Count Your Blessings … #7

Weet je wat ik zo fijn vond aan de laatste twee dagen van onze vakantie? Dat we die door konden brengen op het water. Met 25 graden en volop zon lag Merlin al op ons te wachten. Oom B. en tante V. hadden ook nog een dag vrij en gingen gezellig met ons mee. Afgeladen met hapjes en drankjes stapten we de eerste dag aan boord voor een tochtje door de Dordtse Biesbosch.

Hoewel het een (doordeweekse) vakantiedag was, was het opvallend rustig op het water. We kwamen wat kano’s en sloepjes tegen en dat was het. Zelfs de aanlegsteigers, die normaal met mooi weer helemaal vol liggen, waren dit keer leeg. Er waren blijkbaar al een hoop mensen met vakantie. Wij hadden in ieder geval het water voor ons alleen. Oom zat aan het roer en vriendlief was zijn tomtom. En de dames? Die vermaakten zich prima in de zon op het voordek.

We kwamen uiteindelijk aan bij ons favoriete stukje. Omringt door water, groen en afgesneden van de drukte van de stad. Het gefluit van de vogels klinkt hier veel luider en duidelijker. En als je geluk hebt hoor je woody woodpecker of een koekkoek. Geen andere boten of kano’s die de rust konden verstoren. De eerste keer dat Oom mee ging verliep de lunch iets minder soepel. Dus konden we het nu goedmaken. Het mag duidelijk zijn, we vermaakten ons prima die dag. En kwamen een stuk bruiner en veel later dan gepland weer in de haven terug.

De volgende dag was het iets minder zonnig. Maar zeker niet minder warm. Onze gasten voor die dag waren Nichtje A. en vriendin M. Nadat we Merlin vaarklaar hadden gemaakt kon de vaart beginnen. Dag twee stond in het teken van actie, dus moesten we het grote water op. In de Biesbosch mag je namelijk niet harder dan 6 kilometer per uur varen. Achter de Biesbosch ligt de Nieuwe Merwede. Hoewel dit gedeelte de “snelweg” voor de beroepsvaart naar grotere steden wordt genoemd, is er voldoende ruimte voor de recreant.

Ook nu gingen we eerst uitgebreid lunchen nadat we de boot in een baai voor anker hadden gelegd. Vervolgens werden de wetsuits, vesten en het wakeboard uit de kast gehaald. De dames hadden nog nooit geboard dus mocht ik voordoen hoe het moest. Maar zo’n goed voorbeeld was ik niet. Ik liet direct de handle los. De tweede start lukte wel. Dat gevoel, op het moment dat je op het water staat en je steeds meer controle over je board krijgt, geeft mij vleugels. Ik hoopte zo, dat ik ze kon laten delen in dit “red bull” gevoel. Maar helaas. Bij alle twee lukte het boarden niet en na verschillende pogingen zijn we er mee opgehouden.

Maar we waren nog niet klaar. De funtube werd opgepompt. En dat was verre van relaxed. Vanachter de boot kwam een hoop gegil, gelach en heel vaak: “OOH NEEEEE!!” Laat ik het zo zeggen, de mensen die stonden te wachten bij het pontje van Werkendam hadden iets om naar te kijken. De dag was voorbij voor we het wisten. Met heel wat pijn in mijn kaken van het lachen (en de opkomende spierpijn van het boarden) gingen we richting huis.

Buiten, op het water en relaxen in bijzijn van goed gezelschap doet ook mijn motortje opladen. Het vaarseizoen zal niet heel lang meer duren maar ik hoop echt dat we nog een hoop van dit soort gelukzalige momenten mogen gaan meemaken…

Wakeboarden en funtube achter de boot in Dordrecht.

Advertenties

Mountaincart…

Vorig jaar zomer is de baan in gebruik genomen. Ruim 5,5 km aan afdaling. Startend bij het einde van de skilift en eindigend bij het begin hiervan. De route voert uiteraard naar beneden, over grindpaden, door het bos, langs meertjes en door tunnels. Het uitzicht wordt afgewisseld van idyllisch met hier en daar een koe, tot spectaculair met hier en daar een afgrond compleet met rotsblok en boomstronk. De baan is in de winter niet geopend. Wij konden er deze zomer dus pas voor het eerst gebruik van maken. Zo op het eerste gezicht leek het niet zo heel bijzonder. Wij zagen diverse carts naar beneden komen met kleine kinderen of ouders met heel kleine kinderen voorop. Direct na de eerste afdaling dacht ik daar toch iets anders over.

De eerste paar meter zwaaide ik nog naar de achterblijvers en sjeesde achter de rest aan. Na de tweede bocht ging het pad redelijk stijl naar beneden. Over kiezels, keien, blubber en een wildrooster. Als ik een kunstgebit zou hebben was ik hem hier zo ongeveer wel verloren. Ik had nog geen 200 meter afgelegd en was nu iedereen al kwijt. Het lichtgewicht helmpje dat ik op had gaf nu niet bepaald voldoende vertrouwen om de remmen los te laten. Ik besloot dit toch maar voorzichtig te doen, want in standje slak zou het wel heel lang duren voor ik beneden aan zou komen. Met mijn blik op de baan voor mij, want voor iets anders had ik geen tijd, scheurde ik steeds iets harder naar beneden.

