A Pirate’s Life for Me…

Er zijn momenten dat ik mij afvraag waar ik nu weer in beland ben. Zo dacht ik vorige zomer een gezellig autoritje te maken. Mee blèren met de radio op standje tien en zwaaien naar andere voorbijgangers. Maar na dat ritje belande ik opeens in een ander vervoersmiddel. Ze noemen het een boot. Nog nooit van zoiets gehoord laat staan dat ik wist wat het was. Nou, nu weet ik het hoor. Het is niks anders dan een grote schommel met zitplek voor meerdere mensen. En sinds ik mee ga dus ook voor vogels. 

Mijn hobby is zonnebloempitten eten, walnoten open breken en de boel slopen. Schommelen kan ik thuis ook. Dus zoals een echte Amazone betaamd maakte ik er een flinke scene van. Vond alles eng en zorgde dat ik overal mijn nagels inzette. Het liefst in haar arm. Ik verloor haar geen moment uit het oog. Ze vertelde mij dat het toch veel gezelliger is als ik mee ga!? Anders zit ik alleen thuis. Op dat moment kon het mij niks schelen. Dan maar alleen thuis. Nog altijd beter dan die zeebenen. Ik zag letterlijk groen en geel na zo’n middag.

Maar… Ik kwam daar toch wat knarsensnavelend op terug. Ik ben nu eenmaal een gezelligheidsdier en vind het leuk om de aandacht te krijgen. Wanneer de mensen niet thuis zijn, is er dus ook geen aandacht. Ze beloofde mij een eigen plek. Niet meer los op de arm. Dus de keren erna besloot ik mij minder paniekerig op te stellen. Mijn eigen plek is een reiskooi met zitstok, speeltjes en voerbak. Ik sta prominent op de tafel en heb zo zicht op alles. Toegegeven, dat is soms wat overweldigend. Maar met tralies om mij heen hoef ik niet bang te zijn dat ik zomaar wordt opgevroten door een stel luidruchtige agressieve zeemeeuwen of per ongelijk in het water val. Zwemmen is nu eenmaal niet mijn ding.

Vroeger, in de tijd van zeerovers en piraten, was een papegaai op een boot heel normaal. Nu heb ik veel bekijks. Daar zal je mij niet over horen klagen hoor. De menselijke beleefdheidsvormen heb ik tot een ware kunst verheven. Zodra we andere boten passeren en dat doen we geregeld, roep ik netjes “hallo” en daarna gil ik nog even: “dag hoor! Tot strakjes!” Als ze geluk hebben zwaai ik ze na. Je moet hun reacties eens zien. Ze vinden het fantastisch.

Ik ben zelfs een aantal keer mee geweest wanneer ze ging wakeboarden. Hoe moest ik nu weten wat ze ging doen?! Nu dus wel. Opeens lag ze in het water. Ik gillen: “straks word je opgevroten door meeuwen, of erger, haaien!” Maar ze had de grootste lol. En opeens stond ze achter de boot op een plank naar mijn te gillen en te zwaaien. Dus ik maar terug gillen en zwaaien, geen idee waarom. Maar ik mis wel vaker het hoe en waarom bij menselijke communicatie. Gekke hobby’s heeft ze hoor!

Dat snelle varen is niet echt mijn ding. Maar dat dobberen in gezelschap van de mens is toch best gezellig. En wanneer we voor anker gaan is dat vaak in een beschutte baai, waar ik de andere vogels kan horen fluiten. Op een veilige manier kan genieten van het buiten zijn en dan alle aandacht die ik krijg als ik op het voordek zit. Yo Ho a Pirate’s life for me ….

 

Papegaai mee op de boot.

 

Voor de liefhebbers: Groene Draak heeft zijn eigen Insta account.

 

 

***

De laatste vaart…

Normaal varen we enkel met prettig weer. En daarmee bedoel ik een zonnetje, windkracht 0 en vooral geen regen. Maar nu de herfst al enige tijd huishoud en nog niet van plan is om te wijken voor de laatste zonnestralen van het jaar, besloten we onze “goedweer-vaar-mentaliteit” even overboord te gooien. Bikkels dat wij zijn, gaan we op onze vrije woensdag toch naar Merlin. In de hoop op wat rustig en vooral droog weer. 

