Week 1…

De laatste dag van het jaar breekt aan op het moment dat de wekker afgaat. Wat een herrie zo op de vroege ochtend. Mijn dag begint goed. Not!! Ik word met koppijn achter mijn ogen wakker. Alsof iemand vanachter uit mijn schedel met een hamer mijn oogballen er uit wil slaan. Ja, deze beschrijving dekt de lading wel. En dan moet oudejaarsavond nog beginnen. Ik heb drie kwartier nodig om mijn ochtendroutine af te werken en ben tegen 08.00 uur, als eerste, op het werk. Drie kwart van de Nederlandse bevolking is vandaag vrij. Zo ook al mijn klanten. Wat ik op het werk doe is mij een raadsel. Maar de baas wil nu eenmaal dat er een paar collega’s aanwezig zijn. 

Met het laatste is zo’n beetje alles wel gezegd. Al het werk is afgehandeld en de bureau’s zijn “schoon”. Klaar voor het nieuwe jaar. Halverwege de ochtend komen er oliebollen op tafel. Dus ontbijt ik met een bol en een bak thee. Mik er direct een aspro achteraan. Langzaam word ik weer een beetje mens. Na een gezellige middag kletsen met collega’s is het dan eindelijk tijd om naar huis te gaan. Daar wachten nog de nodige klusjes, zoals een spoedbezoek aan Poownie. Na het eten vertrekken we richting mijn oom en tante in Schiedam om met hen het nieuwe jaar in de luiden. 

Het gaat bij ons in de wijk al aardig los met vuurwerk maar eenmaal in Schiedam lijkt het wel of het nieuwe jaar zojuist is ingegaan. Als ik op de klok kijk zie ik dat het pas 20.00 uur is. We hebben een super gezellige avond met lekkere hapjes. En liggen in een deuk om hond Brutus, die met zijn mega verschijnen maar zachte karakter voor hilarische momenten zorgt. Veel te laat lig ik in bed en kom daardoor ook veel te laat mijn bed weer uit. Moet kunnen voor een keer. De aller eerste dag van het nieuwe jaar besluit ik luierend door te komen. Tussendoor plan ik nog een bezoek aan Poownie. 

Bij thuiskomst zie ik dat de staatsloterij ons niets heeft opgeleverd. Ik had zoveel plannen met dat geld, maar helaas. Dat betekent dat we er weer voor zullen moeten werken. De volgende dag gaat de wekker in alle vroegte voor een nieuwe werkdag. Ook deze twee dagen valt er nog niet veel te beleven en heb ik op een makkelijke manier de eerste knaken van het jaar verdiend. 

Wat ben ik blij als het weekend aanbreekt. Nu heb ik tijd om mijn creatieve skills onder het stof vandaan te halen. Want het presentje voor Zus, die volgende week jarig is, ligt te wachten om in elkaar gezet te worden. Het hele idee speelt al dagen door mijn hoofd maar nu kan ik een start maken met de uitwerking hiervan. Alleen al het plezier dat ik hieraan beleef is hopelijk een voorbode voor de rest van het cadeau. Stiekem kan ik niet wachten om het haar te geven. Een volgend log meer hierover… 

We eindigen de zaterdag bij mijn schoonouders. Waar we traditiegetrouw proosten met een nieuwjaarsborrel. Gevolgd door een lopend buffet en een gezellige avond. Terugkijkend op de eerste vijf dagen kan ik zeggen dat het jaar voor mij alvast goed begonnen is. En die van jullie? 

 

 

***

Altijd makkelijker dan je denkt…

Mijn moeder bakte het wel vaker. Speciaal voor ons want zelf vond ze het niet te eten. Maar met verjaardagen of op een zaterdagavond bij de film stond het voor ons op tafel. Een hele grote schaal met popcorn. En dan niet de magnetron variant met zo’n vieze chemische vette smaak. Waar ook je huis nog eens drie dagen naar rook terwijl de popcorn binnen 10 minuten op was. Ik bedoel de echte, boterzachte popcorn met een zoutlaagje.

Eenmaal op mijzelf maakte ik het ook geregeld klaar. De heren en zelfs Groene Draak vinden ook vers gemaakte popcorn een stuk lekkerder dan die uit de magnetron. Maar het is wel altijd dezelfde zoute smaak. Omdat ik niet wist hoe ik de echte zoete bioscooppopcorn na moest maken. Tot nu.

