Zo voorbij…

Ik sta de poetsspullen van Poownie in te pakken als mijn stalgenootje vraagt of ik nog iets ga doen. We hebben ruim een uur aan tijd over dus besluiten we samen nog een rondje te gaan wandelen. Wanneer we met paard en al bij het hek staan valt onze blik op de dreigende, donkere massa wolken die zich links van ons heeft samengepakt. Even hiervoor was er niets anders dan strakblauwe lucht en zonneschijn. We besluiten de bui af te wachten en laten de paarden grazen op het gras voor stal. Maar de bui trekt langs ons heen dus wagen we een gok. Binnen een half uur zijn we terug en nog steeds is het droog. Wel ziet de lucht er heel raar uit. Alsof ieder moment de storm kan losbarsten.

Als alle dames naar huis zijn blijf ik alleen over. Ik rommel nog wat aan op stal. De zon doet erg haar best om door de wolken heen te prikken, maar het lukt nog niet aardig. En dan opeens, uit het niets, begint het te waaien. Takken, blaadjes, hooi alles komt voorbij de keet gevlogen. Gelukkig zit ik veilig binnen. Na vijf minuten wordt het rustiger en besluit ik naar buiten te gaan. Wanneer ik mij omdraai is de dreigende lucht nog steeds aanwezig. Donkerder en brutaler dan ooit toornt hij boven mij uit, alsof Thor ieder moment tevoorschijn kan komen. Miezerige druppels vallen inmiddels op mij neer als een waarschuwing. Mijn blik gaat naar de andere kant en daar zie ik niet één, maar twee regenbogen. Verbazingwekkend wat de natuur aan bruut- en schoonheid kan laten zien op het zelfde moment. Zo mooi en zo fel.  

De regenboog blijft heel lang zichtbaar en de zon wint uiteindelijk steeds meer aan terrein. Toch blijft de lucht achter mij er vreemd uitzien. Het is niet zo dreigend meer. Maar rustig is het ook niet. Ik sluit alles af. Groet de paarden en rij naar huis. Terwijl de avond valt rij ik het licht tegemoet. Het is een rare gewaarwording. Als ik bijna thuis ben doemt zich de donkere lucht voor mij op. Gelukkig is er niemand anders op de weg dus trap ik op de rem en zet mijn auto stil in de berm. Hier moet ik gewoon even naar kijken.

Ik stap uit en aanschouw het hele tafereel voor mij. Alsof ik door een caleidoscoop kijk en bij iedere draai het beeld veranderd. Nostalgie borrelt bij mij naar boven. Maar ook gemis, hoop, verdriet, geluk, liefde en verlangen. Alles gevangen in dit ene moment. De hemel staat in vuur en vlam. Net als mijn hoofd, die niet weet wat hier mee te doen. Dus sta ik daar maar en kijk. Het is prachtig en niet één minuut is de lucht hetzelfde. Nog voor het beeld vervaagt schiet ik een foto. Niet van al te beste kwaliteit. Maar wel een moment om te bewaren. Om af toe op terug te kijken. Om mij er aan te herinneren dat het leven is zoals de lucht op dit moment. Mooi, krachtig, fragiel en zo voorbij!! 

 

lucht in paarse, roze en oranje tinten.

 

 

***

Advertenties

De eerste dag…

De kofferbak gaat nog maar net dicht als ik de laatste tas in de auto gepropt heb. Er gaat wel heel veel mee. Maar het is dan ook onze eerste dag op het water sinds Merlin deze week weer op zijn vertrouwde plek in de haven ligt. Alles moet bevoorraad worden. Om nog maar niet te spreken over de kleding die meegaat. Het kan alle kanten op wat weer betreft. En hoewel onze drijvende caravan een dak heeft, hebben we het niet graag koud.

Bij aankomst volgt eerst maar eens een flinke schoonmaak. De eenden hebben nogal huisgehouden op de steiger die hierdoor te smerig is om op te lopen. Zodra wij binnen zitten komt er een aalscholver aanvliegen. Hij neemt plaats naast de nep-kraai, die aan het einde van de steiger op wacht staat om gespuis, zoals dit soort vogels, weg te houden. Met zijn houterige verschijning is hij duidelijk niet indrukwekkend genoeg. Misschien moeten we er één neerzetten met een bewegingssensor. De aalscholver heeft net een bad genomen en spreidt zijn vleugels om te drogen in de zon. Het ziet er prachtig uit van zo dichtbij. Onze buren, zowel links als rechts zijn er overigens ook nog niet, of zijn al uit varen. 

