Werk aan de winkel…

Hij mocht zelf de locatie kiezen. Maar wat hij ook koos, hij zou niet onder zijn huiswerk uitkomen. Zuchtend en steunend kwam hij met de mededeling dat hij dan wel met ons mee zou gaan. Er was geen voetbalwedstrijd gepland en thuis zou hij mogelijk de verleiding van het gamen niet kunnen weerstaan. Ik vond het een slimme zet van hem. Even weg van alle prikkels en midden in de natuur met je neus in de digitale schoolboeken. Met de laatste schoolweken voor de boeg moet zoonlief er toch echt nog even flink voor knokken om die rare cijfers (geen idee hoe ze daar gekomen zijn?!) op zijn eindlijst een beetje bij te schaven. Wanneer hij direct zijn best zou hebben gedaan had hij de laatste dagen van zijn vakantie anders in kunnen vullen. Maar ach, verging het bij jou en mij niet ook altijd zo?! Hij is gelukkig al een aardig eind op de goede weg.

Terwijl wij in onze zomerse kloffie richting Merlin liepen, slofte zoonlief vol enthousiasme met zijn schoolspullen achter ons aan. De zon stond in een blauwe decor te shinen maar hij was gekleed in zwarte spijkerbroek met dito hoodie en zijn capuchon over zijn hoofd getrokken. Hij had blijkbaar geen last van de warmte. Ik kreeg alleen maar een “WAT?!” toen ik mijn wenkbrauw optrok en een blik wierp op zijn kleding. Pubers… Gelukkig had hij tussen al zijn spullen nog wel een korte broek gestopt want de temperatuur liep uiteindelijk snel op.

Nadat de koffie er in zat, de koekjes op waren en zoonlief zich gesetteld had om eerst nog even een paar minuten te gaan knorren, niks is lekkerder dan slapen op een schommelende boot, gingen de trossen los en voeren we uit. Op weg naar een plek waar we in de luwte konden liggen. Zoonlief en ik wisselden van plek op het voordek want er was werk aan de winkel. Geen SOG voor hem dit keer. Ik hoorde hem samen met zijn vader de 388 Engelse woordjes doornemen.

Het gebrabbel en de discussie over de zin en onzin van de niet uit te spreken Engelse woorden met hun nog vagere betekenissen, verdween langzaam naar de achtergrond. Het geklots van het water, het schommelen van de boot en het zonnetje zorgden er voor dat ik langzaam naar dromenland verdween. Op de planning stond nog het uitlezen van mijn boek. Maar ik kon mijzelf er niet toe zetten. Wat een zaligheid om zo je vrije tijd door te brengen.

Na de lunch vond er een overhoring plaats. Zoonlief wist 3/4 van de woordjes en dat betekende een welverdiende pauze. Het was tijd voor wat actie. Dus mocht hij zijn wakeboardspullen uit het ruim opsnorren. Mijn voet schoot spontaan in de kramp toen ik met mijn teen de temperatuur van het water voelde. 17 graden is verdraaid koud! Ik hield het wel bij foto’s maken! Met zijn wetsuit aan en het wakeboard aan zijn voeten sprong hij het water in. Dat viel toch nog even vies tegen. “Nee hoor, het is echt niet koud riep hij al klappertandend vanuit het water.” In de hoop mij nog te kunnen overtuigen.

Het moet gezegd, onze puber is dan niet altijd even enthousiast over onze (vaar)hobby. Maar hij springt wel gewoon in het steenkoude water om effe een rondje te boarden. Bikkel!! Nu zijn Engels nog…

 

wakeboarden op de Amer

 

 

 

***

Advertenties

Noodgedwongen II…

Lees hier deel I

Wanneer je geen voldoening meer haalt uit de dingen die je doet of er geestelijk en/of lichamelijk aan onderdoor gaat, is het beter om te stoppen. Ik weet als geen ander hoe dat voelt. Zeker wanneer de kans zich voordoet om iets nieuws te starten en het roer compleet om te gooien. Doe vooral de dingen die gelukkig maken en waar je weer energie van krijgt. Niet de dingen die energie vreten. Ondanks dat ik haar beslissing om te stoppen met de pensionstal helemaal begreep, had ik toch wel last van een groot stressmoment.

