Met wie het allemaal begon…

“Heb jij zaterdag wat te doen?” Vraagt vriendlief mij. “Zoonlief’s oude trainer heeft een oefenwedstrijd kunnen regelen tussen zijn team en het U14 team van FC Dordrecht.” “Oh wat leuk!!” Gil ik. Natuurlijk heb ik die zaterdag iets te doen. Ik ga foto’s maken bij deze vriendschappelijke wedstrijd. In mijn blije bui sla ik zoonlief op zijn schouder en roep hem in het voorbij gaan na dat dit super leuk is. Het zou die zaterdag prima weer worden. Zon, gezellige mensen en een potje voetbal… Wat wil een mens nog meer? Wanneer ik weer voorbij loop en zoonlief zijn gezicht bekijk, bedenk ik dat ik misschien wel enthousiaster ben dan hij.

Als ik vraag wat er loos is krijg ik een onverschillig puber antwoord: “Gewoon… Kweenie…” Ik denk dat ik het snap. Zoonlief is nu meer dan een jaar weg bij zijn oude club, waar hij een groot gedeelte van zijn leven gebald heeft. Waar hij vrienden en soms wat vijanden heeft gemaakt. Sommige maatjes mist hij. Nu staan ze na meer dan een jaar weer samen in het veld. Tegenover elkaar, in plaats van met elkaar, om het duel aan te gaan. Hoewel het een vriendschappelijke wedstrijd is, vindt hij het moeilijk. Hij denkt loyaal te moeten zijn naar zijn oude club, maar kan dit niet maken naar zijn eigen team. Hij wil geen partij kiezen. Maar de tegenstander laten winnen is ook weer een “dingetje”. Dit is lastig. Ik zie dat bepaalde emoties vechten om de beste plek in zijn hoofd. Maar ook met dit soort gevoelens zal hij moeten leren omgaan. Samen met zijn vader geef ik hem een peptalk. Op de dag zelf is hij nog zenuwachtig maar hij heeft er in ieder geval zin in.

De heren zijn druk bezig met hun warming-up als ik aan kom lopen. Ik babbel wat bij met ouders die ik al eenFC Dordrecht aanvoerder wordt door Foto Hamar tijdens wedstrijd op foto gezet.  poos niet gezien heb. Ondertussen kijk ik nonchalant over mijn schouder om te zien hoe zoonlief het er vanaf brengt. Ik sta daar ook met gemengde gevoelens. Hoewel het voor mij een feest der herkenning is. Jeetje wat zijn deze knapen allemaal groot geworden. Niks geen jochies meer. Maar op weg naar echte kerels. Niet veel later is de aftrap. Zoonlief is op dit moment aanvoerder en ik vraag mij af of hij er blij mee is. De eerste tien minuten zijn nog niet voorbij of de eerste twee doelpunten zijn gevallen. In het voordeel van de tegenpartij… Heel even zie ik de schouders hangen bij Dordrecht. Maar dat is dan ook maar even. De motor wordt aangezwengeld.

FC Dordrecht tegen VV gravendeel. Spelers worstelen om bal. Op de foto gezet door Foto HamarZoonlief begint er gelukkig steeds meer lol in te krijgen. Ik hoor hem her en der wat gillen naar spelers. En verdraait, hij eist zelfs een strafschop op. Hij jankt die bal vol in de kruising. De toon is gezet. De druk is bij hem van de ketel want ik zie hem nu (eindelijk) weer breeduit lachen. De spelers zoeken elkaar op in het veld en vanaf dat moment is het raak. Het gaat er ook best hard aan toe. Wanneer zoonlief onderuit gemaaid wordt zijn het zijn oude maatjes die hem bijstaan. Alsof het de normaalste zaak van de wereld is. Wanneer het eindsignaal klinkt is de score: 4-3 voor Dordrecht. Gelukkig hoeven we ons over dat “dingetje” geen zorgen te maken.

