanwijzigingen op te volgen.

Aan het einde van de les, die maar een uurtje duurde, zijn we alle twee verrot. Mijn t-shirt zit vastgeplakt aan mijn rug en ik sta te trillen op mijn benen. Zo relaxt als ik kan strompel ik naar de bar. Eerst wat drinken! “En het plannen van een vervolg les!” Roepen we in koor!

Roparun 2016…

De wekker ging om 03.30 uur, zodat ik op tijd bepakt en bezakt bij de afgesproken plaats zou zijn. Ik was niet eens een loper of fietser maar toch was ik op van de zenuwen. Jeetje, in wat voor avontuur stort ik mij nu toch weer? Wist ik veel waar ik een jaar geleden “ja” op had gezegd. Dat wist ik natuurlijk wel, maar niet wat voor “emoties” daar allemaal bij kwamen kijken. Ik zou er in ieder geval snel genoeg achter komen. Ik was niet de eerste toen ik mijn auto voor de poort tot stilstand bracht. Een van de chauffeurs en een masseur stonden al te wachten tot het hek open zou gaan. Niet veel later kwamen de andere teamleden aan. Al dan niet met een voertuig dat mee moest.

De reis naar Parijs ging rond 05.00 uur van start en verliep heel voorspoedig. Voor we het wisten kwamen we aan bij de start. Daar kregen we een plek aangewezen om onze voertuigen te parkeren. Ik keek mijn ogen uit. Het ene team nog mooier aangekleed dan het andere en voertuigen omgebouwd tot complete woonwagens. We hadden nog wat tijd dus konden snel het terrein verkennen, omkleden en op zoek naar de pastapartytent. Daarna nog even een fotomoment op de inmiddels beroemde Roparunheuvel.

Roparun 2016, Foto Hamar, goede doel

Onze start was om 13.17 uur en onder luid applaus van alle toeschouwers vertrokken onze eerste loper en fietsers. Team A was nu definitief gestart. Team B en het basiskamp moesten er nu voor zorgen dat alle andere spullen vervoerd zouden worden naar de eerste tussenstop die gepland stond in Nery.

Vanaf dat moment snapte ik pas goed wat de bedoeling was van het op- en afbouwen van het kamp. Eten klaarmaken voor de rustende lopers en klaarzetten voor de aankomende lopers. Masseurs die klaar stonden of al bezig waren met het losmaken van spieren. Spullen klaar zetten voor de wissel die over een paar uur zou plaats vinden. Maar vooral ook je rust pakken wanneer je kon. Het was lekker weer dus streken een aantal van ons neer op het stukje gras naast de kerk. Team A belde dat ze over ongeveer een uurtje zouden arriveren. Zo had het basiskamp de tijd om eea in orde te maken en team B kon zich opmaken voor een wissel.

Met beide teams ben ik een etappe mee geweest. Ik vond het leuk om nu zelf te zien en te ervaren hoe het er tijdens de run aan toe gaat. De eerste loper wisselt na een kilometer met de tweede loper. Die door het “lopers-busje” is afgezet. Zodra loper één zit rijd het busje een km verder om daar loper twee en drie te wisselen. In totaal zijn er vier lopers. En per team een eigen chauffeur en navigator. De loper zelf wordt bijgestaan door twee fietsers die ook navigeren. Dit herhaalt zich ongeveer 520 km. Tussen de wissels door moet er ook nog geslapen, gemasseerd en gegeten worden. Erg veel tijd is daar natuurlijk niet voor.

Op zaterdagmiddag 14 mei om 13.17 uur vertrok ons team vanuit Parijs. Op maandagmiddag 16 mei om 14.44 uur zijn we gefinished in Rotterdam.  In totaal hebben we er 49.27 uur over gedaan, met een snelheid van 10.55 km/ph. Wat een bijzondere ervaring om dit zo mee te mogen maken. Heel weinig slaap, veel op de been, veel te weinig wc’s onderweg en een team met voor mij allemaal onbekenden. Leuk is niet het juiste woord voor deze drie intense dagen. Ondanks het vele lachen onderweg’. Bijzonder mooi en op sommige stukken toch ook wel emotioneel, dat dan weer wel!! Een mooie ervaring die ik niet had willen missen.

Roparun 2016, Foto Hamar, Goede doel, Rotterdam.

Team 282 Inner Circle Runners, jullie zijn toppers!!

 

Nog twee dagen…

Daar zaten we dan, bij een van de lopers thuis. De laatste teambespreking voor we ons op een driedaags avontuur zouden storten met weinig slaap en veel sportiviteit. Er hing een ontspannen en gezellige sfeer. Hierdoor begonnen we wel wat later dan gepland maar dat mocht de pret niet drukken. Hoewel een hoop zaken al rond waren moesten er toch ook nog wat cruciale dingen besproken worden. Dus toen de koffie was uitgedeeld, de koeken waren rond gegaan en iedereen eindelijk zat kon de laatste teambespreking van Roparun team 282 Inner Circle Runners beginnen!