In mijn vakantie, inmiddels een paar weken geleden alweer, had ik wat tijd over en besloot er eens voor te gaan zitten. Zelf karamelpopcorn maken blijkt een stuk makkelijker dan ik dacht. Het is wel wat bewerkelijker dan de zoute variant en toegegeven het is niet bepaald caloriearm. Maar lekker dat het is!!! Nu ben ik totaal geen keukenprinses en karamel maken had ik tot voor kort ook nog nooit gedaan. Want ik dacht altijd dat het heel moeilijk zou zijn.

Een goede voorbereiding is het halve werk. Alles wat ik nodig heb staat al voor het grijpen. Eerst maak ik de popcorn klaar. Dit doe ik in een gietijzeren pan. Die kunnen namelijk wel tegen een stootje. Zodra het scheutje olie in de pan warm is kan de (popcorn)mais er bij. Het wordt altijd meer dan je denkt. Dus een bodem mais is meer dan genoeg. Ik laat het vuur op hoog staan tot de mais goed aan het poffen is. Uiteraard met een deksel op de pan. Wanneer de boel flink poft gaat het vuur omlaag. We schudden de pan geregeld zodat het niet aanbrand. Het hele proces duurt maar een paar minuten. Wanneer het poffen minder wordt gaat de pan van het vuur en de popcorn op een bakplaat met bakpapier.  

Karamel maken is wat bewerkelijker. Ik doe een ruime hoeveelheid suiker met een beetje water in een steelpan en zet dit op middelhoog vuur. Ondertussen knaag ik van de net klaargemaakte popcorn. Ik blijf stug naar mijn pannetje kijken want mij was gezegd dat het snel kon gaan. Maar blijkbaar heb ik iets te veel water toegevoegd want het duurt een eeuw voor het suikerwater amberkleurig wordt. Maar wanneer het eindelijk zover is gaat het inderdaad snel. Ik meng wat zout en een stukje roomboter door het suikerwater. Het begint vreselijk te borrelen maar ik blijf roeren tot het een egale massa is. 

Met mijn vinger in de pan, om even te proeven, kan niet want de karamel is loei heet. Op goed geluk giet ik alles uit over de popcorn op de bakplaat dat direct aan elkaar begint te plakken. Het lijkt wel magnetisch dat spul. De suikerdraden lopen van de pan naar de popcorn en terug naar mijn vingers. Zodra de karamel is uitgeschonken moet alles afkoelen. Maar ik kan natuurlijk weer niet wachten. 

Terwijl de karamelpopcorn eigenlijk nog iets te warm is staan vriend en ik ongeduldig boven de bakplaat, ons al te goed te doen aan dit nieuwe baksel. Het is iets meer werk, en achteraf ben je ook kotsmisselijk, je bent dus gewaarschuwd. Maar de smaak is werkelijk goddelijk!!

 

van popcorn mais tot karamelpopcorn

 

Zie internet voor het juiste recept, er zijn vele wegen die naar heerlijke popcorn leiden 😋…

 

 

***

Lekker buiten…

Sinds het nieuwe seizoen is begonnen ben ik zo’n beetje iedere zaterdag aan de zijlijn te vinden. Dus deze zaterdag had ik mij een voetbalvrije dag beloofd. Althans, dat was de bedoeling. Bij het ontwaken bleek het ook nog eens prachtig weer te zijn. Beetje fris. Maar windstil, zonnetje met een blauwe lucht. Zo’n zalig wintersportgevoel borrelt bij mij naar boven. Eigenlijk wil ik direct een rondje door het park gaan maken. Maar weet dat er eerst nog het een en ander in huis gedaan moet worden. 

En dan, wanneer het ontbijt en de koffie er in zit begin ik toch te twijfelen. Ik ben al een tijd niet meer bij de voetbal in ’s Gravendeel geweest. En het is ook niet eens zeker of Zoon moet spelen gezien zijn blessure. Wandeling door het park of naar de voetbal?? Ik sta drie bedenkelijke minuten te wikken en te wegen en gooi ter plekke mijn indeling voor deze dag om. In volle vaart raap ik mijn fotospullen bij elkaar. Als ik op tijd wil zijn voor de aftrap moet ik mij nog haasten ook. De wandeling met Draak moet even wachten. Niet dat hij het erg vind. 