Tijdens de nabespreking zien we zoonlief eerst bij zijn eigen team staan om vervolgens nog even aan te sluiten bij zijn oude team. Hoe gemoedelijk dat allemaal gaat. Uiteindelijk heeft hij toch een heel leuke wedstrijd gespeeld. De stress was voor niks. Voor hem een mooie ervaring. Met een positief einde. Voor mij een leuke middag foto’s maken, van spelers met wie het allemaal begon…

Advertenties

Clash of Clans…

“Kijk, ik val aan met mijn draak en ik ben aan het winnen.” “Mooi hoor!” Roep ik quasi nonchalant tijdens het voorbijlopen. “Hier, kijk dan?! Je kijkt niet eens!” Roept zoonlief terwijl hij met gevaar voor eigen Ipad het ding nog iets hoger in de lucht houdt zodat ik er niet omheen kan. Ik zie een tekenfilmachtige setting waar verschillende poppetjes heen en weer rennen en draken luchtballonnen kapot maken, of iets wat daar voor door moet gaan. Op dat moment maakte ik de grootste Ipad-fout van mijn leven door te vragen wat ie nu precies aan het doen was. Ik kreeg niet direct antwoord. Maar op slinkse wijze werd mijn Ipad mij ontfutseld en voor ik het wist blonk het icoontje van Clash of Clans ook op mijn beeldscherm.

Nu, een maand of twee later, volg ik de tovenaars op de voet en stuur mijn barbaren en boogschutters aan. Van zoonlief heb ik nog een aantal varkensruiters gekregen, daarmee moest ik de slag wel kunnen winnen. Het doel: de digitale wereld veroveren met toverspreuken, draken, luchtballonnen en P.E.C.C.A’.S (what’s in a name…) en dat met onze eigen “clan”. Ja ja, want die heeft zoonlief aangemaakt toen hij besloot mij eveneens verslaafd te maken aan één of ander spelletje. Onze clan wordt niet alleen bemand met beginnende puistenkoppen. Ook een aantal ouders dragen hun digitale steentje bij…

Maar voor het zover was moest ik eerst een dorp hebben. Zonder dorp geen clan. Zonder Clan geen Clash. Met de vingervlugheid van zoonlief werd die van mij in no-time opgezet, want ik begreep dat natuurlijk weer niet. Nu kon ik beginnen met het upgraden van alle onderdelen. Stadhuis, muren, verdedigingswerken, legerbasis maar ook de goudmijnen en de elixerpompen. Met deze laatste twee kun je weer troepen trainen en uiteindelijk dus je dorp upgraden.

Zoonlief kon ik natuurlijk niet steeds lastigvallen. Ik bedoel, zelfredzaamheid hebben wij hoog in het vaandel staan. Dus raadpleegde ik het internet en Youtube. Er ging een wereld voor mij open. Nu snap ik al die uren die hij youtubbend heeft doorgebracht. Indelingen van dorpen, aanvalstactieken en technieken en andere tips vond ik daar terug. Ik neusde net zolang tot ik een indeling vond die mij aansprak. Na een uur pielenmuizen en slepen met muurtjes en kanonnen was ik het zat. Ik had vierkante ogen en barstende koppijn. Zoonlief stond mij al even gade te slaan en kwam niet meer bij van het lachen. Hij besloot in te grijpen en binnen vijf minuten was mijn dorp aangepast.

De weekenden die volgden zaten zoonlief en ik gebroederlijk op de bank met onze Ipads naast elkaar. We vergeleken onze clanaanvallen, deelden troepen en verzonnen nieuwe aanvalstactieken. Vriendlief was er een beetje klaar mee en zei dat we er nu wel mee mochten ophouden. Hierop volgden een sneer van Zoonlief. “Ze is heel goed hoor pap!! Ze valt aan, verdedigt en wint. Ik heb haar nodig in mijn “clan”!” Er volgden nog wat verontwaardigde blikken van de één naar de ander. Ik hield wijselijk mijn mond en moest hard op mijn tanden bijten om niet in een gigantische lachbui uit te barsten. “Sorry pap, deze slag heb je verloren. Maar ik speel nog even door. Ik hoorde namelijk zojuist dat ik hier goed in ben.” 😛

Joulz? Dat is van Eneco toch? (gastblog)

Het excellentie programma van mijn studie biedt altijd enorm leuke extra’s. Zo mocht ik een week op stap met Russische studenten tijdens the Russian Business Weeks en ging ik met school naar Istanbul voor een conferentie van het European Association for Sport Management. Vorig jaar november mocht ik samen met de 99 beste Rotterdamse studenten meedoen aan The Battle of Excellence.