Het is verbazingwekkend wat er allemaal bij een grootschalig evenement als dit komt kijken. En dan heb ik het nog niet eens over de organisatie van de Roparun zelf. Alleen het op poten zetten van een eigen team is al een hele klus. Het vinden van voldoende mensen voor de juiste taken is best een uitdaging. Wanneer je compleet denkt te zijn vallen er toch mensen af door blessures of andere verplichtingen. Als het team dan eenmaal geformeerd is kan het feest beginnen. Er moet van alles geregeld worden. Waar moeten we slapen? Met welke vervoersmiddelen gaan we dit avontuur aan? Wat eten we en wat nemen we hier voor mee? Wat voor kleding dragen we? Hebben we voldoende navigatie en hoe houden we onderling contact? Dit alles kost geld. Als team wil je zoveel mogelijk geld binnenslepen voor het goede doel. Maar je wilt ook de kosten dekken die noodzakelijk zijn voor dit driedaags evenement.

Er zullen dus acties georganiseerd moeten worden waarbij geld binnen komt. Zoeken naar sponsoren is ook een optie. Bedrijven zo gek zien te krijgen om het team te geven wat het nodig heeft en zelfs nog ietsje meer, voor het goede doel uiteraard! De sponsoring hoeft niet altijd een geld bedrag te zijn. Het ter beschikking stellen van voertuigen, eten, drinken en bijvoorbeeld kleding is ook een optie. Al met al is het organiseren niet zomaar gedaan. Maar voor mensen die het aanspreekt een heel leuke uitdaging.

We zijn inmiddels ruim een half jaar verder sinds de eerste teambespreking. Na alles wat ondernomen is, zijn wij er zo goed als klaar voor. Vanaf zaterdag 14 mei zijn wij, samen met alle deelnemende teams, live te volgen via deze link *klik*

Ook kan er nog steeds gedoneerd worden:
*Uw wilt doneren? Graag!!* en kies voor team 282 Inner Circle Runners.
Het geld dat je overmaakt via deze link zal in zijn geheel worden gebruikt om de kwaliteit van leven van kankerpatiënten te verbeteren en is NIET om onze activiteiten tijdens de Roparun te bekostigen!!

Onze dank gaat ook uit naar onze sponsoren. Want zonder hen hadden wij dit niet kunnen doen!! In willekeurige volgorde:

– Stay Connect
– Smart Elektrotechniek
– ALtime Timmer & montagebedrijf
– Roovers Handelsonderneming
– Tyres In Stock
– Belasting Service Dienst (BSD)
– FW Administraties
– Autobedrijf Los BV
– Dirk vd Broek Zwijndrecht
– Kaatje Jans Delicatessen
– Timmerfabriek Jongbloed Winschoten
– Probin Papendrecht
– Ab Mauri Dordrecht

Ik heb er zin in, maar ben toch ook wel zenuwachtig. En ik hoef mij niet eens af te vragen welke hardloopkleding ik in moet pakken. Wel welke lens ik mee zal nemen! Mijn taak is het vastleggen van de belevenissen van team 282 Inner Circle Runners. Maandag 16 mei hopen we tussen 15.00 uur en 17.00 uur te finishen in Rotterdam. Nog twee dagen, dan is het zover…

ROPARUN, Inner Circle Runners 2016

Een toerke doen…

“Wat leuk om jou te zien, wat doe jij hier!!” Roept iemand met een wax hoed op en dito jas aan. Een van de dames herkent de cowboy en gilt enthousiast dat we een toerke gaan doen. “Een toerke doen?” Herhaal ik schaapachtig. “Ja joh, dat is Brabants!” Zegt mijn andere buurvrouw lachend. Haha een rit van 20 km vind ik niet bepaald een toerke. Gezien mijn fysieke gesteldheid zou ik het eerder een uitdagende onderneming willen noemen. Gelukkig was ik niet de enige van het stel die zich afvroeg hoe we ons aan het einde van de rit zouden voelen.

De Terheijdense Paardendagen werden dit jaar op 9 en 10 april georganiseerd. Dit paardenevenement is in en om Terheijden een hele happening. Terheijden is voor mij een onbekende plaats, net als het evenement. Er was van alles te doen. Naast de lente fair, werden er ook (mini)marathonwedstrijden gereden. Kon je zelf een ritje op de kar maken. Waren er verschillende demonstraties en ook aan de aller kleinste was gedacht. De zondag stond in het teken van de recreatierit. Eerder dit jaar werd mij gevraagd of ik ook zin had om mee te doen. Een buitenrit door het bos, daar had ik wel oren naar.