Er liggen nog wel meer boten op de kant maar niet zo veel meer als vorig jaar rond deze datum. Na het poetsen volgt zoals gebruikelijk een bak koffie met een koek. Dan kunnen de trossen los. Na vijf maanden niet gevaren te hebben moet ons lichaam weer even wennen aan het deinen op de golven. Het is niet heel erg druk op het water en dat verbaasd mij. Met de paasdagen zou je zeggen dat veel (water)mensen er op uit trekken met de boot. We varen naar de overkant en gooien het anker uit. Lekker even dobberen in de zon. 

Ik ga achter op het dek zitten, uit de wind maar wel volop zon. Wanneer vriendlief mij een bak koffie komt brengen is het eerste wat-is-het-hier-heerlijk-gevoel compleet. Rechts van ons springen drie kids in het water. Het water is echt niet warmer dan 16 graden. Ik voel met mijn grote teen hoe koud dit precies is. Hoewel ik mij voorgenomen had dit jaar meer bikkel te zijn sla ik echt nog even over. Ze houden het aardig lang uit. De zon speelt verstoppertje en na even aanwezig te zijn is ie weer voor een tijdje weg. Als het afkoelt besluiten we terug naar de haven te varen. 

Bij terugkomst worden we begroet door moedereend met negen heel kleine kuikentjes links. De Aalscholver op de volgende steiger. Ruziënde futen (die maken een herrie!) rechts en waterkipjes met kleintjes voor ons. Echt heel schattig al dat kleine volk rond de boot. Ik mag ze van vriendlief niet voeren. Want als ze eenmaal weten waar eten te halen valt krijg je ze, zelfs met 100 nep-kraaien niet meer van je boot. Het blijft dus bij foto’s maken. In de haven is het windstil waardoor we nog zeker een uur of twee blijven luieren voor we besluiten weer naar huis te gaan. Ja, dit was een prima eerste dag op het water. Kom maar door met die zomerse temperaturen!!

 

 

***

De afgelopen week…

De wind trekt speels aan mijn haar en laat plukken boven mijn hoofd dansen. Ik trek mij nog iets verder terug in mijn hoekje waar ik mij al een half uur onbeweeglijk bevind. De zonnestralen die ik in de winter gemist heb probeer ik nu, in deze loze vrije minuten, in te halen. Ik doezel lekker weg en laat daarbij mijn gedachten terug gaan naar afgelopen week. Waarbij het weer zich van twee kanten liet zien. Van plus 20 naar 0 graden. In de ochtend de handschoenen aan en in de middag zonder jas naar huis. April doet wat ie wil… 

Ik had het geluk deze week te mogen verjaren en de keuzestress over mijn traktatie bleef uit. Omdat ik veel aan mijn oma moest denken, die voor ons een bijnaam had verzonnen van het gebakje dat wij graag bij haar aten, besloot ik warme appelflappen uit te delen. Maar dat had net zo goed rottikoekoes kunnen zijn. Of een complete rijsttafel want als ik aan oma denk, denk ik standaard aan eten. De flappen vielen in de smaak. Eens iets anders dan taart of vlaai. Gelukkig hoef ik geen feestje te geven. Dat was als kind leuk. Toen had enkel mijn moeder last van stress. Maar met het ouder worden is het plezier van verjaardagsfeestjes geven mij ontgaan. Misschien van de zomer weer eens een leuke BBQ of zo. 

Omdat het verlangen naar oma’s bami, saté en ander lekkers zo groot was, schoven we aan bij een toko gespecialiseerd in Indonesisch eten. Neem vooral van alles een beetje werd ons aangeraden. Dat deden we dan ook. Een stuk of drie keer. En dan zal ik maar niet vertellen hoevaak ik voor de spekkoek heen en weer ben gelopen. Natuurlijk hebben we te veel en te vaak opgeschept. Maar (letterlijk) voldaan en senang keerden we huiswaarts. 

Het ruisen van de wind klinkt inmiddels een beetje als de zee. Het geroep van de meeuwen hoog boven mij maakt het denkbeeldige zon, zee, strand plaatje helemaal af. De zon is gedraaid en ik moet mee draaien om niet aan een kant van mijn gezicht te verbranden. Want als ik niet oppas is dat wat er gebeurd. De felheid is zo intens dat ik mijn ogen niet geopend krijg. Een goede reden om ze nog even, echt heel even nog, gesloten te houden.