Wat het precies inhield? Geen idee! Totaal onbevangen en onvoorbereid liep ik ’s ochtend het stadhuis in van Rotterdam. Hoewel ik hier al vaker een voet had binnen gezet, werd ik toch een beetje overvallen door wat zich daar afspeelde. De dresscode van dit evenement was tenue de ville en hoewel ik me daar toch enigszins op had gekleed, was ik zwaar underdressed in een H&M, helaas… De meeste van mijn studiemaatjes waren ook uitgenodigd en al snel hadden wel elkaar gevonden. De rest van de ‘sportmarketeers’ hadden de dresscode gelukkig net zo geïnterpreteerd als ik en zo zagen we er allemaal netjes doch sportief uit.

De dag begon met drie sprekers met inspirerende verhalen. Zo vertelde onder andere Randstad, hoe wij als studenten onszelf het beste konden positioneren. Edith Bosch, drievoudig olympisch kampioene, wereldkampioene, Europees kampioene en meervoudig Nederlands kampioene judo en echt een powervrouw als je het mij vraagt, was ook één van de sprekers. Hoe gaaf is het om haar in levende lijve te zien? En jeetje, wat gaf zij een peptalk!

Na de lunch kon de battle dan eindelijk beginnen. Vijf grote bedrijven hadden een casus aangeleverd en wij, studenten, werden ingedeeld in groepen en verdeeld over de casussen. Elk bedrijf had meerdere groepen en aan het eind van de dag, kozen zij allemaal een winnend team uit. Ik werd ingedeeld bij Joulz, samen met één van mijn beste vriendinnen, een student Accountancy en een student Logistiek.

Hoewel we alle vier geen inhoudelijke kennis hadden over de casus en vrij weinig wisten over Joulz, ging ons Team als een speer. We hielden de casus eens goed tegen het licht en waren het er vrij snel over eens dat wat de casus schepte, niet het echte probleem was! In het korte tijdsbestek dat we hadden, losten we zo goed mogelijk het onderliggende probleem op.

Om 16.00 begonnen de pitches, maar wij waren ruim van te voren al klaar. Ook hadden we nog een ‘wildcard’ liggen om dingen te vragen over de organisatie bij de contactpersonen van Joulz. Omdat we geen vragen hadden besloten we deze kans te benutten met hele andere doeleinden. Het bedrijf moest nieuwsgierig worden naar ons. Wij moesten hun interesse zien te wekken en zij moesten onze gezichten gaan onthouden. Maar hoe?

Bij binnenkomst vroeg een man in pak aan het hoofd van te tafel: “wat zijn jullie vragen?” We keken elkaar aan met een speelse glimlach. “Wij hebben geen vragen meneer, wij hebben een schot in de roos!” “Waarom denk je dat?” Vroeg de man al belangstellend. “Wij weten dat!” Antwoorde ik nonchalant, terwijl mijn collagestudent mij aanvulde met een brede grijs. “We kunnen misschien wel een tipje van de sluier oplichten.” Een reeks van suggestieve vragen van onze kant volgden en toen wij de ruimte verlieten, lieten we de driehoofdige afvaardiging van Joulz flabbergasted achter.

Nu moesten we het alleen nog afmaken. De pitch moest knallen, anders zouden we het lachertje van de dag worden. De verwachtingen waren hoog gespannen, maar wij konden de druk aan. Om kwart over vier precies was het aan ons de beurt. Zenuwen? Nee, absoluut niet. De presentatievorm hadden we noodgedwongen wat aangepast en dus keken wij mee over de schouders van de afvaardiging terwijl onze plannen op tafel lagen.