Als we aankomen bij de voetbal zit de warming-up er net op. Toch nog redelijk op tijd kan ik een plek zoeken en mijn spullen opzetten. Met het zonnetje in mijn rug zit ik hier heerlijk. Hoewel de wedstrijd wat traag op gang komt. De acties vinden ook net buiten mijn bereik plaats. Wanneer het eerste doelpunt van de tegenstander is gevallen maakt dat iets bij de boys los. De acties volgen elkaar nu sneller op. Er wordt wat meer geduwd en tegengas gegeven en voor we het weten valt doelpunt twee voor de tegenstander. Het lijkt er op dat ze deze pot gaan verliezen.  Uiteindelijk weet ’s-Gravendeel de boel om te buigen en winnen de wedstrijd met 3-2. Nog steeds staan ze bovenaan in deze competitie. 

Voor we het dorp verlaten stappen we nog snel even Vriendlief’s favoriete winkel binnen. Waar ik voor een appel en een ei een nieuwe skibroek scoor. Veel later dan gepland zijn we weer thuis. De wandeling met Draak zit er voor vandaag niet meer in. Want Poownie staat ook nog te wachten. En die wil ik voor de verandering graag bij daglicht bezoeken. 

Poownie herkend sinds enige tijd het geluid van mijn auto en staat al te hinniken bij het hek als ik het erf op kom lopen. Uiteraard heeft ie net voor ik aankwam nog even heerlijk door het zand gerold. Zijn vacht zou wit moeten zijn maar op dit moment is beige meer zijn kleur. Hij barst van de energie dus gaan we eerst de rijbak in om wat stoom af te blazen. Voor hem is het ook zalig weer. Wanneer hij al bokkend en rennend rondjes aan het rennen is ben ik maar wát blij dat ik er niet op zit. Voor een bejaarde knol heeft ie nog voldoende power.

Samen met een stalgenoot en haar paard sluiten we de dag al wandelend af. Tijdens het gouden uur zet de zon alles in een tijdelijke gloed. De polder ziet er hierdoor prachtig uit. Het is al schemerig als ik weg ga. Al met al toch lekker heel de dag buiten kunnen doorbrengen. Nu aan de bak met alle foto’s die nog liggen te wachten. 

 

 

 

***

Boffen wij toch weer…

Vanaf de plek aan de tuintafel kijk ik naar Poownie, hoe hij op zijn gemak zijn late lunch naar binnen werkt. De andere paarden kijken vanaf een afstandje verlekkerd toe. Dat geluk heeft Poownie, zonder voortanden en met zijn 25 jaar de oudste van de kudde dagelijks een extra portie voer voorgeschoteld krijgen. Zelf laat ik mij in die tussentijd verwarmen door de najaarszon. Ik ben zo moe dat ik hier, ter plekke, in slaap zou kunnen vallen. Ik loop altijd een beetje op mijn tenen op de vrijdagmiddag. Moe van de hele week door stampen. Maar de laatste weken is het erger dan anders. Door een aantal zieken op de zaak is het druk en loop ik niet meer op mijn tenen maar op mijn tandvlees. Het is dat de zon schijnt maar eigenlijk ben ik zo moe dat ik er chagrijnig van word.

Om op de vrijdag tijd te sparen rijd ik tegenwoordig vanuit mijn werk naar stal. Ik geef hem zijn eten en wat aandacht voor ik weer huiswaarts keer. Geregeld spookt het door mijn hoofd om een verzorgster voor hem te zoeken. Zoals “vroeger”. Toen hij nog in de bloei van zijn leven was. Ze namen mij werk uit handen. Poownie kreeg liefde en aandacht en zelf hadden ze een paard met een gouden hart. Hij sprong, croste door de bossen. Liep wedstrijden en ging zelfs met ze mee op vakantie. Dat is inmiddels alweer een aantal jaar geleden. Maar wat heeft een verzorgster nu aan een bejaard paard?!

Met zijn 25 jaar doet ie het nog prima hoor. Maar ik wil niet dat er nog met hem gejakkerd wordt. Of ondoordachte acties uitgehaald worden. De rek begint langzaam uit mijn “opaatje” te raken. Iets waar ik toch rekening mee moet houden. De stalbaas bood aan om Poownie op de vrijdag van zijn middagsnack te voorzien. Zoveel werk is het nu ook weer niet. Eerst wilde ik niet ingaan op haar aanbod. Liever wanneer het echt nodig mocht zijn. 