Om mijn Indonesische week compleet te maken las ik het boek “Mevrouw mijn moeder” van Yvonne Keuls. Het is al een wat ouder boek. Maar wat heb ik hiervan genoten. Een echte aanrader! Heerlijk en aandoenlijk om te lezen. Dit was een van die onverwachte pareltjes die je zo nu en dan tegenkomt. Een reis door de tijd, van Indonesië naar Holland. Een ode aan haar moeder met mooie herinneringen aan tempo doeloe. Vlot geschreven met humor en uitdrukkingen in Bahasa. Waarschijnlijk was dit de reden dat mijn oma zo vaak in mijn gedachte was.

Inmiddels staat het weekend voor de deur met daarin van alles gepland. Er moet gewerkt, geklust, gevoetbald en gefotografeerd worden. Ook Poownie verdiend wat meer tijd. Genoeg te doen dus. Maar eerst nog even niets dan gesloten ogen, zonneschijn en de kat van de buren die zich aan mijn voeten heeft gedrapeerd. 

 

 

***

Werk aan de winkel…

Hij mocht zelf de locatie kiezen. Maar wat hij ook koos, hij zou niet onder zijn huiswerk uitkomen. Zuchtend en steunend kwam hij met de mededeling dat hij dan wel met ons mee zou gaan. Er was geen voetbalwedstrijd gepland en thuis zou hij mogelijk de verleiding van het gamen niet kunnen weerstaan. Ik vond het een slimme zet van hem. Even weg van alle prikkels en midden in de natuur met je neus in de digitale schoolboeken. Met de laatste schoolweken voor de boeg moet zoonlief er toch echt nog even flink voor knokken om die rare cijfers (geen idee hoe ze daar gekomen zijn?!) op zijn eindlijst een beetje bij te schaven. Wanneer hij direct zijn best zou hebben gedaan had hij de laatste dagen van zijn vakantie anders in kunnen vullen. Maar ach, verging het bij jou en mij niet ook altijd zo?! Hij is gelukkig al een aardig eind op de goede weg.

Terwijl wij in onze zomerse kloffie richting Merlin liepen, slofte zoonlief vol enthousiasme met zijn schoolspullen achter ons aan. De zon stond in een blauwe decor te shinen maar hij was gekleed in zwarte spijkerbroek met dito hoodie en zijn capuchon over zijn hoofd getrokken. Hij had blijkbaar geen last van de warmte. Ik kreeg alleen maar een “WAT?!” toen ik mijn wenkbrauw optrok en een blik wierp op zijn kleding. Pubers… Gelukkig had hij tussen al zijn spullen nog wel een korte broek gestopt want de temperatuur liep uiteindelijk snel op.

Nadat de koffie er in zat, de koekjes op waren en zoonlief zich gesetteld had om eerst nog even een paar minuten te gaan knorren, niks is lekkerder dan slapen op een schommelende boot, gingen de trossen los en voeren we uit. Op weg naar een plek waar we in de luwte konden liggen. Zoonlief en ik wisselden van plek op het voordek want er was werk aan de winkel. Geen SOG voor hem dit keer. Ik hoorde hem samen met zijn vader de 388 Engelse woordjes doornemen.

Het gebrabbel en de discussie over de zin en onzin van de niet uit te spreken Engelse woorden met hun nog vagere betekenissen, verdween langzaam naar de achtergrond. Het geklots van het water, het schommelen van de boot en het zonnetje zorgden er voor dat ik langzaam naar dromenland verdween. Op de planning stond nog het uitlezen van mijn boek. Maar ik kon mijzelf er niet toe zetten. Wat een zaligheid om zo je vrije tijd door te brengen.

Na de lunch vond er een overhoring plaats. Zoonlief wist 3/4 van de woordjes en dat betekende een welverdiende pauze. Het was tijd voor wat actie. Dus mocht hij zijn wakeboardspullen uit het ruim opsnorren. Mijn voet schoot spontaan in de kramp toen ik met mijn teen de temperatuur van het water voelde. 17 graden is verdraaid koud! Ik hield het wel bij foto’s maken! Met zijn wetsuit aan en het wakeboard aan zijn voeten sprong hij het water in. Dat viel toch nog even vies tegen. “Nee hoor, het is echt niet koud riep hij al klappertandend vanuit het water.” In de hoop mij nog te kunnen overtuigen.