Het is vervelend maar we vinden heus wel iets. Komt allemaal goed. Hield ik mijzelf voor. De nuchterheid van mijn vriendin hielp gelukkig ook. Onze zoektocht naar een nieuwe stal startte diezelfde avond na het slecht-nieuws gesprek. Terug naar een stal met ophok-plicht wilden we niet. We stonden immers niet voor niks op deze stal waar de paarden iedere dag buiten staan. Het verplicht binnen staan in een stal waar de paarden hun kont niet kunnen keren maakt niet alleen hen maar ook ons verdrietig. De plaatsen die wel aan onze eis voldeden zijn, zeker in de Randstad, heel geliefd en dus reeds bezet. Overal zijn wachtlijsten. Met de vier weken die wij nog hadden was dit niet haalbaar.

Ik herinnerde mij een advertentie van een paar weken terug, waar twee stallen werden aangeboden. Ook nog eens volgens het concept dat wij zochten. Hoewel het inmiddels redelijk laat op de avond was stuurde ik toch een bericht. Een brutaal mens… En verdraait, ik kreeg direct antwoord. Het goede nieuws: er was plek! Het slechte nieuws: voor maar 1 paard. Dat betekende dat een van ons misschien geluk had. De ander moest op een wachtlijst. Ik kon wel janken toen ik las dat we net te laat waren. Toch maakten we een afspraak om te gaan kijken.

De staleigenaar en de paardjes bleken geen onbekenden van ons. We zijn namelijk, een paar jaar terug, overburen geweest. Inmiddels was de hele kudde verhuisd. We kregen een rondleiding op stal en uitleg over hun werkwijze. Het voldeed helemaal aan wat wij zochten. Maar ja, 1 plek vrij betekende 1 plek te weinig. De staleigenaresse snapte ons probleem helemaal en had zelf ook ooit voor zo’n soort dilemma gestaan. Ze had eerder die dag voor ons al besloten. We mochten samen over zodra het weideseizoen zou starten.

Ik heb wat gejankt die 24 uur. Maar de laatste keer was van opluchting en blijdschap. Hoewel wij binnen no-time voorzien waren van een nieuw thuis en ik mijn stressniveau naar acceptabele waardes voelde dalen, was het een vreemde gewaarwording. Ik wilde graag nog even genieten van de weken die we op onze oude stek zouden hebben. Maar iedere keer als ik op stal kwam, was er weer een paard weg. Een kast leeggeruimd. Een box schoongeveegd. De sfeer was helemaal weg. Ik vind het heel jammer dat de mooie en bijzondere periode die ik hier heb gehad, nu als een nachtkaarsje dooft. Het maakt het afscheid wel makkelijker, driekwart van de paarden is al weg.

En nu, na een paar weken, is het goed zo. Deze deur gaat dicht maar anderen gaan voor ons open. Nog even en dan ontmoeten we nieuwe mensen. Staan we in een nieuwe kudde en gaan we voor nieuwe avonturen!! En dat allemaal op nog geen 6 km van huis.

 

Paardenstal met bosstrook en volle maan

Dag Boske, ik ga je missen…

***

Op verkenning…

Terwijl Rotterdam langzaam volstroomde met hardlopers en toeschouwers voor de Rotterdam Marathon, besloten wij de rust op te zoeken. Met een graad of 20 was het namelijk prima weer om de Brabantse Biesbosch eens te gaan verkennen. In alle vroegte togen we al naar de haven. Daar moesten wat touwen op lengte gemaakt worden. Er lag her en der nog wat rommel dat een vaste plaats toegewezen moest krijgen en ook de koelkast moest bijgevuld worden. Nadat al deze klusjes gedaan waren en de koffie er in zat, konden de trossen los.

Het vorige seizoen hebben we de Dordtse Biesbosch leren kennen. Daar wisten we al snel welke route wel en welke we niet konden varen. En niet geheel onbelangrijk, waar we voor anker konden om ongestoord te kunnen genieten van de rust en de natuur. De Brabantse Biesbosch is voor ons onbekend terrein. Gelukkig lag er nog een kaart van dit gebied aan boord met daarop de dieptes van het water. Deze bleek vandaag goed van pas te komen. Het water kan nog zo breed zijn, dat wil niet zeggen dat het ook diep genoeg is om er doorheen te varen. Her en der liggen zandbanken die niet altijd goed zichtbaar zijn. Zo is het water nog 5 meter diep en dan opeens heb je maar 10 cm speling onder je boot. Vastlopen is wel het laatste waar je op je eerste ontdekkingstocht op zit te wachten.