De hele weg er naar toe komt het met bakken uit de hemel. De ruiterwissers maken overuren. Let op mijn woorden zegt Vriendlief. Zodra we aankomen schijnt de zon. En wel ja. Eenmaal op de parkeerplaats, waar de bokken en tonnen al klaar staan voor de boten die de wintermaanden op de kant doorbrengen, is het droog en schijnt de zon. Alsof het zo is afgesproken is er zelfs blauwe lucht zichtbaar. Een klein strookje maar het is er. 

Er is zoveel water gevallen dat het zelfs buiten zijn oevers treed. En de trap naar de steiger? Die staat bijna horizontaal. Zoals altijd doen we eerst een bak koffie. Daarna maken we de boot klaar voor vertrek en varen uit terwijl het zonnetje ons toelacht. Maar we zijn nog geen twee minuten weg of het begint alweer voorzichtig te regenen. Er is geen pleziervaart te bekennen. Wat begrijpelijk is, want echt plezierig is het niet met dit weer. Dat het nu zo rustig is heeft wel zijn voordelen. Eindelijk kunnen we ook eens aanleggen bij een steiger waar het normaal wemelt van de boten.

Dat doen we dan ook. Wanneer Merlin eenmaal vast ligt gaan we eerst eens op verkenningstocht. Er is een wandelpad dat geen idee waar naar toe leidt. De mogelijkheid om echt te ontdekken wat daar nog meer te zien is hebben we niet want daar is de regen weer. We lopen snel terug naar de boot waar we droog en uit de wind zitten. Ik verbeeld mij hoe de regendruppels al vallend pirouettes maakt terwijl het uiteindelijk uit elkaar spat op ons dak. Het maakt zo’n gezellig en knus geluid terwijl wij in de “voortent” van onze drijvende “caravan” zitten en van het uitzicht genieten. 

Er zijn wel geteld twee boten voorbij gekomen in al die tijd dat wij hier liggen. Niet druk op het water dus. Inmiddels is het lunchtijd, gevolgd door koffietijd. Wanneer de zon zich even laat zien is het super warm. We ritsen de “voorruit” los en kunnen zo toch lekke in de zon zitten. Terwijl vriend het er even van neemt pak ik mijn boek en wat lekkers. Zo brengen we de komende paar uur door. Geen hinder van de regen en toch lekker in de zon wanneer deze zich laat zien. 

Als de klok 16.00 uur aangeeft is het welletjes geweest. De wind is ook flink aangewakkerd. Hierdoor is het nog knap lastig om Merlin weer in zijn box te krijgen. Hij is licht en vrij hoog waardoor we een speelbal zijn voor de wind. Maar met een paar keer steken lukt het. Wanneer alle touwen weer zijn vastgemaakt begint het te hozen. We zijn dus net op tijd binnen. Zoals het er nu naar uitziet zou dit wel eens de laatste vaart van het jaar geweest kunnen zijn… 

 

Boot bij aanlegsteiger.

 

 

***

In de regen…

Te veel afmeldingen bij de tegenstander zorgde er voor dat Zoon geen wedstrijd maar een voetbaltraining had. Vriend was al vroeg uit de veren om te gaan werken. En ik? Ik vierde mijn aller eerste dag van mijn vakantie. Twee weken even helemaal niks en doen waar ik zin in heb. En die twee weken zijn meer dan welkom na de verdrietige periode waarin ik afscheid heb moeten nemen van Chris. Maar ook een periode van extreme drukte op de werkvloer met een aantal zieke en nog vakantie vierende collega’s. Aan het einde van vorige week was de chaos compleet en snakte ik, nog meer dan anders, naar wat tijd voor mijzelf. 

Nou, hier zit ik dan. Eens niet wakker van de wekker in een verder bijna stil huis. Ik zeg bijna, want ik hoor groene draak in zijn kooi scharrelen. Nog net niet mopperend waarom hij zo lang op zijn eten moet wachten. Als ik de gordijnen open zie ik plassen met water in de brandpoort staan. Mijn plan om wat actieplaten te schieten lijkt met alle regen dat uit de hemel komt letterlijk in het water te vallen… Voorzichtig werp ik een blik op de klok. Gelukkig heb ik nog even. Hopelijk klaart het genoeg op om toch op pad te kunnen. 