Direct na de pitch moest ik er helaas vandoor. Er was een zieke op mijn werk en ik moest invallen. Aangekomen in Barendrecht appte ik mijn vriendin of we hadden gewonnen, toen ineens mijn telefoon afging… Hoogstpersoonlijk werd ik gebeld door Joulz om me te feliciteren. Wij hadden gewonnen!

Het DreamTeam mag nu tot februari aan de slag als externe bij Joulz om daadwerkelijk de casus op te lossen. Hoe gaaf is dat?! Daarna strijden we met de andere vier teams om het winnen van The Battle of Excellence waarbij we kans maken op een Letter of Recommendation van de Burgemeester Aboutaleb en introducties om van te dromen! Volg onze verrichtingen via Facebook !!

.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.~.

Mijn naam is Amber van der Zouwen, studente Commerciële Economie en gespecialiseerd in Sportmarketing. Ik ben een fanatiek sporter en fan van het doen van leuke dingen met leuke mensen. Vorig jaar had ik een eigen blog over mijn marathon training, het afzien en de overwinning!! Nadat mijn doel behaald was hield het bloggen op. Ik wil het bloggen weer op gaan pakken door het schrijven over andere dingen die ik mee maakt en start hier het nieuwe jaar met een gastblog. 

Langs de zijlijn…

“Boor ga je morgen mee naar de voetbal?” Werd mij gevraagd terwijl ik naar de dwarrelende sneeuwvlokjes stond te kijken die wederom onze tuin omtoverde tot een wit sprookjeslandschap. Als er geen andere fotoreportages gepland staan ga ik meestal mee om foto’s te maken van mijn favoriete voetbalteam. Maar de afgelopen twee weken waren, met een aantal uitvaartreportages achter elkaar, best pittig geweest. Ik wilde er dit weekend de tijd voor nemen om er iets moois van maken zodat ik de families de cd-rom met foto’s kan overhandigen. Een frisse neus halen langs het sportveld zou als afwisseling op het binnen zitten en turen naar de pc wel erg lekker zijn (mits het niet zou stormen of regenen natuurlijk…). Ik besloot mee te gaan maar dit keer, en dat is echt een uitzondering, zonder fototoestel. Dit vonden de heren ook geen probleem.

Het geluk stond aan mijn zijde. De wedstrijd was weliswaar uit, maar de aftrap was pas om 10.30 uur. Een klein beetje uitslapen kon dus. Het zonnetje was ook aanwezig. Heel even had ik er spijt van dat ik mijn fotospullen thuis had laten liggen. Dat was maar voor even. Want nu had ik de tijd om op een heel andere manier naar de wedstrijd te kijken dan anders. Als ik foto’s maak zie ik namelijk heel veel details. Waarschijnlijk meer dan de mensen die aan de zijlijn mee staan te kijken. Maar als fotograaf mis ik het complete overzicht. Dat zien de andere toeschouwers dan weer wel. Nu kon ik ook eens genieten van de mooie acties die uk maakt. De acties waar ik vaak maar de helft van mee krijg.

Ondanks de zon voelde het aardig fris aan. Ik was blij met mijn extra laagje kleding en sjaal. Het viel mij direct op dat we drie spelers misten. Twee waren er bijna te laat en kwamen op de valreep aanrennen om nog snel een warming-up te kunnen doen. Een derde speler was gevraagd met een ander team mee te doen. Ik snapte daar de logica niet helemaal van. Want ons team had juist bij deze wedstrijd zijn punten moeten (en kunnen) pakken om de andere helft van het jaar nog in de top 4 mee te kunnen draaien. Terwijl het andere team zo ongeveer kansloos onderaan stond.