Het moet gezegd, onze puber is dan niet altijd even enthousiast over onze (vaar)hobby. Maar hij springt wel gewoon in het steenkoude water om effe een rondje te boarden. Bikkel!! Nu zijn Engels nog…

 

wakeboarden op de Amer

 

 

 

***

Al die keuzes…

Vakanties uitzoeken, ik kan er weken mee bezig zijn voordat het moment daadwerkelijk aanbreekt. Uitzoeken welk land kan al voor veel voorpret zorgen. Dan het verblijf en vervolgens de mogelijke excursies doorspitten. Veelal nam ik het voortouw hierin. Hiermee bezig zijn gaf mij energie en ik kon er heel wat tijd in steken, zoals ik al schreef. Maar de laatste paar jaar werd dat steeds iets minder. Het is nu eenmaal een dingetje dat moet gebeuren om weg te kunnen. Internet is makkelijk maar ook vreselijk vervuild. Door de vele aanbieders zie ik door de bomen het bos soms niet meer.

Zoonlief heeft de leeftijd dat hij ook een en ander kan op- en uitzoeken. Ik besloot hem op te zadelen met mijn “oude” zomervakantieklus. Want anders doen we iets wat mij leuk lijkt: een blue cruise bijvoorbeeld. Niet te verwarren met een boos-cruise. Want verder dan een Fristi on the Rocks kom ik niet. Dus, zei ik tegen hem, zoek een land en verblijf uit waar we ons allemaal kunnen vermaken. Vervolgens stoof hij met zijn laptop, telefoon en headset naar boven om vanuit zijn eigen Tactisch Commando Centrum (het ontoegankelijke terrein dat ook wel slaapkamer heet) met zijn matties te overleggen. Gedeelde smart is halve smart…

Terwijl ik, eveneens boven, aan het opruimen was hoorde ik hem druk overleggen met wie er dan ook allemaal aan de andere kant van de lijn aanwezig was. Hij moest keuzes maken. Ging hij voor de vele glijbanen of werd het een voetbalveld? Een druk centrum of werd het een privéstrand? Slapen in een tipi of een 5* hotel. Ik hoorde hem vloeken toen hij bij het onderdeel “prijzen” was aangekomen. “Huh, wanneer ik op school zit is het allemaal veel goedkoper. Hoe oneerlijk?! Ik neem wel een week eerder vrij!!” Geweldig, het had een opmerking van mij kunnen zijn…

Stiekem was ik toch wel heel benieuwd naar wat hij allemaal gevonden had. Geduldig bleven wij wachten tot hij naar beneden zou komen om ons te “briefen” over zijn bevindingen. Hij had zich in een paar uur tijd door 101 websites geworsteld. Alle voors en tegens afgewogen en kwam heel subtiel nog even terug op het weekje eerder vrij om zo de kosten te drukken. Aller eerst, zo begon hij zijn betoog, gaat het geen cruise worden. Sorry, ik weet dat je dat leuk vind. Maar al die haaien op zee vind ik maar niks! Uiteindelijk had hij een top drie samengesteld.

De locatie: een warm land want dat is gewoon “chill”… Verblijf: hotel, want (godzijdank) een camping was een no-go. Inclusief zwembaden, strand, eetgelegenheden, voetbalvelden en niet geheel onbelangrijk gratis Wi-Fi. Toen bleek dat twee van zijn drie opties al volgeboekt waren en de derde een 16+ hotel was zakte de moed hem in de schoenen. Ik prees hem voor zijn zoektocht, afwegingen en keuzes. Hij heeft nu zelf ervaren dat het best een hele klus is om iets te vinden dat past binnen het budget en waar iedereen zich in kan vinden.

Natuurlijk hadden wij zelf ook gezocht. Iets uit de richting van zijn eigen keus. Hemelsbreed 4500 km bij elkaar vandaan. Maar nadat we hem hadden laten zien wat er allemaal gedaan kon worden werd hij steeds enthousiaster. Als er geen haaien zitten, mag ik daar dan ook surfen?? We moeten nog even geduld hebben, maar wij zijn er klaar voor!

***

Naar buiten…

Zodra ik van mijn fiets af stap slaat de damp onder mijn jas vandaan. Jeetje, nu pas voel ik hoe warm ik het heb. Het is lang geleden dat ik een stuk gefietst heb en het bleek inspannender dan ik dacht. Ik trek mijn sjaal wat losser en rits mijn jas open. Het gewicht van mijn cameratas op mijn rug speelt ook mee. Met een zwaai zet ik hem op de grond. Heel even blijf ik staan. Sluit mijn ogen en haal diep adem. Het fijne gevoel van buiten zijn heb ik in het nieuwe jaar doorgetrokken. Al een aantal zondagen ga ik er met mijn camera op uit. Kijken of ik de crea bea ideetjes die in mijn hoofd zitten, om kan zetten naar bevroren momenten op het digitale papier. Het is leuk om naast al het geweld op het voetbalveld met iets totaal anders bezig te zijn. Achter mij stopt een gezin met een hond die al blaffend op mij af komt. Ik wordt uit mijn zenmoment gehaald en besluit direct maar te starten met mijn wandeling.