Uiteindelijk klaart het op. De zon laat zich zelfs zien. Op de planning staat het vastleggen van de wedstrijd FC Dordrecht O17 – Koninklijke HFC O17. Voor alle zekerheid grijp ik zowel de regenjas van de camera als die van mijzelf mee. Dat laatste was geen verkeerde keus. Wanneer mijn camera eenmaal is opgesteld komt er een heel donkere lucht aan. Precies als de scheids het startsignaal voor de wedstrijd geeft komt het, zoals verwacht maar niet gehoopt, met bakken uit de hemel. 

Ondanks mijn regenjas ben ik binnen tien minuten doorweekt. Misschien moet ik eens denken aan een poncho oid, waarbij ook mijn benen bedekt zijn. Gelukkig zit ik zo in de wedstrijd dat ik het niet echt door heb. Er staat geen wind dus echt koud heb ik het ook niet. Maar wanneer Esther, één van de voetbalmoeders, mij aan bak koffie aanbied smaakt deze lekkerder dan ooit!! De zon komt door en binnen no-time ben ik opgedroogd. Helaas loopt een en ander wat uit waardoor ik niet de hele wedstrijd kan blijven. 

Daar ben ik eigenlijk wel blij om. Zodra ik de auto start gaan de sluizen weer open en het regent nog harder dan ervoor. Wanneer ik het resultaat bekijk ben ik best tevreden. Regen en ik zijn geen vrienden. Maar het geeft wel een leuk effect op de foto. Dat dan wel weer… 

FC Dordrecht O17 – Koninklijke HFC O17. 

FC Dordrecht speler maakt kopbal Keeper van FC Dordrecht houd bal tegen bij doel FC Dordrecht speler maakt kopbal

 

 

 

***

Morgen weer hoor…

Hoewel we ons op het open water bevinden waar snelvaren en watersport is toegestaan is het hier nog niet eerder zo druk met actieve watersporters geweest. De hele dag is het een komen en gaan met speedboten, jetski’s en ribs. Met daarachter een funtube in de vorm van een bank, donut of ander opblaasbaar object. En daarop uiteraard een aantal gillende kids. Ik lig lekker op mijn luchtbed achter de boot. Te dobberen op de golven die de andere boten voor mij produceren. Het is een van de warmste dagen van het jaar. Hier en daar hoor ik voorzichtig dat we mogelijk het warmterecord zullen gaan verbreken. Iets wat later op de dag ook wordt bevestigd. Maar voor mij is het nog steeds prima toeven. De golven geven een ontspannen gevoel waardoor ik waarschijnlijk vanavond in mijn bed nog aan het nadeinen zal zijn.

Het water ligt er super rustig bij. Ondanks de vele boten die voorbij komen. Er is nagenoeg geen golf te zien, terwijl er best wat stroming staat. Het lijkt wel een fluwelen deken die, zover het oog reikt, is uitgespreid over het water. Een super zachte boterachtige emulsie waar je, je zo in zou willen laten vallen. Na wat zonnestralen te hebben opgepikt bind ik mijn wakeboard onder mijn voeten om ook eens door die spiegel te glijden. Het lijkt nog het meest op snowboarden door de verse poedersneeuw. Of schaatsen op ijs waar nog niet eerder iemand is geweest. Het kost mij veel minder spierkracht waardoor het soms lijkt alsof ik zweef naast de boot. Het geeft een waanzinnig kick gevoel.

Dit water leent zich perfect voor wakeboarden of waterskiën. Voor ik het weet ga ik snoeihard. Misschien iets te hard voor mijn doen. Ik stuur in en probeer een sprong over de hekgolf. Yes, ik kom los en zeker een meter dit keer. Ergens, tussen de sprong en de landing gaat mijn bovenlichaam een andere kant op. Ik probeer nog iets te herstellen. Maar dat is ijdele hoop. Ik word loeihard op de even daarvoor genoemde fluwelen deken gesmeten. Zo boterzacht is het water niet hoor!! Ik laat mij niet kennen. Schut het water uit mijn oren en neus en ga voor een nieuwe poging.

Het is geweldig om mij zo te kunnen uitleven. Om steeds iets beter te worden. De vaste lezers weten dat ik al even bezig ben om mijn leercurve op te schroeven. En juist omdat het niet zo snel gaat is iedere stap naar beter een reuze sprong voor mij. Het is zo gaaf om iedere keer iets meer te kunnen en te durven.