Onze kanjers begonnen direct al goed, binnen een paar minuten viel het eerste doelpunt. Je had ze moeten zien rennen over het veld! Het samenspel, de één tweetjes, het vrijlopen… Alle ingrediënten voor een leuke wedstrijd waren aanwezig. Zo ook bij de tegenpartij, die eveneens leuk aan het ballen was. Eigenlijk iets te leuk. Ze waren hier en daar een kop groter en daarmee ook net iets sneller en sterker dan ons team. Maar als één van onze spelers zich fel inzette kwam de tweede speler mee doen en dit werkte aanstekelijk op de rest van het team.

Wij konden na een half uur op ons gemak een bak koffie halen want we stonden met 1 doelpunt voor. De eindstand was hiermee nog niet in zicht. Het kon nog alle kanten op. En dat ging het ook. Met iets van trots kwamen de spelers het veld weer op. De scheidsrechter vloot en de bal vloog richting doel. Ons doel wel te verstaan. Hiermee scoorde de tegenpartij 2-2. Onze jongens moesten flink aan de bak. Na iedere sprint over het veld zagen ze er weer een stukje vermoeider uit. Het werd lastiger om de bal in eigen bezit te houden. De rust had de tegenstander goed gedaan. Wij stonden te juichen en te springen langs het veld om ze op te peppen en net dat beetje meer te laten rennen. De uiteindelijke stand was 5-4. Onze kanjers hadden alles gegeven. Maar het mocht niet baten.

Nog even bleven we kijken hoe de jongens hun vrije trappen namen. De zon was langzaam achter de bomen en het sportcomplex weggezakt en de wind had zijn plek ingenomen. Het werd akelig koud. We zagen Uk langzaam wit weg trekken en uiteindelijk stond ie over zijn hele lijf te rillen als een chihuahua. Snel onder de douche en door naar huis. De rest van de dag hadden we geen kind aan hem. De kou en inspanning op het veld hadden zijn tol geëist. Hij heeft een aardige tijd liggen slapen onder zijn dekentje op de bank. Volgende week spelen ze voor de beker. Hopelijk hebben we dan ook weer een lekker zonnetje en ben ik van de partij om foto’s te maken.

Ik kan het niet laten om toch een foto te plaatsen:

Foto gemaakt aan het einde van vorig jaar, toen de mist het niet mogelijk maakte verder te kijken dan een paar meter.

Door weer & wind. . .

De wekker gaat om 06.30 uur af, op een zaterdag, na een week werken. De regen komt met bakken uit de hemel zetten. Het is de afgelopen nacht niet één minuut droog geweest. Ukkepuk hoor ik al van de trap af denderen en gilt ons in het voorbijgaan een goedemorgen toe. Hoe kan het toch dat dat joch geen moeite heeft met opstaan?

Als ik beneden kom heeft Uk zijn voetbalkleding al aan. Terwijl ik het ontbijt sta klaar te maken vraag ik aan vriendlief of hij er zeker van is dat de wedstrijd door gaat, op dit onchristelijke tijdstip met dit niet Deborah vriendelijke weer. Hij begint te lachen en zegt: “Lang leve de kunstgrasvelden!” Ik besluit wijselijk mijn mond te houden, eet mijn ontbijt en maak mij klaar voor een regenachtige ochtend langs het voetbalveld.

Uk daarentegen is niet meer te houden. Dit is de laatste wedstrijd voor de beker. Met de wedstrijden die reeds gespeeld zijn staan er drie clubs op de eerste plaats. Waaronder die van hem. Het is er op, of er onder vandaag!! Dat maakt het de moeite waard om je zeiknat te laten regenen en vervolgens een verkoudheid op te lopen. Mijn fototoestel had nergens last van. Met zijn eigen regenjas aan heb ik foto’s gemaakt van de wedstrijd. En wat voor wedstrijd. Ik vergat soms dat ik in het hol van de leeuw (de tegenstander) zat en zodra er een doelpunt gemaakt werd schreeuwde ik uit volle borst mee. De tegenstanders daarentegen deden het zelfde op hun beurt om mij vervolgens grijnzend aan te kijken…

De spelers scoorden het ene na het andere doelpunt terwijl ik het ene na het andere plaatje schoot. De kou deerde mij op dat moment niet. Hoewel mijn vingers na afloop gevoelloos waren en mijn bovenbenen tot aan mijn tenen drijfnat waren heb ik daar tijdens de wedstrijd niets van gevoeld. De spanning was om te snijden, zowel op als naast het veld.