Aan de hemel staat een waterig zonnetje en het uitzicht is wat heiig. Ergens aan de horizon zie ik twee boten voorbij komen maar verder is het zo goed als stil. Het water is spiegelglad. Het is dat het water nog te koud is maar anders zouden dit prima wakeboard omstandigheden zijn. Om nu alvast een idee op te doen waar we van de zomer kunnen vertoeven, stippelen we een route uit met strandjes, haventjes en aanlegplekken. Al varende komen we op heel leuke plekjes. Zeker wanneer we één van de kleinere aftakkingen in varen. Het is een kronkelige route die uiteindelijk weer op het brede water uitkomt. Het gebied doet nog een beetje kaal aan. Maar over enkele weken staat alles weer in bloei en dan is het prachtig om hier doorheen te varen.

Na een uurtje wint de zon steeds meer terrein. En met de zon komen daar ook steeds meer water recreanten. In de zomer zal het hier wel erg druk zijn. Gelukkig is het een groot gebied. Voor onze neus vaart er een boot van één van de aanlegsteigers, die hier en daar te vinden zijn, weg. Dat is nog eens geluk hebben. Op het moment dat de zon echt doorbreekt liggen wij op een goede plek, midden in het water, midden in de natuur. Vriendlief neemt na een half uur zonnen de buitenkant van de boot onderhanden. Zelf begin ik vast aan een blog. Want een betere inspiratie dan aan boord vind ik niet!

Vanuit de “voortent” van onze drijvende caravan zie ik van alles gebeuren. Kinderen en honden rennen op het strandje voorbij. Twee mensen duiken het water in, dat niet warmer is dan 10 graden. Ze zijn er ook heel snel weer uit. Motorbootjes, zeilbootjes, grote jachten, het komt hier allemaal voorbij en iedereen zwaait naar elkaar. Het is echt heel leuk toeven hier. Ja, ik denk dat wij onze draai wel kunnen vinden op het Brabantse water!

Logboek van een kapitein met uitzicht op het water

 

***

Eerste vaart…

“Had je al een datum in gedachte?” Vraagt vriendlief. Net nu ik midden in een heel spannend stuk van mijn boek zit. Ik heb geen flauw idee waar hij het over heeft en mompel quasi ongeïnteresseerd. In de hoop dat hij mij in ieder geval de komende paar minuten met rust laat zodat ik dit hoofdstuk uit kan lezen. Dit doet hij meestal bij mij in de hoop op hetzelfde. Mijn kopieergedrag heeft geen enkel effect. Hij duwt zijn telefoon met daarop een bericht onder mijn neus. Het vaarseizoen gaat beginnen. De winterstalling moet vrij gemaakt worden en Merlin staat, een soort van, in de weg… Direct heeft hij mijn aandacht. “Hoezo in de weg?!” Dat voelde bijna als een belediging aan mijn eigen adres.

Een goede reden om direct maar een datum te prikken. Met pasen voor de deur en geen andere activiteiten op het programma een prima gelegenheid. Maar, zo zei de medewerkster, dan zijn we niet geopend… Na het checken van de weersvoorspellingen, we zijn nu eenmaal mooi-weer-mensen, bleek het eigenlijk ook niet echt tof vaarweer te worden. De zaterdag ervoor bleef over. We lieten de voetbalwedstrijd van zoonlief schieten en togen af naar Rotterdam. Daar lag Merlin al in het water de dobberen. Na het uitwisselen van wat beleefdheden met de monteur en de bijzonderheden van wat boot-technische informatie, waar ik geen scheepstouw aan vast kon knopen, opende hij eindelijk het hek naar de steiger.

Het staat raar wanneer je als een klein kind over de steiger huppelt en je bootje begroet alsof het een weerzien is met een oude vriendin. Dus liep ik zo normaal mogelijk naar Merlin. Kiepte mijn tas over de railing en sprong aan boord. Zonder sputteren startte Merlin’s motor. Na vijf maanden klonk het geronk als muziek in de oren. Onze aller eerste vaart van 2018 stond op het punt te beginnen. De monteur hielp mee met het losgooien van de trossen. Gaf ons een zet en daar gingen we.

We passeerden de Rotterdamse haven met zijn joekels van schepen. Indrukwekkend, maar toch altijd weer blij als we hier voorbij zijn. Via de Oude Maas kon ons tempo worden opgeschroefd. We hadden nog een stukje te gaan. De saaie grijze lucht maakte plaats voor blauw met schapenwolkjes. In het kader van pasen, altijd leuk! Ik nam het roer over en voor ik het wist waren we alweer bij Dordrecht. We volgden de Dordtsche Kil tot we op het Hollands Diep waren. Het zonnetje zorgde voor een aangename temperatuur aan boord. Nadat we de Moerdijkbrug onderdoor waren was het nog maar een klein stukje.