Na een wakeboardsessie voelen mijn armen plots een paar cm langer door de kracht die keer op keer op de lijn komt. Mijn benen staan steeds op spanning omdat ik mijzelf in evenwicht moet houden, en mijn board moet sturen over en door de golven. Je zou het niet zeggen maar 15 minuten wakeboarden staat gelijk aan een uur actief in de sportschool. Ik heb een complete work-out achter de rug terwijl het buiten een graad of 37 is. Ik klim trillend terug in de boot. De spanning in mijn lichaam neemt direct af en even voel ik mij een plumpudding. Maar het was het meer dan waard. Morgen weer hoor!!

 

wakeboarden op de maas

 

 

***

Terug op het nest…

Ergens rond de kerstperiode kwam het hoge woord er uit. Zoonlief wilde weg bij FC Dordrecht. De beslissing kwam voor ons niet geheel uit de lucht vallen. Maar de knoop doorhakken was echter aan hem. Hij had er goed over nagedacht en kon zijn keus, voor een 15 jarige heel goed onderbouwen. Hij heeft er veel geleerd. Niet alleen over het spel maar ook over zichzelf. Een aantal super leuke jaren gehad en zelfs nieuwe vriendschappen gesloten. Het mogen voetballen bij een BVO is voor veel jongens een droom. En voor hem één die uitkwam. Het betekende wel dat ie er veel voor moest laten. Vier tot vijf keer in de week trainen, zaterdag een wedstrijd, gezond eten, vroeg naar bed en minder tijd voor vrienden en familieleden want trainen. ’s Avonds was hij vaak pas laat thuis dus ook laat en vaak alleen eten.

Het laatste jaar dat hij speelde was het voor hem geen hobby meer. De trainer vond dit. Zoonlief vond dat. Het opgebouwde vertrouwen vervloog als stof op de wind. Hij zat grote delen van de wedstrijd op de bank. Hij moest veel laten maar kreeg er te weinig voor terug. Hij wilde voetballen. Niet bankzitten. Het hoort er af en toe ook gewoon bij. Maar niet in de mate die hij opgedragen kreeg. Hij ging met steeds minder plezier tot voor hem de maat vol was. Hoewel ik helemaal achter zijn beslissing stond vond ik het wel jammer. Doorzetten op het moment dat het tegen zit is ook een leerproces. Maar aan de andere kant, in hoeverre is het nog een hobby wanneer je dit met tegenzin uitvoert?

Helemaal stoppen met voetbal was voor hem geen optie. Hij wilde graag terug naar zijn oude cluppie. Omdat het seizoen al in volle gang was ging dit niet zomaar. Hij mocht zich melden bij de technische staff waar hij na het houden van een pitch, werd toegelaten tot zijn oude team. Het team dat al die tijd zonder hem was verder gegaan. Hier en daar aangevuld met een nieuw gezicht maar vooral zichzelf was gebleven. Het was daarom even wennen. Aftasten en elkaar opnieuw leren kennen.

Het was een mooie tijd bij FC Dordrecht. Een periode die op alle fronten leerzaam is geweest. Ook voor mij. Ik mis de ouders en spelers wel. Gelukkig kan ik nog eens terug om platen te schieten. Maar het is ook erg fijn om terug te zijn op het oude nest. Alsof ik niet ben weggeweest. Hoewel… Er zijn wel wat zaken aangepakt. Een prachtig kunstgrasveld, een pannakooi en het terras bij de kantine. Tja, en over de spelertjes hoef ik het niet meer te hebben. Dat zijn inmiddels flinke kerels geworden. De gastvrijheid van de club en vooral de trainer geven mij het gevoel dat ik m’n plek aan de zijlijn weer kan oppakken waar ik het een paar jaar geleden heb achter gelaten. Erg fijn!! 

Zoonlief heeft na een paar maanden het plezier in voetballen weer terug en zijn draai in het team gevonden. Sommige trainers en spelers mist hij wel. Maar het is ook erg fijn om weer echt een onderdeel van het geheel te kunnen en mogen zijn. De kers op de taart was de laatste wedstrijd van het seizoen, waarbij hij met zijn team  kampioen is geworden.

groepsfoto van gravendeel O17

’s Gravendeel O17 kampioen 2018-2019.