De uiteindelijke score was 6-6. Dat betekende, op dat moment, een eerste plaats voor ons team! Het team dat eveneens kans maakte op een eerste plaats moest ook spelen. Direct na de wedstrijd werd er druk over en weer gebeld om te vragen wat het andere team gedaan had. Helaas waren de wedstrijden door het slechte weer en het ontbreken van kunstgrasvelden afgezegd. Over een aantal dagen weten we pas of we (de spelers uiteraard) de beker gewonnen hebben of een mooie tweede plaats hebben behaald.

Zie voor meer (voorbeeld)foto’s de facebookpagina of de website: Foto Hamar

Wordfeud Junior…

Enige tijd  geleden heb ik een blog gemaakt over het spelletje wordfeud. Het wordt nog steeds gespeeld en is eigenlijk niet meer weg te denken uit ons dagelijks leven. Hoe erg is het wel niet met ons gesteld?

We spelen het alleen tegen vrienden en bekenden en dan met name op het normale bord. Het random bord is niet zo leuk aangezien soms bij de eerste beurt al duidelijk is wie er als winnaar uit de bus komt rollen. Zeker als je 3 keer een tw een dw en tl achter elkaar hebt staan en dan ook nog eens je Z, Q en Y in één woord kwijt kunt. Ik heb werkelijk waar geen idee welk woord je met deze letters kunt maken.

Mijn kerstcadeau voor vriendlief was een I-pad. Een fantastisch ding. Sinds die periode ben ik ook mijn telefoon niet meer kwijt. Hij kan nu naar hartelust zelf wordfeuden op een groter beeldscherm (tja dat heb je als je wat ouder wordt) op zijn eigen account en met zijn eigen vrienden.

Het kon natuurlijk niet uitblijven dat ukkepuk in de gaten kreeg dat de I-pad niet voor “zakelijk gebruik” was bedoeld. Dus keek hij mee over paps schouder terwijl hij het ene na het andere woord op het scherm toverde met daarbij de meest bijzondere punten. Dit kon toch niet zo moeilijk zijn? Was zijn constatering. Dat moest hij ook kunnen.

Vorig weekend begon het…

“Pap….. Mag ik ook eens een woordje maken?” Met deze zin werd een nieuwe verslaving geboren. Ik werd zijn eerste slachtoffer. Hoewel we elkaar beloofd hadden dat dit een in-kom-potje zou zijn, speelden we stiekem toch voor de hoogste punten. Ik moet zeggen dat Ukkepuk zeer fanatiek was. Met zijn acht jaar oud kwam het nog niet in hem op om het (digitale)woordenboek er bij te pakken (want cheats op wordfeud gebruiken wij namelijk niet) maar dat weerhield hem er niet van om dingen uit te proberen. Het lukte hem om meerdere keren de Y te gebruiken, om met één letter twee woorden te maken en niet alleen horizontaal maar ook verticaal zijn letters weg te leggen. Hij kreeg van mij een korte uitleg over het gebruik van de TW’s en de DW’s. Dat was niet echt slim van mij want hij scoort nu het ene na het andere puntje. Gelukkig is mijn woordkennis hoger dan van hem. Dat dan wel weer.

Dit weekend was meneer al zover dat hij verschillende mensen tegelijk had uitgenodigd. Deze mensen speelde nietsvermoedend tegen een acht jarig jochie. En als het te lang duurde gebruikt hij de chat functie om mensen gek te maken. “Hè, schiet eens op joh!”, “Lukt het?”of “ Je hebt zeker slechte letters, het duurt zo lang!”