Het was nog niet zo heel druk in de haven. Sterker nog, er lagen meer boten op de kant dan in het water. De overbuurman kwam kennismaken en hielp mee met het vastleggen van de boot. Hierna konden we op ons gemak de lijnen op lengte maken en een beginnetje maken met het poetsen.  Want een winterslaap heeft Merlin niet echt goed gedaan. Tweede paasdag zullen wij hoogstwaarschijnlijk poetsend doorbrengen.

Na kennis gemaakt te hebben met de havenmeester konden wij terug kijken op een prima eerste vaardag. Vanaf onze nieuwe stek kunnen we alle kanten. Gaan we stuurboord dan zitten we binnen enkele minuten midden in de natuur. Gaan we bakboord dan kunnen we ons binnen enkele minuten uitleven op het grote water. Kom maar op met het mooie zomerse weer!

boot op het water

 

***

Fluffie & Flaffie…

Ik zat in groep vijf van de lagere school toen we tijdens een knutselmiddag zelf pompoenen moesten maken. Ik was zo enthousiast dat ik bij de Zeeman alle gekleurde bollen wol op kocht en de hele familie van pompoen-sleutelhangers voorzag. Ik hing ze aan koffers voor wie met vakantie ging en tijdens de kerst hingen er een paar te shinen in de boom. Uiteindelijk maakte ik twee knuffelbeestjes. Met behulp van mijn moeder knoopte ik boven- en onderlijf aan elkaar. We plakten er ogen en een snavel op en Fluffie en Flaffie waren geboren.

Fluf en Flaf werden ook geïntroduceerd op school. Mijn fantasie was groot, dus ik vertelde iedere maandag wat ze het weekend hadden uitgevroten. Van de juf kreeg ik een schrift en ze vroeg mij hun verhalen op te schrijven. Vanaf dat moment mocht ik iedere vrijdagmiddag de klas een verhaaltje voorlezen over de avonturen van Fluffie & Flaffie.

Ik heb geen idee wat er uiteindelijk met deze twee knuffelbeestjes gebeurd is. Waarschijnlijk zijn ze uit elkaar gevallen. Wol-moeheid of iets dergelijks. Het schrift heb ik misschien nog wel. Dat zal tussen de spullen van mijn moeder moeten liggen. Die bewaarde namelijk ieder vol gekalkt schrift, alle tekeningen en zelfs de lelijkste schilderijen. Ik ben mijn wollige vriendjes in de loop der tijd gaan vergeten. Tot ik een paar weken terug een droom had waarbij ik uit dát schrift aan het voorlezen was. Mijn publiek was dit keer een grote groep volwassen mensen netjes in pak. Ze hadden geen flauw benul waar ik het over had. Bij het wakker worden vroeg ik mij af: “hoe kun je nu niet weten wie Fluffie & Flaffie zijn?!

Het grappige is, dat mijn drang om tekst aan het papier toe te vertrouwen zo’n beetje in die periode geboren is. Van een blog had ik nog nooit gehoord. Wel had ik diverse penvriendinnen. Vanuit Nederland, Suriname en uit Oostenrijk. Uiteindelijk kwam daar de klad in, evenals het schrijven in schriftjes en dagboeken. Langzaam schoof het schrijven naar de achtergrond om pas jaren later, op Hyves, weer herontdekt te worden. Enige tijd later maakte ik de overstap naar WordPress. Overigens nog steeds een gratis account, vandaar die gekke reclame onder mijn blog.

Het bloggen heeft een aardige plek ingenomen in mijn planning en bezigheden. Schreef ik op Hyves één keer per maand, is dat nu zeker één keer in de week. Het bloggen is veel serieuzer en regelmatiger geworden. Niet dat ik er geld mee verdien. Wel heb ik een jaar lang gastblogs mogen aanleveren voor twee verschillende platvormen. Het is een hobby waar ik een vorm van energie in kwijt kan, mijn foto’s kan laten zien of zomaar mijn fantasie de vrije loop kan laten gaan. Dat vind ik zo leuk aan bloggen. En natuurlijk het contact met mede bloggers. Want door mijn eigen blog ben ik heel wat andere bloggers tegengekomen en gaan volgen. Het is leuk om te lezen en te zien wat hen bezig houdt. Door het meelezen wordt er soms weer een onzichtbare bron aangeboord wanneer bij mijzelf de inspiratie even zoek is.

Inmiddels krabbel ik alweer 6,5 jaar mijn blogjes op WordPress en was niet van plan op korte termijn hiermee te stoppen. En dat alles dankzij Fluffie & Flaffie…

Wat was jouw inspiratiebron voor het starten van je blog?