 

 

 

***

De eerste poging… 

Het is een van de warmste lentedagen als ik op het idee kom om hier, waar ik nu met Poownie aan het grazen ben, te gaan fotograferen. Het decor voor mijn neus is zoals het plaatje in mijn hoofd. De kwakende eenden maken de levende setting compleet. Maar zoals altijd wanneer ik een briljant idee heb, mist er toch het één en ander. Ik had mijn camera helemaal niet meegenomen. En hoewel het er prachtig uitziet, is het licht misschien eigenlijk iets te fel. Later in de week moet ik zeker nog eens terug komen en dan wat later op de avond.

Die week breng ik dagelijks een bezoek aan deze plek aan het water. Uiteraard samen met mijn grasmaaier. Terwijl hij aan het “werk” is, kijk ik dromerig uit over de sloot en zijn bewoners. Ik fantaseer hoe ik het plaatje nog mooier zou kunnen krijgen. Waar ik zou moeten zitten. Waar ik überhaupt zou kunnen gaan zitten zonder in de sloot te belanden. Want een laag standpunt is wel het aller mooiste. Er gebeurt werkelijk van alles. Vechtende, poetsende en naar voerzoekende vogels. En er vliegt hier ook echt van alles. Ja, ook die mug. Die ik al drie keer rond mijn hoofd heb weggejaagd. Maar vooruit, ik gedoog hem zolang het duurt om het plaatje te schieten dat ik in mijn hoofd heb zitten.

Het is een doordeweekse avond. Mijn klusjes voor die dag heb ik in rap tempo uitgevoerd en heb nog een vol uur voor het te donker wordt. Ik haast mij naar de waterkant. Mijn enthousiasme wordt binnen een halve seconde teruggeschroefd naar teleurstelling. Uitgerekend nu, wanneer het licht op zijn mooist is, ik mijn camera met volle batterij en lege kaart bij heb EN gekleed ben in kleding die nat en vies mag worden is die verdomde sloot leeg. Waarom?!?! Geen gans, eend, fuut of zwaan. Zou m’n plannetje dan nu al in het water vallen? Geduld is, zoals een hoop weten, niet mijn sterkste kant. Maar wel een hele schone zaak. Met mijn camera paraat nestel ik mij aan de waterkant. Mijn achterwerk beland voor de helft in de modder. Tot zover de schone zaak… 

De laatste zonnestralen schijnen schuin over de weilanden op het water. Terwijl ik licht wegdoezel meandert mijn gedachte mee op het gekwaak van de kikkers. Die waren er tenminste wel. Oh en de mug, die zoemt nog steeds ergens om mij heen. Dan hoor ik in de verte het gakken van ganzen. Het zijn er veel en ze komen mijn kant op. De vlucht, onder leiding van Akka van Kebnekajse, strijkt even verderop in het land neer. Met argus ogen bekijken ze mijn verschijning: “die zat er eerder op de dag niet!” Ik hoop dat ze een plons in het water willen maken. Maar die lol is mij niet gegund. Ze grazen het weiland af en blijven daar vervolgens zitten.

Als ik mij weer omdraai naar de waterkant zie ik twee waterkipjes en een zwaan. Helaas alle drie te ver weg. Een uur aan de waterkant gezeten te hebben leverde mij een vieze broek, een muggenbult en een foto van een koppeltje eenden op, dat na het landen van de ganzen uit het riet wegvloog. Voor nu houdt ik het voor gezien. Maar ik kom zeker nog eens terug! 

Twee wegvliegende eenden

 

***

De eerste dag…

De kofferbak gaat nog maar net dicht als ik de laatste tas in de auto gepropt heb. Er gaat wel heel veel mee. Maar het is dan ook onze eerste dag op het water sinds Merlin deze week weer op zijn vertrouwde plek in de haven ligt. Alles moet bevoorraad worden. Om nog maar niet te spreken over de kleding die meegaat. Het kan alle kanten op wat weer betreft. En hoewel onze drijvende caravan een dak heeft, hebben we het niet graag koud.