Het zal niet lang meer duren of hij maakt mij helemaal in. Waarom hebben kleine kinderen alles toch veel sneller door dan volwassenen? Tussen neus en lippen door lukt het hem ook (nog) om complimentjes te maken als ik een mooi woord formuleer en daarmee hem een achterstand geef van 100 punten.

Hij kwam vandaag al naar ons toe met de mededeling dat hij best genoeg geld op zijn rekening had staan om zelf een I-pad aan te schaffen. Met acht jaar oud vind ik hem nog iets te jong voor zo’n gadget en moet hij genoegen nemen met het “lenen van pa”. Maar ik moet er eerlijk bij zeggen dat ik blij ben dat hij dit woordspel ook leuk vind. Het is goed voor zijn ontwikkeling en ik zie hem liever dit spel spelen dan één of ander oorlog spel op de PS3. Zou er ook een wordfeud junior bestaan? 🙂

Beetje jammer weer dat hij het derde potje van mij gewonnen heeft…

Schaakmat…

“Leer schaken”, was één van de doelen op mijn 101 doelen lijstje, dat ik enige tijd (lees een jaar of twee) geleden bij hield. Ik ben met dit doel overigens niet echt ver gekomen. Waarom heb ik in vredesnaam willen leren schaken? Diepe rimpels sieren mijn voorhoofd als ik na denk over deze vraag. Tja, het staat wel geleerd en interessant als je mee kunt doen met een potje schaak. Maar als ik iets niet ben dan is het wel geleerd… Over interessant valt natuurlijk nog te twisten.

Na verschillende partijen schaak op de pc, Nintendo DS, of in het echt tegen vriendlief, ben ik al wel op de hoogte van de basis regeltjes. Welke pion welke stappen mag nemen bijvoorbeeld en dat de dame het hele bord over mag in tegenstelling tot de koning (ik voel mij plots bevoorrecht) en het belangrijkste van allemaal… er ging werkelijk een wereld voor mij open: Je kunt bij schaken helemaal geen DAM halen. Maar dan komen de andere, wat fijnere en geraffineerdere regeltjes om de hoek kijken. Die schijn je ook nodig te hebben om je tegenspeler helemaal in te maken. Of misschien is afmaken hier beter op zijn plaats? 

Verder ben ik er achter gekomen dat dit spel nogal wat inzicht vergt. Niet zomaar inzicht. Maar vooral wiskundig inzicht. Was het niet mijn wiskunde leraar die mij aanraadde om dat vak vooral en met veel liefde te laten vallen??? Kortom ik bezit helemaal geen wiskundig inzicht. Hoe kon ik zo dom zijn te denken dat ik dit spel zo 1-2-3 zou kunnen leren.

Een partijtje schaak is in mijn ogen één grote kansberekening. Hoe reageert je opponent op jouw zet en andersom. Iedere zet brengt consequenties met zich mee.  Daar komt ook nog eens bij dat je de pionnen niet zomaar aan mag raken. Behalve als je een pion recht wilt zetten natuurlijk. Je moet dan wel vooraf j’adoube gezegd hebben. Dat is Frans voor: “Ik raak aan” (toch??)

Zou ik ooit een potje schaken van iemand, wie dan ook, willen winnen, dan moet ik nog een hoop leren. Het spel is natuurlijk niet voor niets al eeuwen oud en menig mens heeft zich hier al over gebogen. Dus ik heb nog wel even de tijd…

Keep on running…

Sinds een jaar of drie ben ik er achter dat hardlopen helemaal niet zo vervelend is maar juist erg leuk. In tegenstelling tot wat ik altijd dacht werkt het verslavend, is het ontspannend en tegelijkertijd een lekkere actieve bezigheid. Hoewel ik deze gedachten niet altijd terug kan vinden op de momenten dat ik het zwaar heb. Ik ben begon met het opbouwen van conditie, twee minuten rennen, één minuut lopen, twee minuten rennen, één minuut lopen enz. en dat vijf kilometer lang. Uiteindelijk is het schema uitgewerkt naar vijf km rennen zonder tussenkomst van de bekende minuutjes lopen.  Lees verder