Aan alles komt een eind…

Ons vaarseizoen begon op 7 april dit jaar. Gehuld in winterjas en dikke trui, want het was nog maar een graad of 13, reden we naar de loods. Met een trekker werd Merlin uit de schuur gereden en een eindje verder te water gelaten. We moesten zelf van de winterstalling naar onze nieuwe ligplaats varen. Deden er een rondje Biesbosch achteraan om daarna in de haven alles in orde te maken. Een prima start wat ons betreft.

Het goede weer liet ons in de loop van het seizoen een beetje in de steek. Geregeld zagen we een middag varen letterlijk in het water vallen. Hoewel je mij niet zal horen klagen. In tegendeel. We zijn heel wat uurtjes met de boot weggeweest. Hebben grenzen verkend en onze waterhorizon verbreed. Ik heb knopen leren leggen. Ervaring in sluizen op gedaan. Mijn geduld leren bewaren. En leren wakeboarden. Omdat wij onze hobby hebben kunnen delen met vrienden en familie, werd mijn geluk ook nog eens verdubbeld. Dat heeft ervoor gezorgd dat het eerste jaar met Merlin een super leuk jaar is geweest.

Heel de maand oktober konden we het nog rekken. We zijn er zelfs nog op uit geweest. Maar zoals bij alles, kwam er ook aan dit vaarseizoen een eind. Gelukkig hadden we nog één vaart voor de boeg voor Merlin weer zes maanden de winterstalling in zou gaan. Dit keer mochten we hem zelf komen brengen. In tegenstelling tot vorig jaar, toen ze hem kwamen halen.

Weemoedig keek ik de haven en boten na toen ik het laatste touwtje binnen haalde. Met veel plezier heb ik hier aardig wat uurtjes doorgebracht. Ik hecht mij snel, dus ook aan bepaalde uitzichten. We zullen hier, in ieder geval volgend jaar, niet meer terug komen. Want er wacht ons een nieuw avontuur in een nieuwe haven. Tijd om lang te treuren had ik niet. Er moest van alles gedaan worden voor we op het open water aan zouden komen. Fenders aan boord. Touwen oprollen en wat spullen vastzetten. We kozen de korte route naar Rotterdam maar wel met de meeste sightseeing. Eenmaal het Wantij achter ons kon het gas opengetrokken worden.

Via de Noord voeren we naar de Nieuwe Maas. Kwamen langs de Ark van Noach waar de giraffen op het dek stonden en voeren daarna onder de Brienenoordbrug door. Toen de Rotterdamse skyline inzicht kwam gaf ik het roer over aan Vriendlief. Want fotograferen en sturen gaat niet samen. Terwijl Vriendlief het gas terug nam werden we links en rechts ingehaald door de watertaxi’s. Die hadden, in tegenstelling tot ons, iets meer haast.

Het zonnetje kwam door en dat gaf ons de kans nog even te genieten van alles wat we op en langs het water tegen kwamen. Terwijl ik genoot van het uitzicht, propte ik nog snel een boterham naar binnen. Langs het water was het druk. Er waren een hoop mensen die met dit onverwachte mooie weer de pauze buiten doorbrachten. Sneller dan gehoopt kwamen we aan bij onze eindbestemming. Daar stond de monteur ons al op te wachten om Merlin uit het water te halen.

De weergoden waren ons goed gezind. Op wat kleine druppels na viel de rest pas naar beneden toen wij goed en wel weer thuis waren. Nog een maand of vijf, dan mogen we weer.

uitzicht op skyline van Rotterdam met Brienenoordbrug, Boot en Euromast.

Op de koffie…

Wij hadden voor deze dag, ergens halverwege de zomer, een planning. Alleen gooiden de weergoden roet in het eten. Het kwam met bakken uit de hemel. Onze middag wakeboarden viel daarom letterlijk in het water. We stonden nog even te bakkeleien of we niet alsnog zouden gaan. Als je in het water ligt wordt je toch nat. Maar omdat het zo waaide…  Zoonlief maakte een draai van 180 graden en keerde op zijn schreden terug naar zijn grot op zolder. Waar hij digitaal zou gaan chillen met zijn matties. De rest van de dag hebben wij hem niet meer gezien. Tot zover de gezelligheid van een opgroeiende puber.

Ik had er zo naar uitgekeken om mij bezig te houden met mijn nieuwe hobby, dat ik er zelfs een beetje chagrijnig van werd. Nu had ik natuurlijk mijn spullen kunnen pakken en naar een cable park kunnen rijden. Maar niemand wilde mee. Al mokkend liep ik door het huis. Ik voelde er weinig voor om deze dag helemaal niks te doen. De tijd tikte op de maat van de regendruppels voorbij. Na een half uurtje het getik aan gehoord te hebben, besloot ik om toch iets te gaan doen. “Wat ga je doen dan?” Vroeg Vriendlief. “Gewoon, even op de koffie bij Merlin.” Was mijn antwoord.