Ik bevind mij op de Veerplaat. Een stuk natuur tussen Zwijndrecht en Heerjansdam. Het is lang geleden dat ik hier geweest ben. De laatste keer was met Poownie, zeker 4 jaar terug. Ik had eigenlijk nog moeten stoffen en dweilen en er wacht ook nog een hele berg was dat gedaan moet worden. Maar, nu even niet! Het zonnetje laat zich vandaag schaamteloos zien. Dus is half Zwijndrecht op de been. Een groot aantal mensen moet het zelfde in gedachte hebben, het is druk.

Als ik om Hotel Ara heenloop kom ik uit op het stukje natuurgebied waar ik vroeger met mijn vader  en zusje ook altijd kwam. Toen was er nog een trimbaan met in het midden een spartel-bad voor kinderen. De trimbaan is al even weg maar het badje ligt er nog. Uiteraard zonder water. Even verderop zie ik een aantal kinderen rennen. Hun vader, ga ik vanuit, gilt ze toe. Wanneer ik een vlieger de lucht in zie gaan en even hard weer naar beneden zie komen snap ik waarom. Er staat geen wind. Ze zullen hard moeten rennen om hem in de lucht te houden.

Ik loop terug en kies voor het schelpenpad. Dat liepen wij vroeger ook altijd. Maar toen zag het er hier iets anders uit. Ik stuit op de buitenfitness toestellen achter Hotel Ara. Dat hadden ze toen bijvoorbeeld nog niet. Het hele hotel was er toen overigens nog niet. Verbazingwekkend dat alles het doet en nog niet gesloopt is door een stel onverlaten. Al wandelend kom ik heel veel mensen tegen die net als ik genieten van de blauwe lucht en het zonnetje op hun bakkes. Her en der kniel ik neer om wat foto’s te maken en te kijken naar de lente die zich in kleine vorm al presenteert.

De weg voert terug via een kleine bosrijke omgeving. Midden op het pad staat een geel genummerde korf. Een hele rare plek voor een “prullenbak” met gaten. Het blijkt een 18-holes frisbee-parcours te zijn. Wat hilarisch, dat kan dus ook bij “ons”. Ik schiet nog wat foto’s van het uitzicht, omgevallen bomen en het water en fiets daarna op mijn gemak terug naar huis. Ik ben deze middag lekker bezig geweest. Stukje fietsen, wandelen en foto’s schieten. Een ideale combinatie. Volgende keer neem ik ook mijn frisbee mee!

***

Vakantie 2017…

Dit keer hadden we wel een heel voorspoedige reis. Geen files, geen regen, alleen wat wegwerkzaamheden en inhalende vrachtwagens. Als dat alles is op een 9 uur durende rit naar je vakantie bestemming… Nou oke, als ik dan toch iets moet zeggen: de slaap. De laatste 1,5 uur hadden vriendlief en ik het toch wel zwaar. En dat terwijl ik van hem gewoon mocht slapen. Al was het alleen maar dat ik mijn klep zou houden. Maar ik wilde hier niks van weten. Ik ben solidair en wanneer hij ’s nachts moet “werken” zit ik naast hem. Met mijn ogen wijd open en kakel er op los om ons wakker te houden. Dat ging heel goed, tot die laatste 1,5 uur.

Maar we hebben het weer gehaald. Naar Oostenrijk. Om te zien of de bergen in het groen net zo mooi zijn als wanneer ze wit zijn. Om te ervaren of de sfeer met 25 graden net zo tof is als bij 0. De rit, de omgeving en het hotel zijn ons niet vreemd. Normaal komen we hier dus in de winter. Sterker nog, deze vakantie was tijdens onze wintersport besproken. Want met drie gezinnen moest er met verschillende agenda’s rekening gehouden worden.