Niet iedereen op stal heeft de beschikking over een trailer. Het was daarom even puzzelen welk paard bij wie in de trailer kon. Uiteindelijk was er een indeling en konden alle 8 paarden mee, om zoals gezegd een toerke te doen. Gelukkig waren ook de weergoden ons goed gezind. Het was namelijk een prachtige zonnige dag. Een dag die al heel vroeg, maar goed begon. De staleigenaresse had voor koffie met wat lekkers gezorgd. Op een nuchtere maag  komen we niet zo ver. Daarna werd Poownie nog snel even door de wasstraat gehaald voor hij naast zijn nieuwe vriendin in de trailer stapte.

Het was nog geen 10 km van stal. Toch had ik het gevoel dat we in een compleet ander deel van Bos, hei, ruiterpadNederland waren. Voor mensen die daar bekend zijn: we zaten op de Vrachelse heide. Nog nooit van gehoord en al helemaal niet bekend. Dit stukje bos is een verademing vergeleken bij de randstadruiterpaden die Poownie en ik gewend zijn. De geur van dennenbomen deed mij meevoeren naar zomerse avonden en uren wandelen door bos en over hei. Helaas waren wij niet de enige die genoten van het mooie weer. Hordes fietsers, wielrenners (ook fietsers maar dan een stuk vervelender) motorrijders en honden waren ook van de partij. Gelukkig gunden een hoop van deze recreanten elkaar de ruimte tijdens deze heerlijke dag.

Bos, hei, buitenrit

De route was redelijk goed aangegeven. Volg de pijltjes. Dat bracht hier en daar wat verwarring, waardoor het even duurde voor we onze lunchplek gevonden hadden. We werden al opgewacht met een kop soep, heerlijke broodjes en wat te drinken. Na 1.5 uur gereden te hebben was ik blij dat ik mijn benen kon strekken. De pauze van een half uur werd afgesloten met een groepsfoto waarna de laatste etappe kon beginnen. Onderweg hielden we nog eenmaal een pitstop voor een fruithap, aangeboden door de organisatie. Ergens misten we een pijltje waardoor km 18 en 19 overging in 21 en 22. Maar ach, het was mooi weer en kei gezellig.

Dit soort teambuildingsuitjes met de dames van stal moeten we vaker doen. Daar was iedereen het over eens. De spierpijn viel gelukkig reuze mee. En als klap op de vuurpijl stonden we de volgende dag ook nog in de krant!!Krant, foto, terheijden, paardendagen

Everybody Jump…

Onze paasdagen verliepen iets anders dan gepland. Sterker nog ik had niks gepland. Vriendlief moest werken en zoonlief zou deze dagen elders doorbrengen. Ik had gerekend op twee pyjama dagen met lekker veel thee, chocolade eieren en een goed boek. Maar door omstandigheden ging het weekend van zoonlief niet door. We waren dus samen thuis. En aangezien ik zoonlief niet blij maak met thee en een goed boek hadden we thuis niet veel te doen. Dit vroeg om plan B. Ik herinnerde mij een youtube filmpje dat hij een tijdje terug had laten zien. Ik dook het internet op, vond wat ik zocht en reserveerde 2 kaartjes.

“Yes gaan we daar echt heen?!” Was zijn eerste reactie. “Is het maar een uurtje?” Was zijn 2e reactie. Dat vond ik zelf ook erg kort maar het was iets te prijzig om 2 uur te reserveren. Een kwartier voor we naar binnen mochten kwamen we aan bij Jumpsquare in Nieuwegein. Een indoor trampolinepark. Volgens zeggen de grootste van Europa. Na het tonen van onze reservering ontvingen we alle twee een paar zeer charmante sokken met anti slipprofiel aan de onderkant. Terwijl wij in het horecagedeelte stonden te wachten tot we het “luna park” mochten betreden keken we onze ogen uit. Overal rennende gillende en springende mensen. Die ook nog eens de ene na de andere acrobatische sprong lieten zien. Wauw!! Als kind droomde ik van dit soort parken! Nu ben ik er, maar helaas wat te oud om achterwaartse salto’s te maken.