Nadat ze het twee keer aangeboden had bedacht ik mij. Ze “kookte” een keertje toen ik echt niet kon en vanaf dat moment is ze op de vrijdag zijn maaltijden blijven geven. Bovenstaande is inmiddels alweer een paar weken geleden. De eerste keer voelde ik mij wat onwennig en zelfs bezwaard. Na 1.5 jaar een soort mantelzorger te zijn voor je eigen paard met periodes dat ik soms twee keer per dag langs ging, naar één dag echt heel bewust overslaan.

Tot nu toe voelt iedere vrijdagmiddag, einde van de werkdag, als een cadeautje. Ik hou super veel van Poownie maar een vrijdagavond niet weg te hoeven, gewoon op de bak kunnen ploffen en bijkomen van een week buffelen voelt echt heerlijk. En toen ik van de week een appje kreeg dat ze hem zelfs mee uit grazen had genomen realiseerde ik voor de zoveelste keer dat we het echt getroffen hebben op deze stal! 

 

 

 

-❤️-

 

De eerste dag…

De kofferbak gaat nog maar net dicht als ik de laatste tas in de auto gepropt heb. Er gaat wel heel veel mee. Maar het is dan ook onze eerste dag op het water sinds Merlin deze week weer op zijn vertrouwde plek in de haven ligt. Alles moet bevoorraad worden. Om nog maar niet te spreken over de kleding die meegaat. Het kan alle kanten op wat weer betreft. En hoewel onze drijvende caravan een dak heeft, hebben we het niet graag koud.

Bij aankomst volgt eerst maar eens een flinke schoonmaak. De eenden hebben nogal huisgehouden op de steiger die hierdoor te smerig is om op te lopen. Zodra wij binnen zitten komt er een aalscholver aanvliegen. Hij neemt plaats naast de nep-kraai, die aan het einde van de steiger op wacht staat om gespuis, zoals dit soort vogels, weg te houden. Met zijn houterige verschijning is hij duidelijk niet indrukwekkend genoeg. Misschien moeten we er één neerzetten met een bewegingssensor. De aalscholver heeft net een bad genomen en spreidt zijn vleugels om te drogen in de zon. Het ziet er prachtig uit van zo dichtbij. Onze buren, zowel links als rechts zijn er overigens ook nog niet, of zijn al uit varen. 

Er liggen nog wel meer boten op de kant maar niet zo veel meer als vorig jaar rond deze datum. Na het poetsen volgt zoals gebruikelijk een bak koffie met een koek. Dan kunnen de trossen los. Na vijf maanden niet gevaren te hebben moet ons lichaam weer even wennen aan het deinen op de golven. Het is niet heel erg druk op het water en dat verbaasd mij. Met de paasdagen zou je zeggen dat veel (water)mensen er op uit trekken met de boot. We varen naar de overkant en gooien het anker uit. Lekker even dobberen in de zon. 

Ik ga achter op het dek zitten, uit de wind maar wel volop zon. Wanneer vriendlief mij een bak koffie komt brengen is het eerste wat-is-het-hier-heerlijk-gevoel compleet. Rechts van ons springen drie kids in het water. Het water is echt niet warmer dan 16 graden. Ik voel met mijn grote teen hoe koud dit precies is. Hoewel ik mij voorgenomen had dit jaar meer bikkel te zijn sla ik echt nog even over. Ze houden het aardig lang uit. De zon speelt verstoppertje en na even aanwezig te zijn is ie weer voor een tijdje weg. Als het afkoelt besluiten we terug naar de haven te varen. 

Bij terugkomst worden we begroet door moedereend met negen heel kleine kuikentjes links. De Aalscholver op de volgende steiger. Ruziënde futen (die maken een herrie!) rechts en waterkipjes met kleintjes voor ons. Echt heel schattig al dat kleine volk rond de boot. Ik mag ze van vriendlief niet voeren. Want als ze eenmaal weten waar eten te halen valt krijg je ze, zelfs met 100 nep-kraaien niet meer van je boot. Het blijft dus bij foto’s maken. In de haven is het windstil waardoor we nog zeker een uur of twee blijven luieren voor we besluiten weer naar huis te gaan. Ja, dit was een prima eerste dag op het water. Kom maar door met die zomerse temperaturen!!