Merlin heeft een dak. Regen of niet, aan boord zit je droog en redelijk warm. Alleen met storm zou je wel eens zeeziek kunnen worden. Maar zo hard waaide het nu ook weer niet. Er waren blijkbaar meer mensen die er zo over dachten want het was nog aardig druk in de haven. Op diverse boten zag ik mensen zitten. Wijntje in de hand, blokjes kaas op tafel. Even verderop waren ze aan het kaarten in de “voortent” op het dek. Ik kreeg er een soort volkstuinencomplex-camping gevoel van, maar dan anders. Gezellig!! De echte die-hards waren in de regen hun boot aan het poetsen.

Nu kon ik mooi eens op mijn gemak de rommel opruimen en diverse zaken uitzoeken. Wat kan een mens in korte tijd een puinhoop maken. Ook de touwen van het wakeboard en de funtube lagen op een grote hoop. Die waren de laatste keer nog te nat om opgeruimd te worden. Eenmaal bezig besloot ik ook de “slaaphut” die nu dienst doet als opslagruimte voor al onze watersport spullen, onder handen te nemen. Na een tijdje was alles weer overzichtelijk en konden we overal makkelijk bij. Nu hadden we wel een bak koffie verdiend.

Terwijl Vriendlief deze ging zetten verzorgde ik de versnaperingen. We hadden ook nog koekjes en nootjes aan boord. Met de beentjes gestrekt voor mij en koffie in mijn hand las ik verder in mijn boek. Vriendlief vermaakte zich met een spelletje. Onderwijl genietend van de regen die zachtjes op het canvas dak roffelde. Dat klinkt dan opeens heel gezellig als je zo kneuterig met elkaar om de tafel zit. Het was, met alle ramen dicht zelfs prima uit te houden. Uiteindelijk hadden we een heerlijke middag op het water. Weliswaar niet vol gas over de Merwede. Maar op Merlin zijn eigen ligplaats in de haven. De buren waren een weekendje weg, dus over het uitzicht hoefden we ook niet te klagen.

Uitzicht vanaf de boot in de haven

 

 

De vijf van september…

Na drie maanden stil zitten was het tijd om weer eens in actie te komen. Ik vulde mijn agenda met bezigheden en de eerste de beste zaterdag dat ik kon zat ik weer naast het veld. Van de vijf zaterdagen die september dit jaar telde zat ik er uiteindelijk vier langs het veld. Ook nog eens bij vier verschillende teams. Allemaal van FC Dordrecht, dat dan weer wel. Ze willen de jeugd letterlijk wat meer in beeld brengen en ik mag hier ook iets aan bijdragen. Dus keek ik in diverse weersomstandigheden, van herfstige buien tot zomers warm, naar vijf verschillende wedstrijden gespeeld in de leeftijdscategorie van 14 tot 19 jaar.

Mijn eerste zaterdag begon met een wedstrijd van FC Dordrecht U19 tegen Roda JC U19. Beide ploegen hadden er al twee maanden trainen en wat oefenwedstrijden opzitten. Ik daarentegen was in de zomer een beetje vastgeroest. Ik moest even wennen aan de snelheid van het spel maar ook aan de spelers. In verband met het Nationaal Dutch Music Games Kampioenschap (en daarmee een leuk achtergrond muziekje) moest er uitgeweken worden naar het grasveld, dat er ondanks de vele regen droog bij lag. Langs de lijn was er niks veranderd. Nog steeds een rumoerige bedrijvigheid, variërend van gezellig geklets tot fanatiek aanmoedigen. Beide ploegen keerden met 1 punt huiswaarts. Eindstand 1-1.

FC Dordrecht schopt de bal weg bij Roda JC

Op de tweede zaterdag was het niet koud buiten. Het was, op de regen na, prima sport-weer. De camera had zijn eigen regenjas. Dus die had nergens last van. Ik denk dat de schapenkoppen van U15 wel wat hinder ondervonden van al dat water. De wedstrijd tegen VVV Venlo U15 ging namelijk niet zoals gehoopt. Venlo daarentegen was maar wat blij met een uitslag van 2-4. Die zijn dat eind niet voor niks deze kant op gekomen!