Toen het licht op groen sprong en de nieuwe lichting nog fris en onbezweet naar binnen mocht, renden we als een stel maffeJumpwn, fun, springen, trampoline kinderen (nou vooruit, een van ons voldoet nog aan dat profiel 😜) naar het achterste deel. Een aaneenschakeling van grote en kleine trampolines. na 3 minuten springen wist ik dat 1 uur ook precies genoeg was!! Buiten adem renden we van de ene hoek naar de andere. Halverwege het park staat de foampit. Een grote bak met foamblokken. Voorzien van een slackline waarbij je je evenwicht kunt testen. En twee startblokken aan de andere kant waar je de meest gekste capriolen kunt uithalen. Landen doe je zacht. De pit uitkomen is een ander verhaal…

We sprongen nog wat rond in de sport area waarbij we probeerden de basketbal zo hard mogelijk te dunken. Testen daarna de high performance trampolines in de trick area. Omhooglopen tegen een muur was nog nooit zo makkelijk! Omlaag vallen trouwens ook. Maar ach, who cares, de trampoline veerde zo goed dat je binnen no-time weer overeind stond. Het leukste, naast de foampit, was de big airbag. Twee blokken waar vanaf gedoken en gesprongen kon worden. Toen ik boven stond vroeg ik mij even af: “ben ik nu echt te oud aan het worden?!” NEE!! Dus sprong ik van het blok in de trampoline om vervolgens als een ongeleid projectiel door de lucht te suizen en te landen op de airbag. Aan zoonlief z’n blik te zien zag het er niet zo tof uit 😂. De laatste 10 minuten heb ik overgeslagen en gebruikt om zoonlief te filmen. Ik was gesloopt.

Al met al een leuke tijdsbesteding en voor herhaling vatbaar. De rest van de avond hebben we heerlijk in onze pyjama voor de buis gezeten. Het koste hem wat moeite om toe te geven. Maar ook hij was moe van al dat springen, duiken en salto’s maken. Over de spierpijn die we de volgende dag hadden zullen we het maar niet hebben…

Team 282…

ROPARUN, Inner Circle Runners 2016

Vorig jaar deed mijn neef samen met nog een aantal hardloopmaatjes, mee aan de Roparun. De Roparun is een estafetteloop van meer dan 500 kilometer van Parijs (en Hamburg) naar Rotterdam waarbij mensen, in teamverband, een sportieve prestatie leveren om op die manier geld op te halen voor mensen met kanker. Het motto van de Roparun is: “Leven toevoegen aan dagen, waar vaak geen dagen meer kunnen worden toegevoegd aan het leven”. Op facebook kwam ik niets anders tegen dan oproepjes om gezellig samen te trainen. Oefenwedstrijden die ingepland werden. Foto’s en verhalen over nachtloopjes en berichtjes over het inzamelden van geld. Voor het goede doel uiteraard. Vol bewondering probeerde ik mijn neef uit te horen op momenten dat ik hem zag. Hoe hij het vond? Wat ze gedaan hadden? Hoe dat dan precies ging met de lopers en fietsers enzovoort…

Zelf liep ik ook al hard. Alleen zonder een doel. Vanaf toen werd mijn drive om te lopen gesterkt door zijn verhalen en wat ik las op internet. Ik raakte er door in de ban. Halverwege de zomer durfde ik mijn wens hardop uit te spreken: “Ik wil ook mee doen aan de Roparun!!” Linksom of rechtsom, ik wil ook onderdeel uitmaken van zoiets groots. Ervaren hoe je in korte tijd met een team iets kunt neerzetten. Door het stof en gebroken thuis komen. Een ervaring rijker en iets bijdragen voor een ander. Of zoals op de site van Roparun geschreven staat: “Het is een avontuur voor het leven…”

Op het moment dat ik een blessure opliep en niet verder kon met hardlopen werd ik gebeld door een van de hardlooptrainers. Hij had net als neef mee gedaan aan de Roparun en was vastbesloten om in 2016 een eigen team te formeren. Hij zocht een fotograaf die de Roparun van voor tot achter en van begin tot eind wilde vastleggen. Voor het team, maar ook voor de achterblijvers die zo een beeld krijgen bij dit evenement. Hij vroeg of ik hier oren naar had en het zag zitten om aan boord te stappen, om samen met een groep onbekenden dit avontuur aan te gaan. Ik was met stomheid geslagen. Over het antwoord hoefde ik niet eens na te denken. Natuurlijk stap ik aan boord!! Hoe tof is dat en wat een mooie kans!

Inmiddels zijn we een aantal maanden verder en zijn er al diverse bijeenkomsten geweest. Om het team te leren kennen en de taken te verdelen. Wie gaan er lopen? Fietsen? Chauffeuren en navigeren? Hebben we een masseur, of twee? Wie regelt de catering? Sommige deelnemers heb ik eens eerder gezien maar feitelijk ken ik niemand. Het team is een gemêleerd gezelschap. Een enkeling heeft al vaker deelgenomen. Maar voor veel van ons is dit de eerste keer. En zoals altijd met een eerste keer is het toch best spannend…  Drie dagen, met weinig slaap, vermoeide mensen en een strak schema. Maar ook drie dagen lol, gezelligheid en avontuur. Zaterdag 14 mei, het pinksterweekend, is het zover. Dan staat team 282, De Inner Circle Runners uit Hendrik Ido Ambacht aan de start in Parijs. Ik heb er in ieder geval heel veel zin in!!