Uitzicht op berg

Uiteindelijk bleken we niet met drie maar met zes gezinnen op vakantie te gaan. De groep werd, toen wij al geboekt hadden, toch nog flink uitgebreid. De aller eerste vakantiedag zaten we met 21 familieleden aan het ontbijt. Voor ons, met zo’n grote familie niet vreemd om met een grote groep iets te ondernemen. Maar een hele week met zoveel man weg voelde soms aan alsof we op schoolkamp waren. Gelukkig hadden we een eigen ruimte waar we konden eten en waren we niet iedereen tot last met ons gekakel en gelach. Uiteraard hadden we allemaal een eigen hotelkamer dus wanneer je niemand wilde zien vertrok je gewoon naar je kamer.

Met zo’n groep is het niet mogelijk om het iedereen (tegelijk) naar de zin te maken. Hoewel je zo goed als mogelijk rekening met elkaar houd is het heel belangrijk om afspraken te maken en vooral ook je eigen plan trekken. Niet iets doen waar je geen zin in hebt of iets doen wat je eigenlijk niet durft. Zo ontstonden er groepjes die met elkaar optrokken. Als het zo uitkwam ondernamen we met zijn allen een activiteit.

familie op de loopbrug boven de rivierZoals het wandelen door de Griessbachklamm. Een kloof met een waterval. De weg voerde over bergweggetjes, hangbruggen en uitstekende vlonder-plateaus. En de klim naar de top van de Kitzbüheler horn. Een berg van 1996 meter hoog met een televisietoren op de top. Die wij overigens vanaf ons skigebied wel altijd zien maar waar we nooit bij konden komen. Ook gingen we met twee boten het gevecht aan tijdens het raften op één van de rivieren. Verder ondernamen we veel activiteiten met kleinere groepjes zoals het mountaincarten, bezoek aan de bierbrouwerij en de schnappsstokerij. Het zwembad, de dorpjes en stadjes in de omgeving en het kneippbad. In de avond kwamen we elkaar weer tegen in het restaurant.

Groepsfoto familie op de berg voor de wandeling

Ik verzwikte mijn enkel de tweede dag waardoor ik lang wandelen helaas wel kon vergeten. Hierdoor was het niet helemaal de vakantie geworden die ik voor ogen had. Dat mocht de pret niet drukken. Ik heb heel veel lol gehad. Lekker kunnen eten en ’s-avonds ontspannen in de bar gehangen. Verder hebben we heel veel gelachen! Maar of de groene bergen net zo mooi zijn als wit? Nee, toch niet helemaal 😉

 

Vroege vogel…

Het is vroeg. Eigenlijk nog veel te vroeg om mijn bed uit te gaan. Maar ik ben wakker en heb geen zin meer om te blijven liggen. Mijn nachtrust is de laatste paar maanden toch al niet om over naar huis te schrijven. Ik lijk hier zowaar aan te wennen. Ik sluip op mijn tenen van de slaapkamer naar de gang. Een van de vloerplanken kraakt dus ik probeer deze met grote zorg te vermijden. Mijn gehannes om mijn evenwicht te bewaren zal er vast hilarisch uitzien. De heren liggen alle twee nog te knorren. Zij wel… Zodra ik mijn grote teen op de eerste traptrede naar beneden plaats, gaat het mis. De voelsprieten van Kleine Krijger weten al wie er bovenaan de trap staat zonder dat zijn ogen mij gezien hebben. Vanuit de woonkamer komt een luid kabaal, hij zat blijkbaar op een plaats waar hij eigenlijk niet mag zitten. Gevolgd door een oorverdovend gemiauw. Tot zover de rust.

Ik sjees de laatste paar treden op mijn tenen, en zo zachtjes als dit het toelaat, naar beneden om de herrieschopper tot bedaren te brengen. Wanneer ik de deur open maak staat Kleine Krijger al luid miauwend en knorrend op mij te wachten. Helemaal blij om mij weer te zien. Of om zijn voerbak die weldra gevuld zal zijn. Vanuit de hoek hoor ik een slaperige Groene Draak: “Goedemorgen” zeggen. Aan zijn reactie merk ik dat het voor hem eigenlijk nog te vroeg is. Geen vroege vogel dus! Toch schuif ik de gordijnen opzij. In een vloeiende beweging zet ik tuindeuren wagenwijd open om de ochtenddauw te verwelkomen. De zon is al aanwezig. Op het gefluit en getjilp van vogels na is het doodstil. Geen auto, geen hond, geen kind. Zalig!! Maar goed, het is dan ook een heel vroege zondagochtend.