Halverwege de rit kwam ik weer familieden tegen. Ik was alleen maar bezig met remmen en sturen (en ondertussen mijn ongecontroleerde drift-sessies verwerken.) Ik had geen idee waar ik inmiddels was. We bleken pas op de helft te zijn. Er leek geen eind aan de baan te komen. Wanneer je op mijn tempo van de berg af komt, heb je in ieder geval wel waar voor je geld! Met zijn drieën scheurden we het laatste stuk tot aan het dalstation naar beneden. Ik had de smaak te pakken. Dit vroeg om een tweede en zelfs derde rit.

Die vonden een paar dagen later plaats. Tussen de regenbuien door bleek er precies twee uur zon gereserveerd te zijn voor onze afdaling. Nat en vies worden vonden wij niet erg. Ik wist nu wat mij te wachten stond. Ik ging al een heel stuk sneller en ook nog eens gecontroleerd. Uiteraard hield ik de boys weer niet bij. Hoe doen die dat toch? Ik kon nu in ieder geval wat meer van de omgeving genieten en herkende flink wat stukken waar we normaal altijd aan het snowboarden zijn.

Mountaincart en koe op de weg

Op de baan is geen toezicht en je bent overgeleverd aan je eigen waaghalzerij. Ik vind dat de route ook flink onderschat wordt. Bij ons waren er alleen al vijf man gecrasht. Gelukkig geen ernstig gewonden. Je moet er toch niet aan denken dat je van de berg af stuitert terwijl je een kind voorin de cart hebt zitten? En er waren er genoeg die zo van de berg af kwamen. Bij ons ging het gelukkig goed en hadden inmiddels de smaak flink te pakken.

De laatste dag gingen we voor de derde keer naar beneden. We vonden het zelfs jammer dat we niet een tienrittenkaart gekocht hadden. We zaten compleet onder de smurrie en ik zal jullie besparen wat voor smurrie, maar hebben wel een tolles abfahrt gehad.

 

Groepsfoto voor de start van de Mountaincart

 

Vakantie 2017…

Dit keer hadden we wel een heel voorspoedige reis. Geen files, geen regen, alleen wat wegwerkzaamheden en inhalende vrachtwagens. Als dat alles is op een 9 uur durende rit naar je vakantie bestemming… Nou oke, als ik dan toch iets moet zeggen: de slaap. De laatste 1,5 uur hadden vriendlief en ik het toch wel zwaar. En dat terwijl ik van hem gewoon mocht slapen. Al was het alleen maar dat ik mijn klep zou houden. Maar ik wilde hier niks van weten. Ik ben solidair en wanneer hij ’s nachts moet “werken” zit ik naast hem. Met mijn ogen wijd open en kakel er op los om ons wakker te houden. Dat ging heel goed, tot die laatste 1,5 uur.

Maar we hebben het weer gehaald. Naar Oostenrijk. Om te zien of de bergen in het groen net zo mooi zijn als wanneer ze wit zijn. Om te ervaren of de sfeer met 25 graden net zo tof is als bij 0. De rit, de omgeving en het hotel zijn ons niet vreemd. Normaal komen we hier dus in de winter. Sterker nog, deze vakantie was tijdens onze wintersport besproken. Want met drie gezinnen moest er met verschillende agenda’s rekening gehouden worden.

Uitzicht op berg

Uiteindelijk bleken we niet met drie maar met zes gezinnen op vakantie te gaan. De groep werd, toen wij al geboekt hadden, toch nog flink uitgebreid. De aller eerste vakantiedag zaten we met 21 familieleden aan het ontbijt. Voor ons, met zo’n grote familie niet vreemd om met een grote groep iets te ondernemen. Maar een hele week met zoveel man weg voelde soms aan alsof we op schoolkamp waren. Gelukkig hadden we een eigen ruimte waar we konden eten en waren we niet iedereen tot last met ons gekakel en gelach. Uiteraard hadden we allemaal een eigen hotelkamer dus wanneer je niemand wilde zien vertrok je gewoon naar je kamer.

Met zo’n groep is het niet mogelijk om het iedereen (tegelijk) naar de zin te maken. Hoewel je zo goed als mogelijk rekening met elkaar houd is het heel belangrijk om afspraken te maken en vooral ook je eigen plan trekken. Niet iets doen waar je geen zin in hebt of iets doen wat je eigenlijk niet durft. Zo ontstonden er groepjes die met elkaar optrokken. Als het zo uitkwam ondernamen we met zijn allen een activiteit.

familie op de loopbrug boven de rivierZoals het wandelen door de Griessbachklamm. Een kloof met een waterval. De weg voerde over bergweggetjes, hangbruggen en uitstekende vlonder-plateaus. En de klim naar de top van de Kitzbüheler horn. Een berg van 1996 meter hoog met een televisietoren op de top. Die wij overigens vanaf ons skigebied wel altijd zien maar waar we nooit bij konden komen. Ook gingen we met twee boten het gevecht aan tijdens het raften op één van de rivieren. Verder ondernamen we veel activiteiten met kleinere groepjes zoals het mountaincarten, bezoek aan de bierbrouwerij en de schnappsstokerij. Het zwembad, de dorpjes en stadjes in de omgeving en het kneippbad. In de avond kwamen we elkaar weer tegen in het restaurant.

Groepsfoto familie op de berg voor de wandeling

Ik verzwikte mijn enkel de tweede dag waardoor ik lang wandelen helaas wel kon vergeten. Hierdoor was het niet helemaal de vakantie geworden die ik voor ogen had. Dat mocht de pret niet drukken. Ik heb heel veel lol gehad. Lekker kunnen eten en ’s-avonds ontspannen in de bar gehangen. Verder hebben we heel veel gelachen! Maar of de groene bergen net zo mooi zijn als wit? Nee, toch niet helemaal 😉