FC Dordrecht maakt kopbal tegen speler van VVV Venlo U15

Zaterdag drie brak aan. Naast een strakblauwe lucht, waren het ook de blauwe tenues die domineerden op het veld. Hoewel FC Dordrecht U14 niet van de mat geveegd werd was het uiteindelijk toch Excelsior U14 die er met de punten vandoor ging. Eindstand 0-4.

Speler van FC Dordrecht U14 maakt een sliding voor speler van Excelsior

En alweer de laatste zaterdag van de maand. Er stonden twee wedstrijden op het menu. FC Dordrecht U15 mocht de spits afbijten tegen koploper Willem II U15. Natuurlijk ben ik bevooroordeeld wanneer het op U15 aan komt. Ik hoopte dat het bij een 2-1 zou blijven. Tien minuten voor tijd werd het 2-2. Daarna steeg de spanning tot ongekende hoogte. Dat een spelletje zo spannend kan zijn dat je gewoon vergeet foto’s te maken. Om vervolgens met een hartslag van 180 weer achter de camera te duiken…

Speler van FC Dordrecht maakt sliding op de bal tegen Willem II U15

FC Dordrecht U17 – Fortuna Sittard U17 was wedstrijd twee. Zo had ik deze maand toch alle teams een keer voor de lens gehad. De weergoden waren ons niet gunstig gestemd. Want het kwam werkelijk met bakken uit de hemel (hoewel dat op onderstaande foto niet te zien is). Na de eerste helft had ik voldoende platen geschoten om vooruit te kunnen en pakte ik snel mijn spullen in. Voor Fortuna Sittard scheen hoe dan ook de zon. Die keerden met 0-4 weer richting huis.

Kopbal van FC Dordrecht U17 tegen Fortuna Sittard

Haha wie had dat gedacht, van een hekel aan voetbal op de buis naar bijna geen enkele zaterdagmiddag meer thuis… 😆

Volg de jeugd van FC Dordrecht op Twitter en Instagram.

Count Your Blessings … #7

Weet je wat ik zo fijn vond aan de laatste twee dagen van onze vakantie? Dat we die door konden brengen op het water. Met 25 graden en volop zon lag Merlin al op ons te wachten. Oom B. en tante V. hadden ook nog een dag vrij en gingen gezellig met ons mee. Afgeladen met hapjes en drankjes stapten we de eerste dag aan boord voor een tochtje door de Dordtse Biesbosch.

Hoewel het een (doordeweekse) vakantiedag was, was het opvallend rustig op het water. We kwamen wat kano’s en sloepjes tegen en dat was het. Zelfs de aanlegsteigers, die normaal met mooi weer helemaal vol liggen, waren dit keer leeg. Er waren blijkbaar al een hoop mensen met vakantie. Wij hadden in ieder geval het water voor ons alleen. Oom zat aan het roer en vriendlief was zijn tomtom. En de dames? Die vermaakten zich prima in de zon op het voordek.

We kwamen uiteindelijk aan bij ons favoriete stukje. Omringt door water, groen en afgesneden van de drukte van de stad. Het gefluit van de vogels klinkt hier veel luider en duidelijker. En als je geluk hebt hoor je woody woodpecker of een koekkoek. Geen andere boten of kano’s die de rust konden verstoren. De eerste keer dat Oom mee ging verliep de lunch iets minder soepel. Dus konden we het nu goedmaken. Het mag duidelijk zijn, we vermaakten ons prima die dag. En kwamen een stuk bruiner en veel later dan gepland weer in de haven terug.

De volgende dag was het iets minder zonnig. Maar zeker niet minder warm. Onze gasten voor die dag waren Nichtje A. en vriendin M. Nadat we Merlin vaarklaar hadden gemaakt kon de vaart beginnen. Dag twee stond in het teken van actie, dus moesten we het grote water op. In de Biesbosch mag je namelijk niet harder dan 6 kilometer per uur varen. Achter de Biesbosch ligt de Nieuwe Merwede. Hoewel dit gedeelte de “snelweg” voor de beroepsvaart naar grotere steden wordt genoemd, is er voldoende ruimte voor de recreant.

Ook nu gingen we eerst uitgebreid lunchen nadat we de boot in een baai voor anker hadden gelegd. Vervolgens werden de wetsuits, vesten en het wakeboard uit de kast gehaald. De dames hadden nog nooit geboard dus mocht ik voordoen hoe het moest. Maar zo’n goed voorbeeld was ik niet. Ik liet direct de handle los. De tweede start lukte wel. Dat gevoel, op het moment dat je op het water staat en je steeds meer controle over je board krijgt, geeft mij vleugels. Ik hoopte zo, dat ik ze kon laten delen in dit “red bull” gevoel. Maar helaas. Bij alle twee lukte het boarden niet en na verschillende pogingen zijn we er mee opgehouden.