Terwijl de dieren aan het eten zijn zet ik voor mijzelf een bak koffie. Het vermalen van de bonen doet gewoon pijn aan mijn gehoor. Alsof het een gigantische inbreuk maakt op de vredige stilte die heerst. De eerste meters van de tuin baden al in het zonlicht. Ik schuif de stoel zo stilletjes mogelijk opzij en neem plaats. Dit is pas zen wakker worden. De zon die langzaam mijn gezicht verwarmd terwijl ik de koele nachtlucht als een verkwikkende douche via mijn voeten omhoog voel trekken. Mijn neus vult zich met het aroma van de koffie en mijn oren genieten van de complete rust.

In tegenstelling tot Groene Draak, ben ik wel een vroege vogel. De ochtend was vroeger al mijn favoriete dagdeel en dat is nooit anders geweest. Zeker wanneer de wereld nog in diepe rust verkeert en ik alleen door het park wandel. Of zoals nu, in de tuin aan de koffie zit. De nacht rekent af met de drukkende chaos die zich ’s avonds als een dikke deken over de dag gedrapeerd heeft. De nacht poetst alles weg. ’s Morgens is er weer een nieuwe start. Een schone lei. Een nieuw begin. Dit wordt benadrukt door de stilte om mij heen. Er hangt een compleet andere energie in de lucht. Zo anders dan 12 uur terug. Het voelt schoon en fris. Alle mogelijkheden staan open. Nieuwe kansen dienen zich aan. Zo’n ochtend heeft iets magisch. Ja, zo zou ik iedere morgen wel wakker willen worden…

Groene Draak en ik worden wakker in de ochtendzon

Voor alles een eerste keer…

(O)pa en (o)ma stonden al te wachten, toen we stipt 10.30 uur bij de haven kwamen aanrijden. Het waaide  behoorlijk maar het zonnetje was aanwezig. Achter glas is het toch alsof je in een kas zit. Dus van de kou zouden we niet veel last hebben. Toen de rondleiding achter de rug was en de spullen geïnstalleerd waren, was het koffietijd. Moeders had speciaal voor deze gelegenheid in de keuken gestaan en toverde een zelfgemaakte boterkoek uit haar tas. Als iets lekker is, dan is het wel haar boterkoek! Het werd tijd om de motor te starten. De trossen gingen los en we werden uitgezwaaid door onze denkbeeldige buren. “Vaarwel….” Achteruit tegen de wind in wegvaren leerde ons dat we de boot zo goed onder controle hadden. Zonder problemen voeren we het Wantij op.

Het was de eerste keer dat wij gasten aan boord hadden. Tevens ook de eerste keer dat zoonlief mee ging. Want een paar uur zonder wifi is toch wel een dingetje. Omdat ik het tof vond dat hij zijn zondagochtend zonder morren had ingeruild mocht hij vandaag onze kapitein zijn. Dat liet mijnheer zich geen tweede keer zeggen. Voor hij het roer overnam moest hij ons wel beloven om zijn GTA Skills achterwege te laten. In mijn hoofd zag ik al verschillende scenario’s waarbij kano’s door de lucht vlogen en mensen her en der in het water lagen te spartelen terwijl Zoonlief de boot over alles en iedereen heen manoeuvreerde. Alles voor die digitale punten! Gelukkig had hij een groot verantwoordelijkheidsgevoel en hield zich keurig aan de regels.

Sterker nog, hij bleek er echt gevoel voor te hebben. dames op voordek genieten van het uitzicht op het waterEen groot gedeelte van deze dag heeft hij aan het roer gezeten en ons door de Biesbosch geloodst. Hoewel hij wettelijk gezien nog te jong is om deze boot te mogen besturen is het toch wel handig te weten wat hij (nu al) kan. Toen het water waarop we voeren “ophield” gingen we voor anker. De koffie was nog warm. Er was nog boterkoek en zoonlief moest na deze intensieve ochtend toch ook even zijn rust nemen. Want varen is best een vermoeide bezigheid. Op de terug weg hadden we de wind in onze rug en was het heerlijk toefen op het voordek. Daar maakten de dames mooi gebruik van. Bijkletsen, zonnen en van de natuur genieten!

Omdat het Wantij voor onze GTA coureur niet echt een uitdaging was wat snelheid betreft, tuften we nog even door richting de Oude Maas. Daar was er ruimte en de mogelijkheid om heel even te doen waar deze boot ook goed in is. moeder en zoon op achterdek. uitkijken over het water.Zoonlief liet Merlin vol gas over het water janken en na ons goedkeuren mocht hij  hem op snelheid 360 graden rond gooien. Om de bloeddruk van (o)pa en vooral (o)ma terug naar normale waardes te krijgen nam Vriendlief het roer weer even over en bracht ons vervolgens terug naar de haven. Dat smaakte zeker naar meer. Zoonlief begon onze nieuwe hobby met andere ogen te bekijken. Toen we met zijn tweetjes op het ” achterdek”  zaten had hij het zelfs al over een volgende keer. Wanneer het warmer zou zijn en we konden gaan wakeboarden. Hoe tof is dat!!

