Het spelletje is weer helemaal in…

Iedere ochtend is zoonlief druk in de weer tijdens een “Clash” met zijn matties. Het spelletje is weer helemaal in. Direct moest ik denken aan onderstaand blog. Toen werd ik nog gevraagd deel te nemen omdat ik goed was… Als ik nu vraag of ik mee mag doen word ik of keihard uitgelachen of boos aangekeken. Je matties en je “ma” gaan nu eenmaal niet samen haha.

Daarom laat ik het maar bij dit blog: “uit de oude doos”:

“Kijk, ik val aan met mijn draak en ik ben aan het winnen.” “Mooi hoor!” Roep ik quasi nonchalant tijdens het voorbijlopen. “Hier, kijk dan?! Je kijkt niet eens!” Roept zoonlief terwijl hij met gevaar voor eigen Ipad het ding nog iets hoger in de lucht houdt zodat ik er niet omheen kan. Ik zie een tekenfilmachtige setting waar verschillende poppetjes heen en weer rennen en draken luchtballonnen kapot maken, of iets wat daar voor door moet gaan. Op dat moment maakte ik de grootste Ipad-fout van mijn leven door te vragen wat ie nu precies aan het doen was. Ik kreeg niet direct antwoord. Maar op slinkse wijze werd mijn Ipad mij ontfutseld en voor ik het wist blonk het icoontje van Clash of Clans ook op mijn beeldscherm.

Nu, een maand of twee later, volg ik de tovenaars op de voet en stuur mijn barbaren en boogschutters aan. Van zoonlief heb ik nog een aantal varkensruiters gekregen, daarmee moest ik de slag wel kunnen winnen. Het doel: de digitale wereld veroveren met toverspreuken, draken, luchtballonnen en P.E.C.C.A’.S (what’s in a name…) en dat met onze eigen “clan”. Ja ja, want die heeft zoonlief aangemaakt toen hij besloot mij eveneens verslaafd te maken aan één of ander spelletje. Onze clan wordt niet alleen bemand met beginnende puistenkoppen. Ook een aantal ouders dragen hun digitale steentje bij…

Maar voor het zover was moest ik eerst een dorp hebben. Zonder dorp geen clan. Zonder Clan geen Clash. Met de vingervlugheid van zoonlief was dit in no-time opgezet, want ik begreep dat natuurlijk weer niet. Nu kon ik beginnen met het upgraden van alle onderdelen. Stadhuis, muren, verdedigingswerken, legerbasis maar ook de goudmijnen en de elixerpompen. Met deze laatste twee kun je troepen trainen en uiteindelijk je dorp upgraden.

Zoonlief kon ik natuurlijk niet steeds lastigvallen. Ik bedoel, zelfredzaamheid hebben wij hoog in het vaandel staan. Dus raadpleegde ik Youtube. Er ging een wereld voor mij open. Nu snap ik al die uren die hij youtubbend heeft doorgebracht. Indelingen van dorpen, aanvalstactieken en technieken en andere tips vond ik terug. Ik neusde net zolang tot ik een indeling vond die mij aansprak. Na een uur pielenmuizen en slepen met muurtjes en kanonnen was ik het zat. Ik had vierkante ogen en barstende koppijn. Zoonlief stond mij al even gade te slaan en kwam niet meer bij van het lachen. Hij besloot in te grijpen en binnen vijf minuten was mijn dorp aangepast.

De weekenden die volgden zaten zoonlief en ik gebroederlijk op de bank met onze Ipads. We vergeleken onze clanaanvallen, deelden troepen en verzonnen nieuwe aanvalstactieken. Vriendlief was er een beetje klaar mee en zei dat we er nu wel mee mochten ophouden. Hierop volgden een sneer van Zoonlief. “Ze is heel goed hoor pap!! Ze valt aan, verdedigt en wint. Ik heb haar nodig in mijn “clan”!” Er volgden nog wat verontwaardigde blikken van de één naar de ander. Ik hield wijselijk mijn mond en moest hard op mijn kiezen bijten om niet in een gigantische lachbui uit te barsten. “Sorry pap, deze slag heb je verloren. Ik speel nog even door. Ik hoorde namelijk zojuist dat ik hier goed in ben.” 😛

Advertenties

Clash of Clans…

“Kijk, ik val aan met mijn draak en ik ben aan het winnen.” “Mooi hoor!” Roep ik quasi nonchalant tijdens het voorbijlopen. “Hier, kijk dan?! Je kijkt niet eens!” Roept zoonlief terwijl hij met gevaar voor eigen Ipad het ding nog iets hoger in de lucht houdt zodat ik er niet omheen kan. Ik zie een tekenfilmachtige setting waar verschillende poppetjes heen en weer rennen en draken luchtballonnen kapot maken, of iets wat daar voor door moet gaan. Op dat moment maakte ik de grootste Ipad-fout van mijn leven door te vragen wat ie nu precies aan het doen was. Ik kreeg niet direct antwoord. Maar op slinkse wijze werd mijn Ipad mij ontfutseld en voor ik het wist blonk het icoontje van Clash of Clans ook op mijn beeldscherm.

Nu, een maand of twee later, volg ik de tovenaars op de voet en stuur mijn barbaren en boogschutters aan. Van zoonlief heb ik nog een aantal varkensruiters gekregen, daarmee moest ik de slag wel kunnen winnen. Het doel: de digitale wereld veroveren met toverspreuken, draken, luchtballonnen en P.E.C.C.A’.S (what’s in a name…) en dat met onze eigen “clan”. Ja ja, want die heeft zoonlief aangemaakt toen hij besloot mij eveneens verslaafd te maken aan één of ander spelletje. Onze clan wordt niet alleen bemand met beginnende puistenkoppen. Ook een aantal ouders dragen hun digitale steentje bij…

Maar voor het zover was moest ik eerst een dorp hebben. Zonder dorp geen clan. Zonder Clan geen Clash. Met de vingervlugheid van zoonlief werd die van mij in no-time opgezet, want ik begreep dat natuurlijk weer niet. Nu kon ik beginnen met het upgraden van alle onderdelen. Stadhuis, muren, verdedigingswerken, legerbasis maar ook de goudmijnen en de elixerpompen. Met deze laatste twee kun je weer troepen trainen en uiteindelijk dus je dorp upgraden.