 

 

***

De afgelopen week…

De wind trekt speels aan mijn haar en laat plukken boven mijn hoofd dansen. Ik trek mij nog iets verder terug in mijn hoekje waar ik mij al een half uur onbeweeglijk bevind. De zonnestralen die ik in de winter gemist heb probeer ik nu, in deze loze vrije minuten, in te halen. Ik doezel lekker weg en laat daarbij mijn gedachten terug gaan naar afgelopen week. Waarbij het weer zich van twee kanten liet zien. Van plus 20 naar 0 graden. In de ochtend de handschoenen aan en in de middag zonder jas naar huis. April doet wat ie wil… 

Ik had het geluk deze week te mogen verjaren en de keuzestress over mijn traktatie bleef uit. Omdat ik veel aan mijn oma moest denken, die voor ons een bijnaam had verzonnen van het gebakje dat wij graag bij haar aten, besloot ik warme appelflappen uit te delen. Maar dat had net zo goed rottikoekoes kunnen zijn. Of een complete rijsttafel want als ik aan oma denk, denk ik standaard aan eten. De flappen vielen in de smaak. Eens iets anders dan taart of vlaai. Gelukkig hoef ik geen feestje te geven. Dat was als kind leuk. Toen had enkel mijn moeder last van stress. Maar met het ouder worden is het plezier van verjaardagsfeestjes geven mij ontgaan. Misschien van de zomer weer eens een leuke BBQ of zo. 

Omdat het verlangen naar oma’s bami, saté en ander lekkers zo groot was, schoven we aan bij een toko gespecialiseerd in Indonesisch eten. Neem vooral van alles een beetje werd ons aangeraden. Dat deden we dan ook. Een stuk of drie keer. En dan zal ik maar niet vertellen hoevaak ik voor de spekkoek heen en weer ben gelopen. Natuurlijk hebben we te veel en te vaak opgeschept. Maar (letterlijk) voldaan en senang keerden we huiswaarts. 

Het ruisen van de wind klinkt inmiddels een beetje als de zee. Het geroep van de meeuwen hoog boven mij maakt het denkbeeldige zon, zee, strand plaatje helemaal af. De zon is gedraaid en ik moet mee draaien om niet aan een kant van mijn gezicht te verbranden. Want als ik niet oppas is dat wat er gebeurd. De felheid is zo intens dat ik mijn ogen niet geopend krijg. Een goede reden om ze nog even, echt heel even nog, gesloten te houden.

Om mijn Indonesische week compleet te maken las ik het boek “Mevrouw mijn moeder” van Yvonne Keuls. Het is al een wat ouder boek. Maar wat heb ik hiervan genoten. Een echte aanrader! Heerlijk en aandoenlijk om te lezen. Dit was een van die onverwachte pareltjes die je zo nu en dan tegenkomt. Een reis door de tijd, van Indonesië naar Holland. Een ode aan haar moeder met mooie herinneringen aan tempo doeloe. Vlot geschreven met humor en uitdrukkingen in Bahasa. Waarschijnlijk was dit de reden dat mijn oma zo vaak in mijn gedachte was.

Inmiddels staat het weekend voor de deur met daarin van alles gepland. Er moet gewerkt, geklust, gevoetbald en gefotografeerd worden. Ook Poownie verdiend wat meer tijd. Genoeg te doen dus. Maar eerst nog even niets dan gesloten ogen, zonneschijn en de kat van de buren die zich aan mijn voeten heeft gedrapeerd. 

 

 

***

Cookie dough …

Als kind verveelde ik mij niet vaak. Maar als ik mij dan verveelde was het ook goed raak. Niets was leuk om te doen. Knutselen en tekenen niet. Film kijken niet. Spelen met vriendinnetjes niet. Een beetje doelloos in huis hangen was dan het enige wat ik nog leek te kunnen. Met mijn ziel onder mijn arm draalde ik van kamer naar kamer en van kast naar kast. In de hoop iets te vinden om de tijd mee door te komen. Vaak vlogen mijn zusje en ik elkaar dan ook nog eens in de haren. Die doelloze energie in huis leek niet alleen mij lam te leggen. 

Mijn moeder kwam op een van die zondagen met een briljant idee. Regenachtige winterse zondagen werden vanaf dat moment gebombardeerd tot bakdagen. Daar waren mijn zusje en ik wel voor te porren. Mijn moeder vond koken altijd heel erg leuk en had tassen vol met kookboeken. Sommige waren compleet beplakt met heel oude allerhande artikelen uit diverse tijdschriften. Of zelf geschreven recepten die ze weer van een van de oma’s had overgenomen. Hollands, Surinaams of Indische. Het maakte voor haar niets uit zolang ze maar kon koken.  Speciaal voor ons kocht ze een kinderkookboek met makkelijk uit te voeren recepten. Internet was er toen nog niet… Om de beurt mochten mijn zusje en ik daar een gerechtje uit kiezen en dat maakten we dan met zijn allen klaar. Na het eten gaven we een cijfer om zo te bepalen of dit in de toekomst de moeite waard was nog eens te proberen. 