Bij aankomst volgt eerst maar eens een flinke schoonmaak. De eenden hebben nogal huisgehouden op de steiger die hierdoor te smerig is om op te lopen. Zodra wij binnen zitten komt er een aalscholver aanvliegen. Hij neemt plaats naast de nep-kraai, die aan het einde van de steiger op wacht staat om gespuis, zoals dit soort vogels, weg te houden. Met zijn houterige verschijning is hij duidelijk niet indrukwekkend genoeg. Misschien moeten we er één neerzetten met een bewegingssensor. De aalscholver heeft net een bad genomen en spreidt zijn vleugels om te drogen in de zon. Het ziet er prachtig uit van zo dichtbij. Onze buren, zowel links als rechts zijn er overigens ook nog niet, of zijn al uit varen. 

Er liggen nog wel meer boten op de kant maar niet zo veel meer als vorig jaar rond deze datum. Na het poetsen volgt zoals gebruikelijk een bak koffie met een koek. Dan kunnen de trossen los. Na vijf maanden niet gevaren te hebben moet ons lichaam weer even wennen aan het deinen op de golven. Het is niet heel erg druk op het water en dat verbaasd mij. Met de paasdagen zou je zeggen dat veel (water)mensen er op uit trekken met de boot. We varen naar de overkant en gooien het anker uit. Lekker even dobberen in de zon. 

Ik ga achter op het dek zitten, uit de wind maar wel volop zon. Wanneer vriendlief mij een bak koffie komt brengen is het eerste wat-is-het-hier-heerlijk-gevoel compleet. Rechts van ons springen drie kids in het water. Het water is echt niet warmer dan 16 graden. Ik voel met mijn grote teen hoe koud dit precies is. Hoewel ik mij voorgenomen had dit jaar meer bikkel te zijn sla ik echt nog even over. Ze houden het aardig lang uit. De zon speelt verstoppertje en na even aanwezig te zijn is ie weer voor een tijdje weg. Als het afkoelt besluiten we terug naar de haven te varen. 

Bij terugkomst worden we begroet door moedereend met negen heel kleine kuikentjes links. De Aalscholver op de volgende steiger. Ruziënde futen (die maken een herrie!) rechts en waterkipjes met kleintjes voor ons. Echt heel schattig al dat kleine volk rond de boot. Ik mag ze van vriendlief niet voeren. Want als ze eenmaal weten waar eten te halen valt krijg je ze, zelfs met 100 nep-kraaien niet meer van je boot. Het blijft dus bij foto’s maken. In de haven is het windstil waardoor we nog zeker een uur of twee blijven luieren voor we besluiten weer naar huis te gaan. Ja, dit was een prima eerste dag op het water. Kom maar door met die zomerse temperaturen!!

 

 

***

Geluksvogels…

Afgelopen woensdag was mijn vrije dag. Maar lekker chillen in de tuin zat er niet in. Mijn wekker ging al om 04.30 uur af. Om daarna met gezwinde spoed mijn ochtendritueel af te handelen. Iets later stond mijn vriendin Yvonne op de stoep. Bepakt en bezakt met onze fotospullen en voedsel-survivalkit (we hadden geen idee hoe lang we dit keer zouden blijven) reden we naar onze gereserveerde hut, die we eerder in het jaar al besproken hadden. Onze derde fotomissie die we samen zouden gaan ondernemen. Naast de ijsvogels en de vossen was het nu tijd voor andere (bos)vogeltjes. Stiekem hadden we de hoop op een close encounter met een eekhoorn. 

De verhuurder had ons een boekwerk gestuurd met routebeschrijving, code van het hangslot op het hek en de gebruiksaanwijzing van de hut zelf. Het hek vinden was, toen we eenmaal op de parkeerplaats stonden, niet zo’n probleem. Het zag er een beetje oud en “Efteling-spookslot” achtig uit. Oh boy! Waar waren we in beland en dat zo vroeg in de ochtend?! De hut moest zich ergens daar achter op het terrein bevinden. Eenmaal door het hek voelde ik het enthousiasme in mij nog meer opborrelen. Wat een rust hier op deze plek dat werd omlijst door het gefluit van de vogels. De doorgaande weg waar wij over gekomen zijn, was aan het zicht onttrokken door een wal van bomen en struiken. Geen wonder dat we de hut in eerste instantie niet zagen liggen. 

Links van ons doemde de drinkvijver al op. De hut, die half ingegraven was (waardoor er net boven het wateroppervlak gefotografeerd wordt), lag er achter. Toen onze fotospullen opgesteld stonden konden we de setting nog wat aanpassen. Boomstam hier, rotsblok daar. Er lag voor de eekhoorntjes al een bakje met nootjes klaar zodat we ze konden lokken. Ook voor de vogels lag er voer. Met grote precisie verstopten we op verschillende plekken de nootjes en zaadjes. We keerden terug naar de hut. Klaar om eerst eens wat te eten en een bak koffie te drinken voor het genieten kon beginnen. Maar zover kwam het helemaal niet. 