Zoonlief kon ik natuurlijk niet steeds lastigvallen. Ik bedoel, zelfredzaamheid hebben wij hoog in het vaandel staan. Dus raadpleegde ik het internet en Youtube. Er ging een wereld voor mij open. Nu snap ik al die uren die hij youtubbend heeft doorgebracht. Indelingen van dorpen, aanvalstactieken en technieken en andere tips vond ik daar terug. Ik neusde net zolang tot ik een indeling vond die mij aansprak. Na een uur pielenmuizen en slepen met muurtjes en kanonnen was ik het zat. Ik had vierkante ogen en barstende koppijn. Zoonlief stond mij al even gade te slaan en kwam niet meer bij van het lachen. Hij besloot in te grijpen en binnen vijf minuten was mijn dorp aangepast.

De weekenden die volgden zaten zoonlief en ik gebroederlijk op de bank met onze Ipads naast elkaar. We vergeleken onze clanaanvallen, deelden troepen en verzonnen nieuwe aanvalstactieken. Vriendlief was er een beetje klaar mee en zei dat we er nu wel mee mochten ophouden. Hierop volgden een sneer van Zoonlief. “Ze is heel goed hoor pap!! Ze valt aan, verdedigt en wint. Ik heb haar nodig in mijn “clan”!” Er volgden nog wat verontwaardigde blikken van de één naar de ander. Ik hield wijselijk mijn mond en moest hard op mijn tanden bijten om niet in een gigantische lachbui uit te barsten. “Sorry pap, deze slag heb je verloren. Maar ik speel nog even door. Ik hoorde namelijk zojuist dat ik hier goed in ben.” 😛

Playmobil is Ipad waard. . .

Toen vriendlief eenmaal door had wat Marktplaats inhield en vooral hoeveel geld je daarmee kon besparen was het hek van de dam. Toen Uk nog een ukje was en eigenlijk nog te klein was voor alles wat kleiner was dan Duplo, werd er flink ingekocht, voor later. Onder het motto: “Dat vond ik vroeger erg leuk, dus mijn kind gaat dit ook heel leuk vinden!” werd alles van Playmobil ingeslagen. Er werd geboden, gemaild en heen en weer gebeld tot men letterlijk groen en geel zag. De pakketjes bleven bij ons binnen stromen en de zolder werd voller en voller.

Uk werd iedere sinterklaas, kerst en met zijn verjaardag voorzien van een nieuw pakketje Playmobil. Je kon het zo gek niet verzinnen of Uk had het op zijn kamer staan. Soms was hij de twee kilometer NS rails met vijf treinen en wagonnetjes zat en werd het ingeruild voor piratenboten en ridderkastelen. Of het politiebureau en de Ark van Noach. Terwijl Uk groter en  ouder werd verloor hij beetje voor beetje zijn belangstelling voor al het speelgoed. De computer en voetbal werden zijn hobby’s en dat terwijl er boven op de vliering nog een aantal dozen met Playmobil stonden waar hij niets van afwist. Zo stond er nog een brandweerkazerne met alles er op en er aan, een F1 pakket en een luxe indianen- en ridder set compleet met tipi’s, paarden en kajaks.

Twee weken geleden besloot vriendlief de knoop door te hakken en zijn met liefde ingekochte collectie te koop aan te bieden. Omdat het wel erg veel werk was keek hij Uk en mij lief aan en zei dat de opbrengst naar een goed doel zou gaan, namelijk een nieuwe Ipad (of twee) en of wij misschien zouden willen helpen. Daar hadden Uk en ik wel oren naar.

Met zijn drietjes zijn we de hele zondag bezig geweest met het bij elkaar zoeken van de originele verpakkingen, bouwtekeningen en natuurlijk het Playmobil zelf. Uk was toch wel erg verknocht aan zijn kasteel en besloot deze samen met zijn drakenfort te houden. De rest mocht voor de verkoop van zijn kamer gehaald worden.

De fotostudio werd voor deze gelegenheid opgetuigd en alle bouwwerken werden één voor één vakkundig in elkaar gezet, gefotografeerd, (vakkundig)afgebroken en in dozen gestopt. Dit ging de hele week zo door. Iedere dag werd er iets op Marktplaats gezet. Iedere dag kwamen er nieuwe biedingen binnen en werd er Playmobil verkocht. Inmiddels kan ik geen Playmobilpoppetje of onderdeel meer zien. Maar… de bende in de studio, zolder en de kamer van Uk veranderde langzaam in een gestructureerde chaos. De vloer werd iedere dag een halve meter meer begaanbaar. De dozen stapelde zich op in de gang maar aan het einde van de tweede week was dit afgenomen tot een doosje of drie.

Hoewel nog niet alles gefotografeerd en verkocht is, was volgens vriendlief afgelopen vrijdag het targetbedrag bereikt. Toen ik thuis kwam werd mijn inspanning beloond met een Ipad mini. Ik had niet verwacht dat dit speelgoed nog steeds zo goed zou verkopen. Maar blij met mijn nieuwe aanwinst ben ik zeker. Nu nog een mooie hoesje uitzoeken.

Iemand nog interesse in een zwik gouden & zilveren ridders, een Engels fort of een Inca tempel?