Ik heb hier echt heel warme herinneringen aan overgehouden. Vriendjes en vriendinnetjes deden ook geregeld mee. Al is het bijna 30 jaar geleden. Ik zie ons nog zitten rondom de tafel in de woonkamer. Een grote ravage, overal lag bloem en allemaal ons eigen bonk deeg om daar de koekjes van te maken. Want onze voorkeur ging meestal uit naar koek, taart of cake. Naast de eenvoudige zandkoekjes, die we na afloop ook nog mochten versieren met glazuur en snoepjes, was mijn andere favoriet de appeltaart en de pindarotsjes. 

We vonden dit zo leuk dat we zelfs een seizoen lang op een kookclub hebben gezeten. Mijn moeder was een van de begeleiders. En met een groepje van 8 meiden kookten we dan een voor-, hoofd- en nagerecht dat we nadien zelf mochten opeten. Het bakken was echt een succes gebleken. Mijn moeder vond het leuk om haar kennis aan ons over te dragen. Hoe ouder we werden hoe meer we zelf mochten uitvoeren en hoe ingewikkelder de gerechtjes werden.  

Het is weer eens één van die saaie zondagmiddagen. De regen komt met bakken uit de hemel waardoor “buitenspelen” letterlijk in het water valt. Op dit soort dagen weet ik soms geen raad met mijzelf. Ik sta in de keuken met mijn ziel onder mijn arm. Opeens krijg ik een ingeving. Alsof iemand mij tussen mijn ribben port en mij daarmee 30 jaar terug in de tijd slingert. Ik duik de keukenkastjes in. Binnen 5 minuten staan alle ingrediënten voor mijn neus. “Wat ga jij nu doen?” Vraagt vriendlief als hij mij ziet rommelen met de keukenweegschaal. “Oh gewoon, zandkoekjes maken!” Zeg ik met een glimlach…. 

 

 

*🍰*

De laatste vaart…

We zijn niet de enige die besloten hebben om nog een rondje te gaan varen. Her en der horen we gepraat en gelach. Er klinkt wat gespetter met water maar verder is het stil. In de haven zelf is het redelijk rustig. De eerste boten staan zelfs al op de kant. Het zonnetje is in kracht afgenomen, maar ze doet nog flink haar best om de herfst op afstand te houden. Het water is als een spiegel zo glad. Ideaal voor een heerlijke wakeboardsesh. Maar de thermometer geeft aan dat het water niet warmer is dan 17 graden. Iets te koud voor mij. Vandaag is onze laatste vaart van het jaar en Draak mag gezellig mee.

Onze Belgische buren zijn dit weekend een nachtje overgebleven op de boot. Waarschijnlijk net wakker want ze zien er nogal slaperig uit als we ze ontbijtend op hun boot aantreffen. Aan boord zet ik Draak over van zijn reistas naar zijn bench. Daarin heeft hij meer bewegingsruimte, kan hij zich vasthouden als hij plots “zeepoten” krijgt en kan hij ook nog lekker klimmen en klauteren. We besluiten niet direct weg te gaan maar eerst nog even te genieten van de rust die overal op deze plek lijkt te hangen. Met een bak koffie in de ene hand en een koek in de andere laat ik mijn gezicht verwarmen door de zon. Ik word plots overvallen door een loom en tevreden zondagsgevoel en dat terwijl het zaterdag is.

Draak heeft zijn oog laten vallen op mijn koek en laat merken dat hij ook bij het reisgezelschap hoort. Vanaf dat moment is het gedaan met de rust. Al snel hierna gaan de trossen los en varen we uit. Draak heeft het hoogste woord. Iedere boot die wij zwaaiend passeren wordt door hem begroet met een “HALLO!”. De zeeverkenners zijn ook met een aantal groepen op het water. Er wordt gelachen en gezongen. Als het warmer zou zijn weet ik zeker dat er ook gezwommen zou worden. We varen op ons gemak naar één van de aanlegsteigers midden in het water, die bij goed weer altijd bezet zijn. Al twee keer op rij hebben we geluk. Vorige week was de laatste vrij en vandaag de eerste.