De eerste vogels dienden zich namelijk al aan voor we goed en wel terug in de hut waren. Maar ook de eekhoorntjes lieten niet lang op zich wachten. Voor we het wisten liepen er drie voor onze lens langs. Wat een geluksvogels waren wij toch! De koffie en broodjes moesten maar even wachten. 

Het is altijd afwachten wat er zich voor je lens zal gaan bevinden. Hoe mooi de setting en hoe lekker het voer ook is, de beestjes laten zich niet zomaar dresseren. Tot nu toe hebben we iedere keer geluk gehad. Of het nu om de ijsvogel, de roofvogel of de vos ging. Nu kunnen we ook de eekhoorn-familie aan onze lijst toevoegen. 

Voor mij was dit inmiddels de vierde keer dat ik vanuit een vogelhut heb gefotografeerd. Om op maar enkele meters van al die diertjes te zitten en ze bezig te zien in hun eigen natuurlijk omgeving is echt heel gaaf! Wij hebben een zalige fotodag gehad en zijn nog lang niet uitgekeken op al het moois dat de natuur ons te bieden heeft. Ook al is het in een setting die vooraf gecreëerd is!

 

Overzichtfoto van vogelhut en het hekEekhoren op boomstam Eekhoren in het water Baby eekhoren eet nootje Eekhoren op boomstam

 

***

De afgelopen week…

De wind trekt speels aan mijn haar en laat plukken boven mijn hoofd dansen. Ik trek mij nog iets verder terug in mijn hoekje waar ik mij al een half uur onbeweeglijk bevind. De zonnestralen die ik in de winter gemist heb probeer ik nu, in deze loze vrije minuten, in te halen. Ik doezel lekker weg en laat daarbij mijn gedachten terug gaan naar afgelopen week. Waarbij het weer zich van twee kanten liet zien. Van plus 20 naar 0 graden. In de ochtend de handschoenen aan en in de middag zonder jas naar huis. April doet wat ie wil… 

Ik had het geluk deze week te mogen verjaren en de keuzestress over mijn traktatie bleef uit. Omdat ik veel aan mijn oma moest denken, die voor ons een bijnaam had verzonnen van het gebakje dat wij graag bij haar aten, besloot ik warme appelflappen uit te delen. Maar dat had net zo goed rottikoekoes kunnen zijn. Of een complete rijsttafel want als ik aan oma denk, denk ik standaard aan eten. De flappen vielen in de smaak. Eens iets anders dan taart of vlaai. Gelukkig hoef ik geen feestje te geven. Dat was als kind leuk. Toen had enkel mijn moeder last van stress. Maar met het ouder worden is het plezier van verjaardagsfeestjes geven mij ontgaan. Misschien van de zomer weer eens een leuke BBQ of zo. 

Omdat het verlangen naar oma’s bami, saté en ander lekkers zo groot was, schoven we aan bij een toko gespecialiseerd in Indonesisch eten. Neem vooral van alles een beetje werd ons aangeraden. Dat deden we dan ook. Een stuk of drie keer. En dan zal ik maar niet vertellen hoevaak ik voor de spekkoek heen en weer ben gelopen. Natuurlijk hebben we te veel en te vaak opgeschept. Maar (letterlijk) voldaan en senang keerden we huiswaarts. 

Het ruisen van de wind klinkt inmiddels een beetje als de zee. Het geroep van de meeuwen hoog boven mij maakt het denkbeeldige zon, zee, strand plaatje helemaal af. De zon is gedraaid en ik moet mee draaien om niet aan een kant van mijn gezicht te verbranden. Want als ik niet oppas is dat wat er gebeurd. De felheid is zo intens dat ik mijn ogen niet geopend krijg. Een goede reden om ze nog even, echt heel even nog, gesloten te houden.