Ik ontwikkel gelukkig steeds meer zeebenen. Het na-deinen wanneer ik thuis ben is nog maar even. In tegenstelling tot zoonlief, die ons ’s avonds vanaf de bank raar aan keek: “Aaah het lijkt net of ik nog op de boot zit… Alles beweegt.”

Te water…

Hier en daar prikken er wat zonnestralen door het wolkendek wanneer we aan komen rijden. Stiekem hoop ik op nog iets meer dan die paar straaltjes. We stappen uit bij de winterstalling van Merlin. De boot is uit zijn vijf maanden winterslaap ontwaakt en is er helemaal klaar voor. Wij overigens ook. De stalhouder komt aanrijden met een trekker en koppelt de trailer met Merlin vast. Gezamenlijk rijden we naar de helling waar hij Merlin, met ons er op, te water laat. Voor hij ons echt laat gaan krijgen we nog wat informatie over waterdiepte, boordaccu’s en de noodmotor. Wanneer er geen vragen meer zijn start vriendlief de motor. Vanaf de kade staan ook pa en ma ons uit te zwaaien. Daar gaat onze eerste vaartocht van dit jaar, op weg naar Merlins nieuwe ligplaats.

Ik doe mijn best om mijn evenwicht te vinden, terwijl de snelheid steeds iets toeneemt. Mijn zeebenen zijn (nog) niet op afroep beschikbaar dus leun ik tegen de rand om de klappen op te vangen. Zeker wanneer vriendlief het gas opentrekt als hij langs een paar grote tankers moet manoeuvreren. Voor ik het weet doemt de Dordtse brug al voor ons op. Het gaat voorspoedig. Zelfs de zon weet aan terrein te winnen, waardoor het aan boord behaaglijk wordt. We minderen vaart wanneer we aan het begin van het Wantij aankomen. Dit lekkere weer hadden we gehoopt maar niet verwacht. De haven laten we daarom nog even (letterlijk) links liggen en varen door, de Biesbos in.

Niet lang daarna komen we een lege aanlegsteiger tegen waar tevens een restaurantje aan vast zit. Mijn neus pikt een verse koffiegeur op. Dat zien we als een uitnodiging. De 40 minuten die volgen zitten we heerlijk in de zon van onze cappuccino te genieten. Met vriendlief aan het roer maken we het (kleine) rondje Biesbos af. Om vervolgens ruim op tijd in de haven aan te komen. Ik had mij er van alles bij voorgesteld. Maar niet dat het zo makkelijk zou gaan om in deze nieuwe box af te meren. De ruimte aan weerszijde is hier beperkter dan in de oude haven. Het ideale vaarweer, praktisch geen stroom en windstil, zorgde voor een eerste positieve ervaring op onze nieuwe stek.

Eenmaal binnen in de box kon het geklungel met het opmaat maken van de landvasten beginnen. Iets te veel touw en Merlin zo zou zomaar eens tegen de kade, zijn buurman/vrouw of te ver uit zijn box kunnen komen. Te weinig touw betekend lastig los en vastmaken. Toen hij volledig en opmaat ingesnoerd lag, de fenders buitenboord hingen en we na drie controles zeker waren van de zaak, konden we gaan poetsen. De buitenkant was redelijk schoon. De binnenkant was gek genoeg erg vies. Dit nam overigens nog de meeste tijd in beslag. Rond de klok van 15.30 uur keken we trots terug op ons werk. Merlin lag, als een vis in het water, weer te glimmen.

Eenmaal thuis leek het of alles om mij heen nog aan het deinen was. Volgens Wikipedia hebben mijn ogen tegen mijn hersens gezegd dat mijn lichaam niet aan het bewegen is terwijl mijn evenwichtsorgaan zegt, dat doet het wel!! Het zal hopelijk een kwestie van wennen zijn. Er moeten nog een aantal kleine dingetjes aan boord gebeuren. Maar feitelijk zijn we klaar voor een heel nieuw vaarseizoen. Laat het prachtige zonnige vaarweer nu maar komen!!

Boot gaat te water onder Dordtse brug. Daarna in de haven