Als de motor zwijgt daalt er weer een diepe rust neer. Het enige dat we horen is het ruisen van de bomen, gekwetter van de vogels en uiteraard onze Draak. We besluiten eerst meer eens lekker in het zonnetje plaats te nemen. Gewoon even helemaal niks. Draak past prima met bench en al achter op het zwemplateau. Vanaf hier kunnen we alles op het water gade slaan. We lunchen rond 13.00 uur. Vriendlief besluit het één en ander nog even te gaan boenen voor de winterstop. Ik schuif Draak, met een stuk fruit in zijn bakkes, in de schaduw en duik zelf met een boek op de bank. De laatste dag maar het voelt als het begin van een vakantie.

Op de terugweg zitten we op het voordek en Draak vind het prachtig. Uiteraard komen we veel later dan gepland, bruiner en uitgewaaid, aan in de haven. Als een tornado gaan we door en over de boot zodat hij redelijk winter-klaar is en slepen zes tassen met spullen terug naar de auto. Ik kan niet anders zeggen, dit was een heerlijke afsluiting van een prachtig vaarseizoen.

 

Papegaai mee op de boot.

 

⚓️⚓️⚓️

Wie gaat er mee een stukje wandelen…

Weer een leuke tag die ik tegen kwam op het blog van “De Gans” . Ze heeft hem niet zelf verzonnen maar overgenomen van Vera. Mocht je niks te doen hebben neem dan eens een kijkje op beide blogs. Of vul onderstaande tag zelf in. Ik vond het draadje in ieder geval leuk genoeg om het over te nemen.

Waarom wandel je?
Omdat hardlopen niet meer gaat met mijn terugkerende knieklachten. Hoewel ik het hardlopen echt wel mis is dit een prima vervanging om toch bezig en buiten te zijn. En sinds ik mijn stappenteller heb is iedere mogelijkheid om de benen te strekken er weer een om dichter bij mijn doel te komen.

Wanneer wandel je?
Niet op vaste momenten in ieder geval. Meestal als ik veel aan mijn hoofd heb, wanneer ik niks te doen heb of als Poownie beweging moet hebben. Ook wanneer ik zin heb om doelloos buiten te zijn. Hoewel het er zelden van komt wandel ik ook het liefst in de ochtend. Wanneer de hele wereld nog in diepe rust is en alleen de vogel van zich laten horen. Er hangt ’s morgens een compleet andere energie in de lucht. Alle mogelijkheden staan open en nieuwe kansen dienen zich aan. Het is heerlijk om dan buiten te zijn.

Waar wandel je het liefst?
Het liefst in mijn eigen achtertuin. De polder is bij mij om de hoek. Zoveel mooi’s zo dichtbij. Wandelen in het bos of op het strand is ook super leuk maar daar ga ik niet zo snel alleen naar toe.

Wandel je samen of alleen?
wandelen met meerdere mensen is reuze gezellig. Toch wandel ik vaak alleen. Een wandel-date met familie of vrienden is er eigenlijk nooit van gekomen. En beide heren vinden wandelen net zo vreselijk als  internetloos door het leven te moeten. Dus daar hoef ik het niet eens aan te vragen.

Wat is voor jou het perfecte wandelweer?
Wanneer het warm genoeg is om zonder jas naar buiten te kunnen. Bij regen haak ik over het algemeen af.

Wat neem je mee tijdens jouw wandeling?
Mijn fitbit voor het vastleggen van mijn stapjes, mijn telefoon voor het geval dat… Soms mijn fototoestel. Groene draak neem ik ook wel eens mee. Mijn wandelingen liggen meestal rond de 5 km. Dus hoef ik geen survivalkit mee te nemen.

Wat is jouw wandeltempo?
Meestal wandel ik wel stevig door. Behalve wanneer ik draak mee heb. Die moet zijn evenwicht kunnen blijven behouden op mijn arm of in zijn reistas. En als ik tussendoor foto’s maak ligt mijn tempo ook een  heel stuk lager.

Op welke schoenen wandel je?
Wandel- of bergschoenen lopen voor mij het lekkerste. Mijn hardloopschoenen kunnen er ook mee door. Wandelen op platte gympen heb ik snel afgeleerd nadat ik voor langere tijd last kreeg van mijn voet. En dus uiteindelijk langere tijd niks kon doen.