Om mijn Indonesische week compleet te maken las ik het boek “Mevrouw mijn moeder” van Yvonne Keuls. Het is al een wat ouder boek. Maar wat heb ik hiervan genoten. Een echte aanrader! Heerlijk en aandoenlijk om te lezen. Dit was een van die onverwachte pareltjes die je zo nu en dan tegenkomt. Een reis door de tijd, van Indonesië naar Holland. Een ode aan haar moeder met mooie herinneringen aan tempo doeloe. Vlot geschreven met humor en uitdrukkingen in Bahasa. Waarschijnlijk was dit de reden dat mijn oma zo vaak in mijn gedachte was.

Inmiddels staat het weekend voor de deur met daarin van alles gepland. Er moet gewerkt, geklust, gevoetbald en gefotografeerd worden. Ook Poownie verdiend wat meer tijd. Genoeg te doen dus. Maar eerst nog even niets dan gesloten ogen, zonneschijn en de kat van de buren die zich aan mijn voeten heeft gedrapeerd. 

 

 

***

De ochtendstond…

Au, dat doet toch wel even zeer als de wekker afgaat. Het is nog maar net 06.00 uur in de ochtend en ik had zelfs nog 1,5 uur langer kunnen blijven liggen. Maar de ochtendstond heeft goud in de mond. Of zo iets… Het is maar goed dat ik een ochtendmens ben en daardoor sneller opstart dan de heren hier thuis. Draak is wel een ochtendbird, maar zelfs deze tijden zijn niet aan hem besteed. 

Ik rek mij nog eens flink uit. Vervolgens voel ik heel bewust hoe lekker warm mijn bedje aanvoelt voor ik resoluut de dekens van mij afgooi. Met een paar passen sta ik in de badkamer om mij om te kleden. Nog eens een paar passen sta ik in mijn eigen “gym”. Boy wat doe ik mijzelf aan!? Terwijl ik de apparaten aanzet en mijn sportschoenen aan trek ontwaakt de rest van het gezin. Zoonlief komt half slaapdronken de trap af en blijft met grote vraagtekens boven zijn hoofd bij de deur staan. “Ben je gek of zo?” is de enige reactie die ik krijg. “Ja, jij ook moguh he!” roep ik terug. 

Ik start vandaag met een sessie van 10 minuten wandelen op de loopband. Hoewel de lente zich hier en daar echt al even laat zien is het ’s morgens nog rete koud. Mijn spieren en botten lijken hier ook wat moeite mee te hebben. Of het is gewoon het belachelijk vroege tijdstip. Dus begin ik lekker rustig aan. 

Mijn nieuwe wekelijkse routine sluit perfect aan bij mijn gestelde doelen van eind vorig jaar. Meer actieve minuten, meer stappen en verbrande calorieën per dag!! Ik ben ook al goed op weg. Alleen de twee weken dat ik ziek was kon ik het niet opbrengen om te sporten. Tot nu toe heb ik mijn wekelijkse doel netjes behaald en zit er al 50€ in de pot.

Wanneer ik ’s avonds sport staat de radio vaak lekker hard aan. Maar ’s morgens werk ik mijn oefeningen in stilte af. Eigenlijk is dat ook wel fijn. Het gezoem van de machines werkt als een mantra. Of als een soort meditatie. Mijn tien minuten wandelen zitten er op en schuif door naar de roeimachine. Ook dit programma bestaat uit tien minuten. Na een blessure ben ik wat voorzichtiger geworden met het roeien. Dus bouw ik het langzaam op.  Na het roeien volgt wederom de loopband maar nu een heel stuk sneller en met een hellingsgraad.

Oh de beentjes voel ik nu wel!! Ik besluit eerst wat buikspieroefeningen te doen voor ik op de crosstrainer stap. Dat is toch wel de cardio-oefening bij uitstek. Na een paar minuten voel ik de eerste zweetdruppels al op mijn voorhoofd verschijnen. Niet lang daarna wordt mijn gezicht als glijbaan gebruikt. De heren zijn bijna klaar in de badkamer, dus wandel ik nog wat uit op de band. Ik eindig met flink wat rek- en strekoefeningen en een groot glas water. 

Het is kwart voor 9 als ik kantoor binnenloop. Terwijl een aantal collega’s nog wakker moet worden heb ik er al aardig wat actieve minuten opzitten en kan direct aan de slag. Vanavond heb ik zelfs tijd over, want mijn uur sporten heb ik al lekker achter de rug. Tja, de ochtendstond heeft inderdaad goud in de mond….

 

 

***