Maar we waren nog niet klaar. De funtube werd opgepompt. En dat was verre van relaxed. Vanachter de boot kwam een hoop gegil, gelach en heel vaak: “OOH NEEEEE!!” Laat ik het zo zeggen, de mensen die stonden te wachten bij het pontje van Werkendam hadden iets om naar te kijken. De dag was voorbij voor we het wisten. Met heel wat pijn in mijn kaken van het lachen (en de opkomende spierpijn van het boarden) gingen we richting huis.

Buiten, op het water en relaxen in bijzijn van goed gezelschap doet ook mijn motortje opladen. Het vaarseizoen zal niet heel lang meer duren maar ik hoop echt dat we nog een hoop van dit soort gelukzalige momenten mogen gaan meemaken…

Wakeboarden en funtube achter de boot in Dordrecht.

Motorpech…

Soms loopt iets heel anders dan gepland. De zondag dat wij voor het eerst gingen wakeboarden, was zo’n dag. Het eerste deel ging zoals verwacht. Het tweede deel overtrof al mijn verwachtingen. Het derde deel, tja hoe zal ik dit zeggen. Het ene moment zat ik nog bovenop mijn wolk euforisch te wezen over mijn prestatie van die ochtend. Het andere moment donderde ik, figuurlijk gezien, dat hele eind naar beneden. Euforie maakte plaats voor opborrelende paniek bij het horen van een pieptoon en het wegvallen van een ronkende motor.

Ik zat op het voordek met het anker in mijn hand. Klaar om hem uit te gooien zodat we konden gaan lunchen. Merlin dacht hier anders over. Na het terugnemen van het gas viel de motor uit. Het enige dat van zich liet horen was dus die piep iedere keer dat we de motor probeerden te starten. Mijn gelukzalige roes was in een klap uitgewerkt. Wat zijn dit voor fratsen! Waar is de ANWB als je hem nodig hebt? Waar liggen de lichtkogels en ander SOS materiaal? Waar is de spreeksleutel van de marifoon? Waarom wilde ik ook alweer een boot? Na een zoveelste poging sloeg de motor opeens weer aan.

Over een ding waren we het eens. Uit de vaargeul en terug naar de sluis. Het dashboard gaf om de minuut een luide piep. Maar de motor bleef het doen. Tot we bij de sluis waren en gas terug namen. Daar viel de motor weer uit. We bonden de boot vast aan de eerste de beste paal die we tegen kwamen. Merlin lag daar, op zijn zachtst gezegd, niet echt handig.

Eens kijken of we er zelf achter konden komen waar deze storing vandaan kwam. Op het eerste gezicht was er niks te zien of te voelen. Alle meters stonden goed en daar houdt onze kennis zo’n beetje op. Vriendlief toverde de elektrische noodmotor uit het ruim. Speciaal voor dit soort momenten aangeschaft. Ik slaakte een zucht van verlichting. De adrenaline gierde opnieuw met 180 kilometer per uur door mijn lichaam toen ik een grote vloek achter de boot vandaan hoorde komen. De noodmotor deed het op miraculeuze wijze ook niet meer. Dit was de tweede keer die dag dat ik spontaan in janken uit kon barsten. Maar dan van ellende.

Van alle bootjes die langs ons voeren was er maar één die zijn hulp aanbood. Nota bene een vrouw! “Ik hoor de piep van een probleem?!” Riep ze vanaf het dek. Ze bood aan ons naar de haven te slepen. Wat was ik blij met haar aanbod. Opgelucht ademhalen deed ik pas toen Merlin daadwerkelijk weer in de haven lag. De volgende uitdaging was het vinden een een monteur. Dat was nog niet makkelijk aan het begin van de zomerperiode. De wachtlijst was overal drie tot vier weken.

We kregen de tip om contact op te nemen met Drinkwaard Jachtservice in Papendrecht. Die konden praktisch direct vertellen waar het probleem zat. Maar ook daar waren de monteurs druk. Toch wilden ze het proberen en nog diezelfde week kregen we een belletje. Het was een “dingetje” met een sensor. Merlin was sneller dan verwacht gefixt en gedroeg zich op alle fronten weer als vanouds.

Een warme douche voor de toppers van Drinkwaard Jachtservice voor de snelle actie en het meedenken! Ze hebben er voor gezorgd dat wij het water weer op kunnen en hebben er hiermee een nieuwe klant bij.