Een kleine ronde…

Het zou vandaag warmer worden dan gisteren. Als ik naar buiten kijk is dat er niet aan af te zien. Als ik eenmaal buiten ben voelt het al helemaal niet zo. Ik check de thermometer in de tuin. +2 graden boven 0. Met oostenwind een gevoelstemperatuur van -5. De fiets blijft voor wat ie is. Ik jump in de auto en ben zo dik ingepakt dat het lijkt alsof ik naar Siberië afreis. Ik ga echter maar 6 km verder om te stoppen bij Poownie. Het is net 10 uur geweest, toch had ik deze zondag wat meer auto’s in de straat verwacht. Een moeder en haar dochter is mij voor. Ze trotseren de kou voor een wandeling met hun paard. Daarna blijf ik alleen achter. 

Als ik Poownie roep staat hij binnen 2 tellen voor mijn neus. Hij weet precies wat we gaan doen. Terwijl hij een uur lang mag grasmaaieren in het buitengebied, sta ik te klappertanden en ontwikkel afstervende ledenmaten. Hij moet dit stuk gras wel delen met blaffend geweld en loslopende honden maar dat deert hem niet zolang hij mag grazen. Als hij eenmaal met zijn grootste hobby bezig is valt het mij op dat het eigenlijk wel mee valt met de kou. Er is nagenoeg geen wind en mijn handen voelen zelfs warm aan. In ieder geval een hele verbetering vergeleken met gisteren. Waarbij de oostenwind dwars door al mijn lagen thermokleding heen ging. 

De appjes van stalgenoten druppelen binnen. Ik volg ze met een schuin oog, bang om mijn warme handen over te leveren aan de kou. Ze willen een buitenrit maken en gaan voor een grote ronde. Dat is voor ons nu net te ver en te veel. Maar dan komen de reacties van andere stalgenoten die een kleiner rondje willen lopen. Kijk, dat sluit meer aan. Na drie kwartier breek ik in op Poownies graasplezier en lopen we terug naar stal. Waar net geen auto stond staat het nu vol. Bijna iedereen is aanwezig. Wat gezellig. Sinds we de wei hebben ingeruild voor ons winterverblijf heb ik het niet meer zo druk gezien.   

Her en der wordt er een borstel over de paarden gehaald. Zelf wissel ik mijn snowboots in voor wandelschoenen. De dames van de lange ronde vertrekken iets eerder dan ons maar al snel gaan ook wij, vier vrouw sterk, op pad. Twee te paard en twee wandelend. Poownie heeft de eerste vijf minuten de leiding. Met zijn oren rechtop laat hij zien welke route we zullen gaan lopen. Maar dan vertraagt hij zijn tempo. Zijn wandelmaatje mag tussendoor grazen. Het duurt niet lang voor hij in de gaten heeft hoe dit werkt. Naar voren rennen zover als het touw dit toelaat. Naar beneden duiken om te grazen wat je grazen kunt en wachten tot je gepasseerd wordt. Dan herhaal je de stappen.

Zijn maatje heeft een veel langer touw. In zijn ogen super oneerlijk. Maar zolang hij af en toe een hap gras mee kan pakken zal je hem niet horen. Er zijn hier voldoende wandelpaden die kriskras door het gebied lopen. Zo kun je de route steeds afwisselen en uiteindelijk zo groot maken als je zelf wilt. Na een kleine 4 km zijn we terug. Zijn we de frisse ochtend toch sportiever dan verwacht doorgekomen. 

wandelpaden met uitzicht op de polder

Advertenties

Lam & Lendig …

Zodra ik wakker word zijn er twee dingen die mij opvallen. Eén: Mijn oor is geplet en doet zeer. Hij voelt aan alsof ik de hele nacht op een baksteen heb gelegen. Niet dat ik weet hoe dat voelt maar ik kan mij er inmiddels iets bij voorstellen. Twee: het is midden in de nacht en ik ben wederom klaar wakker. Uit frustratie draai ik mij om en besef direct dat ik dit beter niet had kunnen doen. De wereld draait en mijn maag protesteert. Daarom voelt mijn oor wat pijnlijk aan. Ik lig niet voor niets al twee dagen op mijn linkerzij. Dan draait de wereld iets minder snel.

Mijn maag en darmgestel zijn eveneens in strijd met elkaar wie als eerste zijn inhoudt mag legen. Als opperhoofd had ik al een staakt-het-vuren aangekondigd maar daar wordt niet naar geluisterd. Voor zover mijn overwicht op mijn eigen lichaam. Zolang ik maar rustig blijf liggen is er niets aan de hand. Nou ja, niets… Terwijl vriendlief al twee dagen onder zijn zomerdekbed ligt omdat hij het warm heeft, heb ik me naast mijn winterdekbed, toegedekt met nog een extra fleeceplaid. K O U D!!

Kort geleden zei ik nog tegen een collega: “Jeetje, ik ben echt al een jaar niet ziek geweest!”  Nu word ik blijkbaar gestraft voor mijn woorden. Terwijl iedereen zich opmaakt voor een nieuwe werkweek waarin de beste wensen rondvliegen op kantoor kruip ik nog even onder de dekens. Met naast mij de aspro, vitamientje C, een kop hete thee en mijn laptop binnen handbereik. Zodra mijn hoofd het toe laat tik ik wat woorden op het digitale papier en neus wat rond op andere blogjes. Want dat is het enige voordeel van ziek zijn. Naast slapen is er genoeg tijd voor het bijlezen van blogjes die ik de afgelopen paar weken/maanden verwaarloosd heb…

Vroeger, als ik ziek was, lag ik op de bank en bracht mijn moeder mij van alles om mij snel weer op de been te krijgen. Dit varieerde van thee, beschuit met suiker, geperste sinaasappelsap tot soep (waar ik altijd een gruwelijke hekel aan had maar waar ik niet onder uit kwam omdat ik anders niet beter zou worden. Als kind geloof je nu eenmaal de dingen die je verteld worden) en keek ik naar het programma “de muis” met dat blauwe olifantje. Kennen jullie dat programma toevallig ook? Helaas is vriendlief werken dus moet ik mezelf voorzien van thee en beschuit en is de muis al lang niet meer op tv. In plaats daarvan staar ik naar een groene vogel die al gravend zijn hele bodembedekking over het randje van zijn kooi aan het schuiven is en daarbij volmondig roept dat ie aan het werk is. Ach, is in ieder geval één van ons druk met werken.