Wandel je het liefst verhard of onverhard?
Zolang de ondergrond gelijk is, dus zonder kuilen, maakt het mij niet uit waarop ik wandel. Een mulle ondergrond mijd ik het liefst.

Wanneer is een wandeling voor jou geslaagd?
Dat is hij eigenlijk altijd. Na een wandeling voel ik mij vaak net als na een hardloopsessie. Moe maar voldaan. Tevens wordt mijn creatieve “ik” geactiveerd. Waardoor ik problemen anders zie of inspiratie op doe voor mijn blog…

En wat is jullie motivatie om te wandelen?

 

Hardlopen in het park met bomen waar de zon doorheen schijnt.

Toen ik ’s morgens nog wel eens ging hardlopen…

***

Een korte break…

Jeetje, ik heb het gevoel alsof ik maanden niet op mijn blog ben geweest. Ook met het bij-lezen van jullie blogs loop ik gigantisch achter. Ik ben er gewoon even tussenuit geweest. Het lag niet geheel in de planning om een break in te lassen maar het kwam toevallig zo uit. Uiteindelijk voelde het goed om niet na te hoeven denken waar ik nu weer eens over zou gaan schrijven. Het klinkt net alsof ik er vreselijk veel moeite voor moet doen. Maar dat is geenszins het geval. Het is soms goed om even een pauze in te lassen. Zelfs zoonlief heeft een break van de voetbal. En omdat hij een zomerstop heeft, heb ik dat ook. Even geen voetbalplaatjes en volgepropte zaterdagen.

Dat brengt mij direct bij een leuk uitje dat ik had met oom B. Eind mei zaten we “in een hutje op de hei” met links en rechts van ons een koppel haviken en buizerds. Voor ons bevond zich een watertje waar de kleinere vogelsoorten zoals het roodborstje, de boomklever en appelvinkjes konden badderen. Ik denk dat ik er, naast de voetbalfoto’s, een serieuze hobby bij heb. Het is echt tof om zo dichtbij de vogels te komen en ze in hun natuurlijke omgeving op de foto te zetten. We hadden weer wat leermomenten. Dus later in het jaar gaan we dit nog eens overdoen.

Buizerd op tak  Havik met duif als prooi 

Zie voor meer foto’s mijn eigen *instagram*

Ook zijn we nog een week met vakantie geweest. Voor het weer hadden we echt niet weg gehoeven, want de temperaturen waren hier net zo subtropisch als in het zonovergoten Egypte. Vriendlief was jarig en wilde die dag in alle rust doorbrengen. Dat is dan ook precies wat gedaan hebben. De dagen er voor en erna trouwens ook. Het was lang geleden dat wij samen zijn weg geweest waarin we ook nog eens helemaal niks hebben gedaan dan enkel lekker luieren. Het was een mooi resort met grote kamers en goed eten. Daar zouden we zeker nog eens naar terug willen.

Minder leuk was het nieuws dat ik ontving toen we net een dag in Egypte waren. Poownie had zich lelijk verstapt met een peesblessure tot gevolg. Een aantal stalgenoten heeft de zorg op zich genomen. Ze zijn meerdere keren per dag met hem in de weer geweest en hebben hem verzorgd alsof het hun eigen paard was. Wat was ik blij met hun goede en liefdevolle zorg voor Poownie. Dankzij hen kon ik toch nog redelijk genieten van mijn vakantie. Poownie is nog steeds aan het herstellen en zal langer moeten revalideren dan hem lief is.

Het was nog steeds subtropisch warm in Nederland toen wij terug kwamen van vakantie. Dat weekend zijn we er met de boot op uitgetrokken. Zelfs zoonlief had er zin in. Eerst was het tijd voor wat stunt en stuiterminuten met de funtube. Daarna kwam het wakeboard te voorschijn. We kwamen er achter dat het springen over golven nog niet zo makkelijk is. Wanneer je met 30 km/ph op het water klapt en je, je oogballen tegen de achterkant van je schedel aan voelt klappen weet je dat je iets niet goed hebt gedaan. Na diverse pogingen zaten zoonlief en ik samen op het voordek onze oogballen uit te deuken en bij te komen van wat verschoven nekwervels en een ingeklapte long. Samen bespraken we wat er fout ging om het een volgende keer opnieuw te gaan proberen…

 

 

***